1,721,903 research outputs found
Portraying witnesses. The apostles in early Christian art and poetry
Contains fulltext :
126845.pdf (Publisher’s version ) (Open Access)Radboud Universiteit Nijmegen, 03 juni 2014Promotores : Blaauw, S.L. de, Poel, M.G.M. van der Co-promotor : Hunink, V.J.C.596 p
Dreams in Apuleius’ Metamorphoses
Contains fulltext :
42207.pdf (Publisher’s version ) (Open Access
Ariadne's tweelingzuster. Catullus 64 als voorbeeld voor Heroides 10 en ander werk van Ovidius over Ariadne.
In deze scriptie wordt bepleit dat aan de hand van verschillende overeenkomsten tussen de ekphrasis in Catullus' Carmen 64 en Ovidius' Heroides 10 gesteld kan worden dat Ovidius Catullus' werk als voorbeeld heeft gebruikt voor zijn heldinnenbrief. Er wordt m.n. naar thematiek gekeken, maar ook op woordniveau worden parallellen getrokken. Daarnaast wordt ander werk van Ovidius aangehaald, waarin Ariadne een rol speelt: Ars Amatoria, Metamorphosen, Fasti en Tristia
De Passie van de heiligen Perpetua en Felicitas.
Tekstuele vergelijking tussen de verschillende tekstversies van de Passio sanctarum Perpetuae et Felicitatis. De Latijnse en de Griekse Passio worden met elkaar vergeleken, waarbij uitgegaan wordt van de originaliteit van het Latijn. De focus ligt op de vraag wat de verschillen tussen de twee versies zeggen over het doel van de vertaler. Daarna worden de twee Acta sanctarum Perpetuae et Felicitatis met de Passio en onderling vergeleken. Wederom wordt besproken wat de verschillen zeggen over de verhoudingen tussen de teksten en de bedoelingen van de auteurs
"In hun mond lag de valstrik van de Duivel": Augustinus' debatten met manicheeërs
In deze scriptie worden de debatten van de heilige Augustinus met twee manicheeërs, Fortunatus en Felix, geanalyseerd. In het bijzonder wordt er gekeken naar de retorische aanpak van de sprekers, en hoe de retorische scholing van Augustinus daarin naar voren komt. Daarbij wordt er aandacht besteed aan het manicheïsme en haar stichter Mani, en de verhouding met deze stroming ten opzichte van de katholieke kerk. Dit wordt afgezet tegen de context van de twee debatten
Quis Perpetua Mundum Ratione Gubernat? Platoonse en Christelijke Interpretaties van het Timaeus-gedicht (Boethius De Consolatione Philosophiae 3.metrum.9).
In deze scriptie worden de platoonse en christelijke interpretaties van Boëthius' Timaeus-gedicht met elkaar vergeleken. Ik onderzoek op welke manier het gedicht zich leent voor deze interpretaties en of de ene interpretatie de andere uitsluit. De scriptie is geschreven in de vorm van een lopend commentaar. De christelijke commentaren van Bovo van Corvey, Remigius van Auxerre en Adalbold van Utrecht worden gebruikt voor de christelijke interpretatie. Zij verwerpen vaak de platoonse onderdelen van het gedicht en proberen het gedicht uit te leggen volgens de christelijke doctrine. De platoonse commentaren leggen uit op welke manier het gedicht onderdelen van Plato's Timaeus laat zien. Op veel plekken laat het gedicht beide interpretaties toe, maar de platoonse invloeden zijn zelden te verwerpen, hoewel de christelijke commentatoren dat hier en daar wel doen
Menselijkheid in de jacht en haar dieren. Een vergelijking van de visie op de jacht tussen Oppianus’ Halieutica en de Cynegeticae van Pseudo-Oppianus, Grattius en Nemesianus
In deze scriptie ga ik in op welke visie op de jacht uit de leerdichten van vier verschillende leerdichters spreekt en in welk opzicht daaruit de menselijkheid naar voren komt. Concluderend is uit de behandelde passages te zeggen dat de leerdichters instructie geven op technisch of op sociaal vlak, waarbij op sociaal vlak de dichter de lezer motiveert om te reflecteren op de mensenwereld. Opvallend is dat de Latijnse leerdichters, Grattius en Nemesianus, positief staan ten opzichte van de jacht. In de in deze scriptie behandelde passages is namelijk geen negatieve kritiek gevonden. Nemesianus is de enige leerdichter van de vier leerdichters waarbij geen diepere politieke laag is gevonden in deze scriptie. De Griekse leerdichters, Oppianus en Pseudo-Oppianus, staan juist vrij negatief tegenover de jacht. Zij gebruiken hun kritiek om de mens een spiegel voor te houden over de morele grenzen van menselijkheid
Poeta noster of Poeta Insignis Illorum? Augustinus’ omgang met Vergilius’ Aeneïs.
In deze scriptie wordt de omgang van Augustinus met Vergilius’ Aeneïs en de ontwikkeling hierin onderzocht. Enerzijds is er sprake van een zekere vertrouwdheid van Augustinus met Vergilius, met name door de belangrijke rol die de klassieke dichter in het onderwijs speelde. Anderzijds laat de kerkvader zich in verschillende van zijn werken kritisch uit over Vergilius. Om de rol die Vergilius en zijn werk spelen in Augustinus’ werken te onderzoeken zijn de referenties aan Vergilius’ Aeneïs in met name Augustinus’ Confessiones en De Civitate Dei en de manier waarop Vergilius hierin wordt gebruikt bestudeerd. In het laatste hoofdstuk zijn deze bevindingen geplaatst in de ontwikkeling die Augustinus doormaakt in zijn houding ten opzichte van Vergilius. Hoewel de afstand tot Vergilius en de mate waarin Augustinus hem als gevaarlijke heiden beschouwt toenemen in de loop van Augustinus’ werken, lijkt hij Vergilius tot op zekere hoogte als gezaghebbend te blijven beschouwen
Op zoek naar de tijd. Tijd en eeuwigheid in Plato, Plotinus en Augustinus.
Het bachelorwerkstuk onderzoekt de invloed van de tijdstheorieën van Plato en Plotinus op die van Augustinus. Deze drie auteurs stellen de vraag naar het wezen van de tijd. Ze wijzen daarbij op de complexiteit van tijd. Om een definitie van tijd te kunnen geven, onderzoeken alle drie de auteurs ook de eeuwigheid, ofwel om tijd eruit af te leiden, ofwel om het er juist tegen af te zetten. Bovendien bekijken zowel Plato als Augustinus het fenomeen tijd in het licht van de schepping van het universum. De onderzoeksvraag van deze scriptie is: in hoeverre heeft Augustinus Plato’s gedachtegoed over tijd en eeuwigheid in de Timaeus opgenomen in zijn eigen ideeën hierover in boek elf van de Confessiones en in hoeverre heeft Plotinus’ theorie over tijd en eeuwigheid in het zevende traktaat van Enneade III hierbij een bemiddelende rol gespeeld
Augustinus en zijn vrouwen. Vrouwbeelden in de Confessiones.
Het bachelorwerkstuk geeft een analyse van de vrouwbeelden in de Confessiones. Augustinus spreekt in zijn bekendste werk over zijn moeder en over zijn minnaressen. Er is gekeken naar de manier waarop Augustinus over deze vrouwen schrijft. De ene vrouw heeft een grotere rol gespeeld in Augustinus' leven dan de andere en er is ook een groot verschil in hoe uitgebreid Augustinus de vrouwen bespreekt in zijn werk
- …
