880 research outputs found
Een Inventariserend Veldonderzoek in de vorm van proefsleuven (IVO-P)
Witpaard is betrokken bij de realisatie van nieuwbouw aan het Ramakerspad te Heerde, gemeente Heerde. De opdrachtgever bereidt een omgevingsvergunning voor waarbij in het plangebied 14 woningen zullen worden gerealiseerd. Daarvoor zal de in het plangebied aanwezige basisschool (Emmaschool) worden gesloopt. Voorafgaand aan de ontwikkeling dient in kaart te worden gebracht welke archeologische waarden mogelijk in het geding zijn. Daartoe is door Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie op 2 mei 2016 een Inventariserend Veldonderzoek in de vorm van proefsleuven uitgevoerd.
Tijdens het onderzoek zijn twee proefsleuven aangelegd met een totale oppervlakte van 108 m2, ruim 7% van het onbebouwde deel van het onderzoeksgebied. In het plangebied is sprake van een enkeerdgrond op dekzand. Uit de stratigrafische opbouw van het plaggendek kan geconcludeerd worden dat deze in twee fases is opgeworpen. Vanwege het ontbreken van vondstmateriaal in het plaggendek kan er echter geen nadere datering aan deze fases worden gekoppeld. Onder het plaggendek is direct de C-horizont aanwezig. Er is geen intact podzolprofiel aangetroffen.
Tijdens het onderzoek zijn geen archeologisch relevante sporen aangetroffen of vondsten gedaan. De kans op de aanwezigheid van een (intacte) archeologische vindplaats wordt derhalve als laag ingeschat.
Op basis van de resultaten van onderhavig onderzoek is de archeologische verwachting voor het plangebied in relatie tot de voorgenomen grondwerkzaamheden laag en adviseert Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie geen vervolgstappen in het kader van de Archeologische Monumentenzorg (AMZ). Geconcludeerd kan worden dat het plangebied voldoende is onderzocht en dat op basis van de onderzoeksresultaten het plangebied kan worden vrijgegeven. Op 14 juni is de conceptrapportage van het onderzoek door de adviseur van het bevoegd gezag (dhr. Wispelwey, Regio Noord Veluwe) beoordeeld en akkoord bevonden. Aan het bevoegd gezag is derhalve geadviseerd het plangebied vrij te geven voor wat betreft archeologie.
Aangezien het nooit volledig is uit te sluiten dat tijdens het grondverzet een archeologische ‘toevalsvondst’ wordt gedaan, is het wenselijk de uitvoerder van het grondwerk te wijzen op de plicht om, als hiervan sprake is, daar zo spoedig mogelijk melding van te doen bij het bevoegd gezag, de gemeente Heerde en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed
Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, karterende fase ten westen van Meenseweg 3-5 te Heerde Gemeente Heerde
Op grond van het aangetroffen sediment, de aangetroffen bodemopbouw, de afwezigheid van archeologische indicatoren en de aanwezigheid van diepe kelders in het plangebied en daarmee lage archeologische verwachting adviseert KSP Archeologie geen archeologisch vervolgonderzoek. Bovenstaand advies vormt een zogenaamd selectieadvies. Het selectieadvies is overgenomen door de gemeente Heerde in haar selectiebesluit
Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, karterende fase ten westen van Meenseweg 3-5 te Heerde Gemeente Heerde
Op grond van het aangetroffen sediment, de aangetroffen bodemopbouw, de afwezigheid van archeologische indicatoren en de aanwezigheid van diepe kelders in het plangebied en daarmee lage archeologische verwachting adviseert KSP Archeologie geen archeologisch vervolgonderzoek. Bovenstaand advies vormt een zogenaamd selectieadvies. Het selectieadvies is overgenomen door de gemeente Heerde in haar selectiebesluit
De kuddes van Ede, Rheden en Epe-Heerde
Deze keer de schijnwerpers op vier andere kuddes Veluwse heideschapen.Die van Ede begrazen al heel lang de Ginkelse en Ederhei. De huidige herders, Aart en Henk van den Brandhof, hebben inrespectievelijk de jaren ‘80 en ‘90 de kuddes overgenomen van hunvader Bart. De kudde van Epe-Heerde begraast al meer dan vijftigjaar de Renderklipen. Bij de oprichting van de kudde van Rheden inde jaren zestig speelde de eigenares van het landgoed Heuvel eenbelangrijke rol
De kuddes van Ede, Rheden en Epe-Heerde
Deze keer de schijnwerpers op vier andere kuddes Veluwse heideschapen.Die van Ede begrazen al heel lang de Ginkelse en Ederhei. De huidige herders, Aart en Henk van den Brandhof, hebben inrespectievelijk de jaren ‘80 en ‘90 de kuddes overgenomen van hunvader Bart. De kudde van Epe-Heerde begraast al meer dan vijftigjaar de Renderklipen. Bij de oprichting van de kudde van Rheden inde jaren zestig speelde de eigenares van het landgoed Heuvel eenbelangrijke rol
Inventariserend veldonderzoek - proefsleuven Centrumplan te Heerde, gemeente Heerde (GD) Inventariserend veldonderzoek - proefsleuven Centrumplan te Heerde, gemeente Heerde (GD)
Laagland Archeologie heeft op 6 december 2023 een Inventariserend veldonderzoek - proefsleuven uitgevoerd aan de Kerkstraat te Heerde, gemeente Heerde (GD). Op het terrein is eerder archeologisch onderzoek uitgevoerd. Op grond van het booronderzoek kan in hoofdlijn worden gesteld dat het bodemprofiel bestaat uit een verstoorde laag van ongeveer 40 cm dik, gevolgd door een plaggendek van circa 65 cm dik. Daaronder liggen sneeuwsmeltwaterafzettingen, waarin alleen een C-horizont resteert.
