998 research outputs found
Bibliographics for the 983 eprints in the live archives of E-LIS : trends and status report up to 7th July 2004, based on author-self-archiving metadata
The priority for ideas and philosophy related to "Network Theory" have been traced back and documented by Braun(2004),and credit goes to Karinthy(1929).The IT has empowered to realise it, as the most practical phenomena and it is no more a humour. The OAI (Open Archives Initiatives)and ACIS (Academic Contributor Information System)are progressive in the direction ,which may lead to realise the "Collective Genius" at global level. Focus of present study is on Author-Self-Archiving (A-S-A)Metadata of the 983 Eprints in the Live Archives of the E-LIS (EPrints of Library and Information Science),which were approved till 7th July 2004.The A-S-A Metadata was used for librametric analysis. Self-explanatory bibliographics are illustrated.The highlights include: Conference papers (34%); highest approval, June 2004 (28%); published archives (76%);not refereed (52%); not in public domain (60%); highest self-archiving-author (De Robbio, Antonella).The Nos. of EPrints having single JITA domain specifications were: Theoretical and general aspects of libraries and information(27); Information use and sociology of information(80);Users,literacy and reading(13);Libraries as physical collections(30);Publishing and legal issues(57);Management(13);Industry, profession and education(36);Information sources, supports, channels(113) ; Information treatment for information services, Information functions and techniques (101); Technical services libraries, archives and museums(25); Housing technologies(1); Information technology and library technology(92); and Inter-domainery (395) i.e. having specifications of two or more than two JITA classes
Verkeersvoorspellingen met modellen: Een voorspelling over modellen (lecture)
Verkeersmodellen worden gebruikt om de verkeerssituatie te voorspellen. Daarbij zijn twee dimensies van belang: het detailniveau van het model en de beschikbare rekentijd. Dit artikel analyseert de beide dimensies en de argumenten aan om voor een bepaald niveau te kiezen. Het artikel geeft voorbeelden van beschikbare modellen, maar gaat bovenal in op de te verwachten ontwikkeling. In het bijzonder wordt ingegaan op de mogelijkheden van een hoog aggregatieniveau en een dynamische beschrijving. Deze modelbeschrijving kan zeer relevant worden voor toekomstige maatregelen voor dynamisch verkeersmanagement.Transport & PlanningCivil Engineering and Geoscience
Ingegoten spoor op bruggen: Onderzoek naar prestatieverbeteringen voor verlengen van levensduur en snellere reparatie van ingegoten spoor op bruggen
In dit verslag wordt een alternatieve uitvoering gezocht voor de intensieve reparatiewerkzaamheden van ingegoten spoorstaaf constructies op stalen spoorbruggen. Gedurende het onderzoek is informatie ingewonnen door gesprekken met verschillende bedrijven. Allereerst is gesproken met ProRail over de problematiek en de probleemstelling. Vervolgens heeft een gesprek plaatsgevonden met het bedrijf Edilon)(Sedra welke de ontwikkelaar is van het ingegoten spoor en de wereldwijd marktleider hierin is. Ook is gesproken met aannemer StruktonRail over de reparatie en uitvoering van ingegoten spoor op de Moerdijkbrug. Op deze manier is een volledig beeld gevormd van de problemen en mogelijkheden. Er is geprobeerd om een onafhankelijk standpunt in te nemen waardoor zowel in gesprek is gegaan met de opdrachtgever en spoorbeheerder (ProRail), de ontwikkelaar en verkoper van het ingegoten spoor (Edilon)(Sedra en de aannemer StruktonRail. De aanbevelingen zijn zowel voor het veranderen van de probleemsituatie die nu voorkomt op huidige constructies, maar is vooral ook bedoelt als aanbeveling voor de constructie van toekomstige kunstwerken. Er wordt een onderscheidt gemaakt in aanbevelingen die uitvoerbaar zijn op de huidige spoorbruggen en op aanbevelingen voor methodes waarvoor extra onderzoek nodig is. De belangrijkste aanbeveling is om het voorgedragen ontwerp te testen voor haalbaarheid in de spoorconstructie.Civil Engineering and GeosciencesStructural EngineeringRailway Engineerin
Modellering van een transitiezone in Ansys
Transitiezones zorgen in de railbouwkunde al geruime tijd voor problemen. De werkelijke oorzaken van deze overgangen van regulier spoor naar een civiel kunstwerk blijven onduidelijk, terwijl de onderhoudskosten significant hoger zijn ten opzichte van andere delen van het spoor. Daarom is het interessant om meer inzicht te krijgen in deze transitiezones en welke responsies zij leveren bij een overrijdende trein. Het doel van dit rapport is om deze responsies in kaart te brengen en vervolgens het effect van enkele maatregelen op deze responsies te toetsen. Dit leidt tot de volgende onderzoeksvraag: Hoe kunnen de responsies in een transitiezone met gebruik van de eindige-elementenmethode in een model worden verduidelijkt? Voor het modelleren wordt gebruikgemaakt van het eindige-elementenmethodeprogramma Ansys. Als uitgangspunt voor het model wordt de labopstelling van de TU Delft genomen. In deze opstelling bestaat de transitiezone uit een bak met ballast met daaroverheen een spoorweg. Aan de uiteinden vormen stalen liggers het regulier spoor en het civiel kunstwerk.Het gecreëerde model wordt vergeleken met de analytische Zimmermanmethode om het model te kunnen valideren. Verder geeft het Ansysmodel extra inzicht in de directe overgang van regulier spoor op het civiel kunstwerk en kunnen