704 research outputs found
De scheiding van Maas en Waal onder verlegging van de uitmonding der Maas naar den Amer
Historie van overstromingen langs de Maas, de Beerse Maas en de Baardwijkse Overlaat. Verbeteringsplannen van Leemans, Schebbele Nolthenius en C.W. Lely. Uiteindelijke plan en uitvoeringswet. Kosten vande plannen. Uitevoerde werken: riviervan Heleind-Dongemond, normalisering van de Amer, verruiming Heusdens kanaal. Bruggen en veren. Afwateringsvoorzieningen (gemalen, suatiesluizen). Sluiting van de Heerewaardense Overlaat, verhoging van de Waaldijken. Afsluiting van de Maas bij Andel. De Dommel en de Dieze. Bijkomende werken. Deze pdf is samengesteld uit scans van verschillende exemplaren van het rapport. Er is een aparte pdf met de platen 1 t/m5. Plaat 6 is opgenomen in twee versies, als afzonderlijke bladen (zoals uitgegeven) en als één samengestelde kaart van het gehele gebied. Administratieve regelen, Nacalculalatie van de kosten. Waterstanden.Bergsche Maa
Evaluation of the Provisions for the Handicapped Act : Third Wave: Panelsurvey 1999-2000 and Wvg-Scan 1998-2000
Evaluation of the Act concerning the provision of amenities for the handicapped (WVG) dated 1994 as implemented on the municipal level. Both qualitative and quantitative data were gathered. This is the most recent wave of a much larger evaluation project. Other parts are not available from the Steinmetz Archive. Policy of the municipality towards handicapped persons in general / cooperation with other organisations to execute the WVG / registration of the housing stock for handicapped persons / assignment of transportation facilities for handicapped persons / application of the personal budget facilities (Persoonsgebonden Budget) within the frame work of the WVG / quality control of personnel and suppliers of appliances / number of staffmembers within the framework of the WVG / policy concerning adjusting houses, and compensation of removal expenses / policy concerning financial contributions by handicapped persons to certain facilities (Eigen bijdrage) / WVG-expenses / number of allowances, and no. handicapped persons that made use of the WV
Open the treasure room and decolonize the museum
Inaugural lecture delivered by Prof.dr. Tinde van Andel on the occasion of the acceptance of the position of Special professor of the Clusius chair of
History of Botany and Gardens at Leiden University Friday 6 January 2017Inaugural lecture delivered by Prof.dr. Tinde van Andel on the occasion of the acceptance of the position of Special professor of the Clusius chair of History of Botany and Gardens at Leiden University Friday 6 January 201
Reply to the comment on "Late Quaternary depositional history of the north Evvoikos Gulf, Aegean Sea, Greece" marine geology, 232, 157-172, 2006
We reply here to comments of Stiros and Pirazzoli, 2007 S.C. Stiros and Pirazzoli, Comment to the article “Late Quaternary depositional history of the North Evvoikos Gulf, Aegean Sea, Greece” by T. van Andel and C. Perrissoratis, In Marine Geology 2006, 232, 157–1732, Marine Geology 243 (2007), pp. 242–243. Article | PDF (162 K) | View Record in Scopus | Cited By in Scopus (1)Stiros and Pirazzoli (Marine Geology, 2007) who suggest that the rates of global sea-level fluctuation and their amplitudes are only parts of a complex of forces, in particular tectonics and volcanism. Those forces according to their model shaped and changed the morphology and history of most marine areas around Greece. They apply this model to our study area, the Northern Evvoikos Gulf, as well as to some areas elsewhere
Reply to the comment on "Late Quaternary depositional history of the north Evvoikos Gulf, Aegean Sea, Greece" marine geology, 232, 157-172, 2006
We reply here to comments of Stiros and Pirazzoli, 2007 S.C. Stiros and Pirazzoli, Comment to the article “Late Quaternary depositional history of the North Evvoikos Gulf, Aegean Sea, Greece” by T. van Andel and C. Perrissoratis, In Marine Geology 2006, 232, 157–1732, Marine Geology 243 (2007), pp. 242–243. Article | PDF (162 K) | View Record in Scopus | Cited By in Scopus (1)Stiros and Pirazzoli (Marine Geology, 2007) who suggest that the rates of global sea-level fluctuation and their amplitudes are only parts of a complex of forces, in particular tectonics and volcanism. Those forces according to their model shaped and changed the morphology and history of most marine areas around Greece. They apply this model to our study area, the Northern Evvoikos Gulf, as well as to some areas elsewhere
Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de nieuwbouw/ vernieuwen fundering aan de Hoge Maasdijk 132 te Andel, gemeente Altena
Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie heeft in opdracht van Dhr. E. Landtman een archeologisch bureauonderzoek en een inventariserend veldonderzoek door middel van verkennende boringen uitgevoerd voor een plangebied te Andel, in de gemeente Altena. Het plangebied is gelegen aan de Hoge Maasdijk 132. Het plangebied is momenteel deels bebouwd. De initiatiefnemer is voornemens de fundering van het bestaande huis te vernieuwen en het overige terrein te ontwikkelen.