Op basis van dit onderzoek is door het bevoegd gezag besloten dat er een aanvullend onderzoek dient plaats te vinden in de vorm van een Inventariserend veldonderzoek – proefsleuven.
Het onderzoek had tot doel om een eventueel aanwezige vindplaats aan te tonen en te waarderen. En diende antwoord te geven op de in het PvE opgestelde onderzoeksvragen.
Vastgesteld kan worden dat de bodem binnen het plangebied grootschalig is verstoord als gevolg van de sloop van de voorgaande bebouwing. Hierbij is ten minste 40 centimeter van het maaiveld afgegraven.
In het uiterste noorden van het plangebied zijn drie kuilen aangetroffen met enige ouderdom. Deze dateren vermoedelijk uit de Late Middeleeuwen of Nieuwe tijd en kunnen worden gerelateerd aan de naastgelegen historische kern van Heerde. Hierdoor kunnen de sporen als onderdeel van de periferie van de historische dorpskern van Heerde worden beschouwd, waarbij de daadwerkelijke vindplaats ten westen van het plangebied ligt. Aan de zuid zijde van het plangebied is een recente afvalkuil met daarin subrecent materiaal aangetroffen. Deze kuil steekt echter door een recente verstoring met plastic heen, waardoor de kuil in de 21e eeuw kan worden gedateerd. Waarschijnlijk betreft het sloopafval van het gebouw dat tot 2023 op deze locatie heeft gestaan.
Tijdens het proefsleuvenonderzoek is geen vindplaats aangetroffen. Geadviseerd wordt om het plangebied betreft archeologie vrij te geven voor de geplande ontwikkeling. De gemeente Heerde onderschrijft dit advies
Simultaneous thrombin and plasmin generation
Contains fulltext :
109539.pdf (Publisher’s version ) (Open Access)Radboud Universiteit Nijmegen, 28 september 2012Promotores : Sweep, C.G.J., Witte, T.J.M. de Co-promotor : Heerde, W.L. va
C. Paré, W.J. Weerheijm 2020: Archeologisch onderzoek Meerjarenprogramma Geluidsanering (MJPG), deellocatie A50_CL130 te Heerde, gemeente Heerde. Sweco Archeologische Rapporten 2318
In opdracht van Movares heeft Sweco Nederland B.V. een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd naar een locatie langs de A50 te Heerde, gemeente Heerde. De aanleiding voor dit onderzoek is de voorgenomen plaatsing van een geluidsscherm op deze locatie met projectcode aanduiding A50_CL130
Archeologisch bureauonderzoek Bonenburgerlaan 23-29 te Heerde, gemeente Heerde (GD)
Laagland Archeologie heeft in mei 2023 een Archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd aan de Bonenburgerlaan 23-29 te Heerde. Het onderzoek vond plaats in verband met de ruimtelijke procedure rondom de sloop van de huidige winkelpanden ten gunste van nieuwe woningen.Het onderzoek is uitgevoerd conform de protocollen SIKB KNA 4002.
Het bureauonderzoek had tot doel een archeologisch verwachtingsmodel op te stellen. Centraal staat daarbij de vraag of en zo ja welke archeologische resten (complextype, datering, diepteligging en gaafheid) in het plangebied kunnen worden verwacht. Hiertoe zijn landschappelijke, archeologische en historische bronnen geraadpleegd.