ontstane spanningen beter worden bepaald. Drie mogelijke maatregelen worden aangedragen om de spanningen en verplaatsingen te verminderen in de transitiezone, waardoor er een daling in de onderhoudskosten kan worden bereikt. Deze drie maatregelen, het verbreden van dwarsliggers, het aanbrengen van railframes en het verlijmen van ballast, zijn alle gericht op de bovenbouw, omdat deze op relatief korte termijn kunnen worden geïmplementeerd. Wat betreft de zakkingen in y-richting worden deze bij alle drie maatregelen kleiner. Hierbij zorgen de verbrede dwarsliggers en de railframes voor enkele procenten mindering van de normale zakking. Het verlijmen van ballast heeft nog meer effect. Met deze maatregel kan de maximale zakking met meer dan dertig procent worden gereduceerd. Als er gekeken wordt naar de verandering in spanning in het ballastbed en de ondergrond als gevolg van de voorgestelde maatregelen, kan een minder eenduidig beeld worden geschetst. Sommige spanningen nemen toe, terwijl andere spanningen kleiner worden. Wel kan worden gesteld dat door het verlijmen van ballast de spanning in de ondergrond toeneemt. Om die reden is het niet mogelijk om één maatregel te kiezen die het beste werkt om de problemen in de transitiezone op te lossen. Op basis van de zakkingen heeft het verlijmen van ballast het meeste effect, terwijl de verbrede dwarsliggers en de railframes juist zorgen voor een afname ofwel het gelijk blijven van de spanningen in het ballastbed en de ondergrond.Railway Engineerin
Social mechanisms of media institutions: The genesis of recipient's preferences
Within the framework of sociology of media the author explains the behavior of target audiences in the nowadays media environment, analyzes the changing nature of the relationship between the sender and the recipient of the message. The article considers the social mechanisms of the contemporary media institutions and changes in media consumption preferences of different social strata under the growing influence of communication technologies. The author believes that the digitalization determines the audience's need for explanation instead of just information. The virtual reality as a new communication platform becomes a common practice, and the audience becomes its passive participant demanding new ways of realtime access to information. The print media audience is gradually moving from constant reading of one or two mass editions to the study of a large number of specialized media. There is the same trend of the declining share of main television channels in advertising budgets due to the increasing share of specialized network channels. At the same time, advertising budgets are transferred to the mobile platforms for there is a growing need in 'big data' in real time due to the fast development of mobile electronic devices. Tablets and smartphones are attributes of the emerging media ecology that are gradually replacing television for digital generations prefer to watch the same TV content 'outside' the traditional TV environment. © V.L. Mouzykant, 2016
Een nieuwe kijk op verkeersafwikkeling in netwerken
In deze tutorial bespreken we de nieuwste inzichten op het gebied van netwerkdynamica. En nu eens niet op de traditionele manier, waarbij we proberen om een verkeersnetwerk in al haar detail zo nauwkeurig mogelijk te analyseren, modelleren en simuleren. Nee, in deze bijdrage zullen we juist vanuit vogelperspectief naar de verkeersafwikkeling in een netwerk kijken. Onze leidraad hierbij is het netwerk fundamenteel diagram.Transport and PlanningCivil Engineering and Geoscience
Provinciale Toepassingen voor Wegverkeersgegevens: Gebeurtenisdetectie op basis van NDW Verkeersdata
Provincie Zuid-Holland beschikt over wegverkeersgegevens uit verschillende bronnen. Via lussen in de weg worden intensiteiten en puntsnelheden gemeten en door middel van kentekenherkenningscamera’s worden reistijden vastgelegd. Deze verkeersgegevens zijn zowel actueel als in de vorm van historische gegevens beschikbaar. Provincie Zuid-Holland heeft gevraagd waarvoor ze deze verkeersgegevens zoal zou kunnen gebruiken. Daarnaast is Provincie Zuid-Holland in januari 2012 gestart met een eigen kleine verkeerscentrale: de verkeersmanagementdesk. De verkeersmanagementdesk heeft als taak het beheer van de verkeerslichten en het monitoren van het verkeer op de provinciale wegen. Het monitoren van het verkeer gebeurt momenteel met behulp van camerabeelden en verkeersinformatie van derden. Het is echter ondoenlijk om meer dan honderd camerabeelden tegelijkertijd te bekijken om gebeurtenissen zo snel mogelijk op te sporen; vandaar dat de provincie bijzonder gebaat is bij een systeem dat automatisch melding kan maken zodra zich een ongewone gebeurtenis voordoet. De mogelijkheden voor een dergelijk gebeurtenisdetectiesysteem voor provinciale wegen zijn onderzocht. Hiervoor is gebruik gemaakt van wegverkeersgegevens uit de Nationale Databank Wegverkeersgegevens, voor tweehonderd meetpunten op provinciale wegen in Zuid-Holland. Het afstudeerwerk geeft antwoord op de volgende onderzoeksvraag: Welke wegverkeersgegevens zijn beschikbaar binnen provincie Zuid-Holland en welke operationele toepassingen zijn hiermee te realiseren, hoe kunnen irreguliere verkeerstoestanden op provinciale wegen uit deze verkeersgegevens gedetecteerd worden en hoe kan deze detectiemethode worden ingezet als informatievoorziening aan de verkeersmanagementdesk?Transport & PlanningCivil Engineering and Geoscience
The tales of James Hogg, the Ettrick shepherd.
