1,201 research outputs found

    Point référentiel et imparfait

    No full text
    Molendijk Arie. Point référentiel et imparfait. In: Langue française, n°67, 1985. La pragmatique des temps verbaux, sous la direction de Co Vet. pp. 78-94

    Tua res agitur:Gerardus van der Leeuw and the phenomenology of religion

    No full text
    Het laatste hoofdstuk, van Arie Molendijk, gaat helemaal over de godsdienstfenomenologie van de vermaarde 20ste-eeuwse theoloog en godsdienstwetenschapper Gerardus van der Leeuw. Of beter gezegd, Molendijk laat zien hoe Van der Leeuw godsdienstwetenschapper was met een theologische agenda. Hij laat zien wat de kracht was van Van der Leeuws methode, en de zwakte ervan, dat laatste vooral als je kijkt naar de hedendaagse academische context. (Of zoals Molendijk zegt, met Van der Leeuws methode zou je vandaag de dag geen NWO-subsidie meer binnenhalen.)Het laatste hoofdstuk handelt over Gerardus van der Leeuw, een van de grootste geleerden uit de geschiedenis van de Groningse universiteit met een internationale uitstraling. Als publiek figuur was hij ook in de media aanwezig. Van der Leeuw was naast godsdiensthistoricus en religiewetenschapper, ook volop theoloog. Dat maakt zijn werk soms moeilijk te plaatsen. Bovendien was hij een uiterst bewegelijk denker die zich niet bekommerde om terminologische onderscheidingen tussen verschillende disciplines. Arie Molendijk zoomt in op Van der Leeuws fenomenologie. Daar zit een relationeel, humanistisch element in. Volgens Van der Leeuw is de menselijkheid van de mens verankerd in het vermogen tot verstaan. Uiteindelijk is elk verstaan religieus van aard. Verstaan is ook liefhebben, kijken met een liefdevolle blik naar een geliefde voorwerp. Van der Leeuws hermeneutische fenomenologie vindt haar laatste grond in de goddelijke liefde. Ook alle wetenschappelijke verstaan heeft zijn laatste grond in God en leidt uiteindelijk tot God. Al zal met deze visie vandaag de dag geen subsidie voor wetenschappelijk onderzoek worden binnengehaald, toch houdt Van der Leeuw de huidige religiewetenschap een spiegel voor: Godsdienstwetenschap mag de experientiële dimensie van de religie niet miskennen

    Tua res agitur:Gerardus van der Leeuw and the phenomenology of religion

    No full text
    Het laatste hoofdstuk, van Arie Molendijk, gaat helemaal over de godsdienstfenomenologie van de vermaarde 20ste-eeuwse theoloog en godsdienstwetenschapper Gerardus van der Leeuw. Of beter gezegd, Molendijk laat zien hoe Van der Leeuw godsdienstwetenschapper was met een theologische agenda. Hij laat zien wat de kracht was van Van der Leeuws methode, en de zwakte ervan, dat laatste vooral als je kijkt naar de hedendaagse academische context. (Of zoals Molendijk zegt, met Van der Leeuws methode zou je vandaag de dag geen NWO-subsidie meer binnenhalen.)Het laatste hoofdstuk handelt over Gerardus van der Leeuw, een van de grootste geleerden uit de geschiedenis van de Groningse universiteit met een internationale uitstraling. Als publiek figuur was hij ook in de media aanwezig. Van der Leeuw was naast godsdiensthistoricus en religiewetenschapper, ook volop theoloog. Dat maakt zijn werk soms moeilijk te plaatsen. Bovendien was hij een uiterst bewegelijk denker die zich niet bekommerde om terminologische onderscheidingen tussen verschillende disciplines. Arie Molendijk zoomt in op Van der Leeuws fenomenologie. Daar zit een relationeel, humanistisch element in. Volgens Van der Leeuw is de menselijkheid van de mens verankerd in het vermogen tot verstaan. Uiteindelijk is elk verstaan religieus van aard. Verstaan is ook liefhebben, kijken met een liefdevolle blik naar een geliefde voorwerp. Van der Leeuws hermeneutische fenomenologie vindt haar laatste grond in de goddelijke liefde. Ook alle wetenschappelijke verstaan heeft zijn laatste grond in God en leidt uiteindelijk tot God. Al zal met deze visie vandaag de dag geen subsidie voor wetenschappelijk onderzoek worden binnengehaald, toch houdt Van der Leeuw de huidige religiewetenschap een spiegel voor: Godsdienstwetenschap mag de experientiële dimensie van de religie niet miskennen

