1,722,942 research outputs found

    Grontmij Archeologische Rapporten 1351

    No full text
    In opdracht van G. de Monte van Meulen Projectontwikkeling B.V., heeft Grontmij Nederland B.V. tussen 20 juni en 2 juli 2011 een archeologische opgraving (AO) uitgevoerd in het deelgebied Solvay van het plangebied Zuidelijke Stadsrand Roermond. Het deelgebied Solvay ligt te Merum in de gemeente Roermond. Bij de uitvoering van het archeologisch onderzoek werden onder verschillende omstandigheden archeologische vondsten aangetroffen. Het aangetroffen materiaal bestaat uit aardewerk, keramisch bouwmateriaal, bot van paarden of runderen, metaal en natuursteen. Een groot deel van het aangetroffen aardewerk dateert uit de 13e eeuw maar ook een aanzienlijke component kan worden geplaatst na 900 doch voor 1200 n. Chr. Een vondst is ouder, namelijk prehistorisch, maar deze is als opspit te interpreteren. Slechts drie scherven dateren uit de post-Middeleeuwen. Van de 15 fragmenten grofkeramiek zijn 10 fragmenten afkomstig van materiaal dat uit de Nieuwe tijd, of mogelijk nog net uit de Late Middeleeuwen dateert. De overige vijf fragmenten dateren uit de Romeinse tijd

    GRONTMIJ ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 1349

    No full text
    In opdracht van de Waterleidingmaatschappij Drenthe heeft Grontmij een archeologisch onderzoek uitgevoerd voor het tracé van de nieuw aan te leggen watertransportleiding Beilen-Assen. Het onderzoek heeft bestaan uit een bureauonderzoek voor het tracédeel Hooghalen-Beilen en een inventariserend veldonderzoek in de vorm van een booronderzoek voor het gehele tracé, met uitzondering van de AMK-terreinen, beekdalen en reeds onderzochte terreinen. Uit het bureauonderzoek is gebleken dat het tracé een gebied met dekzand-op-keileem, essen, beekdalen en AMK-terreinen kruist. Er kunnen archeologische resten verwacht worden die dateren vanaf het Laat-Paleolithicum. Uit het veldonderzoek is gebleken dat de bodem in het plangebied bestaat uit dekzand op keileem, soms met een esdek. In enkele gevallen is een intacte podzolbodem aangetroffen, maar over het algemeen zijn de bodems verstoord tot in de C-horizont, of in de keileem. Er zijn in de boringen geen archeologische indicatoren aangetroffen, maar op het maaiveld in de directe nabijheid van een viertal boringen zijn enkele vuurstenen aangetroffen, die een indicator zijn van een mogelijke aanwezigheid van steentijdbewoning. Tevens is in een aantal boringen een esdek aangetroffen

    Grontmij Archeologische Rapporten 1304

    No full text
    Tijdens het proefsleuvenonderzoek zijn in het plangebied, behoudens vondsten onderin de aanwezige beekafzettingen en een Romeinse oeverversterking, geen archeologische fenomenen aangetroffen. Naar verwachting zal er als gevolg van de geplande werkzaamheden dan ook geen verstoring van archeologische waarden optreden. Daarom worden geen aanbevelingen ten aanzien van behoud van archeologische waarden of vervolgonderzoek gedaan

    Grontmij Archeologische Rapporten 1213

    No full text
    Grontmij Nederland B.V. heeft een archeologisch onderzoek uitgevoerd voor de locatie Zwartebroek in de gemeente Barneveld. Het onderzoek heeft bestaan uit een inventariserend veldonderzoek (verkennende fase). Uit het in 2009 door Grontmij Nederland B.V. uitgevoerde bureauonderzoek is gebleken dat het plangebied in een overgangszone ligt tussen hoger gelegen zandgronden en lager gelegen broeklanden. Er bestaat een hoge kans op het aantreffen van archeologische resten, vanwege de aanwezigheid van een esdek en een dekzandrug in een groot deel van het plangebied. Er kunnen archeologische resten verwacht worden die dateren vanaf de Steentijd tot aan de late Middeleeuwen. Tijdens het veldonderzoek is echter gebleken dat het grootste deel van het plangebied uit een deels verstoorde bodem of uit AC-profielen bestaat. Tijdens het veldonderzoek is er geen esdek of dekzandrug aangetroffen. Op basis van deze resultaten kan de hoge archeologische verwachtingswaarde voor onderhavig plangebied derhalve worden bijgesteld naar laag

