921 research outputs found

    Les Observations sur l'éloquence de l'abbé de Saint-Pierre

    No full text
    Abbé de Saint-Pierre : Observations sur l'éloquence. Presented by Lawrence Kerslake. Many of the abbé de Saint-Pierre's writings remain little-known or even unpublished. The Observations sur l'éloquence constitute his chief discussion of literature. A preliminary draft appeared in the Mercure in 1726, but the work subsequently underwent two major revisions, both states represented in Ms. R.248 of the Bibliothèque publique et universitaire in Neuchâtel. A further copy (BNF. N.a.fr. 11232), with a few additional changes, is published here. The ideas in the text show the author to be a 'Modern' in his position on beauty and literary effect, and reflect his life-long concern for the improvement of his fellow-citizens.Kerslake L.C. Les Observations sur l'éloquence de l'abbé de Saint-Pierre. In: Dix-huitième Siècle, n°31, 1999. Mouvement des sciences et esthétique(s) sous la direction de Christine Rolland, François Azouvi et Michel Baridon. pp. 305-328

    A metamolecule antenna for coplanar waveguides

    No full text
    We report on a metamolecule antenna, based on a fish-scale design but augmented with two split-ring resonators (SRRs) placed within the fish-scale loops. The properties of the antenna resonator, with and without additional SRRs, were examined using finite element method simulations (COMSOL Multiphysics). The simulation findings were subsequently confirmed experimentally, using a vector network analyser coupled to an antenna-loaded coplanar waveguide (CPW). The addition of SRRs to the fish-scale meta-molecule leads to a demonstrably large increase in microwave-absorption. It is shown that the fish-scale/SRR/CPW combination performs as a microwave antenna. Simulations of the antenna gain and far-field emission are presented and discussed

    A economia política de Rio Branco

    No full text
    The author uses the Luís Cláudio Villafañe's book, Juca Paranhos, o barão do Rio Branco (Villafañe, L.C. Juca Paranhos: o Barão do Rio Branco. São Paulo: Companhia das Letras, 2018, 560p) to overview how the Paranhos performed in the specific field of economic diplomacy.  O autor utiliza o volume de Luís Cláudio Villafañe G. Santos, Juca Paranhos, o barão do Rio Branco (Villafañe, L.C. Juca Paranhos: o Barão do Rio Branco. São Paulo: Companhia das Letras, 2018, 560p) para examinar a atuação do barão do Rio Branco em matéria econômica. &nbsp

    Swash zone sediment transport

    No full text
    The coastal area is a busy area, many people live in these areas or use the coastal area for recreational purposes. The beach profile in the coastal area is continuously changing under the changing field conditions. These changes are induced by the changing sediment transports in the sea under changing field conditions. Several models have been developed to simulate and predict these changes in sediment transport and their related profile changes. However, these models fail in a region close to the shoreline, since the parameterized wave models (like Battjes Janssen, 1978) fail in this region. In this thesis a model has been developed to compute the sediment transport rates up to zero meter water depth. This Inner Surf Zone (ISZ) sediment transport model is based on the ISZ model of Aarninkhof, 2000, which models the wave height decay and the associated flow field up to zero meter water depth. The ISZ sediment transport model uses the energy approach of Bailard (1963;1966) for the sediment transport computations. According to Bailard the sediment transport is related to the work done by the fluid, the dissipated energy. The sediment transport is divided in two layers in the ISZ sediment transport model, an upper and a lower layer. In the lower layer suspended and bed load sediment transport is taken into account. In the upper layer only suspended sediment transport is computed, based on the shear stresses near the bottom. The sediment concentrations in the upper layer are assumed to decrease, when the water depth increases, resulting in a decreasing sediment transport in the upper layer. Implementation of this assumption by an empirical formula into the model works encouraging well. The model is calibrated against the tests of Koomans in the Scheldt flume (2000). The model is valid for spilling breaking and the computation area is determined by the non-linearity parameter of the waves. The non-linearity parameter depends on the wave period and so does the range of the model. Different field conditions have been investigated in this thesis. Changing transport rates for varying beach slope and sediment composition can be modelled encouragingly well by the developed ISZ sediment transport model. The ISZ sediment transport model requires adjustment when field conditions like wave height and wave period change, since the friction factor and the sediment concentrations change under changing field conditions. Based on the described changes in sediment transport in literature, under these changing field conditions, a recommendation is made how to adjust the model parameters. The friction and the bed/suspended load efficiency factors are used to represent the described changes in sediment transport under these changing field conditions.Civil Engineering and Geoscience

