OverHolland
Not a member yet
    164 research outputs found

    Twaalf eeuwen ruimtelijke transformatie in het western van Nederland in zes kaartbelden

    Full text link
    The purpose of the Randstad in kaart (‘The Randstad on the map’) research project is to provide a picture of the urbanisation process in the area now known as the Randstad. Five maps showing the changes in built-up area and infrastructure since 1850 have already been produced, and have served as the basis for a composite (‘layer’) map, showing the successive increases in built-up area as of 1850, 1910, 1940, 1970 and 2000. There is also a map showing the eighteenth-century network of canals for horse-drawn barges and the development of today’s railway system. In each case the maps have been chosen so that they virtually match Van Lohuizen’s map for the 1924 International Town Planning Conference in Amsterdam, showing the ‘urban sphere of influence of Holland and Utrecht’. It is generally agreed that this map formed the basis for the later concept of the Randstad.Het onderzoeksproject Randstad in kaart wil een overzicht bieden van de verstedelijking van het gebied van de huidige Randstad. Eerder werd hiervoor een vijftal kaarten gemaakt die de veranderingen in het bebouwde oppervlak en de infrastructuur sinds 1850 laten zien. Op basis daarvan is een composietkaart gepubliceerd, de zogenaamde ‘schillenkaart’, die de opeenvolgende uitbreidingen van het bebouwde gebied toont voor de peiljaren 1850, 1910, 1940, 1970 en 2000. Ook is een kaart gepubliceerd waarop het netwerk van trekvaarten uit de achttiende eeuw staat aangegeven en de totstandkoming van het huidige spoorwegnet. De uitsnede van het kaartbeeld van al deze kaarten is zo gekozen dat deze vrijwel overeenkomt met de kaart die Van Lohuizen in 1924 heeft gemaakt voor het Internationaal Stedebouwcongres te Amsterdam. Hij toonde daarop ‘De stedelijke invloedsfeer Holland-Utrecht’. Algemeen wordt er van uit gegaan dat Van Lohuizen met deze kaart aan de wieg heeft gestaan van de latere conceptie van de Randstad

    Stadsvernieuwing: een kwestie van kansen; Ontwerpprojecten voor Amsterdam­Oost

    Full text link
    As part of the research project Renewal of Urban Renewal the master specialisation Hybrid Build-ings2 launched several Design Research Gradua­tion Studios proposing as main theme of investi­gation the role of architecture in contemporary urban renewal. The research project is starting from the observation that most urban renewal approaches until now have been focusing very much on the scale of the housing block, concen­trating on the relationships within the neighbour­hood itself. Considering the Dutch scene, despite a rather convincing renewal of the housing stock, this neighbourhood­based approach does not seem to deliver the desired results. In addition, this subject deserves particular attention in the current post­crisis period, in which the official authorities too are clearly switching their position, from a leading role to almost an undefined player seeking new operational strategies and opportuni­ties. Therefore, starting from the acknowledgment that urban renewal is no longer driven by a prede­fined economic, social and spatial agenda, the Renewal of Urban Renewal research project prop­agated the need of finding new balance, consen­sus and perspectives in the approach to urban transformations. Instead of massive restructuring processes characterising the first urban regenera­tion flow, nowadays reality argues for a more bot­tom­up driven urban renewal, for more limited interventions involving facilities, infrastructures and/or public space, in short, for new challenges and opportunities.In het kader van het onderzoeksprogramma ‘Vernieuwing van de stadsvernieuwing’ heeft de masterspecialisatie Hybrid Buildings2 een aantal afstudeerstudio’s gelanceerd met als centraal onderzoeksthema de rol van de architectuur in de hedendaagse stadsvernieuwing. Het onderzoeks­project gaat uit van de vaststelling dat de meeste benaderingen van de stadsvernieuwing tot nu toe sterk gericht zijn op de schaal van het woningblok en zich concentreren op de relaties binnen de buurt. In de Nederlandse context lijkt een buurt­gerichte benadering, ondanks een betrekkelijk overtuigende vernieuwing van de woningvoorraad, niet de gewenste resultaten op te leveren. Dit onderwerp verdient bijzondere aandacht omdat in de periode na de crisis de officiële instanties dui­delijk van standpunt veranderen, van een leidende rol naar een amper nog gedefinieerde rol van medespeler op zoek naar nieuwe operationele strategieën en kansen. Uitgaande van de erken­ning dat stadsvernieuwing niet langer wordt gemotiveerd door een van tevoren vastgestelde economische, maatschappelijke en ruimtelijke agenda, vroeg het onderzoeksprogramma ‘Ver­nieuwing van de stadsvernieuwing’ dan ook aan­dacht voor de noodzaak om een nieuwe balans, consensus en perspectieven te vinden in de benadering van stedelijke transformaties. In plaats van de massale herstructureringsprocessen die de eerste stroom van stedelijke regeneratie kenmerkten, geeft de huidige realiteit aanleiding tot een meer van onderop aangedreven stads­vernieuwing, tot beperktere interventies waarin voorzieningen, infrastructuren en/of de openbare ruimte worden betrokken, kortom tot nieuwe uit­dagingen en kansen

