172,574 research outputs found
Breda, Schapendreef 38 (IVO-P) gemeente Breda
In opdracht van Witteveen Vastgoed heeft team Erfgoed van de gemeente Breda een inventariserend veldonderzoek door middel van een proefsleuf (IVO-P) uitgevoerd in februari 2020 op een perceel aan de Schapendreef 38 te Breda, gemeente Breda. Aanleiding voor het onderzoek is de herontwikkeling van het plangebied, waarbij bodemverstorende werkzaamheden zullen plaatsvinden.
De vraagstelling van dit onderzoek betreft het toetsen van de archeologische verwachting zoals verwoord in het PvE. Het veldonderzoek richt zich op het opsporen van alle vindplaatsen en vondstcomplexen die in het plangebied aanwezig kunnen zijn. Uit het onderzoek is gebleken dat er geen sprake is van een behoudenswaardige vindplaats.
Tijdens het onderzoek is een proefsleuf van 20 x 4 meter aangelegd op het archeologisch niveau in de top van het dekzand. De natuurlijke ondergrond (C-horizont) in het plangebied wordt afgedekt door een antropogeen opgebracht akkerpakket (A-horizont) met daar bovenop een moderne bouwvoor. In het zuidelijk deel van de werkput verschijnt tussen de akkerlaag en S 950 een natuurlijk gevormde laag (S 006) die grijzer is en meer inspoelingsvlekken heeft en waar de oerbrokken ontbreken. Verder zijn er twee paalsporen gevonden die dateren in de nieuwe tijd en waren er enkele kleine verstoringen in het archeologisch vlak aanwezig
Heikant Sportpark (P) gemeente Breda
In opdracht van de Gemeente Breda, Directie Beheer, Afdeling Uitvoering heeft de Afdeling Ruimte van de gemeente Breda van 19 t/m 22 juni 2017 een archeologische begeleiding uitgevoerd aan de Sportpark De Heikant Hoofdveld te Prinsenbeek in de gemeente Breda. Aanleiding voor het onderzoek was de aanleg van kunstgras op het hoofdveld van het sportpark. Tijdens het onderzoek zijn sporen van een keerploeg onder de bouwvoor tevoorschijn gekomen. Het dekzand bevond zich op een niveau van 2.70 m + NAP in het noordwesten van het plangebied en 2.60 m in het zuidwesten van het plangebied. Behalve de ploegsporen zijn er geen sporen en vondsten aangetroffen. Het plangebied is, vermoedelijk bij de aanleg van het sportpark, afgegraven tot in de C-horizont en daarna opgehoogd. Er is geen vindplaats aangetroffen
Breda Heilaardreef 20 IVO-P
Naar aanleiding van de geplande bouw van een huis heeft Team Erfgoed van de gemeente Breda een IVO-P uitgevoerd op 18 september 2018 op een perceel aan de Heilaardreef te Breda. Het onderzoek is uitgevoerd in opdracht van de familie Vermeulen. Tijdens het onderzoek zijn twee werkputten aangelegd en is werkput 1 naar het oosten en westen uitgebreid door de aanwezigheid van sporen. Het gaat om een drietal langwerpige rechthoekige kuilen en paalsporen. Op basis van het vondstmateriaal zijn de sporen in de late middeleeuwen B tot de nieuwe tijd C te plaatsen. Er zijn lineaire verbanden zichtbaar in de paalsporen van werkput 1 maar het is niet duidelijk geworden van wat voor structuur deze sporen deel uitmaakten. De vondsten bestaan voornamelijk uit fragmenten aardewerk daterend van de late middeleeuwen B tot de nieuwe tijd B of nieuwe tijd C. Daarnaast zijn verschillende stukken natuursteen en steenkool gevonden, een stuk van een grijze dakpan en een fragment baksteen, een fragment van een rookpijp uit de nieuwe tijd, en een aantal metalen voorwerpen
Erfgoedrapport Breda 265
