5,307 research outputs found
Haagse Oudheidkundige Publicaties 13
Rapportage over het archeologisch onderzoek op de locatie Ockenburg, Den Haag. Deze publicatie vormt de afronding van een project dat in het najaar van 2010 is begonnen met de toekenning van een Odyssee-subsidie door NWO. Het Odyssee-programma is door het Rijk opgezet om belangrijk archeologisch veldonderzoek dat is uitgevoerd tussen 1900 en 2000 maar nooit ordentelijk uitgewerkt of gepubliceerd is, alsnog wetenschappelijk te ontsluiten. De opgraving van een Romeinse vicus bij Ockenburgh uit de jaren negentig was hiervan van de afdeling Archeologie van de gemeente Den Haag de meest omvattende
Den Haag Zuidwest en de transformatie van wederopbouw- naar bouwblokkenstad
In Wéreldstad aan Zee. Structuurvisie Den Haag 2020 (2005) was er nog geen sprake van verdichting in Zuidwest, maar in de laatste plannen worden woonbuurten met maar liefst met 262% verdicht om de woningnood het hoofd te bieden. Met 67.290 inwoners en 63% corporatiebezit grotendeels gebouwd op erfpachtgrond biedt Den Haag Zuidwest mogelijkheden voor een grootschalige aanpak. Wat is precies de aanpak bij de transformatie, hoe gaat het eruit zien, en wat zijn de risico’s? Bouwt Den Haag aan segregatie? Een integrale visie over de leefbaarheid van de hofstad en bovenal Zuidwest is meer dan ooit ook urgent.Housing Institutions & Governanc
Ontwerp structuurvisie CID Den Haag: balanceren tussen idealen en risico’s
Het is natuurlijk maar een visie, een stip op de horizon voor de komende 10 tot 20 jaar die wordt voorgelegd aan de burgers van Den Haag. Toen men werkte aan deze visie, was er nog niets bekend over het coronavirus met gevolgen voor economie en maatschappij. Misschien is het goed om eerst de schade van de coronapandemie op te nemen en de ambities van de structuurvisie voor het Central Innovation District (CID) daarop aan te passen. En misschien is het raadzaam om de ontwikkeling van Den Haag Zuidwest te koppelen aan het CID. De onderbouwing van de onlangs gepresenteerde Structuurvisie CID in Den Haag rust nu toch teveel op vooronderstellingen. Dat is jammer want de economie van de stad is in het geding.Teachers of Practice / AHousing Institutions & Governanc
Blijft het in Den Haag bij smart city of wordt het smart urbanism?
Normaal gesproken somt men bij smart cities de nieuwste gadgets op. Verbeeldt Siemens haar utopie en promoot men het smart grid als de grote oplossing. Echter, tijdens het ‘Actueel Den Haag Debat’ (ADHD) kwam een interessante tegenstelling bovendrijven. Die leidde tot wat ik maar de Wet van Hajer noem: smart city + lokale politieke keuzes = smart urbanism. Wat gebeurde er?Heritage & DesignTeachers of Practic
Haag / P. Bang sc.
HAAG / P. BANG SC.
G. D. Reymann's topographische Special-Karte von Central-Europa (-)
Haag / P. Bang sc. (82) ( -
De Wateringse Binnentuinen, Gemeente Den Haag: Een vlaardingennederzetting in het Wateringse Veld
Het onderzoek op de Wateringse Binnentuinen heeft veel nieuwe informatie opgeleverd over de neolithische bewoning op de oudste strandwal in de Haagse regio. Het is duidelijk dat de eerste permanente nederzettingen van de Vlaardingencultuur pas na 2900 v. Chr. zijn ontstaan en dat deze kolonisten niet afkomstig waren van de lage duintjes in het achterland zoals Schipluiden en Ypenburg. Verder is vastgesteld dat voorafgaand aan deze nederzettingen tijdelijke expedities werden uitgevoerd, vermoedelijk om de bewoningsmogelijkheden te onderzoeken.
Zodra de omstandigheden gunstig zijn voor bewoning zien we een heel snelle toename van de bevolking en een intensieve exploitatie van de omgeving. Gedurende enkele eeuwen is de strandwal dichtbevolkt en biedt het natuurlijke landschap niet voldoende bronnen om van te kunnen bestaan. Het resultaat is een grotere afhankelijkheid van landbouwactiviteiten, waar we elders in de delta nog een grotere nadruk op jacht, verzamelen en visvangst zien. Opmerkelijk is overigens dat huidbewerking een belangrijke activiteit is, hoewel het faunaspectrum daar nauwelijks aanwijzingen voor geeft, behalve dan de grote hoeveelheid runderen. Mogelijk zijn deze huiden gebruikt in de uitwisseling van goederen die niet ter plaatse beschikbaar waren, zoals natuursteen, vuursteen, pyriet, barnsteen en git. Dit uitwisselingsnetwerk komt overigens in grote lijnen overeen met dat van de voorafgaande Hazendonkfase.