    Aantekeningen bij het project van Dogma

    Full text link
    In November 2013 the Faculty of Architecture of Delft University of Technology hosted the exhibi­tion Dogma: 11 projects + 1, which presented the first decade of research projects produced by the Rotterdam and now Brussels based architectural office led by Pier Vittorio Aureli and Martino Tatt­ara. The exhibition was originally held in the begin­ning of 2013 at the Architectural Association in London and accompanied by the publication of a catalogue that included texts by the authors, an introduction by Brett Steel and a critical essay by the Italian scholar Gabriele Mastrigli.De faculteit Bouwkunde van de TU Delft bood in november 2013 onderdak aan de tentoonstelling Dogma: 11 projects + 1, een overzicht van tien jaar onderzoek door het destijds in Rotterdam en nu in Brussel gevestigde architectenbureau Dogma, geleid door Pier Vittorio Aureli en Martino Tattara. De tentoonstelling was oorspronkelijk begin 2013 te zien bij de Architectural Association in Londen, vergezeld van een catalogus met teksten van de exposanten, een inleiding door Brett Steel en een kritisch essay door de Italiaanse wetenschapper Gabriele Mastrigli

    Boekbespreking

    Full text link
    Jaap Evert Abrahamse  De grote uitleg van Amsterdam. Stadsontwikkeling in de zeventiende eeuw (‘The Great Expansion of Amsterdam. Urban development in the seventeenth century’)  Bussum (Thoth) 2010, 430 pp.Jaap Evert Abrahamse  De grote uitleg van Amsterdam. Stadsontwikkeling in de zeventiende eeuw (‘The Great Expansion of Amsterdam. Urban development in the seventeenth century’)  Bussum (Thoth) 2010, 430 pp

    Boekbespreking

    Full text link
    Bas van Bavel  Manors and Markets. Economy and Society in the Low Countries, 500-1600  Oxford (Oxford University Press) 2010, 492 pp. Bas van Bavel  Manors and Markets. Economy and Society in the Low Countries, 500-1600  Oxford (Oxford University Press) 2010, 492 pp.&nbsp

    Intergenerationeel project Linkeroever, Antwerpen

    Full text link
    Design: De Smet Vermeulen architecten Call by the Chief Architect of Flanders (2005) Master plan (2006): Technum, De Smet Vermeulen architecten, Architecten de vylder vinck taillieu, Tom Thys architectenCommissioned by Antwerpen Lerende Stad, Antwerpen Zorgbedrijf, THV IGLOProgramme: children’s day­care centre, residential care centre, service flats and shops on the square Completion: 2014Ontwerp: De Smet Vermeulen architecten Open Oproep Vlaams Bouwmeester (2005) Masterplan (2006): Technum, De Smet Vermeulen architecten, Architecten de vylder vinck tallieu, Tom Thys architectenOpdrachtgever: Antwerpen Lerende Stad, Antwerpen Zorgbedrijf, THV IGLOProgramma: kinderdagverblijf, woonzorgcentrum, serviceflats en winkels aan het pleinOplevering: 201

    De doorsnede: Vier ontwerpen voor de Zaancorridor

    Full text link
    The Province of Noord-Holland’s spatial policy will in the decades to come be focused on encouraging public transport. Following on from Maak Plaats! Werken aan knooppuntontwikkeling in Noord Holland [Make Room: working on hub development in Noord-Holland], which sets out the principles guiding that policy, the Province has worked with the research section of the BNA (Federation of Dutch Architects) and Deltas, Infrastructures & Mobility Initaitive (TU Delft) to set up a design study project for the Amsterdam-Heerhugowaard railway line. Ten professional design teams and five student teams from TU Delft took part in this. The results have been published under the title Onderweg! Vijftien ontwerpen voor Transit Oriented Development aan de Zaancorridor [Under way! Fifteen designs for transitoriented development in the Zaan Corridor]. Four of the designs that were produced by the students are presented here. For the work with the students, we adopted a strictly architectural and structural perspective and examined what contribution could be made from that perspective to the investigative design.Het ruimtelijk beleid van de Provincie Noord- Holland zal in de komende decennia in het teken staan van de bevordering van het openbaar vervoer. In vervolg op Maak Plaats! Werken aan knooppuntontwikkeling in Noord Holland, waarin de uitgangspunten van dit beleid werden gepresenteerd, heeft de Provincie in samenwerking met BNA-onderzoek en Deltas, Infrastructures & Mobility Initaitive (TU Delft) een project ontwerpend onderzoek opgezet voor de spoorlijn Amsterdam — Heerhugowaard. Daaraan hebben tien professionele ontwerpteams en vijf studententeams van de TU Delft deelgenomen. De resultaten zijn gepubliceerd onder de titel Onderweg! Vijftien ontwerpen voor Transit Oriented Develop­ment aan de Zaancorridor. Vier van de ontwerpen die door studenten werden gemaakt, worden hier gepresenteerd. We kozen voor het werk met de studenten een strikt architectonisch gezichtspunt en gaan na wat van daaruit de bijdrage kan zijn aan ontwerpend onderzoek.&nbsp