Het plangebied ligt op een sneeuwsmeltwaterglooiing. Op basis van een iets hogere ligging is mogelijk sprake van bodemvorming, maar zeker is dit niet. Bodemkundig kan een plaggendek worden verondersteld (hoge zwarte enkeerdgronden). Vermoedelijk is dit plaggendek tegen het einde van de Late Middeleeuwen of in de vroege Nieuwe Tijd opgebracht, mogelijk in twee fasen. Het terrein is waarschijnlijk vanaf de Late Middeleeuwen - vroege Nieuwe Tijd tot ruwweg 1900 min of meer continue in gebruik geweest als akker. Tussen circa 1650 en 1832 is bebouwing verschenen. De Bonenburgerlaan is waarschijnlijk terug te voeren tot de Late Middeleeuwen of eerder.
De aanwezigheid van een (waarschijnlijk oud) plaggendek geeft een indicatie dat het terrein geschikt werd geacht voor akkerbouw. Daarmee was de grond waarschijnlijk ook al voor de Late Middeleeuwen geschikte landbouwgrond. Bekende archeologische waarden zijn schaars in de omgeving. Tot de bekende vondsten behoort een mogelijke vuursteenbewerkingsplaats (vroege prehistorie). Met name onder de oude kern van Heerde kunnen resten uit de Late Middeleeuwen en Nieuwe Tijd worden verondersteld.
Op basis van het bureauonderzoek geldt een hoge verwachting voor resten uit de periode Midden-Neolithicum – Nieuwe Tijd. Indien hier bodemverstorende werkzaamheden plaatsvinden, is archeologisch vervolgonderzoek van toepassing. Omdat op dit moment de daadwerkelijke bodemopbouw in het plangebied niet bekend is, adviseren we verkennende boringen te zetten.
De implementatie van dit advies is overgenomen door de bevoegde overheid, de gemeente Heerde. De gemeente wordt hierin vertegenwoordigd door haar deskundige, H.G. Pape-Luijten, regioarcheoloog Stedendriehoek
Archeologisch bureauonderzoek & Inventariserend Veldonderzoek, verkennende fase Kolthoorn Rijksweg A50, Heerde Gemeente Heerde
In opdracht van FASTNED B.V. heeft IDDS Archeologie in december 2021 een archeologisch bureauonderzoek en een inventariserend veldonderzoek (IVO), verkennende fase, uitgevoerd aan de Rijksweg A50 Kolthoorn in Heerde, gemeente Heerde. De noodzaak tot het archeologisch onderzoek komt voort uit het bestemmingsplan. De doelstelling van het bureauonderzoek is het opstellen van een gespecificeerde archeologische verwachting voor het plangebied. Het doel van het inventariserend veldonderzoek is het toetsen en zo nodig aanvullen van de gespecificeerde verwachting. Daarnaast wordt inzicht verkregen in de vormeenheden van het landschap in het plangebied, voor zover deze vormeenheden van invloed kunnen zijn geweest op de bruikbaarheid van de locatie door de mens in het verleden. Op basis van de resultaten van het onderzoek kunnen kansarme zones van het plangebied worden uitgesloten en kansrijke zones worden geselecteerd voor behoud of voor vervolgonderzoek.
In het plangebied zijn 5 boringen gezet met een diepte van 2,0 tot 2,5 m beneden het maaiveld. Die boringen zijn gezet tot tenminste 0,5 m in de C-horizont. Er is gebruik gemaakt van een Edelmanboor met een diameter van 10 cm voor dat deel van de ondergrond dat zich bevindt boven de grondwaterspiegel. Voor het deel van de ondergrond dat onder de grondwaterspiegel ligt is gebruik gemaakt van een zuigerboor (doorsnede 4 cm).
Tijdens het onderzoek is geconstateerd dat er in het plangebied één potentieel archeologisch niveau aanwezig is. Dat niveau betreft de top van de C-horizont in de sneeuwsmeltwaterafzettingen. Op basis van de resultaten van het inventariserend veldonderzoek, en rekening houdend met een veiligheidsmarge van 0,3 m, adviseert IDDS Archeologie geen verder archeologisch onderzoek bij bodemverstorende werkzaamheden die niet dieper reiken dan 12,2 m NAP.
Bij bodemverstorende werkzaamheden die dieper reiken dan 12,2 m NAP adviseert IDDS Archeologie vervolgonderzoek. Daarnaast adviseert IDDS Archeologie om dat vervolgonderzoek uit te voeren in de vorm van een proefsleuvensleuvenonderzoek aangezien een dergelijk onderzoek de beste manier is om na te gaan of er archeologische vondsten of sporen aanwezig zijn
- …
