WODC Repository
Not a member yet
    3500 research outputs found

    From incident to crime? The relationship between involvement in incidents and suspect registrations among COA inhabitants 2017-2021 (full text only available in Dutch)

    No full text
    Dit rapport bouwt voort op het eerder verschenen rapport 'Incidenten en misdrijven door COA-bewoners 2017-2021' (Noyon et al., 2022) en duidt enkel van de daar beschreven cijfers (zie link hiernaast). Specifiek gaat het onderzoek in op de vraag of er een verband is tussen betrokkenheid bij incidenten en bij misdrijven. Hiermee bevraagt het impliciet de structuur van het periodieke incidentenoverzicht, waarin incidenten en misdrijven gezamenlijk worden gepresenteerd en er dus een verband wordt gesuggereerd. Daarnaast draagt het onderzoek bij aan beleid gericht op preventie van criminaliteit door voorspellende factoren van crimineel gedrag inzichtelijk te maken. INHOUD Inleiding Data, methoden en doelgroep Resultaten ConclusieIn 2022, WODC published the report ‘Incidents and crimes among COA inhabitants 2017-2021’ (Noyon et al., 2022)1. The current study builds on this by further analysing some of the figures reported there. Specifically, the research focuses on the question whether we can speak of a relationship between involvement in incidents and criminal behaviour. This way, it implicitly questions the structure of the annual report on incidents and crime, which jointly presents the two and thereby suggests a relationship. In addition, by predictive factors underlying criminal behaviour, the current study informs policy aimed at prevention of crime

    Slavery past and impact (full text only available in Dutch)

    No full text
    ARTIKELEN Inleiding Dagmar Oudshoorn-Tinga en Hannie Kool-Blokland - Ketenen van het verleden. De lange weg naar bewustwording van het Nederlandse slavernijverleden en de doorwerking in de huidige samenleving Joandi Hartendorp - Een kritische blik op slavernijonderwijs Rose Mary Allen - Multiperspectiviteit in de maatschappelijke beeldvorming rondom de Curaçaose creoolse spiritualiteit Marian van der Klein - Familienamen en het slavernijverleden. Over een onderzoeksopdracht in een te krap juridisch jasje Maartje van der Woude - Het herkennen en erkennen van 'kleurenblind' racisme Masja van Meeteren Anne-Jetske Schaap - De strafrechtelijke aanpak van hedendaagse vormen van slavernij in internationale productieketens SAMENVATTING De artikelen in deze editie van Justitiële verkenningen gaan over de doorwerking van het slavernijverleden in het hier en nu. De gevolgen ervan zijn nog dagelijks zichtbaar, zowel in Nederland als in de voormalige koloniën. Wanneer we het hebben over slavernij is het bovendien belangrijk om te beseffen dat de afschaffing en later strafbaarstelling van slavernij er niet toe hebben geleid dat er geen slavernij meer in de wereld is. Bij discussie over slavernij gaat het daarom niet alleen over het verwerken van het verleden, maar ook over het aanpakken van slavernij in het heden

    Comparative study Italian 41-bis detention regime (full text only available in Dutch)