Als gevolg van de toenemende uitbreiding van het moeras, waarbij uiteindelijk ook de kwelders tussen de strandwallen met veen bedekt raken, nemen vanaf ongeveer 2600 v. Chr. de bewoningsmogelijkheden af en worden de oorspronkelijke nederzettingen verlaten. Nieuwe nederzettingen worden gesticht op de hogere delen van de strandwal, maar aan het einde van het neolithicum is de bevolking tot vrijwel nul gereduceerd.
Incidenteel wordt de strandwal in de bronstijd nog bezocht, maar echte nederzettingen zijn schaars. De bewoning verplaatst zich meer en meer naar de tweede strandwal, de strandwal van Den Haag
Inventariserend veldonderzoek proefsleuven Gemeente Den Haag : archeologisch onderzoek tussen de Vledderstraat en de Oosterhesselenstraat in Den Haag
Met lit. op
Logistiek Kader OLT Den Haag
Het Ondergronds Logistiek Transportsysteem Den Haag moet in 2030 bovengronds goederenvervoer in de agglomeratie Den Haag overbodig maken. Tot de agglomeratie Den Haag behoren de gemeenten Den Haag, Rijswijk, Leidschendam en Voorburg. Goederen die bestemd zijn voor de agglomeratie worden afgezet bij het Logistiek Stadspark dat gelokaliseerd is nabij het huidige Forepark. Vanuit het Logistiek Stadspark zullen de goederen via een ondergronds systeem naar de plaats van bestemming worden gebracht. Per etmaal zal via dit systeem in totaal 100.000 kubieke meter aan goederen worden vervoerd. Waar systemen als Combiroad op nationaal niveau zorgdragen voor energiezuinig, milieuvriendelijk en veilig goederenvervoer zal OLT Den Haag dit op stedelijk niveau doen. In het Logistiek Stads Park komen goederenstromen van regionaal en nationaal niveau binnen. Op dit moment worden de goederen nog voornamelijk via vrachtwagens vervoerd maar in 2030 zullen dit ook geautomatiseerde systemen zijn zoals bijvoorbeeld Comiroad. De goederen die binnenkomen bij het Logistiek Stads Park zijn voornamelijk verpakt in containers. De containers zijn onderverdeeld in pallet-eenheden. Deze pallets hebben een afmeting van l,20x0,8m met een maximale hoogte van l,50m. Dit zijn ook de laadeenheden van OLT Den Haag. Hierdoor is het ondergrondse distributiesysteem inpasbaar in de goederenstromen van regionaal en nationaal niveau. Goederen die niet op pallets passen zullen in de nachtelijke uren met speciale zendingen worden vervoerd. De pallets worden per 5 stuks op een ladingdrager geladen. Deze ladingdrager is een onbemand voertuig dat volautomatisch zijn plaats van bestemming kan bereiken. Om dit te kunnen doen is het voertuig uitgerust met een aandrijving en een besturingssysteem. Het besturingssysteem meet de afstand tot voorliggende voertuigen en geeft signalen aan de aandrijving om te remmen en te versnellen. De aandrijving van het voertuig is zoveel mogelijk verplaatst naar de infrastructuur. Dit betekend dat het voertuig zelf geen accu's en volumineuze motoronderdelen heeft maar wordt aangedreven door een vorm van magnetische inductie. Gezien het grote aantal ladingdragers dat gebruik maakt van het systeem (625) is het economisch aantrekkelijk om ze zo eenvoudig mogelijk te houden. Als de ladingdrager geladen is met een aantal pallets zal hij met een gemiddelde snelheid van circa 40km/u en een topsnelheid van 50km/u via de ondergrondse infrastructuur op weg gaan naar de plaats van bestemming. Aangekomen bij de bestemming kan de ladingdrager worden gelost. Vervolgens kan de ladingdrager weer worden geladen met goederen die vanuit de agglomeratie naar een andere locatie in de agglomeratie of naar een totaal ander gebied in Nederland moeten worden getransporteerd. De infrastructuur waar de voertuigen gebruik van maken is aangelegd als een ring met een dubbele baan die de knooppunten (Distributie Centra) verbindt. De totale ring van OLT Den Haag is circa 40km lang. De 12 Distributie Centra liggen onder bovengrondse locaties die een grote transportbehoefte hebben en dus ook veel ladingen uit het systeem zullen ontvangen. De ladingdrager kan vanuit het Distributie Centrum ook via een eenvoudige enkele baan naar een zogenaamd Distributie Punt worden getransporteerd. Dit Distributie Punt kan bijvoorbeeld liggen in de kelder van een groot warenhuis of kantorencomplex. Het gaat hier om locaties die op termijn worden aangesloten op het systeem. In eerste instantie zal het systeem dus alleen bestaan uit de dubbele ringleiding met Distributiecentra die een grote transportbehoefte hebben. De aftakkingen naar de Distributie Punten worden later op aanvraag van de klant aangelegd.Transport & PlanningCivil Engineering and Geoscience
