WODC Repository
Not a member yet
    3500 research outputs found

    Conditional discretionary dismissal among perpetrators of domestic violence (full text only available in Dutch)

    No full text
    The current study examined how the imposition of conditional discretionary dismissals among perpetrators of domestic violence takes shape in practice and to what extent conditional discretionary dismissals are effective in reducing (domestic violence) recidivism among perpetrators of domestic violence. The research group consisted of 5,374 perpetrators of domestic violence with a conditional discretionary dismissal in 2014 to 2016. The control group consisted of 2,929 perpetrators of domestic violence with an unconditional discretionary dismissal in the same period. This study is part of a five-year research program into recidivism among perpetrators of domestic violence.In de onderhavige studie is in kaart gebracht hoe de oplegging van voorwaardelijke beleidssepots bij huiselijk gewelddaders in de praktijk vorm krijgt en in hoeverre voorwaardelijke beleidssepots effectief zijn in het terugdringen van (huiselijk gewelds)recidive onder huiselijk gewelddaders. De studie maakt deel uit van het vijfjarige onderzoeksprogramma naar de recidive onder huiselijk gewelddaders. De volgend onderzoeksvragen zijn beantwoord: 1. Bij hoeveel daders van huiselijk geweld met een voorwaardelijk beleidssepot heeft de reclassering een advies uitgebracht over hoe de zaak af te doen en wat was het advies? 2. Wat zijn de kenmerken van de voorwaardelijk beleidssepots die zijn opgelegd bij daders van huiselijk geweld? a. Wat zijn de sepotgronden? b. Bij welk deel van de daders zijn bijzondere voorwaarden opgelegd en welke bijzondere voorwaarden zijn opgelegd? 3. Welke afwegingen maken reclasseringsmedewerkers en officieren van justitie in huiselijk geweldstrafzaken bij het respectievelijk adviseren en opleggen van een voorwaardelijk beleidssepot en de voorwaarden? 4. Hoe verhoudt de (huiselijk gewelds)recidive van huiselijk gewelddaders met een voorwaardelijk beleidssepot (onderzoeksgroep) zich tot de recidive van vergelijkbare huiselijk gewelddaders met een onvoorwaardelijk beleidssepot (controlegroep)? 5. Hoe verhoudt de (huiselijk gewelds)recidive van huiselijk gewelddaders met een voorwaardelijk beleidssepot met bijzondere voorwaarden (onderzoeksgroep A) zich tot de recidive van vergelijkbare huiselijk gewelddaders met een voorwaardelijk beleidssepot zonder bijzondere voorwaarden en dus enkel de algemene voorwaarde (onderzoeksgroep B)

    Inventory of research and knowledge and initial assessment and characterisation of the Bin Laden Archive

    Get PDF
    This study provides an overview of the current knowledge on Al Qa’ida and an initial assessment and characterisation of the Bin Laden Archive In 2017, the United States Central Intelligence Agency (CIA) disclosed approximately 470,000 files recovered in Abbottabad (Pakistan) during the 2011 raid on Osama Bin Laden’s compound (‘the Bin Laden Archive’). According to data provided by the CIA on its website, the Bin Laden Archive (‘the Archive’ henceforth) comprises a wide array of original files from devices collected during the Abbottabad raid that are presumed to have belonged to Osama Bin Laden and other occupants of the compound he lived in. This study aims to: 1. Produce an inventory of current knowledge on Al Qa’ida and of completed and ongoing research on the Bin Laden Archive (Phase I); and 2. Conduct an initial assessment and characterisation of the Bin Laden Archive (Phase II). CONTENTS: 1. Introduction, 2. Al Qa'ida's historical trajectory, 3. Al Qa'ida's ideology, 4. Al Qa'ida's strategy, 5.. Al Qa'ida's organisation, 6. Previous and ongoing research on the Bin Laden Archive, 7. Image analysis, 8. Audio analysis, 9. Video analysis, 10. Text analysis, 11. Bin Laden journal analysis, 12. ConclusionsDit onderzoek biedt een overzicht van de huidige inzichten over Al Qa’ida en een eerste analyse en categorisering van het ‘Bin Laden-archief’ In 2017 openbaarde de Central Intelligence Agency (CIA) van de Verenigde Staten (VS) ongeveer 470.000 bestanden die waren gevonden tijdens de inval in de woning van Osama Bin Laden in Abbottabad (Pakistan) in 2011, het zogenaamde ‘Bin Laden-archief’. Volgens de gegevens op de website van de CIA bestaat het Bin Laden-archief uit een uitgebreide verzameling van originele bestanden afkomstig van apparaten die zijn meegenomen tijdens de inval in Abbottabad en die verondersteld worden te zijn geweest van Osama Bin Laden en andere bewoners van de woning