    IVO-karterende fase zonnepark Groot Roodehaan, gemeente Groningen (GR)

    No full text
    Laagland Archeologie heeft in april 2021 een karterend booronderzoek uitgevoerd ter plaatse van het toekomstige zonnepark Groot Roodehaan ten oosten van de stad Groningen. Het gebied, nu nog in gebruik als weiland, bevindt zich tussen de Winschoterweg in het zuiden en de Engelbertweg in het noorden. Het onderzoek vond plaats in verband met de ruimtelijke procedure rondom het realiseren van een zonnepark. Dit karterend onderzoek is een aanvulling op eerder uitgevoerde bureau- en verkennende booronderzoeken. Bij deze verkennende onderzoeken is langs voormalige getijdegeulen een vegetatiehorizont aangetroffen. Deze zones hebben een hoge archeologische verwachting gekregen voor de periode bronstijd – middeleeuwen. Een karterend vervolgonderzoek werd in geval van bodemverstoring aanbevolen. Bij het karterend booronderzoek is het boorgrid van het verkennend booronderzoek verdicht om eventuele vindplaatsen, die zich zou kunnen manifesteren als een archeologische laag, op te sporen. Archeologische indicatoren konden worden verwacht in de humeuze laag, die eerder bij de verkennende boringen werd aangetroffen. Er zijn 18 karterende boringen gezet tussen de verkennende boorlocaties. Bij het karterend onderzoek zijn geen archeologische indicatoren in de vegetatiehorizont aangetroffen. De kans dat er nog archeologische resten in het plangebied aanwezig zijn wordt zeer klein geacht. Het wordt derhalve geadviseerd geen archeologisch vervolgonderzoek in het plangebied uit te voeren en het plangebied vrij te geven voor het aspect archeologie. De implementatie van dit advies is in handen van de bevoegde overheid, de gemeente Groningen. De heer Akkerman is op de hoogte gebracht van de resultaten van dit onderzoek direct na afronding ervan en was akkoord met de bevinden. Mochten tijdens de werkzaamheden onverhoopt toch archeologische resten worden aangetroffen, of resten waarvan redelijkerwijze kan worden vermoed dat het om archeologische resten gaat, dan geldt op grond van de Erfgoedwet (art. 5.10) een meldingsplicht. Dit kan bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE, www.cultureelerfgoed) en bij de betreffende gemeente Groningen

    IVO-karterende fase zonnepark Groot Roodehaan, gemeente Groningen (GR)

    No full text
    Laagland Archeologie heeft in april 2021 een karterend booronderzoek uitgevoerd ter plaatse van het toekomstige zonnepark Groot Roodehaan ten oosten van de stad Groningen. Het gebied, nu nog in gebruik als weiland, bevindt zich tussen de Winschoterweg in het zuiden en de Engelbertweg in het noorden. Het onderzoek vond plaats in verband met de ruimtelijke procedure rondom het realiseren van een zonnepark. Dit karterend onderzoek is een aanvulling op eerder uitgevoerde bureau- en verkennende booronderzoeken. Bij deze verkennende onderzoeken is langs voormalige getijdegeulen een vegetatiehorizont aangetroffen. Deze zones hebben een hoge archeologische verwachting gekregen voor de periode bronstijd – middeleeuwen. Een karterend vervolgonderzoek werd in geval van bodemverstoring aanbevolen. Bij het karterend booronderzoek is het boorgrid van het verkennend booronderzoek verdicht om eventuele vindplaatsen, die zich zou kunnen manifesteren als een archeologische laag, op te sporen. Archeologische indicatoren konden worden verwacht in de humeuze laag, die eerder bij de verkennende boringen werd aangetroffen. Er zijn 18 karterende boringen gezet tussen de verkennende boorlocaties. Bij het karterend onderzoek zijn geen archeologische indicatoren in de vegetatiehorizont aangetroffen. De kans dat er nog archeologische resten in het plangebied aanwezig zijn wordt zeer klein geacht. Het wordt derhalve geadviseerd geen archeologisch vervolgonderzoek in het plangebied uit te voeren en het plangebied vrij te geven voor het aspect archeologie. De implementatie van dit advies is in handen van de bevoegde overheid, de gemeente Groningen. De heer Akkerman is op de hoogte gebracht van de resultaten van dit onderzoek direct na afronding ervan en was akkoord met de bevinden. Mochten tijdens de werkzaamheden onverhoopt toch archeologische resten worden aangetroffen, of resten waarvan redelijkerwijze kan worden vermoed dat het om archeologische resten gaat, dan geldt op grond van de Erfgoedwet (art. 5.10) een meldingsplicht. Dit kan bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE, www.cultureelerfgoed) en bij de betreffende gemeente Groningen