    Stad en haven op Walcheren en Zuid-Beveland tussen 1500-2000: Een historische schets

    Full text link
    In the twelfth and thirteenth centuries, the Flemish towns were connected to the North Sea via the ports of Oostburg, Aardenburg, Axel and Hulst in the area now known as Zeeuws­Vlaanderen (Zeeland Flanders). This access became impossible in the fourteenth century as the area became silted up. As a result, the easily accessible town of Antwerp was able to grow and water transport in the delta area shifted to the Eastern Scheldt estuary. Old towns such as Middelburg and Zierikzee profited from this, but so did newer towns such as Vlissingen (or Flushing, as it became known to the English), Veere and Brouwershaven, followed later by Goes, Reimerswaal, Sint-Maartensdijk and Tholen. When parts of the Eastern Scheldt also started to silt up in the sixteenth century, the Western Scheldt regained its importance, with Vlissingen and Middelburg benefiting from this development. Changing trade flows led to the creation, growth and decline of ports and port towns depending on what gave best access to the Flemish hinterland towns. In the layout of the Zeeland towns, this resulted in a continually changing relationship between the town and its harbour. Whereas originally the harbour tended to be located next to or behind the town, in the newer towns it became the central spatial element. This is broadly the picture given by Reinout Rutte in his article about the growth of the towns around the Scheldt Estuary in OverHolland 12/13.In de twaalfde en dertiende eeuw verliep de verbinding tussen de Vlaamse steden en de Noordzee via de havens van Oostburg, Aardenburg, Axel en Hulst in het gebied dat we nu Zeeuws-Vlaanderen noemen. In de veertiende eeuw werd dit door verzanding onmogelijk, waardoor het goed bereikbare Antwerpen kon groeien en de vaart in het deltagebied naar de Oosterschelde verschoof. Oude steden als Middelburg en Zierikzee profiteerden hiervan, maar ook nieuwe steden als Vlissingen, Veere, Brouwershaven en later Goes, Reimerswaal, Sint-Maartensdijk en Tholen. Toen in de zestiende eeuw ook delen van de Oosterschelde verzandden, nam de Westerschelde weer in belang toe en profiteerden Vlissingen en opnieuw Middelburg. Veranderende handelsstromen leidden tot de stichting, ontwikkeling of neergang van havens en havenplaatsen, afhankelijk van de manier waarop de Vlaamse steden het best konden worden bereikt. In de plattegrond van de Zeeuwse steden resulteerde dit in een steeds veranderende relatie tussen stad en haven. Van een plaats naast of achter de stad om werd de haven in nieuwere steden het centrale ruimtelijke element. Het bovenstaande is in grove lijnen het beeld dat Reinout Rutte schetste in zijn artikel over stadswording in het Scheldegebied in de OverHolland 12/13

    Ontwerpen in een heterogene stedelijke omgeving: Het universiteitscluster op het Roeterseiland in Amsterdam