    Juvenile Crime Monitor 2020 - Developments in juvenile crime during the first two decades of the 21st century

    Get PDF
    The Juvenile Crime Monitor 2020 provides a broad, multi-method and multi-source overview of juvenile crime developments in the Netherlands from 2000 up to (and sometimes including) 2020, with an emphasis on 2015 and onward. The Juvenile Crime Monitor 2020 uses police data on juvenile suspects, prosecution and court data on convicted offenders and sanctions, and self-report data from a representative Dutch juvenile sample. By using multiple sources, examined developments are less selective and biased, than when only a single source is used. Furthermore, several age groups are distinguished: children aged 10 to 11, minors aged 12 to 17, and young adults aged 18 to 22; most data concerns ages 12 and older. Besides traditional crime, cyber-dependent and cyber-enabled crime is examined as well. Not all sources used are yet able to provide information on 2020, which can be considered a special year due to the start of the COVID-19 pandemic, with only self-report and police data able to provide general data on this year.In de tweejaarlijkse Monitor Jeugdcriminaliteit (MJC) zijn de ontwikkelingen in de jeugdcriminaliteit in de periode 2000 tot 2020 beschreven. Het doel van de MJC is een breed overzicht te geven van de ontwikkelingen in de jeugdcriminaliteit in Nederland en omringende landen, waarbij de nadruk ligt op de jaren 2015 tot 2020. Hiervoor wordt gebruikgemaakt van gegevens uit verschillende bronnen: naast gegevens van politie en justitie over jeugdige verdachten, veroordeelde daders en afdoeningen door politie, het Openbaar Ministerie (OM) en de rechterlijke macht (ZM), bevat deze editie ook gegevens over zelfgerapporteerd daderschap op basis van een representatieve steekproef onder Nederlandse jongeren. De ontwikkelingen worden apart beschreven voor twaalfminners (10- tot 12-jarigen), minderjarigen (12- tot 18-jarigen) en jongvolwassenen (18- tot 23-jarigen), met de nadruk op de oudste twee leeftijdsgroepen. Naast ontwikkelingen in de traditionele criminaliteit worden ook ontwikkelingen in cyber- en gedigitaliseerde criminaliteit beschreven. Daarnaast zijn over zelfgerapporteerd daderschap en geregistreerde verdachten enkele algemene gegevens over (een deel van) 2020 meegenomen, dat vanwege de COVID-19-maatregelen een bijzonder jaar was. Daarmee bestrijkt deze MJC hoofdzakelijk de ontwikkelingen in de periode 2000 tot 2020 met een eerste algemene doorkijk naar het jaar 2020

    Rejoycing freedom? A plan- and process evaluation of ten “Direction and opportunities”-pilots aimed at the reintegration of ex-prisoners (full text only available in Dutch)

    No full text
    In 2015, the Ministry of Justice and Security launched the “Direction and opportunities for sanction enforcement” program. With this program, the ministry wants to make the execution of sanctions robust and flexible. But above all, it is about reducing the recidivism of ex-prisoners. The program aims to stimulate innovative projects from local practice, collect learning experiences, and identify, maintain and further implement the successful projects or parts thereof. Within the framework of the program, a plan and process evaluation was carried out of a total of ten pilot projects. These ten projects are specifically aimed at reintegration and thus prevention of recidivism of ex-prisoners. This report reports on this plan and process evaluation.In 2015 startte het ministerie van Justitie en Veiligheid het programma Koers en kansen voor de sanctie-uitvoering. Met het programma wil het ministerie de sanctie-uitvoering robuust én flexibel maken. Maar bovenal gaat het erom de recidive van ex-gedetineerden omlaag te krijgen. Het programma wil vernieuwende projecten uit de lokale praktijk stimuleren, leerervaringen verzamelen, en de succesvolle projecten of onderdelen daarvan benoemen, behouden en verder implementeren. In het kader van het programma is een plan- en een procesevaluatie gedaan van in totaal tien pilotprojecten. Deze tien projecten zijn specifiek gericht op re-integratie en daarmee op het voorkomen van recidive van ex-gedetineerden. In dit rapport wordt verslag gedaan van deze plan- en procesevaluatie. Het doel van het onderzoek is: Inzicht krijgen in de ervaringen met en de ervaren impact van een selectie van projecten/interventies die in het programma Koers en kansen zijn opgenomen, gericht op (i) de re-integratie van (ex-) gedetineerden en (ii) de samenwerking tussen gemeenten, zorg en de overige netwerkpartners in het justitiedomein. INHOUD: 1. Inleiding en achtergrond 2. Re-integratie en recidivebeperking: effectieve interventies 3. Programmalogica van tien Koers en kansen-pilotprojecten 4. Planevaluatie van de pilotprojecten 5. Planevaluatie: beantwoording onderzoeksvragen 6. Procesevaluatie: inleiding en werkwijze 7. De uitvoeringspraktijken in de onderzochte pilots 8. Procesevaluatie: beantwoording onderzoeksvrage