De gevolgen van stedelijke ontwikkelingsstrategieën en bedrijfshuisvestingsstrategieën op Den Haag
In Den Haag huisvesten zich drie categorieën organisaties: de Rijksoverheid, de internationale instituten van recht en vrede, en de bedrijven. In tegenstelling tot de eerste twee categorieën, zijn bedrijven minder besproken in literatuur. Verder is de privaat-publieke relatie interessant, en maakt het onderwerp vergelijkbaar met andere steden. Den Haag staat met Amsterdam en Rotterdam in de top drie op het gebied van bedrijfsvestigingen en de beroepsbevolking. Het onderbelichte Den Haag heeft op deze gebieden relatief veel bedrijven in de primaire en quartaire sector, maar doet niet onder in de secundaire en tertiaire sector. In het rapport wordt een periode van de afgelopen ruim twee eeuwen onderzocht. Ontwikkelingen uit deze eeuwen zijn deels terug te zien in de huidige stedelijke structuur. Stedenbouwkundige plannen van gemeenten en huisvestingsplannen van bedrijven hebben een cyclus van enkele decennia. De kennis van het verleden is nodig om de huidige situatie en bijkomende problematiek te begrijpen. Bedrijven hebben steden nodig, en steden hebben bedrijven nodig. Bedrijfshuisvesting staat in een publieke omgeving, en heeft hier invloed op. De gemeente streeft naar een versterking van de economie en de verbetering van het ondernemingsklimaat. Toch stroken de huisvestingsstrategieën van bedrijven en de ontwikkelingsstrategieën van steden het ene maal wel en het andere maal niet. Den Haag is hier geen uitzondering op. Problemen in de stedelijke structuur ontstaan nadat bedrijven willen groeien met de huisvesting, en de situatie mogelijk wijzigt (Vande Putte, 2009b, pp. 35-36). De hoofdvraag die volgt uit deze probleemstelling, luidt: Hoe heeft de huisvesting van bedrijven in Den Haag zich ontwikkeld, en welke gevolgen voor Den Haag zijn te verwachten door de stedelijke ontwikkelingsstrategieën van de gemeente en de huisvestingsstrategieën van grote bedrijven in Den Haag? Vele Nederlandse steden hebben zich concentrisch en rond een nederzetting op een dam of aan een rivier gevormd. Den Haag is aan een duinrand opgericht door graven. Door de strandwallen die evenwijdig lopen aan de kustlijn, is de structuur van Den Haag rastervormig. Dit heeft geresulteerd in wegen die evenwijdig aan, of loodrecht op, de strandwallen liggen (J. Van Rijn, 2011). De bedrijfshuisvesting is ook aan deze structuur gerelateerd (Pols, Van Amsterdam, Harbers, Kronenberger, & Buitelaar, 2009, pp. 28-33). Na de industriële revolutie, de Tweede Wereldoorlog en de crisis in de jaren ’80 zijn grootschalige hervormingen waar te nemen bij de stedelijke ontwikkelingsstrategieën van Den Haag en de huisvestingsstrategieën van Haagse bedrijven. Vanaf de Woningwet in 1901 heeft Den Haag actief de stedelijke structuur gepland. Hierbij was ook de bedrijfshuisvesting opgenomen. Bedrijven groeiden en verhuisden in de 20e eeuw door nieuwe (technische) mogelijkheden en veranderingen in de wensen. Van de conflicten zijn de resultaten over het algemeen niet direct zichtbaar in de stedelijke structuur. Synergiën resulteerden daarentegen veelal in realisaties en zijn daardoor direct zichtbaar in de stedelijke structuur. Kort na de industriële revolutie, de Tweede Wereldoorlog en de crisis in de jaren ’80 is relatief veel bouwactiviteit in Den Haag geweest op het gebied van bedrijfshuisvesting. Vooral de grotere bedrijven hebben een uitgebreide en duidelijke huisvestingsstrategie, en zijn meestal in kantoorgebouwen gehuisvest. In Den Haag zijn de olie-/energiemaatschappijen, verzekeringsmaatschappijen, telecombedrijven en de autobranche sterk vertegenwoordigd (Verberne, 2011). Dit zorgde voor de keuze van de volgende bedrijven om dieper onderzoek te doen naar de