620 research outputs found
Gene silencing by the tRNA maturase tRNase ZL under the direction of small-guide RNA.
We have been developing a unique system for the downregulation of a gene expression through cutting a specific mRNA by the long form of tRNA 3'-processing endoribonuclease (tRNase ZL) under the direction of small-guide RNA (sgRNA). However, the efficacy of this system and the involvement of tRNase ZL in the living cells were not clear. Here we show, by targeting the exogenous luciferase gene, that the efficacy of the sgRNA/tRNase ZL method can become comparable to that of the RNA interference technology and that the gene silencing is owing to tRNase ZL directed by sgRNA not owing to a simple antisense effect. We also show that tRNase ZL together with sgRNA can downregulate expression of the endogenous human genes Bcl-2 and glycogen synthase kinase-3β by degrading their mRNAs in cell culture. Furthermore, we demonstrate that a gene expression in the livers of postnatal mice can be inhibited by an only seven-nucleotide sgRNA. These data suggest that sgRNA might be utilized as therapeutic agents to treat diseases such as cancers and AIDS
Biotransformation on the flavonolignan constituents of Silybi Fructus by an intestinal bacterial strain Eubacterium limosum ZL-II
Eubacterium limosum ZL-II is an anaerobic bacterium with demethylated activity, which was isolated from human intestinal bacteria in our previous work. In this study, the flavonolignan constituents of Silybi Fructus were biotransformed by E. limosum(1) ZL-II, producing four new transformation products - demethylisosilybin B (T1), demethylisosilybin A (T2), demethylsilybin B (T3) and demethylsilybin A (T4), among which T1 and T2 were new compounds. Their chemical structures were identified by ESI-TOF/MS, H-1 NMR, C-13 NMR, HMBC and CD spectroscopic data. The bioassay results showed that the transformation products T1-T4 exhibited significant inhibitory activities on Alzheimer's amyloid-beta 42 (A beta(2)(42)) aggregation with IC50 values at 7.49 mu M-10.46 mu M, which were comparable with that of the positive control (epigallocatechin gallate, EGCG(3), at 9.01 mu M) and much lower than those of their parent compounds (at not less than 145.10 mu M). The method of biotransformation by E. limosum ZL-II explored a way to develop the new and active lead compounds in Alzheimer's disease from Silybi Fructus. However, the transformation products T1-T4 exhibited decreased inhibitory activities against human tumor cell lines comparing with their parent compounds. (C) 2013 Elsevier B.V. All rights reserved.http://gateway.webofknowledge.com/gateway/Gateway.cgi?GWVersion=2&SrcApp=PARTNER_APP&SrcAuth=LinksAMR&KeyUT=WOS:000331420300008&DestLinkType=FullRecord&DestApp=ALL_WOS&UsrCustomerID=8e1609b174ce4e31116a60747a720701Chemistry, MedicinalPharmacology & PharmacySCI(E)[email protected]; [email protected]
Glooiingsconstructies
Dit boekje bevat vier tekeningen van details van dijkverbeteringswerken in Zeeland. Het zijn voorbeelden van dwarsprofielen en details van de glooiingsconstructie. De werken zijn uitgevoerd door het projectbureau Zeeweringen, een samenwerkingsverband van Rijkswaterstaat, directie Zeeland en het Waterschap Zeeuwse Eilanden. Van de tekeningen zijn hoge resolutiescans opgenomen in de beeldbank van de TU Delft.KWP-collectio
New Necessary Conditions for the Existence of Difference Sets without Self-Conjugacy
AbstractWe get a generalization of a lemma of Arasu and Ma, and as an application, we get necessary conditions for the existence of difference sets without self-conjugate conditions. We also prove some results on Lander's conjecture
Regulation and public acceptance of transgenic crops in China
Biotechnology & Applied MicrobiologyPlant SciencesCPCI-S(ISTP)
Konfrontatie sedimenttransportformules met metingen van het suspensief zandtransport in de Westerschelde en de Eendracht
Er zijn betrekkelijk weinig literatuurgegevens over het sedimenttransport onder omstandigheden van een fijnzandige bodem, een waterdiepte van minder dan 5 m en een stroomsnelheid groter dan mis. In deze nota worden, als aanvulling op onderzoek door het WL in dit bereik, gegevens gepresenteerd van bij genoemde omstandigheden gemeten transporten in de Westerschelde en de Eendracht. De resultaten worden vervolgens vergeleken met voorspellingen van het evenwichtstransport volgens formules van Engelund en Hansen, Morra & Kalinske en Van Rijn. Met deze formules zijn berekeningen uitgevoerd met een vaste waarden van de ruwheidslengte (ks) zoals aangenomen bij de berekeningen van de zandsluitingen van de Compartimenteringswerken en met een variabele ruwheid als funktie van de stroomsnelheid. Tevens wordt van enkele gedetailleerde metingen het verloop van de vertikale gradiënt van de zandkoncentratie vergeleken met berekeningen daarvan
