52 research outputs found

    Huis met historie : Zonnestraal: een wegwerpgebouw bewaren voor de eeuwigheid - verdrinkingsdood van 'het Schip op de Heide'

    No full text
    Wessel de Jonge (1957), architect in Rotterdam, is al vele jaren in de weer met de bouwkundige geschiedenis van Zonnestraal. Als onderzoeker van de Technische Universiteit Eindhoven is hij de laatste jaren bovendien meer en meer betrokken geraakt bij de toekomst van dit opmerkelijke complex, dat als een van de meest zuiver voorbeelden van het Nieuwe Bouwen een wereldfaam heeft. Met collega Hubert-Jan Henket heeft hij enkele jaren geleden een uitgebreid onderzoek uitgevoerd naar de restauratiemogelijkheden voor Zonnestraal. Op verzoek van de Rijksdienst Monumentenzorg is hij als adviseur bij de restauratie van Gooiland betrokken geweest, om zo zijn bevindingen in de praktijk te toetsen. Op dit moment onderzoekt hij de haalbaarheid van hergebruik van Zonnestraal door het FNV. Daarom heeft de redactie hem gevraagd in een lezing toe te lichten wat daarbij zoal komt kijken. Misschien niet zo'n gemakkelijk verhaal, maar stevige kost voor elke rechtgeaarde Hilversummer. Dit artikel is een weerslag van de lezing die Wessel de Jonge hield voor AP in mei jongstleden

    M & L Jaargang 20/1

    No full text
    Serge Landuyt en Malvina Buonocore Het funerair oeuvre van Artus Quellinus de Jonge. [Artus II Quellinus the Younger.]Ludo Royen, Hubert Bats, Marc De Borgher, Herman Van den Bossche en Paul Van den Bremt Fruitteelt en hoogstamboomgaarden in Zuid-Limburg.Veerle Meul Woning De Beir (1924-1925) te Knokke: de wedergeboorte van een Zwart Huis. [The Residence of Dr. De Beir by Huib Hoste in Knokke, 1924.]Summar

    Obedience to the Bishop, Apostolic Protection and Appeal to Rome: The Changing Representation of Abbot Theodoric I of St-Hubert (1055-1086) Against the Backdrop of the Investiture Conflict in the Diocese of Liège

    No full text
    This article demonstrates how the image of Abbot Theodoric I of St-Hubert (1055-1086) was drastically reshaped against the backdrop of the Investiture Conflict to suit contemporary concerns about the relation between the abbey of St-Hubert, the bishop of Liège as its temporal and spiritual lord, and the reform papacy. The Vita Theoderici (c. 1086-1091) and the Chronicle of St-Hubert (also known as the Cantatorium) of Lambert the Younger (c. 1106) pay substantial attention to the obtainment by Abbot Theodoric I of a bull of protection from Gregory VII in 1074 and its tumultuous reception in Liège. However, a comparison of the description of this important episode shows how the abbot’s representation changed from a competent administrator, anxious about the safety of the abbey’s domains but respectful of episcopal rights, to a staunch advocate of the reform program and of papal judicial supremacy. Thus, the shift in the abbot’s representation, which so far has gone unnoticed in previous scholarship, mirrors the dramatic change in the relationship between the abbey in the Ardennes and the bishop of Liège in the 1090s.Obéissance à l’évêque, protection apostolique et appel à Rome : le remaniement de l’image de l’abbé Thierry Ier de Saint-Hubert (1055-1086) dans le contexte de la Querelle des Investitures au diocèse de Liège Cet article démontre que les discussions sur les relations entre l’abbaye de Saint-Hubert, l’évêque de Liège et la papauté réformatrice dans le contexte de la Querelle des Investitures ont conduit à un profond remaniement de l’image de l’abbé Thierry Ier de Saint-Hubert (1055-1086). La Vita Theoderici (env. 1086-1091) comme la Chronique de Saint-Hubert (également appelée Cantatorium ) de Lambert le Jeune (env. 1106) consacrent une place importante à l’obtention par l’abbé d’une bulle de protection de Grégoire VII en 1074 et à la réception tumultueuse de ce document à Liège. Il suffit de comparer la manière dont cet épisode a été décrit dans les deux sources pour observer le changement de présentation de l’abbé : d’administrateur compétent soucieux de la sécurité du patrimoine de Saint-Hubert mais pleinement respectueux des droits épiscopaux à fervent défenseur de la réforme de l’Église et de la suprématie juridique papale. Ce changement, passé inaperçu dans les recherches historiques, reflète l’évolution dramatique qu’a connue la relation entre Saint-Hubert et l’évêque de Liège durant la dernière décennie du XIe siècle.Gehoorzaamheid aan de bisschop, apostolische bescherming en beroep op Rome : de gewijzigde representatie van abt Diederik I van Saint-Hubert (1055-1086) tegen de achtergrond van de Investituurstrijd in het bisdom Luik Dit artikel betoogt dat contemporaine discussies over de relatie tussen de abdij van Saint-Hubert, de bisschop van Luik en het hervormingsgezinde pausdom tegen de achtergrond van de investituurstrijd leidden tot een drastische hertekening van het beeld van abt Diederik I van Saint-Hubert (1055-1086). Zowel in de Vita Theoderici (ca. 1086-1091) als in de Kroniek van Saint-Hubert (ook Cantatorium genoemd) van Lambert de Jonge (ca. 1106) wordt ruime aandacht besteed aan het verkrijgen door deze abt van een bul van Gregorius VII in 1074 en aan de tumultueuze ontvangst van dit document in Luik. Een vergelijking van de wijze waarop deze episode in beide bronnen beschreven wordt, toont aan hoe de voorstelling van de abt wijzigde van een competente administrator, bekommerd om de veiligheid van het patrimonium van Saint-Hubert maar vol eerbied voor de rechten die de bisschop behield als heer van het eigenklooster, tot een vurige verdediger van de Kerkhervorming en van pauselijke juridische suprematie. Deze verandering bleef vooralsnog onopgemerkt in het historisch onderzoek en weerspiegelt de dramatische wijziging die de verhouding tussen Saint-Hubert en de bisschop van Luik onderging in het laatste decennium van de elfde eeuw.Meijns Brigitte. Obedience to the Bishop, Apostolic Protection and Appeal to Rome: The Changing Representation of Abbot Theodoric I of St-Hubert (1055-1086) Against the Backdrop of the Investiture Conflict in the Diocese of Liège. In: Revue belge de philologie et d'histoire, tome 91, fasc. 4, 2013. Histoire médiévale, moderne et contemporaine Middeleeuwse, moderne en hedendaagse geschiedenis. pp. 877-904