    Child (protection) law and migration law; A legal-empirical analysis (full text only available in Dutch)

    No full text
    This research aims to provide insight into the convergence of child (protection) law and migration law regarding minors by investigating where tensions or difficulties arise between the two fields of law, at both the legal and policy levels as well as in practice, including whether and to what extent legal norms from one area of law prevail over those from the other. Where the supremacy of legal norms cannot clearly be derived from laws and regulations, other, more practical, solutions are explored. The primary research question has been formulated as follows:`Which aspects of the laws and regulations for child protection law and migration law regarding minors hold potential for conflict, regarding both the level of laws and regulations and their implementation in practice, and to what extent does it become clear from the laws and regulations which law prevails? How can conflicts and tensions be resolved in situations where it is not clear from laws and regulations which law prevails, and what is needed to solve these conflicts and tensions?Aanleiding voor dit onderzoek vormden spanningen die kunnen bestaan tussen het (jeugd)beschermingsrecht en het vreemdelingenrecht, zoals deze bijvoorbeeld naar voren zijn gekomen in de gebeurtenissen omtrent de casus van de Armeense kinderen.1 Het onderzoek bestond uit twee delen 1) de algemene wettelijke kaders en beleidskaders; 2) de knelpunten in de praktijk, met een nadere uitwerking van wettelijke en beleidsnormen in (een selectie van) deze knelpunten. Het onderzoek had als doel inzicht te bieden in (de combinatie van) het jeugd(beschermings)recht en het vreemdelingenrecht ten aanzien van minderjarigen. Er is onderzocht waar spanningen of knelpunten tussen beide rechtsgebieden optreden, zowel op het niveau van wet- en regelgeving als in de uitvoeringspraktijk. Daarbij is onder meer bekeken of, en zo ja in hoeverre, rechtsnormen uit het ene rechtsgebied prevaleren over rechtsnormen uit het andere rechtsgebied. Waar het prevaleren van rechtsnormen niet op heldere wijze uit de wet- en regelgeving voortvloeit, zijn andere (praktijkgerichte) oplossingsrichtingen verkend. De probleemstelling van het onderzoek luidt: Welke zijn de (potentieel) conflicterende en/of spanningsvolle onderdelen of aspecten in de wet- en regelgeving voor het jeugdbeschermingsrecht en het vreemdelingenrecht ten aanzien van minderjarigen, zowel op het niveau van de wet- en regelgeving als voor de uitvoering in de praktijk en in hoeverre blijkt uit de wet- en regelgeving welk recht prevaleert? Hoe kunnen de (ervaren) spanningen en conflicten worden opgelost in situaties waarin niet uit de wet- en regelgeving blijkt welk recht prevaleert en wat is hiervoor nodig? INHOUD: 1. Introductie 2. Jeugd(beschermings)recht: relevante regelgeving en de rol van jeugdrechtelijke instanties 3. De positie van het kind in het vreemdelingenrecht 4. Kernbevoegdheden en taken van gecertificeerde instellingen, RvdK, IND en DT&V 5. Tussenconclusies en beantwoording van deelvragen 6. De uiteenlopende juridische posities van kinderen die wel, en kinderen die niet onder toezicht zijn gesteld 7. Duurzame oplossingen voor uitgeprocedeerde alleenstaande minderjarige vreemdelingen: adequate opvang, buitenschuld en de rolverdeling tussen de betrokken actoren 8. Conclusie

    PNR Act review (full text only available in Dutch)