    GRONTMIJ ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 1176

    No full text
    Grontmij heeft voor het tracé van de persleiding Westerbork-Beilen een archeologisch onderzoek uitgevoerd. Het tracé loopt parallel langs de Westerborker- en Beilerstroom, een genormaliseerde beek. Uit het bureauonderzoek is gebleken dat de omgeving van het plangebied vanaf de Steentijd bewoond/bezocht is geweest. Op enkele locaties bestond een hoge trefkans op het aantreffen van archeologische resten. Uit het veldonderzoek is gebleken dat de bodem in het plangebied bestaat uit bouwvoor op zand, soms verspoeld door de beek, soms met een veenpakket ertussen. Er zijn tijdens het veldonderzoek enkele archeologische indicatoren waargenomen in de vorm van aardewerk en metaal uit de Nieuwe Tijd. Deze vondsten hebben echter geen archeologische context

    Grontmij Archeologische Rapporten 606

    No full text
    Op basis van eerder uitgevoerde proefsleuven (zie CIS 22334) wordt nu een definitief onderzoek uitgevoerd ter plaatse van de aangetroffen resten van een bakstenen waterkelder die tot de hofstede Bloemendaals Begin behoort. Literatuur: H. Jansen, 2008 - Grontmij Archeologische Rapporten 606

    Grontmij Archeologische Rapporten 876

    No full text
    In opdracht van de gemeente Helden heeft Grontmij in december 2009 een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd voor het landbouwontwikkelingsgebied Egchelse Heide te Ecgchel, gemeente Helde

    GRONTMIJ ARCHEOLOGISCHE RAPPORTEN 1284

    No full text
    Grontmij Nederland B.V. heeft een archeologisch onderzoek uitgevoerd voor een plangebied langs het Tjongerkanaal ten zuiden van Heerenveen. Het onderzoek heeft bestaan uit een bureauonderzoek, het uitvoeren van een inventariserend veldonderzoek door middel van boringen (IVO-O) en de rapportage hierover. Uit het bureauonderzoek is gebleken dat het grootste deel van het plangebied relatief laaggelegen is. Het uiterst noordelijke deel van het tracé bevindt zich op een uitloper van een dekzandrug. Ter plaatse van het plangebied bevinden zich volgens de bodemkaart koopveengronden op dekzand, mogelijk komen ook meerbodemafzettingen voor. Er kunnen archeologische resten verwacht worden die dateren uit de Steentijd, de Late Middeleeuwen en de Nieuwe Tijd. Uit het veldonderzoek is gebleken dat onder een afdekkende toplaag bestaande uit verstoord/ opgebracht zand of zavel het grootste deel van de bodem binnen het plangebied bestaat uit beekafzettingen afkomstig van de hier ooit meanderende Tjonger. In de ondergrond is (veen op) zand aangetroffen. In het zand heeft geen podzolering plaatsgevonden. De top van het dekzand of het veen is waarschijnlijk geërodeerd als gevolg van de beekafzettingen. Eventuele archeologisch relevante niveaus zijn hierdoor verdwenen. Het aangetroffen bodemprofiel komt overeen met de gegevens van de bodemkaart