In opdracht van de Gemeente Breda heeft het Team Erfgoed van de gemeente Breda aan de Reeptiend 50 in Breda een Inventariserend Veldonderzoek door middel van verkennende boringen (IVO-O) uitgevoerd op 14 en 20 december 2016, en op 6 en 7 juni 2017. Op het terrein hebben noodwaarnemingen plaatsgevonden op 6 december 2017 en op 19 maart 2018 bij het rooien van boomstobben. Het IVO-O is uitgevoerd vanwege de herontwikkeling van het plangebied. Hierbij zouden bodemverstorende werkzaamheden plaatsvinden. Tijdens het booronderzoek is gewerkt conform de KNA 4.0 en de werkwijze die in het PvA is voorgesteld. In het plangebied zijn boringen gezet met een zandguts of een edelmanboor van vijf centimeter doorsnede. Tijdens het onderzoek in zowel 2016 als 2017 zijn de voorgestelde boorpunten uit het PvA zoveel mogelijk als leidraad aangehouden. Tijdens het onderzoek in 2017 is enkel boring nummer B 024 niet gezet vanwege het dichte struikgewas op de locatie. In 2016 zijn in totaal 32 boringen uitgevoerd. Hiervoor zijn locaties gekozen die in het veld bereikbaar waren en die de meeste informatie zouden opleveren over het landschap of de gebiedsontwikkeling. Ook is een klein vlak opgeschaafd in het staldeel van de hoeve om de gaafheid van de ondergrond te achterhalen en te kijken of hier sporen in aanwezig waren. Tijdens noodwaarnemingenzijn in een aantal gaten van gerooide boomstobben profielen opgeschaafd om de bodemopbouw te bestuderen. Ook is op de bodem van de gaten gezocht naar archeologisch materiaal. In 2018 is de bodemopbouw bekeken in een put voor nieuwe leidingen die ten noorden van de boerderij was aangelegd. Tijdens het onderzoek zijn verschillende landschapszones aangetroffen binnen het onderzoeksgebied. Het gaat om een dekzandkop waarop de boerderij is aangelegd, met aan de oost- en westzijde hiervan lager gelegen delen waarop veenvorming heeft plaats gevonden. Ten zuiden van de dekzandkop ligt een kleine uitloper hiervan waarop een weg is aangelegd. In het oostelijk deel van het onderzoeksgebied zijn afzettingen van de Mark zichtbaar onder en tussen veenlagen. In het westelijke deel heeft het veen een ven opgevuld. Ook zijn rondom de boerderij en langs de weg naar het zuiden ophogingslagen zichtbaar boven de veenlagen. Op basis van vondstmateriaal is de ophogingslaag aan de oostzijde van het onderzoeksgebied bij de Mark te dateren in de nieuwe tijd B of C (vanaf 1650 n. Chr.). Het dateerbare vondstmateriaal bestaat uit fragmenten geglazuurd aardewerk waar in dezelfde laag ook een fragment metaal en een deel van een rookpijp zat. De andere vondsten uit het onderzoeksgebied bestaan uit natuurlijk vuursteen, fragmentjes baksteen en dakpan, een monster van de veenlaag en een monster van een ophogingslaag
Erfgoedrapport Breda 274
In opdracht van Afd. Ruimte en VO van de gemeente Breda heeft het Team Erfgoed van de gemeente Breda een opgraving uitgevoerd in april 2017 op een perceel op de hoek Heilaarstraat - Heilaarpark te Breda. Aanleiding voor het onderzoek is de wijziging van het bestemmingsplan en de toekomstige bouw van een aantal woningen, waarbij bodemverstorende werkzaamheden zullen plaatsvinden. De opgraving volgt uit het Erfgoedbesluit 2017-08, dat op basis van de resultaten van een inventariserend veldonderzoek door middel van proefsleuven (IVO-P) uitgevoerd door Econsultancy is genomen (Craane en Peters 2017b). De vraagstelling van dit onderzoek richt zich voornamelijk op het duiden en eventueel begrenzen van de ijzertijd vindplaats, die tijdens het IVO-P in het plangebied is aangetroffen. Belangrijk is de relatie met de aangetroffen ijzertijd vindplaats in het naastgelegen onderzoeksgebied ten oosten. Binnen het