    No full text
    On 18 June 2019, the Dutch Act on the Use of Passenger Data to Combat Terrorist and Serious Crimes (PNR Act) entered into force. This Act requires airlines to provide passenger data from every flight departing or arriving in the Netherlands to the Passenger Information Unit Netherlands (Pi-NL). Under that law, Pi-NL may process passenger data collected only for the purpose of preventing, detecting, investigating and prosecuting terrorist offences and serious crime. With the adoption of the PNR Act, the Dutch legislator is fulfilling its duty to implement EU Directive 2016/681 (PNR Directive). This research fulfils the obligation in Article 25 of the PNR Act that, two years after the entry into force of the Act, a review should be conducted of its effectiveness and impact in practice. This review also focuses on compliance with privacy safeguards and on the processing of passenger data from intra-EU flights. The period covered by this review is from the Act's entry into force on 18 June 2019 to 5 July 2021.Op 18 juni 2019 is de Wet gebruik van passagiersgegevens voor de bestrijding van terroristische en ernstige misdrijven (PNR-wet) in werking getreden. Deze wet verplicht de luchtvaartmaatschappijen om passagiersgegevens van elke vlucht die in Nederland vertrekt of aankomt te verstrekken aan de Passagiersinformatie-eenheid Nederland (Pi-NL). De Pi-NL mag krachtens deze wet verzamelde passagiersgegevens uitsluitend verwerken voor het voorkomen, opsporen, onderzoeken en vervolgen van terroristische misdrijven en ernstige criminaliteit. Met de aanname van de PNR-wet voldoet de Nederlandse wetgever aan zijn plicht om de EU-richtlijn 2016/681 (PNR-richtlijn) te implementeren. Dit onderzoek vervult de verplichting uit artikel 25 van de PNR-wet dat twee jaar na de inwerkingtreding van de wet een evaluatie dient plaats te vinden van de doeltreffendheid en de effecten van deze wet in de praktijk. Deze evaluatie is ook gericht op de naleving van de privacywaarborgen en op de verwerking van passagiersgegevens van intra-EU-vluchten. De periode waarop deze evaluatie betrekking heeft, loopt van de inwerkingtreding van de wet op 18 juni 2019 tot 5 juli 2021. INHOUD: 1. Inleiding 2. Het wettelijk kader met betrekking tot PNR-gegevens 3. Het gebruik van de PNR-wet in cijfers 4. De rol van de passagiersgegevens in het werk van de opsporingsdiensten 5. Compliance met geldende privacynormen PNR-wet 6. Doeltreffendheid, noodzakelijkheid en evenredigheid verzameling intra-EU-passagiersgegevens 7. Bevindinge

    Deepfakes - The legal challenges of a synthetic society (full text only available in Dutch)

    No full text
    A deepfake is content (video, audio or otherwise) that is wholly or partially fabricated or existing content (video, audio or otherwise) that has been manipulated. Several technologies can be used for this purpose, but the most popular is based on what is known as Generative Adversarial Networks (GAN). GAN has pushed the technological boundaries and has improved the quality and resolution of the material produced, with low cost and time investment. The main question of this research project was whether the current legal regime is capable of adequately tackling the negative effects of deepfake technology and if not, what could be options for altering the legal regime.Een deepfake is beeld, geluid of ander materiaal dat geheel of gedeeltelijk is gefabriceerd of bestaand beeld, geluid of ander materiaal dat is gemanipuleerd met behulp van geavanceerde technische hulpmiddelen en dat niet of nauwelijks van echt te onderscheiden is. Deepfakes maken gebruik van Machine Learning technologie en Artificial Intelligence. Naast het ontdekken van patronen kunnen middels deze netwerken ook eenvoudig beelden en geluiden worden geproduceerd, die lijken en gebaseerd zijn op bestaand materiaal. Tegen deze achtergrond is de probleemstelling van dit onderzoek: ‘Dienen huidige en toekomstige onrechtmatige of strafwaardige uitingsvormen van deepfaketechnologie te leiden tot aanpassingen van de bestaande wetten en regels (met name de Uitvoeringswet AVG, het burgerlijk procesrecht en straf(proces)recht), of is bestaande wetgeving toereikend?

