WODC Repository
Not a member yet
    3500 research outputs found

    Recidive onder ex-werkgestraften en ex-ondertoezichtgestelde volwassenen

    Get PDF
    In deze factsheet wordt gerapporteerd over de recidive van volwassenen die een werkstraf uitvoerden en volwassenen die onder toezicht stonden van één van de reclasseringsorganisaties, te weten: Reclassering Nederland, de Stichting Verslavingsreclassering GGZ of het Leger des Heils Jeugdzorg & Reclassering. De werkstraf of het reclasseringstoezicht is in de periode 2012 tot en met 2019 beëindigd en vanaf dit moment is de recidive berekend. Tot juli 2022 is gekeken of deze personen nieuwe misdrijven hebben gepleegd die geleid hebben tot een strafzaak

    Evaluation Framework and Baseline Measurement Dutch Cybersecurity Strategy (NLCS) (full text only available in Dutch)

    No full text
    De Nederlandse Cybersecuritystrategie (NLCS) heeft een beleidshistorie van meer dan tien jaar. Om de digitale weerbaarheid van Nederland te vergroten heeft de Rijksoverheid in 2018 in samenwerking met publieke en private partijen, kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties de Nederlandse Cyber Security Agenda (NCSA) vastgesteld. De NCSA bouwde voort op de effecten die gerealiseerd waren bij de eerdere Nationale Cybersecurity strategieën uit 2011 en 2013. De NCSA bevatte zeven ambities die bijdroegen aan de volgende doelstelling: “Nederland is in staat om op een veilige wijze de economische en maatschappelijke kansen van digitalisering te verzilveren en de nationale veiligheid in het digitale domein te beschermen.” In 2021 voerde Dialogic een planevaluatie uit van deze agenda. Gegeven de lessen vanuit de NSCA, de gekozen opzet van de NLCS (combinatie van meerjarenstrategie en adaptief actieplan) en voorgaande observaties ten aanzien van de startsituatie en monitoringsmogelijkheden is aan Dialogic gevraagd om te komen tot een evaluatiekader en nulmeting van de NLCS. INHOUD Introductie De NLCS en het Actieplan Pijler 1: Digitale weerbaarheid van de overheid, bedrijven en maatschappelijke organisaties Pijler 2: Veilige en innovatieve digitale producten en diensten Pijler 3: Tegengaan van cybersecuritydreigingen van staten en criminelen Pijler 4: Cybersecurity-arbeidsmarkt, onderwijs en digitale weerbaarheid van burgers Monitoringskader Conclusies en aanbevelingenFollowing the Dutch Cyber Security Agenda (NSCA), the Dutch cabinet aims to increase the digital resilience of the Netherlands, strengthen the cybersecurity system, and address digital threats. To this end, the Dutch Cybersecurity Strategy (NLCS) has been formulated. In this strategy, the responsibility for safety and digital resilience shifts from end users more towards the government and sectors. Additionally, the strategy aims to be less non-committal than its predecessor. The NLCS specifies a clear long-term goal, with priorities, allocated budgets, and well-reasoned choices. Compared to the NCSA, the NLCS has been modified in several ways from an evaluation perspective. For instance, significant efforts have been made in establishing a monitoring structure by collectively considering the logic of policy deployment beforehand. However, a formal determination of the starting situation (a baseline measurement) is often still missing. Moreover, it happens that the formulated activities are not (well) suited for an effectiveness evaluation. Finally, due to more than 100 action lines, it is complicated to identify the focus and prioritization within the strategy. This also makes it difficult to determine the internal coherence between the activities and objectives of the strategy

    Learning together: a matter of prioritizing, facilitating and institutionalizing; Learning evaluation of the development of the business operations at the Dutch police (full text only available in Dutch)

