121,657 research outputs found
Gegevens en beschouwingen over scheepshellingen en dokken (colleges prof. Jansen)
Overzicht droogdokken en scheepshellingen. Jaartal geschatHydraulic EngineeringCivil Engineering and Geoscience
Determinants of antifolate and 5-fluorouracil efficacy
Peters, G.J. [Promotor]Pinedo, H.M. [Promotor]Jansen, G. [Copromotor
Molecular mechanisms of bortezomib resistance in acute leukemia
Kaspers, G.J.L. [Promotor]Vollenhoven, R.F. van [Promotor]Cloos, J. [Copromotor]Jansen, G. [Copromotor
Alternative splicing in acute leukemia-relevance in treatment response
Kaspers, G.J.L. [Promotor]Assaraf, Y.G. [Promotor]Cloos, J. [Copromotor]Jansen, G. [Copromotor
Transect-rapport 2818: Inventarisrend veldonderzoek, verkennende fase. Naarden, N2000 Naardermeer, Gemeente Gooise Meren (NH).
In juni 2020 is een archeologisch vooronderzoek uitgevoerd in een plangebied in het N2000-gebied Naardermeer in Naarden (gemeente Gooise Meren). De aanleiding voor het onderzoek wordt gevormd door de uitvoering van diverse (graaf)werkzaamheden in het kader van natuurbeheer. Ten behoeve van deze werkzaamheden is een omgevingsvergunning nodig. In het plangebied is reeds een archeologisch bureauonderzoek (BO) uitgevoerd, op basis waarvan sprake is van een archeologische verwachting in een tweetal deelgebieden (G en H; Verboom-Jansen, 2020). Gezien deze archeologische verwachting en de beoogde bodemingrepen is een waardestelling van het terrein nodig. Om de archeologische verwachting te toetsen is een verkennend booronderzoek voorgesteld om inzicht te krijgen in de landschappelijke ligging, bodemopbouw en de mate van intactheid ervan (Verboom-Jansen, 2020).
Op basis van het verkennend booronderzoek is te concluderen dat in het plangebied verspoeld dekzand aanwezig is op een diepte tussen 0 en 80 cm -Mv (1,4 á 0,7 m -NAP). In het noordoosten bevindt de top van het zand zich circa 30 á 40 cm hoger dan de rest van het plangebied. Van bodemvorming is nauwelijks sprake. In een drietal boringen is een bruine B- en daaronder een bruingele BC-horizont (boringen 4, 10 en 17) en in twee boringen een bruingele BC-horizont aangetroffen (boringen 3 en 8). Daaronder bevindt zich een lichtgrijze tot grijsgele C-horizont, die geheel gereduceerd is. In de overige 20 boringen is alleen sprake van een gereduceerde C-horizont. De bodemopbouw is daarmee niet als intact te beschouwen. Dit is veroorzaakt door een secundaire omwerking dan wel verspoeling van het sediment. Dit afgespoelde zand is als vlekkerig en wat rommelig ogend pakket afgezet op het pleistocene zand. Aangezien er geen sprake meer is van een intacte bodemopbouw worden er geen intacte vindplaatsen in het plangebied verwacht. De archeologische verwachting is daarmee naar beneden bij de stellen
Garscha (Karsten) et Klein (Horst G.). Einführung in die Lateinamerika Studien : am Beispiel Peru
Jansen André. Garscha (Karsten) et Klein (Horst G.). Einführung in die Lateinamerika Studien : am Beispiel Peru. In: Revue belge de philologie et d'histoire, tome 60, fasc. 3, 1982. Langues et littératures modernes — Moderne taal- en letterkunde. pp. 722-723
Foreign-born Olympic athletes 1948 - 2012
It is often believed that the Olympic Games have become more migratory. The number of Olympic athletes representing countries in which they weren’t born, is thought to be on the rise. It should, however, be noted that migration in the context of sports is hardly a new phenomenon. To study the question of whether the Olympic Games have become more migratory, we constructed a dataset consisting of approximately 40,000 participants from eleven countries that participated in the Summer Olympics between 1948 and 2012.
Based on the data, J. Jansen and G. Engbersen have written an academic paper. The paper is published in the international, peer-reviewed open access journal Comparative Migration Studies. In the paper, the authors show that, as a reflection of global migration patterns and trends, the number of foreign-born Olympians hasn’t necessarily increased in all countries. Rather, the direction of Olympic migration has changed and most teams have become more diverse. Olympic migration is thus primarily a reflection of global migration patterns instead of a discontinuity with the past
Valence bond model analysis of alkali metal hydrides and hydrogen halides on the basis of exchange perturbation theory
Exchange perturbation theory is applied, in the framework of the valence bond method, to study chemical bonding in the series of alkali metal hydrides and hydrogen halides. It is shown that, using a basis set of atomic functions limited to a very few spherical or polarized Gaussian-type orbitals, with optimal parameters determined a priori under the constancy of first-order ''betaR'' products given in a previous paper (G. Dotelli, E. Lombardi and L. Jansen, J. Mol. Struct. (Theochem), 276 (1992) 159, it is possible to reproduce experimental data on the equilibrium distances, ground state dissociation energies and vibrational constants, with an accuracy comparable to that obtained by extensive ab initio calculations
Novel Experimental Therapeutic and PET Imaging of Activated Macrophages in Rheumatoid Arthritis
Lammertsma, A.A. [Promotor]Jansen, G. [Copromotor]Molthoff, C.F.M. [Copromotor]Laken, C.J. van der [Copromotor
- …