    Evaluation of local and flexible detention projects (full text only available in Dutch)

    No full text
    In 2015 the Direction and Opportunities of Sanction Enforcement programme was launched. As part of this programme various projects have been developed and carried out, five of which were selected to develop local and flexible detention and test it in practice. The five projects are characterised by the following aspects: - a small-scale facility; - collaboration across domains among various local partners; - activities that focus on limiting detention damage, the continuation of work, education, and/or care, and strengthening the (positive) social network of short-term detainees; - activities that aim to support reintegration and resocialisation and reduce the risk of recidivism. In this study, these five projects are evaluated, and their further development is supported. In addition, this study should lay the foundation for future evaluations.Het doel van dit onderzoek is om de vijf projecten, gericht op lokale en flexibele detentie, te evalueren en te ondersteunen in hun doorontwikkeling, en om een basis te leggen voor een toekomstige effect-evaluatie. Concreet biedt het onderzoek: - inzicht in de gestelde doelen, opzet en werkzame elementen van de vijf projecten; - (tussentijdse) suggesties ter verbetering en doorontwikkeling van de projecten; - indicatoren voor een toekomstige proces- en effectevaluatie van de projecten; - inzicht in de realisatie, knelpunten, succesfactoren en leerpunten van de projecten. Het onderzoek bestaat uit twee onderdelen: A. De planevaluaties en indicatoren voor toekomstige evaluaties. B. Evaluatie van de realisatie en leerpunten. INHOUD: 1. Inleiding 2. Planevaluaties 3. Evaluatie realisatie en leerpunten 4. Samenvatting en conclusie

    The impact of the COVID-19 crisis on the Dutch criminal justice system (full text only available in Dutch)

    No full text
    While it is tempting to blame the entire decline in production and backlog issues on COVID-19, the question is whether this is justified. Therefore, the main question is: what has been the net effect of COVID-19 on the criminal justice system? In this report, we assess the effect of the COVID-19 measures on crime and the criminal justice system. Firstly, the effect of COVID-19 on crime is estimated by means of a time series analysis on crime data. Secondly, the estimated models are used to make a prediction without COVID-19 effects, (i.e. a counterfactual prediction), which is then compared with the actual crime levels in 2020 and 2021. Finally, a long-standing forecasting model for the criminal justice system is used to assess the long-term effects of the declining number of suspects, shifts within crime categories, clearance of the court backlogs and the changing economic developments on the criminal justice system. In the following, we briefly described our findings for each step.Hoewel het verleidelijk is om de hele afname van de productie en de voorraadproblematiek aan COVID-19 te wijten, is de vraag of dit terecht is. De hoofdvraag van dit rapport is dan ook wat het netto-effect van COVID-19 op de strafrechtketen is geweest? In dit rapport beoordelen we het effect van de COVID-19-maatregelen op de criminaliteit en de strafrechtketen. Ten eerste wordt het effect van COVID-19 op criminaliteit ingeschat door middel van een tijdreeksanalyse op criminaliteitsgegevens, resulterend in een aantal geschatte tijdreeksmodellen. Ten tweede wordt met de geschatte modellen een voorspelling zonder COVID-19-effecten gemaakt, die vervolgens wordt afgezet tegen de werkelijke criminaliteit in 2020 en 2021. Tot slot worden met het Prognosemodel Justitiële Ketens de langetermijneffecten van het kleinere aantal verdachten, verschuivingen binnen delictcategorieën, het inhalen van de achterstanden bij de rechtbanken en de gewijzigde economische ontwikkelingen op de rest van de strafrechtketen bepaald

    National Risk Assessment on Money Laundering and Terrorist Financing 2021 - Bonaire, Sint Eustatius and Saba

    Get PDF
    In 2017 and 2019/2020, the WODC Research and Documentation Centre conducted a National Risk Assessment (NRA) in the areas of money laundering and terrorist financing for the European part of the Netherlands. In 2017/2018, the WODC conducted a separate NRA for the Caribbean Netherlands – Bonaire, Sint Eustatius and Saba (or the BES islands) – in the fields of money laundering and terrorist financing (See link). A second NRA on Money Laundering and Terrorist Financing has now been carried out for the Caribbean Netherlands, which aims to identify the greatest risks in the field of money laundering and terrorist financing. This concerns the risks with the 'greatest residual potential impact', or the impact that remains after taking into account the preventive and/or mitigating effect (the 'resilience') of the policy instruments that target these threats. To this end, the threats with the greatest potential impact have been identified, and estimates have been made of the impact that these threats may have and the resilience of the policy instruments. CONTENT: 1. Introduction 2. Research methodology 3. What makes the Carribbean Netherlands vulnerable to money laundering? 4. Insight into the largest threats in the field of money laundering 5. Resilience of the policy instruments 6. Largest money-laundering risks in de Caribbean Netherlands 7. Conclusion

    2,605

    full texts

    3,500

    metadata records
    Updated in last 30 days.
    WODC Repository
    Access Repository Dashboard
    Do you manage Open Research Online? Become a CORE Member to access insider analytics, issue reports and manage access to outputs from your repository in the CORE Repository Dashboard! 👇