    No full text
    De Politiewet 2012 heeft geleid tot een landelijk politiekorps. Doel hiervan was om de politie efficiënter en effectiever te maken. De verwachting was dat met name rondom de bedrijfsvoering, zoals taken rond ICT, informatievoorziening, inkoop en HRM, veel schaalvoordelen te behalen waren. De Commissie Kuijken concludeerde in 2017 echter dat het toewerken naar een gecentraliseerde bedrijfsvoering taai is gebleken. Sindsdien heeft de politie ingezet op een veranderbeweging richting een meer zelflerende bedrijfsvoering, onder meer via projecten van het Politiedienstencentrum (PDC) als PDC Next Level. De centrale vraagstelling van deze lerende evaluatie is: Welke veranderbeweging is er binnen de politie vanaf 2017/2018 op gang gekomen gericht op het verbeteren van de bedrijfsvoering en op een (meer) lerende en toekomstgerichte organisatie, welke versterkende of juist belemmerende mechanismen hebben daar een rol in gespeeld en wat is er nodig om de veranderbeweging door te ontwikkelen? INHOUD Deel I: De veranderbeweging Inleiding Analysekader veranderbeweging Analyse casussen Conclusies en lessen voor de toekomstDeel II: De veranderbeweging in vijf casussen Casus Robotic Process Automation (RPA) Casus NP Introductie Programma (NPIP) Causus Blue Portaal (BP) Casus Stroomstootwapen Casus decentrale activiteiten bewaken en beveiligen (B&B)The Police Act 2012 has led to a national police force. The aim was to make the Dutch police more efficient and effective. The expectation was that many economies of scale could be achieved, especially with regard to business operations, such as tasks related to ICT, information provision, purchasing and HRM. However, the Kuijken Committee in their evaluation concluded in 2017 that working towards centralized business operations has proven to be tough. Since then, the police have focused on a change movement towards a more self-learning system for the development and implementation of their services through projects of the Police Services Centre (Politiedienstencentrum PDC) such as PDC Next Level. At the request of the police, the Scientific Research and Data Centre (WODC) of the Ministry of Justice and Security commissioned a study into the state of this change movement. Specifically, the WODC wanted to know what the change movement was intended to achieve, to what extent the change movement had an effect and which mechanisms could further strengthen the change movement

    Indicators of aggression and violence - An exploration of indicators of aggression, and violence against police officers, firefighters and special investigating officers (Boas) (full text only available in Dutch)

    No full text
    Alle werkgevers zijn op basis van de Arbeidsomstandighedenwet (Arbo-wet) verplicht om een beleid te voeren dat erop is gericht om agressie en geweld te voorkomen of te beperken. De Arbowet, in artikel 5, verplicht werkgevers om de risico’s tot agressie en geweld in kaart te brengen in een Risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E). Het is van belang voor toekomstig beleid en toekomstige maatregelen dat er helderheid geschapen wordt over aard en omvang van agressie en geweld tegen verschillende beroepsgroepen, de aard van ongewenst gedrag en de contexten waarin dit plaatsvindt, op basis van valide en betrouwbare wetenschappelijke bronnen. In het onderzoek worden drie lijnen onderscheiden met elk hun eigen onderzoeksvragen. De onderzoeksvragen ten behoeve van de eerste onderzoekslijn: Welke voorstellen kunnen worden gedaan voor de afbakening van agressie en geweld jegens hulpverleners (primair politie, boa’s en brandweer) inclusief voorstellen voor een werkbare en zinvolle onderverdeling binnen agressie en geweld, rekening houdend met de uitvoerbaarheid van de verzameling van de benodigde data door o.a. de beroepsgroepen? Welke meetbare indicatoren zijn geschikt om (valide en betrouwbaar) de aard, omvang en trends van agressie en geweld jegens (primair) politieambtenaren, brandweerlieden en boa’s te bepalen? Welke contextuele indicatoren geven (op termijn) inzicht in maatschappelijke ontwikkelingen enerzijds en trends als het gaat om agressie en geweld tegen hulpverleners in het bijzonder anderzijds? Welke onderbouwde voorstellen zijn er om te komen tot een of meer gewogen indices van agressie en geweld mede aan de hand van de ontwikkelde indicatoren (zoals “de Cambridge Harm index”, nationale veiligheidsindices en de misdrijf-straf index van het WODC) met het doel om de indicatoren maximale en eenduidige betekenis te kunnen geven? De onderzoeksvragen ten behoeve van de tweede onderzoekslijn luiden: Hoe kunnen melden, registreren en aangifte doen bij politie, brandweer en boa’s in kaart worden gebracht? Op welke wijze zouden deze indicatoren gemeten kunnen worden door onder andere de beroepsgroepen (meetmethode)? Denk hierbij aan de eigen registratie door de werkgevers en/of aan een periodieke enquête systematiek onder hulpverleners en werkgevers. Hoe kunnen deze indicatoren en de daarvoor benodigde data worden verzameld door de beroepsgroepen en worden opgenomen in de registratiesystemen van politie, brandweer en boa’s zonder dat dit leidt tot onnodige administratieve lasten? Ten slotte de onderzoeksvraag ten behoeve van de derde onderzoekslijn: Welke concrete voorstellen kunnen op grond van de bevindingen van de lijnen 1 en 2 uit dit onderzoek worden gedaan om tot een duurzame data verzamelings- en registratiesystematiek te komen die aansluit bij de behoeften en mogelijkheden/ haalbaarheid van de beroepsgroepen en die het maximaal mogelijk maakt de door de verschillende beroepsgroepen verzamelde data met elkaar te vergelijken en er op termijn mechanismes en trends uit af te leiden. INHOUD Samenvatting Inleiding Definiëring van concepten en methodologie Melding en registratie van agressie en geweldsincidenten Handelingen naar aanleiding van incidenten Effecten van melding registratie, monitoring en vervolghandelingen Indicatoren van agressie en geweld Concretisering Alles overziendeThe consequences of aggression and violence against emergency workers and other professional groups are very diverse. The behaviour is morally and socially unacceptable. First, there are personal health consequences; in addition, an incident of violence affects the psychological resilience of employees. Such consequences may lead to absenteeism and staff turnover. As a result, work productivity comes under pressure. Understaffing, in turn, leads to an overload of work of colleagues. To get everything back on track, costs of therapy, counselling, recruitment, and selection of new staff are incurred. It is therefore important for future policy and measures that clarity is created on the nature and extent of aggression and violence against different professional groups, the nature of undesirable behaviour and the contexts in which it takes place, based on valid and reliable scientific sources

