726 research outputs found
Sort by
Catechese bij Dietrich Bonhoeffer
In deze scriptie is onderzoek gedaan naar het catechetisch onderwijs bij Dietrich Bonhoeffer. Daarbij is zowel gekeken naar de eigen praktijk van Bonhoeffer als naar de colleges catechetiek die hij heeft verzorgd op het Predigerseminar te Finkenwalde. Ook zijn in dit onderzoek de catechismi betrokken waarvan Bonhoeffer medeauteur is en zijn brieven van Bonhoeffer en getuigenissen van oud-catechisanten gebruikt.
Wat betreft het curriculum staat Bonhoeffer vooral in de Lutherse traditie. Zijn eerste catechismus schreef hij samen met Franz Hildebrandt. Tijdens de colleges in Finkenwalde presenteert Bonhoeffer een onderwijsplan voor belijdeniscatechese, dat ook als een catechismus gezien kan worden. Vertalingen van beide catechismi zijn in dit onderzoek opgenomen. In het onderwijsplan grijpt hij wat betreft de structuur en inhoud met name terug op de Kleine Catechismus van Luther, maar ook de Heidelberger catechismus en een catechismusopzet van een van zijn studenten dienden als inspiratiebron. Daarnaast is er bij een aantal vragen duidelijk overeenkomst met de inhoud van de Barmer Thesen.
Uit dit onderzoek blijkt dat de politiek-maatschappelijke context Bonhoeffer er toe bracht beide catechismi te schrijven. De eerste catechismus wil duidelijk maken wat het geloof op dat moment voor de opgroeiende generatie te zeggen heeft. De tweede catechismus of het onderwijsplan wil het belijden van de Bekennende Kirche formuleren. Heel nadrukkelijk is er daarom aandacht voor de positie van de Joden in de kerk en de positie van de overheid ten opzichte van de kerk. In de tweede catechismus komt nog duidelijker de afkeer van nationaalsocialistisch gedachtegoed naar voren dan in de eerste catechismus.
Daarnaast toont dit onderzoek aan dat Bonhoeffer, anders dan wel wordt beweerd, oog had psychologie, pedagogiek en didactiek. Bonhoeffer neemt een eigen beargumenteerde positie in tegenover de opvoeding vanuit het nationaalsocialisme en het idealisme. Er moet in de catechese niet aangesloten worden bij de religieuze situatie van kinderen en jongeren, zoals dat bij het nationaalsocialisme het geval was. Het Woord van God moet bij de catechese zo gebracht worden dat ze ergernis oproept. Jongeren moeten in een crisis terecht komen en vandaaruit een beslissing voor God nemen. Van belang is volgens Bonhoeffer om jongeren lief te hebben en voor hen open te staan. Bonhoeffer gaf daarin zelf het voorbeeld door zijn omgang met de catechisanten in Berlijn. Alleen de kerk heeft het recht om de Bijbel uit te leggen aan jongeren in de catechese, dit is de zogenaamde Arkandisziplin. De catechese moet leiden tot navolging van Christus en participatie in de gemeenschap van de kerk
Blest practices
Rede ter gelegenheid van het afscheid van Martin Walton als bijzonder hoogleraar geestelijke verzorging aan de PThU, vestiging Groningen d.d. 8 november 2019
Geschapen in Gods beeld : Kohlbrügges lezing van Genesis 1:27 : achtergrond en invloed op zijn theologie
Masterthesis Source
Vertrouwd met God en Zijn Woord : een onderzoek naar de aard en functie van de uitdrukking 'staan in de raad van JHWH' in Jeremia 23
In deze scriptie wordt onderzocht wat de betekenis en de functie is van de uitdrukking ‘staan in de
raad van JHWH’, zoals die in Jeremia 23 gebezigd wordt. De tekstverzen Jer. 23,18.22 staan in dit
onderzoek centraal.
Na een inleidend hoofdstuk waarbij naast de vraagstelling ook enkele methodische
uitgangspunten kort worden weergeven, komt in hoofdstuk 2 de taalkundige kant van deze
uitdrukking aan de orde. Zowel de losse woorden als de samenhang binnen de uitdrukking worden
belicht, waarbij het zwaartepunt op het woord ‘raad’ valt. Dit woord wordt zeer gevarieerd gebruikt
in de Hebreeuwse Bijbel, hoewel het slechts 21x voorkomt.
