1,722,754 research outputs found

    Proefsleuvenonderzoek

    No full text
    Econsultancy heeft in opdracht van Vitelia een proefsleuvenonderzoek uitgevoerd voor het plangebied aan de Busserhofweg (ong.) te Wanssum in de gemeente Venray. Gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel In het hele plangebied kunnen archeologische resten voorkomen uit alle archeologische perioden. De kans op het voorkomen van de resten is middelhoog voor bijna alle perioden met uitzondering van de periode Romeinse tijd die een hoge trefkans heeft. Gevolgde onderzoeksmethode Bij het uitzetten van de proefsleuven in het plangebied bleek dat het plangebied volgens de tekening van de opdrachtgever kleiner was dan in het PvE stond aangegeven. Bovendien lag op het achterterrein van het plangebied een aarden wal. De proefsleuven zijn daarom opnieuw over het terrein verdeeld, met een zo goed mogelijke dekking. In totaal zijn er zeven proefsleuven gegraven met een totale oppervlakte van 532 m². De proefsleuven zijn in de top van de C-horizont aangelegd. Resultaten Proefsleuvenonderzoek Tijdens het proefsleuvenonderzoek in plangebied aan de Busserhofweg (ong.) te Wanssum zijn ze-ven proefsleuven aangelegd met een gezamenlijk oppervlak van 532 m². In twee van de zeven proefsleuven zijn twee aardewerkconcentraties aangetroffen die dateren tussen 900 v.Chr. en 700 v.Chr. Waarschijnlijk zat een aantal losse fragmenten in een afvalkuil en betreft de tweede aardewerkconcentratie een ingegraven voorraadpot. Sporen zijn niet aangetroffen in het plangebied. Mogelijk wordt dit veroorzaakt door verbruining. Tevens is aardewerk uit de Volle- en Late Middeleeuwen aangetroffen dat mogelijk via bemesting (potstal) op het land terecht is gekomen, maar het kan ook zijn dat in de buurt van het plangebied middeleeuwse bewoning heeft plaatsgevonden, aangezien het plangebied enkele honderden meters verwijderd is van de historische kern van Wanssum. Selectieadvies Uit de waardering volgens door de KNA voorgeschreven wijze blijkt dat de vindplaats die is aangetroffen behoudenswaardig is, echter door het ontbreken van sporen, al dan niet veroorzaakt door verbruining, is vervolgonderzoek niet noodzakelijk. Het selectieadvies is daarom dan ook om geen vervolgonderzoek uit te voeren en het plangebied vrij te geven voor verdere ontwikkeling

    Archeologisch Bureauonderzoek Kraakstraat 30 te Hunsel, Gemeente Leudal

    No full text
    Econsultancy bv heeft in opdracht van Arvalis Adviseurs een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd voor het plangebied gelegen aan de Kraakstraat 30 te Hunsel in de Gemeente Leudal. Het inventariserend veldonderzoek in de vorm van een verkennend booronderzoek heeft Econsultancy bv laten uitvoeren door ADC ArcheoProjecten. Het onbebouwde gedeelte van het plangebied heeft een middelhoge archeologische verwachting. Dit komt voort uit de relatief laag gelegen ligging en de mate van bodemverstoring

    Proefsleuvenonderzoek Sexbierum Van Haersoltestrjitte Proefsleuvenonderzoek aan de Van Haersoltestrjitte te Sexbierum in de gemeente Waadhoeke

    No full text
    Binnen het plangebied is een vindplaats aangetroffen te dateren in de 10e en 11e eeuw. Deze vindplaats bestaat uit archeologische resten zoals paalkuilen, greppels, kuilen en één of twee grachten en maken waarschijnlijk deel uit van de middeleeuwse bewoning op de zuidelijke rand van de dorpsterp van Sexbierum. Het niveau van deze archeologische resten bevind zich op het niveau van de natuurlijke kwelderafzettingen, op een diepte van circa 0,20- tot 0,50- NAP, ongeveer 140 tot 170 cm onder maaiveld. Deze vindplaats bevindt zich voornamelijk in het noordelijke deel van het plangebied, in werkput 1 en 3. In het zuidelijke deel, in werkput 2, zijn geen archeologische resten aangetroffen. De bodemopbouw bestaat uit een ophogingspakket, aangelegd in de jaren ’70 voor de bouw van de inmiddels gesloopte woningen, met daaronder een pakket bestaande uit verschillende akkerlagen. Deze akkerlagen worden geïnterpreteerd als valge en zullen zijn opgeworpen om droog te kunnen akkeren en vormen waarschijnlijk de zuidelijke begrenzing van de terp van Sexbierum