plangebied Landgoed Heilaar (BR-62-08) direct aangrenzend aan het plangebied Heilaarpark, zijn nederzettingssporen (woonstalhuizen, spiekers, kuilen en greppels) en gebruiksaardewerk uit de ijzertijd aangetroffen. De nederzettingssporen dateren uit de ijzertijd, mogelijk vanaf de midden ijzertijd. De locatie van de nederzetting valt samen met een noordoost-zuidwestelijk geori?nteerde dekzandrug. Het was daarom te verwachten dat de nederzettingssporen in het zuidwesten, ter plaatse van de voormalige loods, door zouden lopen. Het onderzoek in het hudige plangebied heeft deze verwachting bevestigd. Helaas was de bodem in het plangebied op grote schaal verstoord, waardoor er mogelijk sporen en vondsten verloren zijn gegaan. Een eventuele aansluiting op de mogelijke huisplattegrond (HUI005) binnen het aangrenzende onderzoeksgebied is niet gevonden; ook hier was de bodem reeds verstoord. Desondanks zijn er delen van twee spiekers en enkele kleine fragmenten handgevormd aardewerk aangetroffen: aanwijzingen voor het doorlopen van de nederzettingssporen uit de (midden) ijzertijd. Deze verwachting was al bevestigd tijdens onderzoek in 2012 (BR-315-12) 70 meter ten westen van het plangebied, waar ook twee bijgebouwtjes met een datering in de ijzertijd zijn aangetroffen. Ook is er in het huidige plangebied aansluiting gevonden op sporen van verkaveling in de vorm van greppels. Deze greppels dateren vanaf de late middeleeuwen B tot in de nieuwe tijd C. De noordoost-zuidwest geori?nteerde greppels hebben vermoedelijk voor de afwatering van het terrein binnen de percelen van Landgoed Heilaar gezorgd. E?n of twee greppels staan mogelijk in relatie met de loods, die hier in de jaren ?90 van de twintigste eeuw is gebouwd. De greppels zijn niet aanwezig op kaarten of luchtfoto?s uit de negentiende of twintigste eeuw
IABC Breda
In opdracht van WDP, vertegenwoordigd door Mark Wilderom heeft het Team Erfgoed van de gemeente Breda een inventariserend veldonderzoek door middel van proefsleuven uitgevoerd op 29 en 30 oktober 2018 op een perceel aan het IABC te Breda. Aanleiding voor het onderzoek is de geplande nieuwbouw van een bedrijfspand waarbij bodemverstorende werkzaamheden plaatsvinden. De bodemopbouw in het westelijk en oostelijk deel van het onderzoeksgebied zijn verschillend. In het oosten (werkput 1 en 2) ligt een natter en lager gelegen gebied. De bodemopbouw bestaat, van onder naar boven gezien, uit dekzand (S 951, C-horizont) of verspoeld dekzand (S 951) waarop een laag zandige klei (S 992) is afgezet. Hierop liggen verschillende zandige ophogingslagen (S 990, S 991, S 993 tm S 996). Deze worden afgedekt door een ruim 1 meter dikke laag modern ophogingspakket (S 999). Een ophogingslaag (S 996) ligt in het zuidooostelijk uiteinde van werkput 2 waar het een depressie boven een oude greppel heeft opgevuld. De bodemopbouw in de twee westelijke proefsleuven bestaat, van onder naar boven gezien, uit verspoeld dekzand (S 951, C-horizont) waarop een oudere akkerlaag (S 997, A-horizont) en een recentere akkerlaag (S 990) liggen. Dit wordt afgedekt door een modern ophogingspakket (S 999). Het noordelijk uiteinde van werkput 4 wijkt hier van af, met een opbouw van onverspoeld dekzand (S 952) afgedekt door een akkerlaag (S 998, A-horizont). Hierop is het moderne ophogingspakket (S 999) aangebracht. Er zijn voornamelijk kuilen en greppels aangetroffen. Deze kunnen worden gedateerd in de late middeleeuwen A of later. Deze greppels reiken tot voorbij de grenzen van het onderzochte gebied. Verder zijn karresporen en verschillende kuilen aangetroffen. De archeologische sporen zijn lokaal verstoord door ingegraven riolering en kunnen zijn verspoeld of weggeploegd in het verleden. De aangetroffen sporen kunnen niet direct worden verbonden aan de aangetroffen archeologie in de omgeving. De sporen en bodemgesteldheid komen echter wel overeen met het beeld dat door deze opgravingen is gevormd, namelijk dat de bewoning en grootste deel van de archeologische sporen zich concentreren op de hoger gelegen dekzandruggen