    DOCOMOMO. Modern architecture and heritage

    No full text
    The international organisation DoCoMoMo, founded in 1988 in Holland by the architects Hubert-Jan Henket and Wessel de Jonge, is renowned worldwide for its guardianship of modern architectural heritage. This article summarises the history of this organization and its links with UNESCO for adding works of the Modern Movement to the World Heritage List where, recently, the work of Le Corbusier has been incorporated. Special attention has been paid to protecting small-scale modern heritage, the contributions of national committees in the corresponding registers being of great importance to this task. Among those committees, the Iberian DoCoMoMo is worthy of mention for having documented more than 1,200 works in the different Registers of Modern Architecture from 1925 to 1965

    Scholieren en hun ouders

    No full text
    Abstract: De jezu\uefeten liggen aan de basis van het moderne onderwijs. In hun colleges hanteerden ze een zeer doordacht onderwijssysteem om de elite van de zestiende en zeventiende eeuw op te leiden. Maar daarnaast probeerden ze ook de andere jongeren tot het geloof te brengen door boeken te maken die de jonge mensen konden aanspreken. te maken. Daartoe imiteerden ze populaire genres waaraan ze een religieuze invulling gaven

    Bouwtechnisch onderzoek 'Jongere bouwkunst' /

    No full text
    Deel 1: Methode restauratiekeuzeDeel 2: Demonstratie Dresselhuys paviljoenIn opdracht van de Rijksdienst voor de monumentenzorg, Zeist

    Keuzes voor restaureren nieuwe bouwen in praktijk afgewogen

    No full text
    Hergebruik van gebouwen uit de vroegere moderne architectuur - het Nieuwe Bouwen - komt steeds meer in de belangstelling. Soms betreft het gebouwen, die na een beperkte renovatie· ingreep een tweede jeugd tegemoet gaan. Steeds vaker echter gaat het om waardevolle voorbeelden van deze vooroorlogse architectuur, die ingrijpend worden gerestaureerd. Niet alleen door de specifieke en soms zelfs experimentele oorspronkelijke materiaaltoepassingen geven deze restauraties nu nog al eens problemen. Ook de onderliggende architectuur·opvatting, dat elk gebouw moet zijn ontworpen als een 'maatpak', specifiek voor een bepaalde functie, roept bij een bestemmingsverandering niet zelden moeilijkheden op. De auteurs van dit artikel hebben onderzoek verricht op dit gebied. Ook hebben zij een afwegingsmodel gemaakt, waarmee op een rationele wijze tot keuzes bij het restaureren kan worden gekomen. Dit model is in de praktijk getoetst bij de restauratie van hotel Gooiland in Hilversum. In Renovatie & Onderhoud verschijnen over het restaureren van het Nieuwe Bouwen in de praktijk drie artikelen
    corecore