In het daarop volgende hoofdstuk 3 heb ik Jeremia 23 aan een intensief exegetisch
onderzoek onderworpen. Hierdoor is de tekstuele omgeving van de uitdrukking ‘staan in de raad
van JHWH’ beter in beeld gekomen. In dit hoofdstuk krijgen de verzen 18 en 22 de meeste
aandacht, maar is tegelijkertijd met inachtneming van de doelstellingen van het onderzoek gekeken
naar de omliggende verzen. Jer. 23,16-22 is vers voor vers behandeld, terwijl in mindere mate naar
de bredere tekstuele omgeving is gekeken. De uitdrukking ‘staan in de raad van JHWH’ staat in
een serie polemisch getoonzette profetische uitspraken, gericht aan de inwoners van Jeruzalem.
Jeremia’s profetische tegenstanders worden in deze profetieën om diverse redenen daarin
gediskwalificeerd. Zij hebben niet in de hemelse raadsvergadering van JHWH gestaan.
Hoofdstuk 4 is tweedelig. Allereerst is een rondgang gemaakt door Israëls Umwelt, om
overeenkomsten en verschillen te ontdekken met de diverse godenraden die in de daar aanwezige
religies voorkwamen. Het Bijbelse spreken over Gods hemelraad is goed te plaatsen in de
toenmalige culturele wereld. De tweede helft van hoofdstuk 4 is gevuld met een behandeling van
diverse andere Bijbelteksten waarin ofwel het Hebreeuwse woord voor ‘raad’ óf een voorstelling
van de hemelraad aanwezig is. Hierbij valt o.a. te denken aan 1 Kon. 22,19-22; Job 1-2 en Ps. 25,14.
Elke tekst toont weer eigen facetten van het ‘staan in de raad van JHWH’, waaruit duidelijk wordt
dat vluchtig gemaakte tekstverwijzingen in dezen vermeden moeten worden.
Hoofdstuk 5 brengt het boek Jeremia opnieuw onder de aandacht. Hierin worden vanuit
diverse invalshoeken de tot zover behaalde resultaten vergeleken met andere onderwerpen binnen
het boek, zoals de vorm van Gods openbaring en de temporele context van de profeet. De intentie
van Jer. 23,18.22 is niet om Jeremia (in tegenstelling tot zijn tegenstanders) wél in JHWH’s raad te
plaatsen. Deze conclusie wordt door veel commentatoren echter wel gemaakt.
De aard en functie van de tekst komt in het concluderende hoofdstuk 6 tenslotte aan het
licht. De tekst stelt het zo voor, dat ‘staan in de raad van JHWH’ een zeer intense en nabije ervaring
was voor diverse profeten. Toch mag deze beschrijving niet zonder meer op Jeremia worden
geprojecteerd. De tekst beoogt niet op positieve, stellende wijze te zeggen dat Jeremia in Gods hemelraad aanwezig is geweest om daar Gods woord te zien en te horen. De scheiding tussen
JHWH en Jeremia’s tegenstanders wordt door middel van deze polemisch getoonzette profetie
echter wél des te groter. Voor Jeremia wordt duidelijk dat hij desondanks op een andere wijze met zijn hemelse Zender zeer vertrouwd was. Deze getrouwe profeet kende de verborgenheden van
JHWH, om ze vervolgens bekend te maken conform zijn opdracht
Untitled : or does a relationship need a label? : An investigation of Ruth 1:14-17/18
International Master of Theology ; Old Testamen
Kohlbrugge en de vervangingsleer : elkaars (onuitgesproken) vrienden?
Masterthesis Gemeentepredikan
Heilzame presentie : diaconale betrokkenheid als leeromgeving voor protestantse kerken
Proefschrift Protestantse Theologische Universiteit (Groningen) d.d. 28 juni 2018
Niets gaat ooit verloren : transcendentie en transformatie in het denken van Charles Taylor
Proefschrift Protestantse Theologische Universiteit (Amsterdam) d.d. 1 juni 2018
Heeft de Bijbel effect? : Een onderzoek naar Bijbellezen in de Amsterdamse pioniersgemeenschap Heilig Vuur West en de invloed daarvan op deelnemers
Masterthesis Practice
Two of a kind : the identity of cooperation schools in the Netherlands and the correlation with religious education
Verkenning naar samenwerkingsscholen voor basisonderwijs in Nederland van de levensbeschouwelijke waarden die door leerkrachten, directies en schooldocumenten worden geformuleerd.
Proefschrift Protestantse Theologische Universiteit (Amsterdam) d.d. 12 december 2018.
Met samenvatting in het Nederlands