bedrijfshuisvesting: AEGON, Nationale-Nederlanden, Koninklijke KPN NV (KPN genoemd), en Royal Dutch Shell (Shell genoemd). Deze bedrijven hebben, op het gebied van hun huisvesting, synergiën en conflicten met de gemeente Den Haag gehad. De wensen van het bedrijf en de mogelijkheden die de gemeente bood, hebben tot een ontwikkeling geleid. Het zijn vier grote, internationaal opererende bedrijven, en daardoor niet representatief voor de gehele bedrijvigheid in Den Haag. Wel kan bevestigd worden de industriële revolutie, de crisis in de jaren ’30, de Tweede Wereldoorlog en de crisis in de jaren ’80 een belangrijke rol speelden voor ook deze bedrijven. De huidige crisis heeft noemenswaardige invloed op de ontwikkeling van de bedrijfshuisvesting van deze vier bedrijven. Geconcludeerd kan worden dat de huidige crisis, net als de industriële revolutie, de crisis in de jaren ’30, de Tweede Wereldoorlog en de crisis in de jaren ’80, tot grote hervormingen zal leiden voor de stedelijke ontwikkelingsstrategieën van de gemeente en de huisvestingsstrategieën van de Haagse bedrijven. Vlak voor en tijdens de huidige crisis kunnen al hervormingen worden opgemerkt. De stedelijke ontwikkelingsstrategieën van de gemeente Den Haag zorgen voor een meer bereikbare stad, en een groei van belang en aantrekkelijkheid van de Centrale Zone. Daartegenover zullen functies die extensief grond gebruiken plaats moeten maken voor functies die intensief grond gebruiken. De huisvestingsstrategieën van bedrijven in Den Haag zorgen voor een minder groeiende druk op de infrastructuur. Door de focus op de Centrale Zone zullen de gebieden hierbuiten sneller leeg komen te staan (met goed bereikbare locaties als uitzondering). Voor vervolgonderzoek kan aanbevolen worden om dienstverlenende bedrijven in andere steden te onderzoeken. In Den Haag kunnen industriebedrijven en bedrijven in Scheveningen onderzocht worden. Deze bedrijven hebben andere doelen en daardoor andere gevolgen voor de stad. Een nieuwe visie van de gemeente is samenwerken op provinciaal niveau, waarbij Den Haag deel zal uitmaken van de Zuidvleugel. Hoe de ontwikkeling van huisvestingsstrategieën van bedrijven in Den Haag hierdoor wordt beïnvloed, is een interessant onderwerp voor nieuw onderzoek. De invloed van Het Nieuwe Werken op de bedrijfshuisvesting in Den Haag kan bijdragen aan de ontwikkeling van deze nieuwe visie die vele bedrijven hebben. Ook vragen bedrijven kwalitatief hoogstaande (kantoor)gebouwen, en kan een onderzoek naar wat dit precies inhoud bijdragen aan een gewenste vastgoedvoorraad. Uit dit onderzoek bleek de Centrale Zone een belangrijk middel te zijn van Den Haag voor de bedrijfshuisvesting. Nieuw onderzoek naar de wensen van de bedrijven, in combinatie met de vergelijking tussen de Centrale Zone en een concentrische stadsstructuur, kan de gunstig werkende aspecten aan het licht brengen. Evaluatie van de sturingsmiddelen laat zien dat de sturingsmiddelen van bedrijven het vertrouwen hebben in de gemeente, de flexibiliteit, de beheersvorm, relocatie en centralisatie effectief zijn om de gevolgen op de stad te sturen. Op de manier dat bedrijven hiermee omgaan, kan dit een positief of negatief effect op de stad hebben. Sturingsmiddelen kunnen op eigen initiatief ontstaan, zoals erfpacht, bereikbaarheidsprofielen, functiemenging/-scheiding, toplocaties en Centrale Zone van de gemeente Den Haag, en eigendomsvorm en flexibiliteit van bedrijven. Vertrouwen in de gemeente is een noodzakelijk aspect en een verhuizing van een bedrijf kan eigen initiatief zijn (centralisatie) of uit noodzaak door druk van de gemeente of overheid. Wanneer strategieën mogelijk voor problemen kunnen zorgen, kan bepaald worden welke potenties de situatie heeft. Van de genoemde sturingsmiddelen leiden de meeste tot een verhuizing van het bedrijf, waarmee leegstaand vastgoed wordt achterlaten. Leegstaande kantoren maakt een gebied minder levendig en draagt niet bij aan de leefbaarheid van de stad. Onder bepaalde voorwaarden kan een leegstaand gebouw echter herbestemd worden, of kan het gebied een functiewijziging ondergaan.Corporate Real Estate ManagementReal Estate & HousingArchitectur
- …
