2,857 research outputs found

    Versteiling van de Hollandse Kust

    No full text
    Deze afstudeeropdracht betreft het onderzoek naar het mogelijke versteilen van de Hollandse kust. Het versteilen van de kust is het verdiepingsverschijnsel waarbij de dieptelijnen kustwaarts verschuiven. Deze verschuivingen van de dieptelijnen gaan gepaard met zandverlies op dieper water waardoor het kustprofielletterlijk steiler wordt. Dit verdiepingsverschijnsel wordt in het onderzoek gedefmieerd als "versteiling van de kust". Uitspraken met betrekking tot het versteilen van het kustprofiel bepalen in grote mate het te hanteren handhavingsbeleid van de kustlijn. Verkeerde conclusies daarover kunnen ernstige gevolgen met zich meebrengen. Het verdiepen van het bodemprofiel op dieper water kan samen met het kustwaarts verschuiven van de dieptelijnen in de toekomst leiden tot toenemende erosie op de ondiepe oever en het strandgedeeite langs de gehele Hollandse kust. In hoeverre werkelijke verdieping optreedt is aan de hand van de beschikbare metingen van het diepe kustgedeeite onderzocht. De beschikbare metingen van het diepe kustgedeeite zijn de doorlodingen. Voor het afleiden van de verdiepingstrends is gebruik gemaakt van een lineaire trendanalyse, waarbij de trendlijnen zijn berekend uit de doorlodingen via de kleinste kwadraten methode. Dit zijn de oorspronkelijke trends die direct zijn afgeleid uit de doorlodingen. In dit onderzoek is een analyse gemaakt van de grootte en het karakter van de meetfouten in de doorlodingsgegevens. Op basis hiervan is vervolgens onderzocht wat de invloed van deze meetfouten is op de betrouwbaarheid van uitspraken over mogelijk optredende kustversteiling. Het onderzoek is gedaan op basis van doorlodingsgegevens, met 8 meetwaarnemingen over de periode van 1965 tot 1997. Met behulp van simulaties, gebaseerd op de statistische karakteristieken van de meetfouten in de doorlodingen, worden nieuwe meetwaarden gegenereerd. Door middel van de simulaties kunnen de verdiepingstrends opnieuw uit deze meetwaarden worden afgeleid. Bij het simuleren van nieuwe meetwaarden wordt rekening gehouden met de meetfout in de doorlodingen. De vraag hierbij is of de opnieuw berekende trends de oorspronkelijke trends benaderen.Hydraulic EngineeringCivil Engineering and Geoscience

    Valt de lezer om te turnen? Effecten van formuleringskeuzes in de zaak ‘Van Gelder'

    No full text
    The current study assesses whether the stylistic choices that Van Leeuwen & Van Haaften (2018) identified in the ‘Van Gelder’ case affect readers’ evaluations. This case revolves around summary proceedings that gymnast Yuri van Gelder brought against NOC*NSF, as NOC*NSF had removed him from the Olympic gymnastics final due to misbehaviour. Van Leeuwen & Van Haaften argue that Van Gelder’s lawyer’s stylistic choices minimise the severity of Van Gelder’s behaviour and paint him as a victim, while the NOC*NSF lawyer maximises the severity of the behaviour and frames Van Gelder as solely responsible for his situation.209 participants read either an original or a manipulated fragment of the pleas and evaluated the severity of Van Gelder’s behaviour, his responsibility and their agreement with the judge’s decision. Results suggest that whether participants had read the original or the manipulated plea did not affect their evaluations. The content of the plea did matter, however, as participants who read the plea by the NOC*NSF lawyer were more negative about Van Gelder than those who had read Van Gelder’s lawyer’s plea. While the content of a text thus does affect readers’ evaluations, our stylistic manipulations may have been too subtle to make a difference.</p

    Preyat (Fabrice) m. m. v. Huys (Jean-Philippe), eds. Marie-Adélaïde de Savoie (1685-1712). Duchesse de Bourgogne, enfant terrible de Versailles, (Études sur le 18e siècle, 41) 2014

    No full text
    Gelder Klaas van. Preyat (Fabrice) m. m. v. Huys (Jean-Philippe), eds. Marie-Adélaïde de Savoie (1685-1712). Duchesse de Bourgogne, enfant terrible de Versailles, (Études sur le 18e siècle, 41) 2014. In: Revue belge de philologie et d'histoire, tome 93, fasc. 2, 2015. Histoire médiévale moderne et contemporaine - Middeleeuwse moderne en hedendaagse geschiedenis. pp. 602-604

    Depressive symptoms during pregnancy: exposure assessment and perinatal outcomes

    No full text
    Contains fulltext : 209730.pdf (Publisher’s version ) (Open Access)Radboud University, 22 november 2019Promotor : Prins, J.B. Co-promotores : Roeleveld, N., Gelder, M.M.H.J. van, Pop-Purceleanu, M