    No full text
    Er is de afgelopen tijd – in media, politiek en praktijk – veel aandacht voor de aanpak van de zware georganiseerde criminaliteit. Specifiek voor het gevangeniswezen komt dit tot uitdrukking in beleid ter voorkoming van voortgezet crimineel handelen in detentie (hierna: VCHD). In Italië is ervaring met een zwaar detentieregime in het kader van bestrijding van de maffia. Dit wordt geregeld in artikel 41-bis van de Italiaanse wet op het gevangeniswezen. Daarom wordt in dit onderzoek onderzocht of de Nederlandse wet- en regelgeving aangepast kan worden met wat in Italië geleerd is rondom het antimaffia-detentieregime. Probleemstelling Wat houdt het Italiaanse 41-bis regime in, welke functie vervult het binnen het Italiaanse strafrecht, hoe werkt het in de praktijk, hoe verhoudt het zich tot het toepasselijke kader van rechtswaarborgen in nationaal en internationaal verband, en wat zouden in onderlinge vergelijking met het in Nederland geldende EBI-regime, onderdelen van het 41-bis regime zijn die het Nederlandse EBI-detentiestelsel zouden kunnen versterken in de aanpak van voortgezet crimineel handelen? Het onderzoek gaat in op vier hoofdvragen: Wat houdt het detentieregime van artikel 41-bis in, wat is de doelstelling en hoe is het regime in het Italiaanse penitentiaire en strafrechtsysteem ingebed? Hoe werkt het Italiaanse detentieregime van artikel 41-bis in de praktijk? Hebben zich in verband met de hoofdvragen onder 1 en 2 relevante (juridische) ontwikkelingen en/of wijzigingen in de Italiaanse regeling voorgedaan, waarom hebben deze zich voorgedaan en welke consequenties hadden deze ten opzichte van de oorspronkelijke regeling? Welke elementen uit het 41-bis regime zouden – alles afwegende – gebruikt kunnen worden in Nederland om de kans op VCHD in de EBI te verkleinen? INHOUD Inleiding De Nederlandse zoektocht naar manieren om ernstig VCHD te bestrijden Achtergrond en context van het 41-bis regime Juridisch kader van het 41-bis regime Het 41-bis regime in de praktijk Achtergrond en juridisch kader van het EBI-regime Rechtsvergelijking Conclusies en beantwoording van de onderzoeksvragenLately, there has been a great deal of attention – in the media, politics and practice – for tackling organized crime in the Netherlands. Specifically for the prison system, this is reflected in policy to prevent or combat continued criminal activity in detention (voortgezet crimineel handelen in detentie, hereinafter: VCHD). This was mainly due to the arrest of several persons, suspected or convicted of serious crimes, who, because of their power and resources and the criminal organizations of which they are part, are (or may be) more dangerous than other detainees. It represents a new challenge for the judiciary and the prison system to prevent such prisoners from abusing the freedoms offered by the penitentiary legal framework during their trial and detention phase in order to continue their criminal activities. An indication that this continuing criminal behavior actually takes place can be found in the criminal case in which it has now been established by the court that a lawyer took messages in connection with criminal activities from an inmate in the Extra Secure Institution (Extra Beveiligde Inrichting, hereinafter: EBI) in the prison of Vught. The arrest of this lawyer in October 2021 is not an isolated case. Together with the murders concerning a crown witness, the threats of legal practitioners and the existence of death lists with names of employees of the Department of Correctional Institutions (Dienst Justitiële Inrichtingen, hereinafter: DJI), the consequences of organized crime on both the rule of law and the prison system have become more visible. Given the above background and purpose of the research, the following problem statement was used: What does the Italian 41-bis regime entail, what function does it fulfil within Italian criminal law, how does it work in practice, how does it relate to the applicable framework of legal guarantees in a national and international context, and what would be parts of the 41-bis regime in comparison with the EBI regime in force in the Netherlands that could strengthen the Dutch EBI detention system in tackling continued criminal activity

    Red-black untangled - Exploration of the social costs and benefits of gambling (full text only available in Dutch)