    Archeologische begeleiding Hengelo (gld) Raadhuisstraat 1 Archeologische begeleiding aan de Raadhuisstraat 1 te Hengelo (gld) in de gemeente Bronckhorst

    No full text
    Tijdens de begeleiding is gebleken dat er binnen het perceel sprake is van een grotendeels opgebracht bodemprofiel met daaronder een verstoorde top van de natuurlijke ondergrond. Er zijn archeologische relevante resten aangetroffen. Het perceel is twee maal opgehoogd. Allereerst is het gehele perceel in de 18e eeuw tot circa 40 tot 70 cm opgehoogd (van circa 12,30-12,60 tot 13,00 m + NAP). In dit ophogingspakket is vondstmateriaal aangetroffen dat dit pakket dateert in de 18e eeuw. Op dit ophogingspakket is vervolgens een pand gebouwd dat op historisch kaartmateriaal is te zien in de late 18e en vroege 19e eeuw (figuur 4 en 5). Waarschijnlijk hangt dit ophogingspakket samen met grootschalige aanpassingen binnen de dorpskern in Hengelo waarbij onder meer tussen 1830 en 1850 de Laak, die tot dan nog via de noordzijde van de Raadhuisstraat stroomde, is verlegd naar het noorden buiten de dorpskern. Op het 18e eeuwse ophogingspakket is een tweede pakket aanwezig met daarin vondstmateriaal uit de 19e eeuw. Dit pakket is circa 50 cm dik (van circa 13,00 tot 13,50 m + NAP). In dit pakket zijn vervolgens funderingen ingegraven waarop een nieuw pand is opgetrokken. Aan de hand van vondstmateriaal aangetroffen direct onder het muurwerk van één van de dragende muren (spoor 1), kan deze bouwfase gedateerd worden in de tweede helft van de 19e eeuw. Opvallend hierbij is dat dit pand een andere oriëntatie heeft dan het pand uit de late 18e begin 19e eeuw

    Proefsleuvenonderzoek Twello IJsbaanweg 7 Proefsleuvenonderzoek aan de IJsbaanweg 7 te Twello in de gemeente Voorst

