478 research outputs found
Van geloof, hoop en liefde. Vijftig jaar kerkelijke omroep in Nederland, 1946-1996. - J.C.H. Blom, J. Wieten, H.B.M. Wijfjes (redactie), 1996
Review of: Van geloof, hoop en liefde. Vijftig jaar kerkelijke omroep in Nederland, 1946-1996. J.C.H. Blom, J. Wieten, H.B.M. Wijfjes (redactie), Kampen (Kok) 1996, geïll., 360 p
Burgers in beeld. Televisie, opiniepeilingen en het denken over democratie in naoorlogs Nederland
Contains fulltext :
325066.pdf (Publisher’s version ) (Open Access)Dagelijkse opiniepeilingen, straatinterviews met voorbijgangers en politici die met bekende en onbekende Nederlanders in gesprek gaan aan talkshowtafels: het maakt allemaal deel uit van de hedendaagse politieke cultuur. Dit proefschrift laat zien hoe deze en andere nieuwe mediapraktijken tussen 1945 en 1980 zijn ontstaan. Op deze manier toont het de wederzijdse beïnvloeding aan tussen deze nieuwe mediapraktijken en ideeën over wat democratie was en zou moeten zijn. In radio- en televisieprogramma’s en in opinieonderzoek, verwoordden en verbeeldden omroepbestuurders, programmamakers en opiniepeilers bepaalde ideeën over de democratie voor de burgers thuis op de bank – van het belang van parlementaire vertegenwoordiging en burgerschapseducatie, tot het belang van responsiviteit van politici en burgerparticipatie. In het bijzonder richt dit proefschrift zich op de manieren waarop nieuwe mediapraktijken burgers expliciet een plek gaven in het naoorlogse publieke debat. Het werd mogelijk voor burgers om deel te nemen aan de democratische samenleving doordat zij een actieve rol kregen als commentatoren, ondervragers en discussiepartners in de media. Zo droegen nieuwe mediapraktijken in de naoorlogse periode bij aan het creëren van nieuwe arena's waarin democratie werd beoefend en vormgegeven.Radboud Universiteit, 04 november 2025Promotores : Kaal, H.G.J., Meurs, W.P. van, Wijfjes, H.B.M.378 p
Uit de ban van goede en slechte smaak : Perspectieven in televisiegeschiedenis
In 2011 bestaat de Nederlandse televisie zestig jaar. Mediahistoricus Huub Wijfjes constateert dat het medium in die zestig jaar heeft gekampt met eenzijdig negatieve beeldvorming. Hij stelt dat de publieke omroep daardoor onvoldoende op waarde wordt geschat en gemakkelijk vatbaar is voor fundamentele aantasting van zorgvuldig opgebouwde tradities en kwaliteiten. De vermeende slechte smaak die de televisie zou kenmerken heeft ook consequenties gehad voor de relatief geringe wetenschappelijke bestudering. Wijfjes stelt dan ook dat er meer aandacht moet komen voor historisch onderzoek naar radio en televisie. De grootscheepse digitalisering van het historische audiovisuele materiaal maakt de bronnen voor dat onderzoek beschikbaar. Historische en televisieopleidingen zouden dat onderzoek meer ruimte moeten geven. De uitdagingen die de digitalisering van bronnen - zoals ook in de televisiearchieven - aan de historicus bieden, zullen leiden tot een heruitvinding van het historische beroep
- …