Voorafgaand aan de ontwikkelingen dient in het kader van de omgevingsvergunning in kaart te worden gebracht of er archeologische waarden in het geding zijn. Momenteel zijn er nog geen definitieve plannen van de werkzaamheden beschikbaar. Er wordt uitgegaan van een maximale verstoring van het plangebied om de archeologische risico’s in kaart te brengen.
Binnen het plangebied worden afzettingen van meerdere stroomgordels verwacht, namelijk de Andel (4820-4160 BP), daarboven de Biesheuvel-Hamer (4020-3210 BP) met daarboven de Alm + Afgedamde Maas, (1760-46 BP). Binnen een dergelijk dynamisch rivierenlandschap hebben vooral de hogere delen een hoge verwachting voor het aantreffen van archeologische bewonings- en gebruiksresten. Op basis van reeds uitgevoerd booronderzoek kan gesteld worden dat binnen het plangebied vooral de oever en crevasse afzettingen van de Biesheuvel-Hamer kunnen worden aangetroffen. Afzettingen van de Andel zijn veelal niet aangetroffen. De afzettingen van de Biesheuvel-Hamer zijn in de omgeving gekarteerd op ca. 0,11 – 0,39 m -NAP (120 – 155 cm onder maaiveld). In de top van deze afzettingen kunnen resten voorkomen daterend vanaf de Bronstijd tot de Middeleeuwen.
Het is echter ook mogelijk dat deze resten reeds verspoeld zijn door overstromingen, waarvan de overslagpakketten bovenop de Biesheuvel-Hamer afzettingen worden verwacht. Op en in de overslagpakketten kunnen resten voorkomen daterend tot de Middeleeuwen en Nieuwe tijd. Deze resten kunnen voorkomen vanaf het huidige maaiveld.
Uit het historisch kaartmateriaal blijkt dat onder de huidige bebouwing mogelijk resten van eerdere gebouwen kunnen voorkomen. Het is niet te bepalen in welke mate deze reeds verstoord zijn.
Op basis van het uitgevoerde bureauonderzoek wordt geadviseerd om een verkennend booronderzoek uit te voeren binnen het plangebied om de diepte van de afzettingen van de Biesheuvel-Hamer afzettingen te bepalen, alsmede of in deze afzettingen bodemopbouw heeft plaatsgevonden. Ook dient bepaald te worden of in de overslagpakketten boven op deze afzettingen nog archeologische resten verwacht kunnen worden. Om voldoende inzicht te krijgen in het plangebied wordt geadviseerd om een zestal boringen verdeeld over het terrein te zetten in een verspringend grid van ca. 13 x 15 m, overeenkomend met een E2 grid voor kleine gebieden met een brede verwachting
Dit inventariserend veldonderzoek door middel van verkennende boringen is uitgevoerd op 1 juli 2022. Hieruit kan worden geconcludeerd dat de natuurlijke ondergrond bestaat uit een pakket ongerijpte crevasse- of oeverafzettingen van de Andelse stroomgordel, afgedekt door een dik pakket komklei en vervolgens afgedekt door een pakket gerijpte oeverafzettingen. Dit pakket oeverafzetting wordt toegeschreven aan de Biesheuvel - Hamer. Het natuurlijke bodemprofiel gaat op 40 tot 130 cm -mv scherp naar boven toe over in een matig humeus, matig zandig kleipakket. Vanwege een bijmenging van baksteenfragmenten en stukjes beton betreft het hier waarschijnlijk een recent omgewerkt pakket. De oorspronkelijke bodem en het potentiële archeologische niveau in de top van de oeverafzettingen is afgetopt en daarom worden op dit niveau geen archeologische waarden verwacht. In de boringen 1 en 2 aan de oostzijde van het plangebied is een vegetatieniveau aangetroffen op een diepte van ca. 130-180 cm onder maaiveld.
In boring 3 is een humeus pakket met kippengaas aangetroffen boven een ondoordringbare laag op 80-90 cm -mv. Waarschijnlijk is dit een recent dichtgestorte beerkelder maar het kan niet helemaal uitgesloten worden dat dit een muurrestant betreft van een bouwwerk uit de Nieuwe tijd.
Advies
Op basis van het bureauonderzoek gold een lage verwachting voor sporen van bewoning vanaf het Paleolithicum tot aan de Bronstijd, een middelhoge verwachting voor sporen van bewoning vanaf de Bronstijd tot de Middeleeuwen en een middelhoge verwachting voor resten uit Middeleeuwen en Nieuwe tijd. Onder de huidige bebouwing kunnen resten voorkomen van historische voorlopers. Op basis van deze verwachting is een booronderzoek uitgevoerd, waarbij 6 boringen zijn gezet. In twee boringen is een laklaag / vegetatieniveau aangetroffen op ca. 130 – 180 cm onder maaiveld (boring 1 en 2) aan de oostkant van het plangebied. In dit niveau zijn geen archeologische indicatoren aangetroffen, waardoor het archeologisch potentieel niet hoog is.