    No full text
    Econsultancy heeft in opdracht van Nikkels projecten een proefsleuvenonderzoek uitgevoerd voor het plangebied aan de IJsbaanweg 7 te Twello. Op deze locatie is de initiatiefnemer voornemens het bestaande kantoorpand te slopen en het parkeerterrein en de siertuin/groenstrook te verwijderen, om vervolgens de nieuwbouw van zeven patiowoningen te realiseren. Ter plaatse van de toekomstige bebouwing zal bij de aanleg van een standaard staalfundering de bodem tot aan de top van het “gele” zand worden afgegraven. VVVolgens de archeologische beleidskaart van de gemeente Voorst ligt het plangebied in een gebied met een hoge archeologische verwachting (AV-categorie 5) waarvoor geldt dat archeologisch onderzoek verplicht is als de oppervlakte van de ingreep groter is dan 100 m2 en dieper reikt dan 30 cm -mv. De te realiseren zeven patiowoningen beslaan een bouwoppervlakte van circa 1.670 m². Een gedeelte van deze oppervlakte, circa 525 m², is bebouwd met het bestaande kantoorpand, waar redelijkerwijs het archeologisch potentiële vondst- als sporenniveau reeds zal zijn verstoord en geen aanvullend onderzoek nodig is. Binnen het resterend gebied van 1.145 m2 blijft er risico op de verstoring van eventueel aanwezige archeologie en is archeologisch onderzoek nodig. Het archeologisch onderzoek wordt noodzakelijk geacht om te bepalen of archeologische waarden wel of niet aanwezig kunnen zijn in de ondergrond, die door de voorgenomen bodemingrepen kunnen worden aangetast/verloren kunnen gaan. Voorafgaand aan het proefsleuvenonderzoek heeft Econsultancy een bureauonderzoek en gecombineerd verkennend en karterend booronderzoek uitgevoerd. Bij dit onderzoek is vastgesteld dat er een hoge verwachting binnen het plangebied is op het voorkomen van archeologische resten vanaf het (Laat-)Paleolithicum tot de Nieuwe tijd. Er is daarom geadviseerd om vervolgonderzoek uit te voeren in de vorm van proefsleuven. De gemeente Voorst heeft dit advies overgenomen en daarbij besloten dat er een doorstart naar een opgraving kan plaatsvinden bij het aantreffen van behoudenswaardige archeologie. Het proefsleuvenonderzoek vond plaats gedurende 1,5 werkdag op 2 en 3 december 2021. In totaal zijn er 3 proefsleuven gegraven met een totale oppervlakte van circa 160 m2. Het leesbare vlak is aangelegd in de top van de C-horizont op een diepte tussen 5,15 tot 5,50 m +NAP (op een diepte van circa 1,85 - 2,08 m -mv). Resultaten Proefsleuvenonderzoek Bij het proefsleuvenonderzoek is vastgesteld dat de bovenste 1,00 tot 1,40 m van de bodem binnen het plangebied bestaat uit geroerde en opgebrachte lagen die te relateren zijn aan de bouw van het huidige kantoorpand. Hieronder is een intact eerddek aangetroffen met vondsten daterend tussen de Bronstijd en de Nieuwe tijd. Het eerddek was mogelijk vanaf de Late-Middeleeuwen tot de bouw van het kantoorpand in gebruik. Enkele ploegsporen en mangaanvlekken ondersteunen het langdurig gebruik van het terrein voor agrarische doeleinden. De enige archeologische sporen zijn aangetroffen in het noorden van het onderzoeksgebied, in Wp2. Enkele kuilen met dierlijk slachtafval en een paalkuil wijzen naar het gebruik van dit deel van het terrein als periferie van het 18/19e historische boerderijerf Badijk. Mogelijk heeft hier ooit een schuur of ander bijgebouw gestaan. Selectieadvies Volgens de waardering op KNA voorgeschreven wijze krijgt de site een lage waardering en is niet behoudenswaardig. Het selectieadvies is daarom dan ook om het plangebied vrij te geven voor verdere ontwikkeling en is vervolgonderzoek niet noodzakelijk. Het definitieve selectiebesluit zal worden genomen door de bevoegde overheid, de gemeente Voorst. Mochten tijdens de graafwerkzaamheden toch archeologische waarden worden aangetroffen, dan dient hiervan melding te worden gemaakt conform artikel 5.10 van de Erfgoedwet uit juli 2016 bij het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)

    Archeologische opgraving Maasland Herenlaan 27 Archeologische opgraving aan de Herenlaan 27 te Maasland in de gemeente Midden-Delfland

    No full text
    Tijdens het sleuvenonderzoek in het plangebied aan de Herenlaan 27 te Maasland zijn twee sleuven aangelegd met een gecombineerd oppervlak van circa 380 m2. Aan de zuidzijde van het terrein is de bodemopbouw verstoord tot in de natuurlijke ondergrond tot een diepte van ongeveer 80 cm, vermoedelijk bij de aanleg van de toegangsweg tot het terrein van Kraaijeveld. Hoe ver deze storing reikt binnen het terrein is onbekend. Aan de noordzijde zijn twee archeologische niveaus waargenomen, te weten één sporenniveau dat vanuit de bouwvoor snijdt en één cultuurlaag op een diepte van ongeveer 70 cm. Op basis van het uiterlijk van de sporen in combinatie met de resultaten van Schute uit 1996 kan het bovenste niveau worden gekoppeld aan de Middeleeuwen/Nieuwe tijd. Aangezien de bovenste 45-50 cm van de bodemopbouw is gehomogeniseerd door mengwoelen en er geen adequaat daterend materiaal is aangetroffen, kunnen deze sporen niet scherper worden gedateerd middels hun stratigrafische positie. Het sporenniveau lijkt niet (zwaar) aangetast door het mengwoelen. De cultuurlaag op 70 cm diepte kan op basis van een handgevormde scherf, de stratigrafische positie en het onderzoek van Schute uit 1996 in de IJzertijd/Romeinse tijd worden gedateerd