    No full text
    Op 1 april 2021 trad de wet Kansspelen op afstand (hierna: wet Koa) in werking en vanaf 1 oktober 2021 werden online vergunninghouders actief in Nederland. Tegen de achtergrond van deze en andere ontwikkelingen in het Nederlandse kansspellandschap heeft het ministerie van Justitie en Veiligheid (hierna: ministerie van JenV) de volgende kennisbehoefte: Een brede verkenning van zowel de financiële als niet-financiële kosten en baten van alle soorten kansspelen (waaronder kansspelen op afstand) voor de Nederlandse samenleving. Het gaat daarbij om kosten en baten die gerelateerd zijn aan de drie publieke belangen: het beschermen van consumenten, het voorkomen van kansspelverslaving en het bestrijden van illegaliteit en criminaliteit. Daarom wordt ook aandacht voor het illegale aanbod gevraagd. Kennis over eventuele veranderingen van de bovengenoemde kosten en baten als gevolg van de opening van de markt voor online kansspelen. Kennis of de bevindingen van de bovenstaande twee items op enigerlei wijze bruikbaar zijn voor de toekomstige evaluatie van de wet Koa. Om te voorzien in deze kennisbehoefte geeft dit onderzoek een verkenning van de maatschappelijke kosten en baten van kansspelen. Daarnaast presenteert dit rapport een indicatieve kosten-batenanalyse van de maatschappelijke gevolgen van de invoering van de wet Koa voor de markt voor online kansspelen. INHOUD Inleiding Doelstelling Onderzoeksmethodiek Baten van kansspelen Kosten van kansspelen Kwantitatieve uitwerking Synthese ConclusiesOn April 1st 2021, the Remote Gambling Act (hereinafter: Koa Act) came into force and from October 1st 2021, online licence holders became active in the Netherlands. Against the background of these and other developments in the Dutch gambling landscape, the Ministry of Justice and Security (Directorate-General for Punishment and Protection, Department of Integrity and Gambling; hereafter: Ministry of JenV) has the following knowledge needs: A broad exploration of both the financial and non-financial costs and benefits of all types of gambling (including remote gambling) for Dutch society. These are costs and benefits related to the three public interests: protecting consumers, preventing gambling addiction and combating illegality and criminality. Therefore, attention is also requested for illegal supply. Knowledge of any changes in the above costs and benefits due to the opening of the online gambling market. Knowledge of whether the findings of the above two items are in any way useful for the future evaluation of the Koa Act. To meet this knowledge need, this study provides an exploration of the social costs and benefits of gambling. In addition, this report presents an indicative cost-benefit analysis of the social impact of the introduction of the Koa Act on the online gambling market

    Renewed risk assessment Ritax 2.0 - Evaluation of implementation and use by Child Protection Council and Juvenile Probation Department (full text only available in Dutch)

    No full text
    In de jeugdstrafrechtketen ondersteunt het Landelijk Instrumentarium Jeugdstrafrechtketen (LIJ) de ketenpartners bij het verzamelen en analyseren van informatie over de jongeren en hun leefomgeving. Met behulp van de instrumenten in het LIJ krijgen en geven de ketenpartners elkaar inzicht in wat nodig is om recidive te voorkomen. Onderdeel van het LIJ is het risicotaxatie-instrument Ritax. Met de Ritax worden de risico- en beschermende factoren van jeugdige verdachten in kaart gebracht, waarvan uit wetenschappelijk onderzoek bekend is dat ze de kans op herhaling van crimineel gedrag vergroten c.q. verkleinen. Met behulp van de met de Ritax verzamelde informatie wordt inzichtelijk gemaakt op welke domeinen de meeste risico’s liggen. Op basis van de risicoscores in de Ritax geeft het LIJ geautomatiseerd suggesties voor passende gedragsinterventies. De Ritax is in 2021 herzien en verbeterd op basis van een Nederlands normeringsonderzoek door Van der Put et al (2021). De vernieuwde Ritax - Ritax 2.0 - is in februari 2022 in gebruik genomen door raadsonderzoekers van de RvdK en jeugdreclasseringsmedewerkers van de Gecertificeerde Instellingen (GI’s). Het ministerie van Justitie en Veiligheid wil met een procesevaluatie van de implementatie eventuele knelpunten en problemen in kaart brengen. Het oordeel van de gebruikers van de Ritax was hierbij van belang. Dit rapport is een verslag van de evaluatie. De volgende vragen stonden in dit onderzoek centraal: Hoe is de implementatie van de Ritax 2.0 verlopen? Zijn er fouten, onduidelijkheden of knelpunten in de Ritax 2.0 waar gebruikers van het instrument tegenaan lopen? In hoeverre wordt de Ritax 2.0 anders gebruikt dan de oude versie? Hoe beoordelen gebruikers van het LIJ (RvdK, jeugdreclassering) de aanpassingen in de Ritax 2.0? In hoeverre zijn gebruikers tevreden over de aanpassingen? Wat zijn de ervaringen in het gebruik van de Ritax 2.0 bij jongeren tussen 18 en 23 jaar? Welke aanpassingen kunnen worden aanbevolen om eventueel vastgestelde knelpunten en problemen op te lossen? INHOUD Inleiding Ritax 2.0 Onderzoeksverantwoording Implementatie bij de RvdK Implementatie bij de jeugdreclassering ConclusieIn the juvenile justice system, the National set of Instruments Juvenile Justice System (in Dutch: LIJ) supports the chain partners in collecting and analysing information about young people and their living environment. Using the instruments in the LIJ, the chain partners get and give each other insight into what is needed to prevent recidivism. The goal of the LIJ is to lead young offenders to appropriate interventions. Part of the LIJ is the Ritax risk assessment instrument. The Ritax identifies the risk and protective factors of juvenile suspects, which are known from scientific research to increase or decrease the likelihood of repetition of criminal behaviour. The information collected with the Ritax provides insight into which domains are most at risk. Based on these risk scores, the LIJ provides automated suggestions for appropriate behavioural interventions. Therefore, in principle, the LIJ’s suggestions always match the young people’s recidivism risk and risk profile. Thus, young people can be directed to the appropriate interventions that address these risk factors. The study answered the following questions: How did the implementation of the Ritax 2.0 go? Are there any errors, ambiguities or bottlenecks in the Ritax 2.0 that users of the tool have encountered? To what extent is the Ritax 2.0 being used differently than the old version? How do users of the LIJ (RvdK, youth probation) evaluate the adjustments in the Ritax 2.0? To what extent are users satisfied with the adjustments? What are the experiences in the use of the Ritax 2.0 among young people between 18 and 23 years of age? What adjustments can be recommended to solve any identified bottlenecks and problems