Aangezien momenteel nog geen definitieve plannen beschikbaar zijn voor de verdere inrichting van het plangebied, wordt een algemeen advies opgesteld.
Op basis van het bureauonderzoek ligt het bestaande huis op een locatie waar sprake is van historische bebouwing; mogelijk is dit huis op funderingen van een voorganger of voorgangers gebouwd. Werkzaamheden aan de fundering kunnen deze archeologische waarden schade toebrengen. Als er sprake is van graafwerkzaamheden binnen of om het huis, wordt geadviseerd om deze uit te voeren onder archeologische begeleiding van de werkzaamheden. Hiervoor dient eerst een Programma van Eisen (PvE) te worden opgesteld dat de goedkeuring behoeft van het bevoegd gezag, de gemeente Altena. Zonder een goedgekeurd PvE kan niet met de werkzaamheden worden begonnen.
In het oostelijke deel van het plangebied is nog wel sprake van een archeologische verwachting; Deels een verwachting op historische bebouwing en deels op een mogelijk bewoonbaar archeologisch niveau in de ondergrond. Indien in dit deel van het plangebied ingrepen gaan plaatsvinden dieper dan 50 cm onder maaiveld, dient vervolgonderzoek plaats te vinden. Geadviseerd wordt om in dit deel dan een proefsleuf aan te leggen van 20 x 2 m om inzicht te krijgen in het archeologisch potentieel van de vegetatiehorizont en vast te stellen of er sprake is van historische bebouwing. Indien sprake is van sporen wordt geadviseerd voor betere duiding plaatselijk de proefsleuf te verbreden tot 4 m. Voorafgaand aan een dergelijk onderzoek dient eerst een Programma van Eisen te worden opgesteld dat de goedkeuring behoeft van het bevoegd gezag, de gemeente Altena.
Aan de zuidzijde van het plangebied is de archeologische verwachting bijgesteld naar laag en behoeven in het geval van ingrepen geen verder onderzoek te worden uitgevoerd.
De verschillende adviezen zijn weergegeven in afbeelding 9.
Naschrift
Het rapport is aangepast naar aanleiding van de opmerkingen van de adviseur van het bevoegd gezag en in versie 1.1 opnieuw voorgelegd ter goedkeuring op 27 juli 2023. Deze versie is goedgekeurd. De adviseur van het bevoegd gezag adviseert echter om op het volledige terrein een proefsleuvenonderzoek uit te voeren.
Het bevoegd gezag, de gemeente Altena, dient eerst over het advies in dit rapport een besluit te nemen. Wanneer het bevoegd gezag besluit dat vervolgonderzoek niet noodzakelijk is en het plangebied wordt vrijgegeven voor de voorgenomen ontwikkelingen, blijft de meldingsplicht archeologische toevalsvondst of waarneming van kracht (Erfgoedwet, artikel 5.10 Archeologische toevalsvondst). Aangezien het nooit volledig is uit te sluiten dat tijdens eventueel grondverzet een archeologische ‘toevalsvondst’ wordt gedaan, is het wenselijk de uitvoerder van het grondwerk te wijzen op de plicht om hiervan zo spoedig mogelijk melding te doen bij het bevoegd gezag, de gemeente Altena, en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed
Salep orchid patent documents
Spreadsheet of patent documents referring to salep, used in publication: 'Patent analysis as a novel method for exploring commercial interest in wild harvested species' Biological Conservatio
Kleinschalige anaerobe zuivering van huishoudelijk afvalwater. Interimrapport 2
De totale vervuilingswaarde van kleinschalige lozingspunten in Nederland (boerderijen etc.) is ongeveer 1,5 miljoen i.e. Wegens de veelal geisoleerde ligging van deze objecten is aansluiting op communale rioolstelsels vaak zeer kostbaar. Zuivering aan de bron is daarom vaak het enige alternatief, als men deze vorm van vervuiling (van bodem en oppervlaktewater) wil verminderen. Door het RIVM wordt, in samenwerking met de Landbouwuniversiteit te Wageningen, onderzoek gedaan naar de toepasbaarheid van anaerobe zuivering van huishoudelijk afvalwater bij kleinschalige lozingspunten. Het onderzoek wordt uitgevoerd met drie UASB-reactoren. Dit tweede voortgangsrapport bevat de onderzoeksresultaten betreffende de periode september 1986 t/m december 1987. Uit de eerste resultaten blijkt, dat de reactoren in principe geschikt zijn voor het gestelde doel. Verder onderzoek en eventuele aanpassing van de reactorconstructie is echter noodzakelijk om een beter en meer bedrijfszeker resultaat te verkrijgen.<br
De Eemnesser eendenkooi
Geschiedenis van de Eemnesser eendenkooi ooit gelegen in de Noord Polder ('t Molenland). Tevens aandacht voor de kooikerij als bedrijf met namen van eigenaren en kooiker
- …