    Stéréo types de genre dans la pratique de l'urbanisme

    No full text
    UrbanismArchitecture and The Built Environmen

    La correspondance de Madame de Graffigny

    No full text
    J. A. Dainard et al. : Mme de Graffigny's correspondence. The purpose of this article is to announce a critical edition of the correspondence of Madame de Graffigny, by a team of researchers mainly from the University of Toronto. The interest and usefulness of such an edition are demonstrated, and the historical background of the author and her letters is given. In the appendices are to be found the text of an unpublished letter and inventories of the letters already discovered by the editors, including a guide to the Graffigny Papers at Yale University, where the majority of manuscript letters are located. Readers are asked to write to the general editor if they know of letters not mentioned in the article.Dainard J.A., Allan Peter, Showalter English, Boursier Nicole, Curtis Judith, Kerslake L.C., Smith David W., Trott David A., Walker E. A. La correspondance de Madame de Graffigny. In: Dix-huitième Siècle, n°10, 1978. Qu'est-ce que les Lumières ? pp. 379-394

    Gieterveen, Streek 17 (Gemeente Aa en Hunze) Een verkennend booronderzoek. ArGeoBoor rapport 1390

    No full text
    De volgende archeologische verwachting is opgesteld. Indien intacte dekzandafzettingen, die gekenmerkt worden door een podzolgrond, aanwezig zijn dan bestaat er een kans op de aanwezigheid van vindplaatsen uit het laat-paleolithicum en mesolithicum binnen het plangebied. De kans op bodemverstoring door diepwoelen en ploegen wordt groot gezien het gebruik van de grond als akkerland groot geacht Uit het verkennend booronderzoek is gebleken dat de bodem als gevolg van grondbewerking sterk geroerd is. Op basis van het verkennend booronderzoek worden binnen het plangebied geen behoudenswaardige archeologische resten meer verwacht. Het wordt geadviseerd om geen archeologisch vervolgonderzoek binnen het plangebied uit te voeren

    El estado de la investigación en educación en cirugía general en colombia (2000-2020): un análisis bibliométrico

    No full text
    18 páginasIntroduction. The state of research in medical education in general surgery (IEMC) in Colombia in the XXI century is unknown. The objective of this bibliometric review of the literature is to conduct an analysis of the publications related to the IEMC in Colombia from the year 2000. Methods. Original articles, written in Spanish or English, published by research groups that have at least one Colombian researcher as main author or co-author, were included. Demographic variables and bibliometric indicators were defined for each study and author. Results. A total of 63 studies were included. Publications predominantly focused on wellness research, clinical teaching, and simulation at the graduate level; 36% of the articles on IEMC were published in non-indexed journals (ISI / SCOPUS), 13 articles (20.6%) were published in journals in quartile 1 (Q1). The average number of citations per article was 9.3. Discussion. Intellectual production in Colombian surgery education shows low impact at international level. These findings can be used to prioritize research in surgical education in the country. © 2021, Asociacion Colombiana de Cirugia. All rights reserved
    corecore