    Tua res agitur:Gerardus van der Leeuw and the phenomenology of religion

    No full text
    Het laatste hoofdstuk, van Arie Molendijk, gaat helemaal over de godsdienstfenomenologie van de vermaarde 20ste-eeuwse theoloog en godsdienstwetenschapper Gerardus van der Leeuw. Of beter gezegd, Molendijk laat zien hoe Van der Leeuw godsdienstwetenschapper was met een theologische agenda. Hij laat zien wat de kracht was van Van der Leeuws methode, en de zwakte ervan, dat laatste vooral als je kijkt naar de hedendaagse academische context. (Of zoals Molendijk zegt, met Van der Leeuws methode zou je vandaag de dag geen NWO-subsidie meer binnenhalen.)Het laatste hoofdstuk handelt over Gerardus van der Leeuw, een van de grootste geleerden uit de geschiedenis van de Groningse universiteit met een internationale uitstraling. Als publiek figuur was hij ook in de media aanwezig. Van der Leeuw was naast godsdiensthistoricus en religiewetenschapper, ook volop theoloog. Dat maakt zijn werk soms moeilijk te plaatsen. Bovendien was hij een uiterst bewegelijk denker die zich niet bekommerde om terminologische onderscheidingen tussen verschillende disciplines. Arie Molendijk zoomt in op Van der Leeuws fenomenologie. Daar zit een relationeel, humanistisch element in. Volgens Van der Leeuw is de menselijkheid van de mens verankerd in het vermogen tot verstaan. Uiteindelijk is elk verstaan religieus van aard. Verstaan is ook liefhebben, kijken met een liefdevolle blik naar een geliefde voorwerp. Van der Leeuws hermeneutische fenomenologie vindt haar laatste grond in de goddelijke liefde. Ook alle wetenschappelijke verstaan heeft zijn laatste grond in God en leidt uiteindelijk tot God. Al zal met deze visie vandaag de dag geen subsidie voor wetenschappelijk onderzoek worden binnengehaald, toch houdt Van der Leeuw de huidige religiewetenschap een spiegel voor: Godsdienstwetenschap mag de experientiële dimensie van de religie niet miskennen

    Philipp Abraham Kohnstamm and the series ‘Psychology of Disbelief’ (1933-39

    Full text link
    From 1933 to 1939 a series of eight books was published, titled ‘Psychologie van het ongeloof’ (psychology of unbelief). This article pays attention to Ph.A. Kohnstamm, the initiator and editor of this series, and gives an overview of his religious and scientific development. Kohnstamm was a scientist who converted to Christianity. He developed a Biblical personalism and focused on pedagogy in his later life. This article deals with the genesis of this series on this modern subject, and gives a description of the different authors ‐ from various religious backgrounds and sometimes friends of Kohnstamm ‐ and the contents of each issue, of which H.C. Rümke’s on the relation of character and predisposition to unbelief became famous. Kohnstamm wrote a general introduction to the series. Arie Molendijk questions the psychological character of the series and qualifies the series overall as apologetic

    Friedrich Max Müller and the Sacred Books of the East

    No full text
    This volume offers a critical analysis of one the most ambitious editorial projects of late Victorian Britain: the edition of the fifty substantial volumes of the Sacred Books of the East (1879-1910). The series was edited and conceptualized by Friedrich Max Müller (1823-1900), a world-famous German-born philologist, orientalist, and religious scholar. Müller and his influential Oxford colleagues secured financial support from the India Office of the British Empire and from Oxford University Press. Arie L. Molendijk documents how the series has become a landmark in the development of the humanities—especially the study of religion and language—in the second half of the nineteenth century. The edition also contributed significantly to the Western perception of the ‘religious’ or even ‘mystic’ East, which was textually represented in English translations. The series was a token of the rise of ‘big science’ and textualized the East, by selecting their ‘sacred books’ and bringing them under the power of western scholarship

    Jan N. Bremmer, Wout J. van Bekkum, Arie L. Molendijk (éd.), Cultures of Conversions, (Groningen Studies in Cultural Change 18) Louvain, Peeters, 2006 Jan N. Bremmer, Wout J. van Bekkum et Arie L. Molendijk (éd.), Paradigms, Poetics and Politics of Conversion, (Groningen Studies in Cultural Change 19) Louvain, Peeters, 2006

    No full text
    Bastian Jean-Pierre. Jan N. Bremmer, Wout J. van Bekkum, Arie L. Molendijk (éd.), Cultures of Conversions, (Groningen Studies in Cultural Change 18) Louvain, Peeters, 2006 Jan N. Bremmer, Wout J. van Bekkum et Arie L. Molendijk (éd.), Paradigms, Poetics and Politics of Conversion, (Groningen Studies in Cultural Change 19) Louvain, Peeters, 2006. In: Revue d'histoire et de philosophie religieuses, 87e année n°1, Janvier-Mars 2007. pp. 106-108
    corecore