    Effectiveness of crime investigation methods - A literature review (full text only available in Dutch)

    No full text
    De probleemstelling van dit onderzoek luidt als volgt: Wat leert de wetenschappelijke literatuur over de effectiviteit van verschillende opsporingsactiviteiten, op welke manieren wordt effectiviteit gemeten, en welke lessen kunnen hieruit getrokken worden voor de Nederlandse politiepraktijk en beleid? Op grond van de probleemstelling zijn de volgende onderzoeksvragen geformuleerd: Wat leert de literatuur over de effectiviteit van verschillende politieactiviteiten op het gebied van opsporing, en hoe wordt dit onderbouwd? Welke lessen kunnen uit deze resultaten worden getrokken voor de Nederlandse politiepraktijk en het beleid? Welke aanknopingspunten biedt het beantwoorden van bovenstaande vragen voor (empirisch) vervolgonderzoek in de Nederlandse politiepraktijk?INHOUD Inleiding Onderzoeksopzet Uitvoering review Klassieke opsporingsmethoden Forensische opsporingsmethoden Gebruik van camerabeelden Digitale opsporing Gebruik van bijzondere opsporingsbevoegdheden (BOB) Internationale opsporing Financiële opsporingsmethoden Reflecties experts Conclusies en aanbevelingenThe leading question of this study is: What does the scientific literature teach us about the effectiveness of various investigative activities, how is effectiveness measured, and what lessons can be drawn for Dutch police practice and policy? Based on the leading question, we formulated the following research questions: What does the literature teach us about the effectiveness of various police investigative activities, and how is this substantiated? What lessons can we draw from these results for Dutch police practice and policy? What leads for (empirical) follow-up research in Dutch police practice does answering the above questions offer

    Exploration of awareness of state threats within the Dutch port and knowledge sectors (full text only available in Dutch)

