Web-based Archive of RIVM Publications
Not a member yet
    15852 research outputs found

    Methodiek om Industriele emissies naar lucht te berekenen van de sectoren Energie, Industrie en Afval

    No full text
    Nederland rapporteert elk jaar nationaal en internationaal hoeveel stoffen door de sectoren Industrie, Energieopwekking en Afvalverwerking (ENINA) worden uitgestoten naar de lucht. Het gaat om alle stoffen die in de Emissieregistratie voorkomen en voor deze sectoren moeten worden gerapporteerd. Denk aan broeikasgassen, verzurende stoffen en stoffen die grootschalige luchtverontreiniging veroorzaken. Het RIVM heeft de methoden waarmee de uitstoot wordt berekend, geactualiseerd en beschreven. De methoden worden elk jaar bijgesteld volgens de meest actuele wetenschappelijke inzichten. De emissieberekeningen worden uitgevoerd op basis van internationale richtlijnen. De emissiegegevens zijn openbaar via de website emissieregistratie.nl. De gegevens worden gebruikt voor de rapportages die vanwege internationale verdragen verplicht zijn, zoals het verdrag van Parijs, de EU-Emissieplafonds (NEC-Directive) en de Convention on Long-range Transboundary Air Pollution (CLRTAP). De rapportage is ook de basis voor de (internationale) reviewers die de Nederlandse rapportages aan de EU en VN valideren.Every year, the Netherlands reports, both nationally and internationally, on the quantities of substances that are emitted to the air by the industry sector and energy generation and waste processing sector (ENINA). This entails all the substances that are listed in the Netherlands Pollutant Emission Register and must be reported for these sectors, including greenhouse gases, acidifying substances and substances that cause large-scale air-pollution. RIVM has updated and described the methods with which the emissions are calculated. These methods are adjusted every year according to the most recent scientific insights. Emission estimates are performed based on the international guidelines. The emission data is available to the public via the website emissieregistratie.nl. It is used for reports that are mandatory under international treaties such as the Paris Agreement, the EU Emission ceilings (NEC Directive) and the Convention on Long-range Transboundary Air Pollution (CLRTAP). These reports also form the basis for the international reviewers who validate the Dutch reports to the EU and UN

    Monitor Solid Start 2023

    No full text
    De meeste kinderen in Nederland worden gezond geboren en groeien gezond op in een veilige en beschermde omgeving. Maar niet alle kinderen. Het ministerie van VWS is in september 2018 het actieprogramma 'Kansrijke Start' begonnen om meer kinderen een goede start te geven. Gemeenten en zorgverleners kunnen hiermee initiatieven opzetten om ouders vóór, tijdens, en na de zwangerschap te ondersteunen. Het RIVM volgt sinds 2019 in hoeverre gemeenten zulke initiatieven hebben opgezet en hoe de gezondheid van jonge kinderen zich ontwikkelt. De monitor Kansrijke Start van 2023 laat zien dat steeds meer gemeenten aandacht besteden aan een goede start van een kind. In 2023 had 62 procent van de gemeenten een 'lokale coalitie', ongeveer 15 procent meer dan in 2022. In lokale coalities werken professionals uit alle betrokken 'domeinen' samen, zoals uit de geboortezorg, jeugdgezondheidszorg en gemeenten. Deze partijen werken steeds beter samen, waardoor ze snel naar elkaar kunnen doorverwijzen. Dit is belangrijk om problemen vroeg te signaleren en (aanstaande) ouders te kunnen ondersteunen. Ook heeft meer dan de helft van de gemeenten een plan van aanpak Kansrijke Start gemaakt. Verder bieden ze steeds meer initiatieven aan, zoals Nu Niet Zwanger, VoorZorg en CenteringZwangerschap. Dit keer was er in de monitor extra aandacht voor (aanstaande) ouders en kinderen die onder moeilijke omstandigheden leven, zoals armoede. Het vermoeden dat deze kinderen een minder goede start hebben dan kinderen die niet in armoede opgroeien, is nu met cijfers onderbouwd. Gezinnen in een kwetsbare situatie maken bijvoorbeeld minder vaak gebruik van kraamzorg. Ook worden kinderen in kwetsbare situaties vaker te vroeg geboren of hebben ze een laag geboortegewicht. Het is nog niet duidelijk of de gezondheid van kinderen door Kansrijke Start verbetert. Gezondheid hangt van veel zaken af en het kost tijd voordat maatregelen effect hebben.Most children in the Netherlands are born healthy and grow up healthy in a safe and protected environment. However, this does not apply to all children. In September 2018, the Ministry of Health, Welfare and Sport launched the Solid Start action programme (in Dutch: actieprogramma Kansrijke Start) to provide more children a good start in life. The programme helps municipalities and care providers to set up initiatives that support parents before, during and after pregnancy. Since 2019, RIVM has been monitoring the extent to which municipalities have set up such initiatives and how the health of young children is developing. The 2023 Monitor shows that more and more municipalities are paying attention to giving children a proper start in life. In 2023, 62 per cent of municipalities had organised a 'local coalition', which is about 15 per cent more than in 2022. Local coalitions see professionals from all relevant 'domains', such as from maternity care, youth healthcare and municipalities, working together. This allows them to refer children to each other more quickly, which is important in order to identify problems early on and be able to support existing or expectant parents. More than half of the municipalities have also drawn up a Solid Start action plan and offer an increasing number of initiatives, such as Not Pregnant Now (in Dutch: Nu Niet Zwanger), PreCare (VoorZorg) and CenteringPregnancy (CenteringZwangerschap). This time, the Monitor paid extra attention to (expectant) parents and children living under difficult circumstances, such as poverty. The assumption that these children have a poorer start than children who do not grow up in poverty, has now been substantiated with figures. For instance, families in vulnerable situations are less likely to use postpartum care. Children in vulnerable situations are also more likely to be born prematurely or have a low birth weight. It is currently not yet clear whether children's health is improving because of Solid Start, as health depends on many things and it takes time for measures to take effect