    Protest in the Piazza

    No full text
    This chapter takes a spatial approach to contestation in Venice, focusing on locations of protest. As the political and religious heart of the city, Piazza San Marco was the central space for governmental ritual. Public celebrations of republican values, underlining the state’s durability despite the mortality of its doges, focused heavily on the Piazza. Historians have come to see these celebrations as forming the cornerstone of a shared Venetian identity and contributing to popular acceptance of patrician rule. Yet the Piazza was not only a space for civic ritual or for executions, markets, games, and animal baiting; it was also a space where popular protests and riots took place. This chapter examines moments of contestation in the Piazza and beyond, as well as the measures taken by the authorities to preserve or restore order. It argues that, although formally excluded from politics, ordinary Venetians used and appropriated space to make themselves heard and to influence and shape Venetian politics

    Uitvoeringsrisico¿s van de bouwkuipwanden onder Amsterdam

    No full text
    In de complexe situatie van een groot openbaar vervoersknooppunt en de aanwezigheid van een monumentaal stationsgebouw worden er zeer hoge eisen gesteld aan het ontwerp en de uitvoering van de bouwkuip ten behoeve van de Noord/Zuidlijn onder het Amsterdam Centraal Station. In deze bouwkuip zal er een tunnelelement invaren en afgezonken worden, die dienst zal doen als metrotunnel. Door het uitvoeren van een risicoanalyse zijn de bedreigingen van het ontwerp en de uitvoering geentariseerd en is er de onderlinge samenhang van de risicos binnen het systeem onderzocht. Hieruit bleek dat er zeer veel bedreigingen gerelateerd zijn aan de waterdichtheid van de bouwkuipwanden. Het besteksontwerp van de buispalenwanden onder het emplacement is vanwege de risicos met betrekking tot de waterremmendheid vervangen is door een alternatieve, innovatieve uitvoeringsmethode. Deze nieuw ontwikkelde uitvoeringstechniek, de microtunnellingmethode, is nog niet eerder op deze wijze toegepast: met behulp van een verticaal opgestelde schildboormachine worden de buispalen op diepte gebracht. Deze alternatieve buispalenwand is daarom geanalyseerd met een Monte Carlo model, waarbij het aantal optredende lekkages bepaald wordt. De kern van de waterkerendheid van de buispalenwand is de stalen slotverbinding die zich tussen de buispalen bevindt. In het Monte Carlo model worden de toleranties van het slot getoetst aan de hand van plaatsafwijkingen en scheefstand van de individuele buispalen. Het verwachte aantal lekkages in de gehele buispalenwand wordt geschat op drie. Evan de belangrijkste aannamen van het model is het onafhankelijke gedrag van de buispalen tijdens het aanbrengen. In werkelijkheid zullen deze elkaar wel beloeden als gevolg van geleiding van de paal tijdens het inbrengen door de koppelsloten en de aanpassing van de paalplaats aan de reeds geplaatste aansluitende palen. De verwachtingswaarde voor het aantal gaten zal dan lager uitkomen. Ondanks dat de microtunnellingmethode een nieuwe, innovatieve uitvoeringstechniek is die nog niet toegepast is op deze wijze, lijkt de buispalenwand aangebracht middels deze microtunnellingmethode volgens het Monte Carlo-model veelbelovend om op deze wijze toe te passem onder het Amsterdam Centraal Station, mits er nog een aantal zaken onderzocht worden, zoals de slottoleranties, de beheersbaarheid van de buisrotatie en de afhankelijke plaats van de mannelijke buispalen in het model. Op basis van de gevoeligheidsanalyse van de getoetste variabelen in het model, wordt aanvullend onderzoek om de microtunnellingmethode te verbeteren aanbevolen voor de volgende twee parameters: de mogelijkheden voor controleerbaarheid en stuurbaarheid van de rotatie van de buispaal om zijn eigen as De slotsterkte en geleidingseigenschappen zijn niet in het model getoetst. In deze parameters zit nog reservecapaciteit, zoals (plastische) vervorming, totdat er daadwerkelijk functieverlies van de slotverbinding optreedt. Deze slottoleranties zouden nog verder onderzocht moeten worden. Ook zal het model aangepast moeten worden met betrekking tot de plaatsing van de mannelijke buispalen die afhankelijk zijn van de aansluitende vrouwelijke buispalen om tot een betere kansbenadering van het aantal lekkages te komen. Daarnaast dienen er een aantal noodscenarios opgesteld te worden om de gevolgen van een lekkage, die zich onverhoopt tijdens van de verschillende fases kan voordoen, te beperken, waarbij vooral aandacht besteed moet worden aan de positie van de pontons tijdens het afzinken.Civil Engineering and Geoscience