    Archeologische opgraving Maasland Herenlaan 27 Archeologische opgraving aan de Herenlaan 27 te Maasland in de gemeente Midden-Delfland

    No full text
    Tijdens het sleuvenonderzoek in het plangebied aan de Herenlaan 27 te Maasland zijn twee sleuven aangelegd met een gecombineerd oppervlak van circa 380 m2. Aan de zuidzijde van het terrein is de bodemopbouw verstoord tot in de natuurlijke ondergrond tot een diepte van ongeveer 80 cm, vermoedelijk bij de aanleg van de toegangsweg tot het terrein van Kraaijeveld. Hoe ver deze storing reikt binnen het terrein is onbekend. Aan de noordzijde zijn twee archeologische niveaus waargenomen, te weten één sporenniveau dat vanuit de bouwvoor snijdt en één cultuurlaag op een diepte van ongeveer 70 cm. Op basis van het uiterlijk van de sporen in combinatie met de resultaten van Schute uit 1996 kan het bovenste niveau worden gekoppeld aan de Middeleeuwen/Nieuwe tijd. Aangezien de bovenste 45-50 cm van de bodemopbouw is gehomogeniseerd door mengwoelen en er geen adequaat daterend materiaal is aangetroffen, kunnen deze sporen niet scherper worden gedateerd middels hun stratigrafische positie. Het sporenniveau lijkt niet (zwaar) aangetast door het mengwoelen. De cultuurlaag op 70 cm diepte kan op basis van een handgevormde scherf, de stratigrafische positie en het onderzoek van Schute uit 1996 in de IJzertijd/Romeinse tijd worden gedateerd

    Archeologische opgraving Wijchen Huurlingsedam Archeologische opgraving aan de Huurlingsedam te Wijchen in de gemeente Wijchen

    No full text
    Econsultancy heeft in opdracht van VOF Huurlingsedam een opgraving - variant archeologische be-geleiding uitgevoerd in het plangebied aan de Huurlingsedam in de gemeente Wijchen. Het uitgevoerde onderzoek is het vervolg op drie eerdere fases van onderzoek, te weten een bureauonderzoek met verkennend booronderzoek, een karterend booronderzoek en een inventariserend proefsleuvenonderzoek. Het te ontgraven gebied omvat het tracé van het wegcunet met rioolsleuf met een lengte van ca. 440 m. Een deel van dit tracé ligt binnen de contouren van het tijdens eerder uitgevoerd onderzoek als behoudenswaardig aangemerkte deel van vindplaats 1 en heeft een lengte van 162 m. Het vlak is op de top van de natuurlijke ondergrond aangelegd op de diepte van circa 50 cm ten op-zichte van het maaiveld. Op de rivierduin ligt het vlak op 7,85 m +NAP, daar waar het rivierduin naar beneden duikt of afwezig is, ligt het vlak tot een meter lager. Bij het onderzoek zijn in totaal vijf profielen aangelegd en gedocumenteerd, waarvan drie profielen binnen het onderzoeksgebied vallen. De profielen zijn zo verdeeld over het onderzoeksgebied dat de verschillen en overgangen bestudeerbaar zijn. De resultaten sluiten goed aan op het eerder uitgevoerde onderzoek met als enige opmerking dat het archeologische vlak meer verstoord is dan werd verwacht. De archeologische sporen tekenen vaag af tegen de ondergrond, er is sprake van een relatief sterke mate van homogenisering. Er zijn 15 archeologische sporen geïdentificeerd. Een enkele kuil dateert op basis van het uiterlijk van het spoor misschien in het Neolithicum maar ook mogelijk in de Bronstijd, twee kuilen dateren in de Vroege- tot Midden-Bronstijd en twee sloten dateren in de IJzertijd tot Midden-Romeinse tijd. De ouderdom van de sporen kan moeilijk worden vastgesteld op basis van het vondstmateriaal. De reden hiervoor is waarschijnlijk dat er een grote invloed is geweest van post-depositionele processen op deze vindplaats. Als er gedurende lange tijd is gewoond op deze locatie, kan er sprake zijn van een cultuurlaag met buitengewoon veel materiaal. De sporen die het gevolg zijn van latere activiteiten, kunnen dan ouder vondstmateriaal bevatten