Breda Waterloostraat 27 Namenstraat 62 Inventariserend veldonderzoek door middel van proefsleuven
In opdracht van Waterloostraat Breda cv heeft team Erfgoed van de gemeente Breda twee maal een inventariserend veldonderzoek door middel van proefsleuven (IVO-P) uitgevoerd. De onderzoeken werden uitgevoerd op 27-08-2018 en op 02-09-2019 op twee percelen aan respectievelijk de Waterloostraat 27 en de Namenstraat 62 te Breda (gemeente Breda). Aanleiding voor de onderzoeken is de geplande herontwikkeling van beide percelen, waarbij bodemverstorende werkzaamheden zullen plaatsvinden De vraagstelling van dit onderzoek betreft het toetsen van de archeologische verwachting zoals verwoord in de Programma’s van Eisen. Inventariserend veldonderzoek richt zich op het opsporen van alle vindplaatsen en vondstcomplexen die in het aangewezen plangebied aanwezig kunnen zijn. De resultaten van de proefsleuvenonderzoeken sluiten goed aan bij de verwachtingen op basis van historische kaarten. Het plangebied is vanaf de middeleeuwen tot aan het eind van de twintigste eeuw in gebruik geweest als agrarisch gebied, meestens onbebouwd. Het onderzoek op het perceel aan de Waterloostraat 27 heeft een archeologische vindplaats opgeleverd: een historisch (beemden)weggetje en enkele losse sporen. Aan de Namenstraat 62 is geen vindplaats aangetroffen. Beide onderzoeken hebben vondstmateriaal uit de nieuwe tijd A tot en met C opgeleverd (vanaf 1500 tot heden). Er is geadviseerd beide plangebieden vrij te geven voor de voorgenomen bodemingrepen
Ingenhouszplein 2 Breda (IVO-P)
In opdracht van Vrijborg heeft team Erfgoed van de gemeente Breda een inventariserend veldonderzoek door middel van proefsleuven (IVO-P) uitgevoerd op 9 april 2019 op een perceel aan het Dr. Jan Ingen Houszplein 2 te Breda. Daarvoor zijn drie proefsleuven aangelegd. Aanleiding voor het onderzoek is de herontwikkeling van het plangebied, middels de herbestemming van het hoofdgebouw, de sloop van de gymzaal en de bouw van twee gebouwen waarbij vooral bij de laatste genoemde ontwikkeling bodemverstorende werkzaamheden zullen plaatsvinden. De vraagstelling van dit onderzoek betreft het toetsen van de archeologische verwachting zoals verwoord in het PvE. Het veldonderzoek richt zich op het opsporen van alle vindplaatsen en vondstcomplexen die in het plangebied aanwezig kunnen zijn. Er werden drie werkputten aangelegd uiteindelijk is er tijdens het IVO-P 152 m2 onderzocht. In werkput 1 is de natuurlijke bodem gedeeltelijk afgetopt, hier zijn geen sporen van een podzolbodem meer herkend. In de oostelijke delen van de werkputten 2 en 3 is wel een podzolering aangetroffen. Waarschijnlijk is deze bodem zo goed bewaard gebleven door de wal van Lunet A. De westelijke delen van deze twee werkputten waren vergraven door de gracht rondom Lunet A. De gracht rondom lunet A is gelokaliseerd en ook werd duidelijk dat onder het voormalige lunet nog oudere archeologische sporen bewaard waren gebleven. Er zijn twee paalsporen gevonden die mogelijk