    Cyber-offenders versus traditional offenders: An empirical comparison

    No full text
    Bernasco, W. [Promotor]Ruiter, S. [Promotor]Gelder, J.-.L. van [Copromotor

    Bepalen van de veiligheid tegen het optreden van een zettingsvloeiing

    No full text
    Momenteel wordt er hard gewerkt aan het VINEX-project Nesselande. Deze VINEX-locatie ligt aan de rand van het Groene Hart, ten noordoosten van Rotterdam. Er zullen in de komende jaren meer dan 5.000 woningen verrijzen. Een onderdeel van dit project is de uitbreiding van de bestaande Zevenhuizerplas met ongeveer 100 ha. Het diepste gedeelte van deze uitbreiding zalliggen rond NAP -65 m. Met een gedeelte van het zand dat gewonnen wordt, wordt het plangebied opgespoten. Voor een zo groot mogelijke zandopbrengst is een steil talud gunstig, echter dit vergroot de kans op het bezwijken ervan, wat grote schade tot gevolg kan hebben. Het inschatten van de risico's was het uitgangspunt van deze afstudeeropdracht. Hiervoor zijn de verschillende faalmechanismen gemventariseerd: overschrijding van maximale taludhelling afhankelijk van 1) de hoek van inwendige wrijving; 2)cohesie en grondwaterstroming; 3) afschuiving; 4) erosie ten gevolge van windgolven; 5) bresvorming; 6) zettingsvloeiingen. Na deze inventarisatie blijkt dat over een aantal van deze mechanismen niet voldoende bekend is om een volledige risicoanalyse te maken. Dit geldt ook voor het mechanisme zettingsvloeiing. Zettingsvloeiing is de benaming voor een bezwijkmechanisme, waarbij plotseling een grote hoeveelheid grond als het ware wegvloeit. Er ontstaat een zeer flauw talud. Dit verschijnsel kan zich alleen voordoen in los gepakte zandlagen. Als gevolg van een inleidend mechanisme, bijvoorbeeld trillingen opgewekt door een aardbeving of bouwwerkzaamheden, zal het zand naar een vastere korrelpakking willen overgaan. Echter het water in de porien verhindert dit, waardoor er wateroverspanningen ontstaan. Door deze wateroverspanningen kan het zand verweken, waardoor het zich als een dikke vloeistof gaat gedragen. De huidige adviespraktijk ter voorkoming van zettingsvloeiingen is grotendeels gebaseerd op statistieken die afkomstig zijn van de oevervallen opgetreden in Zeeland. Voor situaties als het maken van een zandwinput zijn deze statistieken niet representatief en daarmee niet goed toepasbaar. Omdat de kans op een zettingsvloeiing bij de uitbreiding van de Zevenhuizerplas wel aanwezig wordt geacht en de eventuele schade ervan groot zou kunnen zijn, heeft het verdere onderzoek zich hierop gericht. Om te komen tot betere adviezen zijn modellen ontwikkeld. Tot nu toe werd ervan uitgegaan dat verweking van het zand een zettingsvloeiing tot gevolg heeft. Het idee achter de hier ontwikkelde modellen is dat het verweekte zand eerst de niet-verweekte grond weg moet drukken alvorens het verweekte zand kan gaan vloeien. Aan de hand van de modellen kan de veiligheid van verschillende ontwerpen met elkaar vergeleken worden. Ook worden er vergelijkingen gemaakt met afschuifberekeningen en het blijkt dat als zand verweekt er eerder een zettingsvloeiing op zal treden dan een afschuiving. Daarnaast kunnen er uitvoeringseisen worden afgeleid uit de modellen. Zo is er een veiligheidszone te berekenen waarbinnen er geen werkzaamheden plaats mogen vinden die trillingen opwekken, zodat een zettingsvloeiing voorkomen kan worden. Bij een afgraving is ook een gebied te berekenen dat verdicht kan worden om een vloeiing te voorkomen bij de graafwerkzaamheden. Het model kan op verschillende punten verbeterd worden, zodat de berekende stabiliteitsfactoren beter met de praktijk overeenkomen. Een paar voorbeelden hiervan zijn: de invoer van minder eenvoudige profielen moet mogelijk zijn, alle mogelijke schuifvlakken moeten berekend kunnen worden en er moet rekening gehouden worden met de verhoging van de waterspanningen in de grond random het verweekte gebied.Hydraulic EngineeringCivil Engineering and Geoscience

    Allan Sekula: studio conversations

    No full text
    One-day symposium/workshop organized by M HKA and Lieven Gevaert Centre, with morning presentation by Jürgen Bock (MAUMAUS) of his curatorial research collaborations with Allan Sekula; and afternoon session by Hilde Van Gelder regarding interview conversations with Allan Sekula in his studio in Los Angeles (Spring 2013).sponsorship: M HKA KU Leuven FWOstatus: Publishe
    corecore