    Mogelijkheden tot vrijstelling van tegemoetkomingen bij minnelijke schuldhulpverlening en wettelijke schuldsaneringen

    Get PDF
    De probleemstelling luidt: Wat kan op basis van nationale en internationale wetgeving en juridische principes, vergelijkbare situaties of andere redenen, en het type tegemoetkoming, worden gezegd over mogelijke gronden voor het al dan niet maken van inbreuk op het eigendomsrecht bij een uitkering van een financiële vergoeding in een schuldhulpverleningssituatie? Stel dat er inbreuk kan worden gemaakt op het eigendomsrecht bij een uitkering van een financiële vergoeding in een schuldhulpverleningssituatie, hoe zou dat dan gerealiseerd kunnen worden in de Faillissementswet?INHOUD Inleiding De inperking van het verhaalsrecht van de schuldeiser in mensenrechtelijk perspectief De hoofdregel van art. 3:276 BW en de voor dit onderzoek relevante uitzonderingen hierop Beantwoording onderzoeksvragen Samenvattin

    Options for monitoring the consequences of ap-plying the Damocles Act (full text only available in Dutch)

    No full text
    Artikel 13b Opiumwet – ook wel bekend als de Wet Damocles – geeft de burgemeester de bevoegdheid maatregelen te treffen wanneer er in woningen of lokalen of op een daarbij behorend erf drugs worden verkocht, afgeleverd, of verstrekt dan wel daartoe aanwezig zijn. Ook kunnen maatregelen worden genomen wanneer voorwerpen of stoffen worden aangetroffen die bestemd zijn voor het bereiden of telen van drugs. Bij toepassing van de Wet Damocles kan de burgemeester een waarschuwing en een last onder dwangsom opleggen of een woning of lokaal sluiten (voor bepaalde of onbepaalde tijd). De volgende vraagstelling stond in dit verkennende onderzoek centraal: Wat zijn de mogelijkheden en beperkingen van het onderzoeken van de aard en omvang van de gevolgen van de toepassing van de Wet Damocles (waarschuwing, last onder dwangsom of sluiting van een pand) voor bewoners, ondernemers, verhuurders/pandeigenaren en omwonenden? Het onderzoek bestond uit drie deelonderzoeken: Een inventarisatie van de mogelijke gevolgen van de toepassing van de Wet Damocles voor bewoners, ondernemers, verhuurders/pandeigenaren en omwonenden. Een inventarisatie en analyse van de beschikbare informatiebronnen Een onderzoek naar de haalbaarheid en mogelijkheden voor een monitor van de gevolgen en het (kunnen) opstellen van een plan van aanpak voor vervolgonderzoekINHOUD Inleiding Literatuuronderzoek Jurisprudentieonderzoek Empirische onderzoek naar de gevolgen Informatiebronnen Contourren van een onderzoeksopzet SlotbeschouwingSection 13b of the Opium Act - also known as the Damocles Act - empowers the mayor to take measures when drugs are sold, delivered, supplied or found in dwellings or buildings or in an adjoining property. Measures can also be taken when any items or substances intended for the preparation or cultivation of drugs are found. When applying the Damocles Act, the mayor can impose a warning and an order subject to penalty or close down a dwelling or property (for a definite or indefinite period). The following research questions were central to the exploratory study: What are the possibilities and limitations of researching the nature and extent of the conse-quences of the application of the Damocles Act (warning, order subject to penalty or closure of a property) on residents, business owners, landlords/property owners and neighbouring residents