middeleeuws of ouder zijn en informatie kunnen opleveren over de bewoning in dit gebied. Verder zijn er paalsporen uit de nieuwe tijd aangetroffen. De aangetroffen kuilen in de oostelijke putrand van werkput 1 zijn waarschijnlijk gegraven voor de aanplanting van bomen en struiken en zijn te dateren in de nieuwe tijd C. In werkput 3 is een noordoost-zuidwest geori?nteerde greppel gevonden. De greppel kon niet door middel van vondstmateriaal gedateerd worden. De greppel lag onder de voormalige wal rondom Lunet A en was niet als perceelscheiding herkenbaar op de kadastrale minuutplan van 1824 en is daarom waarschijnlijk ouder dan 1824
Breda Liesboslaan 6 IVO-P Fase 2
In opdracht van AGEL adviseurs heeft team Erfgoed van de gemeente Breda een inventariserend veldonderzoek door middel van proefsleuven (IVO-P) uitgevoerd van 11 tot en met 13 juni 2019 op een perceel aan de Liesboslaan 6 te Breda. Aanleiding voor het onderzoek is de sloop van de bestaande bebouwing en de realisatie van nieuwbouw, waarbij bodemverstorende werkzaamheden zullen plaatsvinden. Het huidige onderzoek betreft enkel fase 2 van de werkzaamheden binnen het plangebied. De vraagstelling van dit onderzoek betreft het toetsen van de archeologische verwachting zoals verwoord in het PvE. Het veldonderzoek richt zich op het opsporen van alle vindplaatsen en vondstcomplexen die in het plangebied aanwezig kunnen zijn. Er zijn in totaal 5 proefsleuven aangelegd met verschillende oriëntering en varierende afmetingen. Uit het onderzoek is gebleken dat in werkputten 1 t/m 3 en 5 alleen kuilen en paalsporen gevonden zijn uit de nieuwe tijd B en C en specifieker uit de 18e en 19e eeuw. De kuilen zijn waarschijnlijk door bewoners, van de huizen langs de voormalige Kerkweg van Burgst/Heilaarstraat, op de achtererven gegraven om afval in kwijt te kunnen. Het zuidoostelijke uiteinde van werkput 2 en een heel groot deel van werkput 3 was volledig verstoord. In werkput 5 is één paalspoor en een groene verkleuring (fosfaat of vervuiling?) aangetroffen. Werkput 4 was nauwelijks verstoord en in deze werkput zijn twee paalsporen gevonden die erg waren uitgeloogd S 030 en 031. In een daarvan zat een stukje huttenleem. Waarschijnlijk zijn deze sporen prehistorisch of middeleeuws, maar door gebrek aan vondstmateriaal konden deze sporen niet nader gedateerd worden. Mogelijk ligt er ter hoogte van werkput 4 een prehistorische of middeleeuwse vindplaats
Prinsenbeek Brielsedreef Kettingdreef, gemeente Breda - IVO-P
Naar aanleiding van de geplande ontwikkeling op twee percelen aan de Kettingdreef en de Brielsedreef te Prinsenbeek heeft Team Erfgoed van de gemeente Breda een IVO-P uitgevoerd op 15 en 16 oktober 2018 in opdracht van Ruimte voor Ruimte. De vraagstelling van dit onderzoek betreft het toetsen van de archeologische verwachting zoals verwoord in het PvE. Het veldonderzoek richt zich op het opsporen van alle vindplaatsen en vondstcomplexen die in het plangebied aanwezig kunnen zijn. Tijdens het onderzoek zijn negen proefsleuven aangelegd. Hierin zijn negen sporen aangetroffen. Het gaat om paalsporen, een waterput, een sloot, een greppel en mogelijk een kuil. Op basis van de aangetroffen vondsten en de vorm en vulling van de sporen zijn de paalsporen geplaatst in de nieuwe tijd C. De sloot is al zichtbaar op kaarten uit 1824 en pas relatief recentelijk gedempt. De verzamelde vondsten bestaan uit fragmenten aardewerk, natuursteen, glas en een stuk kunststof. Deze dateren tussen de late middeleeuwen B tot in de nieuwe tijd C
- …