    Full text link
    Over the next few years, the University of Amsterdam is going to invest more in its buildings. The work will focus on the university’s four major clusters: the Science Park in Watergraafsmeer, the AMC hospital in southeast Amsterdam and the innercity sites Binnengasthuisterrein and Roeterseiland. The latter cluster will undergo particularly substantial changes. The students and staff of three faculties – Law, Economics and Business, and Social and Behavioural Sciences – are to be housed here in the near future. Apart from the necessary modernisation of the existing premises, the university’s plans raise interesting design issues. One important aim is to give the Roeterseiland site a new lease of life. The redesign of its public spaces, which will include general facilities and student flats, should help turn the site into an attractive feature of the city. This assignment has geven give Delft University of Technology’s Faculty of Architecture, and its Hybrid Buildings master’s programme in particular, a stimulating basis for a graduation workshop. The subject was in keeping with the general theme of the programme, in which the focus of both teaching and research was on current transformations of the city. This purpose of this article is to provide a picture of the work produced by the Hybrid Buildings workshop2 on the redevelopment of the Roeterseiland university cluster in Amsterdam. After an introductory section on the history of the university site there, I will discuss the role of the university in the emergence of the present situation, followed by the design issues that were the starting point for the project. The article will conclude with a presentation of four individual graduation projects.In de komende jaren gaat de Universiteit van Amsterdam (UvA) extra investeren in haar gebouwenbestand. De werkzaamheden zullen zich concentreren rond de vier grote UvAclusters: het Science Park (Watergraafsmeer), het Amsterdams Medisch Centrum (Amsterdam Zuidoost) en de binnenstedelijke locaties het Binnengasthuisterrein en het Roeterseiland. Vooral in dit laatste cluster zullen in de komende jaren belangrijke aanpassingen worden aangebracht. Hier moeten de studenten en medewerkers van drie faculteiten worden gehuisvest: Rechtsgeleerdheid, Economie en bedrijfskunde, en Maatschappij en gedragswetenschappen. Behalve de modernisering van de bestaande huisvesting brengen de plannen van de UvA interessante ontwerpthema’s met zich mee. Een belangrijke wens is nieuw elan te brengen in het Roeterseiland. Mede door de herinrichting van de openbare ruimtes, waaraan ook algemene voorzieningen en studentenwoningen zijn gekoppeld, moet dit gebied een transformatie ondergaan om zich te kunnen onderscheiden als een aantrekkelijk deel van de stad. Aan de faculteit Bouwkunde van de TU Delft, en in het bijzonder aan het Masterprogramma Hybrid Buildings, verschaft deze opgave een stimulerende voedingsbodem voor een afstudeeratelier. Het onderwerp past binnen het algemene thema van het Masterprogramma Hybrid Buildings, dat zich in zowel onderwijs als onderzoek richt op de actuele transformaties van de stad. In dit artikel wil ik inzicht bieden in het werk van het afstudeeratelier van Hybrid Buildings2 met betrekking tot de herontwikkeling van het universiteitscluster op het Roeterseiland in Amsterdam. Na een inleiding over de geschiedenis van de locatie voordat de universiteit zich in dat gebied vestigde, zal ik ingaan op de rol van de universiteit bij de totstandkoming van de huidige situatie en vervolgens op de ontwerpvraagstukken die het vertrekpunt vormden van het project. Het artikel eindigt met de presentatie van een viertal individueel uitgewerkte afstudeerprojecten

    Ontwikkeling zonder plannen en regels: De ruimtelijke inrichting van de Zaanstreek van de vijftiende tot de eenentwintgste eeuw

    No full text
    Over the course of six hundred years, a cultural landscape has appeared in the Zaanstreek region that can genuinely be called entirely unique. At first sight, it gives a rather ‘messy’ impression, without a real centre and with residential, com-mercial and recreational areas intermixed. That is not something that we find to quite the same extent anywhere else in the Netherlands. How did this unusual landscape evolve as time progressed? What socioeconomic and administrative factors have contributed to its development? And what remains now, at the beginning of the twenty-first century, of that typical Zaan cultural landscape? These questions and others can be answered by following the development of the spatial layout of the Zaanstreek over those six centuries step by step, comparing it with the structure imposed on other regions in the Netherlands.In de Zaanstreek is in zeshonderd jaar tijd een cultuurlandschap ontstaan dat volstrekt uniek genoemd mag worden. Op het eerste gezicht maakt het een ‘rommelige’ indruk, zonder een echte kern en met een sterke vermenging van wonen, werken en recreëren. In deze vorm treffen we dat nergens anders aan in Nederland. Hoe is dit bijzondere landschap in de loop van de tijd ontstaan? Welke sociaaleconomische en bestuurlijke factoren hebben daaraan bijgedragen? En wat is er nu, aan het begin van de eenentwintigste eeuw, nog over van dat kenmerkende Zaanse cul-tuurlandschap? Deze vragen worden beantwoord door de ontwikkeling van de ruimtelijke inrichting van de Zaanstreek gedurende zes eeuwen stap voor stap te volgen, en die te vergelijken met de inrichting van andere regio’s in Nederland

    114

    full texts

    164

    metadata records
    Updated in last 30 days.
    OverHolland
    Access Repository Dashboard
    Do you manage Open Research Online? Become a CORE Member to access insider analytics, issue reports and manage access to outputs from your repository in the CORE Repository Dashboard! 👇