    No full text
    Grootmachten dienen kritisch gevolgd te worden. Onderlinge relaties en afzonderlijke ambities van grootmachten hebben namelijk gevolgen voor de Nederlandse samenleving. Samenwerkingen met mensen, bedrijven en overheden uit autocratische staten (ook kleinere) dienen kritisch gevolgd te worden. De balans tussen positieve en negatieve gevolgen voor hen en onze samenlevingen is precair. In deze studie is onderzocht hoe men zich hiervan rekenschap geeft in de Nederlandse havensector en kennissector. Het is namelijk juist de kracht van ons maritieme transport en onze kenniseconomie die ook onze nationale zwakte kan vormen door dreiging vanuit buitenlandse mogendheden. Om deze reden is het van belang te achterhalen in hoeverre de havensector en de kennissector zich bewust zijn van statelijke dreiging. INHOUD Introductie Statelijke dreiging en bewustzijn nader beschouwd Methodologie Media als storyteller Bewustzijn in retrospectief Nieuw kritisch bewustzijn De verantwoordelijke(n) Conclusie en onderzoeksaanbevelingenGreat powers should be critically monitored as their mutual relations and individual ambitions have implications for Dutch society. Collaborations with people, companies, and governments from autocratic states (including smaller ones) should be critically monitored, as the balance between positive and negative effects for them and our societies is precarious. This study investigates how awareness of this is accounted for in the Dutch port and knowledge sectors. It is precisely the strength of our maritime transport and knowledge economy that can also form our national weakness due to threats from foreign powers. Therefore, it is important to determine the extent to which the port and knowledge sectors are aware of state threats

    Barriers to access to justice in the Netherlands (full text only available in Dutch)

    No full text
    Het WODC doet sinds 2003 elke vijf jaar onderzoek naar de potentieel juridische problemen van de Nederlandse bevolking: de Geschilbeslechtingsdelta’s. In de meest recente meting – over de periode 2015-2019 – was ten opzichte van eerdere metingen sprake van afnemend gebruik van rechtshulp en (buiten)gerechtelijke procedures. Daarbij steeg het aandeel respondenten dat geen (juridische of niet-juridische) actie ondernam om hun probleem op te lossen licht. Dit onderzoek beoogt de drempels die rechtzoekenden ervaren bij het aanpakken van hun potentieel juridische problemen in kaart te brengen. Probleemstelling van het onderzoek: Welke drempels ervaren burgers in de toegang tot het recht, specifiek de groep die op grond van hun inkomen niet in aanmerking komt voor gesubsidieerde rechtsbijstand (de niet-Wrb-gerechtigden)? De vier drempels die onderscheiden worden: een financiële drempel gerelateerd aan de materiële kosten van het aanpakken van het probleem een praktische drempel gerelateerd aan de immateriële kosten zoals de benodigde tijd en energie een drempel gerelateerd aan handelingsverlegenheid – niet weten hoe het probleem aan te pakken een psychologische drempel waarbij respondenten gevoelens van ongemak, angst of schaamte ervaren INHOUD Inleiding Omvang passiviteit en niet-gebruik Ervaren drempels ConclusieThis study aimed to identify the barriers that citizens experience in addressing their justiciable problems. We focused particularly on citizens who did not qualify for subsidised legal aid. The Legal Aid Act (Wrb) regulates access to subsidised legal aid. This access is subject to eligibility criteria relating to household income and assets. The focus on citizens who are not eligible for subsidised legal aid stems from indications that middle-income citizens in particular experience barriers in accessing the law. In addition, a previous study has already looked at non-use of legal aid by eligible citizens. This study aimed to answer the following research question: What barriers do citizens experience in accessing the law, specifically those that do not qualify for subsidised legal aid? Four types of barriers to accessing justice emerged from this study: a financial barrier related to the material costs of addressing the problem, a practical barrier related to intangible costs such as the time and energy required to address the problem, hesitation to act related to not knowing how to address the problem, and a psychological barrier where respondents experienced feelings of discomfort, fear, or shame

    Legal aid in the childcare benefits scandal - The effect of the self-reliance criterion in objection procedures against the Dutch tax administration concerning childcare benefits applications between 2011-2021 (full text only available in Dutch)

