337 research outputs found
Towards adualism: becoming and nihilism in Nietzsche's philosophy
This chapter argues that Nietzsche held two doctrines of becoming: one more radical, which he requires to fend off nihilism, and one much more moderate—the ontology of relations he develops under the label ‘will to power’. Based on the latter he develops what the author call his ‘adualistic’—neither monistic nor dualistic—practice of thought, a ‘simultaneity-thinking’ (Zugleich-Denken) that is no longer subject to nihilism. For Nietzsche’s belief in the reality of the threat of nihilism to be intelligible, the author attributes to Nietzsche at least three assumptions that underpin his entire project: (1) ‘what there is, is becoming (and not being)’, (2) ‘most (if not all) strongly believe in being’, and (3) nihilism is a function of the belief in being
Landscapes or seascapes? The history of coastal environment in the North Sea area : a new state of the art
Nietzsche’s critique of staticism: Introduction to Nietzsche on time and history
Why are we still intrigued by Nietzsche? What the author argues in this chapter is that this sustained interest stems from Nietzsche’s challenge to what we might call the ‘staticism’ inherent in our ordinary experience. ‘Staticism’ can be defined, roughly speaking, as the view that the world is a collection of enduring, re-identifiable objects that change only very gradually and according to determinate laws. This article claims that as long as human beings subscribe to the ‘staticist picture’ Nietzsche will remain of interest. First, the chapter discusses Nietzsche’s rejection of the remnants of staticism in Hegel and Schopenhauer (both of whom, he holds, remain fundamentally opposed to taking time and history seriously). Second, it briefly outlines why Nietzsche deems the belief in any variant of the staticist picture as problematic. Finally, it examines Nietzsche’s adualistic-dialetheic stance towards the staticist worldview
De inrichting van een getijdenlandschap. De problematiek van de vroegmiddeleeuwse nederzettingsstructuur en de aanwezigheid van terpen in de kustvlakte: het voorbeeld van Leffinge (gemeente Middelkerke, prov. West-Vlaanderen)
M & L Jaargang 26/6
Dieter Nuytten, Lode De Clercq en Piet Stevens Bouwgeschiedenis en restauratie van het voormalige gastenkwartier van de abdijsite van Vlierbeek in Kessel-lo. [Building history and restoration of the former guesthouse of the abbey site Vlierbeek in Kessel-lo.]Als geen ander kreeg de voormalige benedictijnenabdij van Vlierbeek in de loop van haar geschiedenis alle mogelijke (tegen)slagen te incasseren. Gesticht halverwege de 12de eeuw wordt de bloeiperiode vanaf de 16de eeuw gevolgd door financiële aderlatingen, plundering en brandstichting, uitdrijving van de monniken, verbeurdverklaring van de gebouwen, openbare verkoping en sloop.Behalve de kloosterkerk bleef desondanks ook het 18de-eeuwse gastenkwartier bewaard, een getuige van de heropflakkering onder de jansenitisch gezinde abt Pieter Paradaens en omwille van zijn barok inkomportaal door Plantenga geroemd als één der fraaiste in het hertogdom Brabant.Naar aanleiding van de restauratie in 2006 en geruggensteund door fors archiefmateriaal situeert Dieter Nuytten de jongste ingreep in de ruimere historische context.Inge Verdurmen en Dries Tys De militaire domeinen in Vlaanderen, bewaarplaatsen van archeologische en landschapshistorische relicten. [The significance of military domains in Flanders regarding archaeology, history and landscape.]Het moge contradictorisch lijken, maar precies omwille van hun specifiek gebruik blijken de uitgestrekte militaire domeinen sinds de 19de eeuw behoorlijk ongerepte reservaten te zijn gebleven van elders verdwenen archeologisch en paleo-ecologisch erfgoed.Binnen de diverse bewaarde landschapstypes spannen heidelandschappen als door de mens gevormde cultuurlandschappen hierbij de kroon.Van neolithicum tot de 20ste eeuw bewaarden ze sporen van hun gestage evolutie naast een veelbelovend bodemarchief: voor Inge Verdurmen en Dries Tys voldoende redenen om, na een verkennende studie, te pleiten voor uitvoerig onderzoek en de uitwerking van een voor elkeen aanvaardbaar beheersmodel.Nicky Vergouwen, Evelien van Biezen en Catheline Metdepenninghen De restauratie van de kroonluchter uit de kapel van Karel De Goede in de Sint-Salvatorskathedraal te Brugge. [The restoration of a neo-gothic chandelier.]De zaligverklaring van Karel de Goede in 1882 en de creatie door Jean Baptiste Bethune van een nieuw schrijn voor diens opnieuw populaire relieken in de Brugse Sint-Salvatorkathedraal zou de Sociëteiten van Sint Franciscus Xaverius in 1885 aanzetten tot de bestelling van een monumentale, 4 meters 50 centimeters omspannende neogotische lichtkroon Delineante Petro Raoux en uitgevoerd door de Brugse kopergieter Franciscus Blondel. Ruim 120 jaar later bleek een grondige opknapbeurt niet overbodig: een operatie waar de uitvoersters Nicky Vergouwen en Evelien van Biezen, samen met Catheline Metdepenninghen gedetailleerde toelichting bij verstrekken.Summar
De archeologie van leren schoeisel in de middeleeuwen en nieuwe tijden in Vlaanderen : een chronologische, technische en typologische studie : analyse en interpretatie
Maritime and River Traders, Landing Places, and Emporia Ports in the Merovingian Period in and Around the Low Countries
La Flandre, les Flamands et le flamand, d'hier à aujourd'hui
1. Le 3 juin 2003 de 17h30 à 19h30 à l’Université Catholique de Lille, 60 boulevard Vauban, (salle 170) Présentation : Eric Vanneufville : « Géographie de la Flandre » Conférence : Dries Tys : « La formation du littoral flamand et l’intervention hu
- …