    Developments in serious violence committed by young people in the period 2010 to 2021 (full text only available in Dutch)

    No full text
    Er is in de afgelopen jaren veel aandacht voor ernstige geweldscriminaliteit onder jeugdigen in Nederland. Nieuwsberichten hebben het over verjonging en verharding van de jeugdcriminaliteit en over een toename in ernstig geweld onder jongeren. Zorgen leven er ook in de politiek en onder professionals. In dit onderzoek wordt deze ontwikkeling voor ernstige geweldsdelicten nader be-keken, door te onderzoeken waar en in welke mate ernstig geweld onder jeugdigen plaatsvindt, en in hoeverre zorgen over geweldscriminaliteit onder jongeren terecht zijn. Dit gebeurt aan de hand van de volgende hoofdvraag: Welke ontwikkelingen doen zich voor in de jaren 2010 tot en met 2021 in (ernstige) geweldscriminaliteit waarbij jeugdigen zijn betrokken? Deze ontwikkelingen worden onderzocht aan de hand van data over jeugdigen die door het OM of de rechter schuldig zijn bevonden aan een geweldsmisdrijf, evenals aan de hand van gegevens van zelfrapportage van daderschap. In dit rapport wordt soms ook verwezen naar verdachten en ontwikkelingen in aantallen verdachten. Het gaat hierbij dan om jeugdigen die door het OM als verdachte van een ernstig geweldsmisdrijf zijn aangemerkt, waarvan een deel uiteindelijk ook schuldig zal worden bevonden. Dit onderzoek betreft een verdiepend onderzoek naar geweld uitgevoerd binnen de kaders van de Monitor Jeugdcriminaliteit. INHOUD Inleiding Literatuur Methoden Resultaten Discussie en conclusieIn recent years, a lot of attention has been paid to serious violent crime among young people in the Netherlands. News reports talk about a hardening of youth crime and an increase in serious violence among young people. There are also concerns in politics and among professionals. This study takes a closer look at this development for serious violent crimes, by investigating where and to what extent serious violence among young people takes place, and to what extent concerns about violent crime among young people are justified. This is done based on the following research question: What developments occur in the years 2010 to 2021 in (serious) violent crime involving young people

    Plan and process evaluation of the Weapons and Youth Action Plan (full text only available in Dutch)