    Archeologische opgraving Schipluiden Dorppolderweg Archeologische opgraving aan de Dorppolderweg te Schipluiden in de gemeente Midden-Delfland

    No full text
    Econsultancy heeft in opdracht van Dura Vermeer Infra Regio Zuid West een opgraving - variant archeologische begeleiding uitgevoerd voor de verdieping en verbreding van een watergang in het plangebied aan de Dorppolderweg te Schipluiden in de gemeente Midden-Delfland. In het plangebied wordt een bestaande watergang verdiept, verbreed en voorzien van een nieuwe beschoeiing. De ontgravingsdiepte bedraagt ca 70-80 cm onder maaiveld. Door de geplande graafwerkzaamheden zullen eventueel aanwezige archeologische waarden verloren gaan. Op de archeologische beleidskaart van de gemeente Midden-Delfland ligt het gebied in een zone ‘Waarde - Archeologie 3’. Het beleid voor deze zone schrijft voor dat er bij bodemingrepen groter dan 50 m² en dieper dan 40 cm onder maaiveld een archeologisch onderzoek dient te worden uitgevoerd. Het archeologisch onderzoek wordt noodzakelijk geacht om te bepalen of er een gerede kans is dat archeologische waarden wel of niet aanwezig (kunnen) zijn in de ondergrond, die door de voorgenomen bodemingrepen kunnen worden aangetast of verloren kunnen gaan. Daarom is het binnen het kader van de Erfgoedwet (2016) verplicht om voorafgaand aan eventuele verstorend werkende ingrepen archeologisch onder-zoek uit te voeren. Uit de opgraving is gebleken dat de bodemopbouw grotendeels vergelijkbaar is met de verwachting op basis van het vooronderzoek. In grote lijnen is onder de bouwvoor van 20-30 cm dik een pakket kleiafzettingen zichtbaar (lokaal variabel), waaronder een pakket gelaagde zand- en kleiafzettingen ligt. Er zijn geen sporen of vondsten aangetroffen

    Archeologische opgraving Epe Markt Archeologische opgraving aan de Markt te Epe in de gemeente Epe

    No full text
    Tijdens de sloopbegeleiding is gebleken dat ter plaatse van de huidige bebouwing een geheel verstoord bodemprofiel aanwezig is. Op het opgravingsterrein is een laag cunet-/stabilisatiezand van circa 50 à 60 cm dik aanwezig waarop voorheen de klinkerverharding heeft gelegen. Onder de ophogingslaag ligt een plaggendek uit de Nieuwe tijd. Onder het plaggendek is een gebioturbeerde overgangslaag (AC-horizont) aanwezig. De overgangslaag heeft een dikte van gemiddeld 20 cm en ligt op een diepte tussen circa 21,4 en 21,6 m +NAP. De onderliggende C-horizont bestaat uit lichtgeel, zwak grindig, zwak siltig, matig fijn tot matig grof zand. Dit betreffen slecht gesorteerde sneeuwsmelt­waterafzettingen. Binnen het plangebied zijn minimaal twee archeologisch relevante gebruiks- en bewoningsfases aangetroffen, namelijk de periodes Late Bronstijd en de Nieuwe tijd, 18e - 20e eeuw. De archeologische resten uit de Late Bronstijd horen mogelijk bij de rand/off-site van één of meerdere erven uit deze periode. Uit de 18e - 20e eeuw zijn nog twee oost-west georiënteerde perceelsgreppels, vijf hekwerken en uitbraaksporen van bebouwing uit de 20e eeuw aanwezig
    corecore