    No full text
    De zeer strikte werkwijze van de Belastingdienst rondom de kinderopvangtoeslag heeft enorme consequenties gehad: voor ouders, voor de politiek, voor de rechtspraak en voor de uitvoeringspraktijk. Dat hebben verschillende commissies en onderzoeken in de afgelopen drie jaar duidelijk gemaakt. Toch is er een onderwerp dat tot nu toe nog onderbelicht bleef. Konden gedupeerde ouders voldoende juridische ondersteuning krijgen van een advocaat of stonden ze er alleen voor in hun procedures tegen de Belastingdienst? Mensen met een laag inkomen kunnen vragen om subsidie voor een advocaat, een zogenoemde toevoeging. De Raad voor Rechtsbijstand beslist daarover op basis van wet- en regelgeving. Ouders die slachtoffer werden van de kinderopvangtoeslagaffaire die in bezwaar wilden tegen de Belastingdienst werd zo’n toevoeging vaak geweigerd. Dit onderzoek laat zien hoe het stelsel van gesubsidieerde rechtsbijstand functioneerde in bezwaarzaken tegen de Belastingdienst in de periode dat de kinderopvangtoeslag-affaire speelde (2011 tot en met 2021). Ook laat het onderzoek zien welke verbeteringen mogelijk zijn. Daarmee levert het een bijdrage aan de bredere discussie over het verstevigen van de rechtspositie van burgers tegenover de overheid. Onderzoeksvragen Hoe is de zelfredzaamheidstoets in de wet- en regelgeving over gesubsidieerde rechtsbijstand vormgegeven en op welke veronderstellingen is die gebaseerd? Hoe werd door de Raad voor Rechtsbijstand, het Juridisch Loket (JL), de sociale advocatuur en sociaal raadslieden – in het bijzonder bij bezwaarzaken tegen de Belastingdienst over de kinderopvangtoeslag – praktisch invulling gegeven aan de zelfredzaamheidstoets? In welke mate heeft de Raad voor Rechtsbijstand, in de periode van 2011 tot en met 2021, aanvragen afgewezen voor gesubsidieerde rechtsbijstand in bezwaarzaken tegen de Belastingdienst over de kinderopvangtoeslag? INHOUD Gesubsidieerde rechtsbijstand in kinderopvangtoeslagzaken De zelfredzaamheidstoets in de Wet op de rechtsbijstand De zelfredzaamheidstoets in de praktijk Toevoegingsaanvragen in bezwaarzaken omtrent de kinderopvangtoeslag Reflecties over zelfredzaamheid in het kader van gesubsidieerde rechtsbijstandFrom 2004 to at least 2019, the Dutch tax administration terminated the right to childcare benefits and claimed repayment of advances for a large number of parents. In many of these cases, parents had made small mistakes on their application or had been misled by childcare agencies. Nevertheless, they were required to repay large sums of money in received benefits. Furthermore, their right to future childcare benefits was revoked. As a result, many parents faced major financial problems. The very strict way in which the Dutch tax administration handled cases concerning childcare benefits has had enormous consequences for the parents affected as well as for government, the judiciary, and agencies tasked with implementing social welfare policies. Various parliamentary committees of inquiry and evaluations over the past three years have mapped these consequences. This report deals with an aspect of the childcare benefits scandal that has so far remained under researched: could the aggrieved parents get sufficient legal support or were they left on their own in submitting an objection to the Dutch tax administration? Dutch citizens of limited means can apply for state-financed legal aid provided by private lawyers. The Legal Aid Board decides on these applications based on different laws and regulations. Parents who were affected by the childcare benefits scandal and who wanted to object to the decision made by the Dutch tax administration were often denied legal aid. This research shows how the Dutch legal aid system functioned in objection proce-dures against the Dutch tax administration during the childcare benefits scandal (2011-2021). Additionally, the research provides suggestions to improve the functioning of the legal aid system. In doing so, it contributes to broader debates on how to strengthen citizens’ legal protection against the government

    Juvenile crime monitor 2023 - An interim report on the developments in criminally prosecuted juveniles and their sanctions imposed up to and including 2021 (full text only available in Dutch)