    Outdoor air pollution as a risk factor for testing positive for SARS-CoV-2: A nationwide test-negative case-control study in the Netherlands.

    No full text
    Air pollution is a known risk factor for several diseases, but the extent to which it influences COVID-19 compared to other respiratory diseases remains unclear. We performed a test-negative case-control study among people with COVID-19-compatible symptoms who were tested for SARS-CoV-2 infection, to assess whether their long- and short-term exposure to ambient air pollution (AAP) was associated with testing positive (vs. negative) for SARS-CoV-2. We used individual-level data for all adult residents in the Netherlands who were tested for SARS-CoV-2 between June and November 2020, when only symptomatic people were tested, and modeled ambient concentrations of PM10, PM2.5, NO2 and O3 at geocoded residential addresses. In long-term exposure analysis, we selected individuals who did not change residential address in 2017-2019 (1.7 million tests) and considered the average concentrations of PM10, PM2.5 and NO2 in that period, and different sources of PM (industry, livestock, other agricultural activities, road traffic, other Dutch sources, foreign sources). In short-term exposure analysis, individuals not changing residential address in the two weeks before testing day (2.7 million tests) were included in the analyses, thus considering 1- and 2-week average concentrations of PM10, PM2.5, NO2 and O3 before testing day as exposure. Mixed-effects logistic regression analysis with adjustment for several confounders, including municipality and testing week to account for spatiotemporal variation in viral circulation, was used. Overall, there was no statistically significant effect of long-term exposure to the studied pollutants on the odds of testing positive vs. negative for SARS-CoV-2. However, significant positive associations of long-term exposure to PM10 and PM2.5 from specifically foreign and livestock sources, and to PM10 from other agricultural sources, were observed. Short-term exposure to PM10 (adjusting for NO2) and PM2.5 were also positively associated with increased odds of testing positive for SARS-CoV-2. While these exposures seemed to increase COVID-19 risk relative to other respiratory diseases, the underlying biological mechanisms remain unclear. This study reinforces the need to continue to strive for better air quality to support public health

    Kennisupdate ‘Ammoniak van zee’

    Get PDF
    In deze kennisupdate wordt de status besproken van lopend onderzoek naar de verschillen tussen modelberekeningen en metingen langs de kust. Uit eerder onderzoek is gebleken dat de zee-emissies, die het RIVM tot dusverre gebruikte om voor het geconstateerde verschil te corrigeren, te hoog zijn in vergelijking met een theoretische schatting van de bijdrage uit zee. Daarom is er onderzoek gestart om mogelijke oorzaken te vinden die de verschillen zouden kunnen verklaren

    Doorrekening scenario’s accijnsverhoging op tabak

    Get PDF
    In 2018 werd het Nationaal Preventie Akkoord (NPA) ondertekend, met de ambitieuze doelstelling dat in 2040 niet meer dan 5 procent van de bevolking zou roken en dat in dat jaar geen enkele jongere meer rookt (“rookvrije generatie”). In 2014 rookte nog 25,7 procent van de volwassen bevolking. In 2018, bij de ondertekening van het NPA, rookte 22,4 procent van de Nederlanders en in 2022 was dat percentage gedaald tot 18,9 procent. Deze cijfers zijn afkomstig uit de Gezondheidsenquête (Trimbos instituut, 2023). Rokers worden hier gedefinieerd als dagelijkse en gelegenheidsrokers (nietdagelijkse rokers) en deze cijfers zijn gebaseerd op zelfrapportage

    Houd de maatschappij open voor jongeren en geef duidelijke uitleg over de maatregelen

    Get PDF
    Deze kennisupdate dient als aanvulling op een preferentiestudie van de Corona Gedragsunit over de voorkeuren van burgers ten aanzien van het toekomstig coronabeleid (Preferentiestudie RIVM Gedragsunit). Daarin zijn laaggeletterden, mensen met een migratie achtergrond, jongeren, en mensen met een kritische houding ten opzichte van de overheid ondervertegenwoordigd. Wij verkenden hun voorkeuren ten aanzien van het coronabeleid in kwalitatieve interviews

    0

    full texts

    0

    metadata records
    Updated in last 30 days.
    Web-based Archive of RIVM Publications
    Access Repository Dashboard
    Do you manage Open Research Online? Become a CORE Member to access insider analytics, issue reports and manage access to outputs from your repository in the CORE Repository Dashboard! 👇