De sedimentbalans van de gesloten Hollandse kust over de periode 1963 tot 1986
In het kader van het project 'Kustgenese' is er naar gestreefd een zo betrouwbaar mogelijke zandbalans van de gesloten Hollandse kust op te stellen. De resultaten ervan zullen in deze nota besproken worden. De basis van de balans is een morfologisch databestand, de zogenaamde 'Jarkus'-metingen. Dit zijn jaarlijkse opnames van de hoogte- (duin en strand) en diepteligging (onderwateroever) van een circa 1000 meter lang profiel, loodrecht op de kust. De onderlinge afstam tussen de profielen bedraagt ongeveer 250 meter. Om de vijf jaar wordt iedere kilometer tot 2500 à 3000 meter uit de kust gemeten(de zogenaamde 'kustdoorloding'). De meetgegevens zijn zoveel mogelijk gezuiverd van hiaten en fouten. Bij verscheidene jaren zijn de data aan de landwaartse zijde aangevuld met behulp van 'Kust- en Oeverkaarteringen' ten einde dát deel van de duinstrook dat, zoals in deze nota blijkt, een wezenlijke bijdrage aan de zandbalans levert, in de berekeningen mee te nemen. Van een aantal gebieden en voor ieder gemeten jaar vanaf 1965 is de inhoud ten opzichte van een referentievlak bepaald. Het jaarlijkse sedimentverlies c.q. -winst van het betreffende vak komt overeen met de waarde van de regressiecoëfficient volgend uit een lineaire trendberekening over de verschillende inhouden van de beschikbare jaren. De betrouwbaarheid van de balans wordt mede bepaald door de opgelegde meetfrequentie in ruimte en tijd. Ook al vanwege de mogelijk grotere lodingsfout dienen de aan de hand van de doorlodingen bepaalde resultaten altijd aan een nadere kritische beschouwing onderworpen te worden. Op basis van de in deze nota beschreven methode verliest noch wint het kustvak tussen Den Helder en Hoek van Holland, uitgezonderd de van de buitendelta van het Zeegat van Texel deel uitmakende kustdelen, jaarlijks enige hoeveelheid zand van betekenis. Dit is een netto bedrag; met andere woorden, bovenstaande wil niet zeggen dat de gesloten Hollandse kust morfoloqisch in ruste is. De bruto hoeveelheden op basis van kilometervakken bedragen circa 1,80 miljoen m3/jaar aanzanding tegen een ongeveer gelijk bedrag voor erosie. De huidige duinstrook doet dienst als belangrijke zandvang: Jaarlijks stuift netto gemiddeld 3 tot 3.5 m3 zand per meter kustlengte de duinen in. Voorde aanzandendekustgedeelten is dit gemiddeld ongeveer 10m3/m. De aanzanding in de duinen ligt in dezelfde orde van grootte als de erosie op de onderwateroever (= brandingszone + onderzeese oever (tot zo'n 2,5 à 3 km uit de kust)). In langsrichting sluit de balans redelijk aan bij het bekende (Edelman-)beeld: aanzanding in Rijnland, erosie in Delfland en Noord-Holland. Bijlagen 1 t/m 4 geven voor de verschillende dwars op de kust gedefinieerde stroken de erosie- en sedimentatiecijfers per kilometer. De bijlagen 5 t/m 10 doen dit zelfde voor 10 kilometer vakken. Tenslotte is de jaarlijkse variatie om de trend naar grootte ingeschat. Er blijkt dat in één jaar tijd maximaal 2 tot 3.10^6 m3 sediment kan uitwisselen tussen strand/duin en brandingszone/onderzeese oever. De variaties om de trend laten langs de kust een redelijk consistent beeld zien.Kustgenes
Persistent currents in a normal metallic loop connected with a normal metal and a superconductor
We have studied the effect of the Andreev reflection on the persistent currents in a normal metallic loop connected with a normal metal and a superconductor. It consist of two parts, one contributed by electrons and one by holes. They are periodic with a period equal to a single flux quantum, phi(0), versus the threading magnetic flux and pi versus the length of the lead bridging between the loop and the superconductor. They have sharp peaks at the gap edge. Both the sum of persistent currents and the electronic part increase to a same constant, but the hole part decreases to zero with the barrier strength rising to infinity.Physics, AppliedPhysics, Condensed MatterPhysics, MathematicalSCI(E)0ARTICLE5181-1911
海外大学的地理信息系统(GIS)专业课程设置
Author name used in this publication: LI Zhi-lin2003-2004 > Academic research: refereed > Publication in refereed journalVersion of RecordPublishedVoR allowe
- …