    No full text
    In dit deelrapport van de Monitor Jeugdcriminaliteit worden de trends beschreven van de jeugdigen die een Halt-interventie hebben gekregen en de jeugdige daders die schuldig zijn bevonden door het Openbaar Ministerie (OM) en de rechterlijke macht (ZM) en de bijbehorende afdoeningen voor hun strafzaken tot 2022. De ontwikkelingen worden apart beschreven voor minderjarigen (12- tot 18-jarigen) en jongvolwassenen (18- tot 23-jarigen). Naast ontwikkelingen in de traditionele criminaliteit worden ontwikkelingen in cyber- en gedigitaliseerde criminaliteit beschreven. Ook wordt specifiek de ontwikkeling van door OM en ZM geregistreerde jeugdcriminaliteit in de Coronajaren (2020-2021) bekeken. Het gaat hier alleen om ontwikkelingen onder jongeren die met Halt, het OM en de rechter in aanraking zijn gekomen wegens een misdrijf. Dat is slechts een deel van de populatie jongeren die delicten pleegt. INHOUD Inleiding Jeugdige strafrechtelijke daders Sancties tegen jeugdige daders Geregistreerde jeugdcriminaliteit tijdens de Coronajaren 2020-2021 Tot besluitThis sub-report of the Juvenile Crime Monitor focuses on analyzing the trends concerning juveniles who have undergone Halt interventions (an alternative program aimed at addressing criminal offenses committed by juveniles, outside the formal legal system), as well as juvenile offenders who have been found guilty by the Public Prose-cution Service (PPS) and the judiciary. The report also discusses the corresponding resolutions for their criminal cases throughout 2021. The developments are examined separately for two age groups: minors (12 to 18 years old) and young adults (18 to 23 years old). Furthermore, the report includes an overview of the developments in traditional crime, as well as in cyber and digitized crime. A specific examination is conducted on the registered juvenile crime's progression during the years impacted by the Corona pandemic (2020-2021)

    The socio-economic position and living conditions of Ukrainian refugees - a first scan of the literature (full text only in Dutch)

    No full text
    Door de Russische invasie in Oekraïne hebben veel Oekraïners hun land moeten ontvluchten. Meer dan 100.000 Oekraïense vluchtelingen verblijven op moment van schrijven in Nederland. Omdat zij vallen onder de Richtlijn Tijdelijke Bescherming (RTB), wijkt het beleid voor deze groep op meerdere terreinen af van het reguliere asielbeleid. Vanwege de omvang van de groep, de beschermingsopdracht die Nederland ten aanzien van de groep heeft, en het afwijkende beleid dat voor deze groep geldt, is kennis over de leefsituatie en positie van Oekraïense vluchtelingen van groot belang. In de afgelopen anderhalf jaar zijn er verschillende onderzoeken uitgekomen over Oekraïense vluchtelingen in Nederland en daarbuiten. In deze scan van de literatuur geven we een overzicht van de bevindingen van deze onderzoeken tot nu toe. De onderzoeken beslaan verschillende thema’s, regio’s, en methodes. De nadruk ligt op onderzoek dat is uitgevoerd in Nederland, aangevuld met Europees (al dan niet landen-vergelijkend) onderzoek. Samen geven ze een eerst beeld van de leefsituatie en positie van Oekraïense vluchtelingen.The Russian invasion of Ukraine has forced millions of Ukrainians to flee their country. At the time of writing, over one hundred thousand Ukrainian refugees are living in the Netherlands. Covered by the Temporary Protection Directive, the policy for this group differs from regular asylum policy in several areas. Because of the size of the group and the differences in policies that apply to them, it is crucial to understand the living conditions and socio-economic position of Ukrainian refugees in the Netherlands and in Europe. In the past year and a half, several studies have been published on Ukrainian refugees both in the Netherlands and abroad. In this literature review, we provide an overview of the findings from these studies to date. The studies cover different topics, regions, and methodologies. The focus of this review is on research conducted in the Netherlands, supplemented by European research (both comparative and singlecountry studies). Together, these studies provide an initial picture of the living conditions and socio-economic position of Ukrainian refugees.За останні півтора року було опубліковано кілька досліджень про українських біженців у Нідерландах та за Резюме кордоном. У цьому огляді літератури ми надаємо огляд результатів цих досліджень станом на сьогоднішній день. Дослідження охоплюють різні теми, регіони та методи. Акцент робиться на дослідженнях, проведених у Нідерландах, доповнених європейськими (порівняльними дослідженнями по країні чи іншими). Разом вони дають початкову картину життєвої ситуації та становища українських біженців. Основні результати подано на наступній сторінці

    2,605

    full texts

    3,500

    metadata records
    Updated in last 30 days.
    WODC Repository
    Access Repository Dashboard
    Do you manage Open Research Online? Become a CORE Member to access insider analytics, issue reports and manage access to outputs from your repository in the CORE Repository Dashboard! 👇