    No full text
    De afgelopen jaren is het wapengebruik onder jongeren fors toegenomen. De daders van steekincidenten worden steeds jonger en het aantal steekincidenten waarbij jongeren betrokken zijn, stijgt. Om deze problematiek terug te dringen en jongeren te behoeden voor dader- en slachtofferschap, is in 2020 het actieplan wapens en jongeren opgesteld. Het doel van het actieplan is om in een periode van twee jaar (2021 en 2022) het wapenbezit en -gebruik onder jongeren terug te dringen. De 16 acties die staan beschreven in het plan dienen dit doel. In dit rapport evalueren we het actieplan. In de planevaluatie gaan we na hoe het actieplan tot stand is gekomen en op basis van welke aannames de gekozen acties bijdragen aan het hoofddoel. In de procesevaluatie beschrijven we de uitvoering van het actieplan door de gemeenten en de rijksoverheid; welke acties hebben gemeenten uitgevoerd, en op welke wijze? Hoe kijken gemeenten terug op de uitvoering en waar liepen zij in de uitvoering tegenaan? Vervolgens gaan we in op de bereikte resultaten. INHOUD Inleiding Planevaluatie Motieven van jongeren Verplichte acties Lokaal toegepaste acties Landelijke acties Resultaten actieplan ConclusiesUse of weapons among youths has increased considerably in recent years. The number of stabbing incidents involving youths is growing and perpetrators of these incidents are getting younger. In order to reduce these problems and to protect youths from becoming perpetrators and victims, the Weapons and Youth Action Plan was drawn up in 2020. The objective of the action plan is to decrease the use and ownership of weapons among youths in a period of two years (2021 and 2022). The plan contains 16 actions to serve this purpose. This report contains an evaluation of the action plan. In the plan evaluation, we examine how the action plan was established and on the basis of which assumptions the chosen actions contribute to the main objective. In the process evaluation, we describe the implementation of the action plan by the municipalities and the government. Which actions have municipalities implemented, and how? What did municipalities encounter during the implementation and how do they look back on it? Subsequently, we will discuss the results

    Delinquent girls - a study of characteristics and risk factors of delinquent girls and young women in general, police and judicial populations (full text only available in Dutch)

    No full text
    Er zijn vanuit de justitiële praktijk en beleid zorgen dat er te weinig zicht zou zijn op delinquente meisjes en jonge vrouwen; er zou mogelijk zelfs een ‘blinde vlek’ voor deze groep daders kunnen zijn. Om adequaat beleid te kunnen voeren gericht op meisjes die delicten plegen is nader inzicht in deze groep nodig. In het huidige rapport zijn meerdere deelonderzoeken naar delinquente meisjes en jonge vrouwen in de leeftijd van 12 tot en met 27 jaar (vanaf hier aangemerkt als ‘meisjes’) samengenomen. Er is aandacht voor meisjes die delicten rapporteren maar die niet in aanraking zijn gekomen met de politie, voor degenen die wel met de politie in aanraking zijn gekomen als verdachte en voor meisjes die vervolgd en veroordeeld zijn. De volgen de drie onderzoeksvragen worden beantwoord: Wat blijkt uit de (internationale) literatuur over risico- en beschermende factoren van delinquente meisjes? Hoe verschillen delinquente meisjes in justitiële populaties van delinquente meisjes in algemene populaties? Wat is er bekend over (zelfgerapporteerde) delinquentie bij Nederlandse meisjes (in de leeftijd van 12 tot en met 22 jaar) in een algemene populatie van jongeren? En wat is bekend over hun achtergrondkenmerken en risicofactoren? Welke overwegingen spelen bij professionals ten aanzien van meisjes (in de leeftijd van 12 tot en met 27 jaar) betreffende de beslisvorming voor verdenking, vervolging en veroordeling?INHOUD Introductie Risico- en beschermende factoren van delinquente meisjes Delinquente meisjes in de algemene populatie De rol van sekse in overwegingen van justitiële professionals Meisjes en jongens in strafrechtelijke vonnissen SlothoofdstukThis report contains several studies on delinquent girls and young women in the ages 12 through 27, which from now on will be referred to as girls. The different studies address delinquent girls that have, and have not, been in contact with the police and justice department. The three main research questions are: What does (international) literature say about risk and protective factors of delinquent girls? How do girls in judicial populations differ from delinquent girls in general populations? What is known about (self-reported) delinquency among girls (aged 12 through 22) from a general population of Dutch youths? What is known about their characteristics and risk factors? What are considerations of justice professionals in the treatment of delinquent girls (aged 12 through 27) in the criminal justice system, concerning criminal suspicion, prosecution and judgment

    2,605

    full texts

    3,500

    metadata records
    Updated in last 30 days.
    WODC Repository
    Access Repository Dashboard
    Do you manage Open Research Online? Become a CORE Member to access insider analytics, issue reports and manage access to outputs from your repository in the CORE Repository Dashboard! 👇