Life of author, v.l. p. [ix]-xvi, signed J.T.B.[v.l] Polmood series. [v.2] Eildon series.Mode of access: Internet
Invoering railgebonden voertuig op historische spoorlijn van de Veluwsche Stoomtrein Maatschappij
In het gebied Apeldoorn – Dieren ligt een oude spoorlijn van de Veluwsche Stoomtrein Maatschappij die op dit moment alleen nog voor toeristisch gebruik wordt geëxploiteerd. Om de bereikbaarheid van het gebied te vergroten wordt er onderzoek gedaan naar de mogelijkheid om hier een railgebonden voertuig op de introduceren. Dit leidt tot de vraag; “Hoe kan in het gebied Apeldoorn – Dieren een railgebonden voertuig worden geïntroduceerd op de oude spoorlijn van de VSM?” Om deze vraag te beantwoorden is er gekeken naar verschillende aspecten. Het gaat hier om de aanwezige infrastructuur, soorten railgebonden voertuigen, relevante referentieprojecten, verschillende technische aspecten, duurzame energietoevoer en aanpassingen die nodig zijn aan de infrastructuur om dit te realiseren. De lijn bestaat uit de stations Apeldoorn, Beekbergen, Loenen, Eerbeek en Dieren. De stoomtrein heeft een eigen dienstregeling en rijdt in het hoogseizoen ongeveer twee keer per dag. De huidige infrastructuur geeft beperkingen voor de introductie van een railgebonden voertuig. Zo ligt er enkelspoor en is de maximale snelheid op de lijn 40 km/h. Voor het railgebonden voertuig is gekozen voor een light rail voertuig. Dit is een licht voertuig wat snel kan accelereren. Verder mag er om de historische waarde van de VSM lijn te behouden, geen bovenleiding worden aangelegd. Om deze reden is er onderzoek gedaan naar verschillende soorten energietoevoer. Vanwege duurzaamheidsredenen en de aanwezige infrastructuur is er gekozen voor een batterij. De energie zal komen van windmolens die in de provincie geplaatst worden. Met behulp van de referentieprojecten zijn er verschillende technische aspecten uitgelicht. Hieruit is voort gekomen dat het van belang is dat de wissels en wielen goed op elkaar afgestemd zijn. Wanneer de wielen te klein of te groot zijn voor de wissels, kan dit zorgen voor ontsporingen, zoals gebeurd is bij de RandstadRail. Verder zijn de perronhoogte, seinen en communicatie tijdens de uitvoering van het project van belang om conflicten te voorkomen. Kijkend naar en rekening houdend met deze aspecten zijn er verschillende aanpassingen nodig aan de lijn om een railgebonden voertuig daarop te introduceren. Dit betreft onder andere de laadinfrastructuur op de perrons van Dieren en Apeldoorn. Verder zijn er ook verscheidene aanpassingen langs de lijn zelf nodig. Denk hierbij aan het verlengen van perrons en het plaatsen van wissels en extra stukken rails. Met behulp van deze aanpassingen is het mogelijk om een voertuig te introduceren wat er 35 minuten over doet om van Apeldoorn naar Dieren rijdt en andersom. Deze zal één keer per ruim half uur rijden. Echter, reflecterend op het onderzoek zijn er verscheidene aannames gemaakt die het niet reëel maken om een railgebonden voertuig op deze lijn te introduceren. Er is al een buslijn aanwezig met dezelfde frequentie die er een kwartiertje langer over doet. Voor de aanpassingen die gemaakt moeten worden aan de infrastructuur weegt dit niet op tegen de gevonden resultaten. Verder is er geen onderzoek gedaan naar de bereikbaarheid en is het niet bekend of de aanname dat deze verhoog moet worden, juist is.Civil Engineerin
Traffic flow on pedestrianized streets
Green Open Access added to TU Delft Institutional Repository ‘You share, we take care!’ – Taverne project https://www.openaccess.nl/en/you-share-we-take-care Otherwise as indicated in the copyright section: the publisher is the copyright holder of this work and the author uses the Dutch legislation to make this work public.Transport and Plannin
- …