    Grontmij Archeologische Rapporten 1548

    No full text
    In opdracht van de gemeente Echt-Susteren heeft Grontmij Nederland bv in de periode januari tot en met mei 2013 een archeologisch onderzoek uitgevoerd aan de Kerkweg te Maria-Hoop, gemeente Echt-Susteren. Aanleiding tot uitvoering van het onderzoek vormde het voornemen om de Kerkweg her in te richten en een nieuw infiltratieriool aan te leggen. De Kerkweg heeft op de gemeentelijke verwachtingskaart grotendeels een hoge verwachtings-waarde. Een klein deel heeft een lage verwachtingswaarde. Voor gebieden met een lage ver-wachtingswaarde gelden geen restricties. De gemeente heeft besloten dat de graafwerkzaam-heden in het bestaande wegtracé waaraan een hoge waarde is toegekend onder archeologische begeleiding dienden te gebeuren. Het plangebied maakt deel uit van het terrassenlandschap van de Maas. Door insnijding van de Maas ontstond in het Cromerien het terras van Rothem 2, waartoe het uiterste noorden van het plangebied behoort. Het grootste deel van het plangebied valt echter binnen het terras van Ca-berg 2 (Saalien). Het onderzoeksgebied ligt in de zogenaamde Roerdalslenk. De sedimenten van de Rijn en Maas, die tot circa 300.000 jaar geleden door de Centrale Slenk liepen, worden tot de Formaties van Sterksel en Beegden gerekend. Het materiaal waarmee de Centrale Slenk nadien is opgevuld, behoort tot de Formatie van Boxtel. Het betreft een complexe afwisseling van zand en leemlagen, een enkele maal gescheiden door veen. Het zuidelijk deel van het plangebied wordt doorsneden door een droog dal. Deze is op het AHN duidelijk zichtbaar. Nergens binnen het plangebied is een volledig intact bodemprofiel waargenomen. Het gehele plangebied is deels getopt bij de aanleg van de oude wegverharding en de onderliggende stollaag. Er is sprake van een vaaggrond, maar welk type is niet te zeg-gen, daarvoor is de bodemopbouw niet volledig genoeg bewaard. Ten behoeve van de ontginningen die vanaf ca. 1880 in het gebied plaatsvonden werden diver-se ontginningswegen aangelegd, de Kerkweg is daar één van. Deze weg vormde rond 1900 de overgang tussen het heidegebied in het noordwesten, het bos in het oosten en akkers in het zuidwestelijke deel van het plangebied. In de vijftiger jaren van de 20e eeuw en in de daarop volgende jaren ontstond langs de Kerkweg een vrij dicht bebouwingslint. De huidige Schellaert-straat ontstond in de jaren zeventig. In diezelfde periode werd het zuidelijke deel van de Kerk-weg opgehoogd. Onderhavig rapport is opgesteld op basis van de door het veldteam aangeleverde velddata. Deze is echter onvolledig en bovendien niet op een wijze vastgelegd die men zou mogen ver-wachten. Gepoogd is een zo’n volledig mogelijk beeld te schetsen van het uitgevoerde archeo-logisch onderzoek aan de hand van de beschikbare gegevens. Binnen het plangebied werden vijf werkputten aangelegd, ook werd de aanleg van een sloot (passief) archeologisch begeleid. Bij de uitvoering van het veldwerk is afgeweken van het in het Programma van Eisen vastgestelde traject. Wanneer en waarom de werkzaamheden zijn uitge-breid is onduidelijk. Afstemming met het bevoegd gezag hieromtrent kon niet worden achter-haald. Tijdens het onderzoek werden volgens het veldteam geen sporen aangetroffen. Twee vondstnummers werden uitgedeeld. Bij het doornemen van de opgravingsdocumentatie bleken echter diverse archeologische sporen aanwijsbaar. Hiervan kan echter geen nadere informatie worden overlegd. Waardering van de vindplaats (of sporen) kan hierdoor niet plaatsvinden

    Grontmij Archeologische Rapporten 176

    No full text
    Als onderdeel van een (geo)hydrologisch, geotechnisch en milieukundig vooronderzoek heeft de gemeente Haarlem een archeologisch booronderzoek uit laten voeren ten behoeve van de plannen voor de bouw van een nieuw stadion. E.H.L.D. Norde en J. van der Roest, 2005. Archeologisch onderzoek stadion Oostpoort - Zuiderpolder te Haarlem - inventariserend veldonderzoek d.m.v. boringen. GAR 176. Grontmij Nederland B.V
    corecore