160,632 research outputs found
Catch me if you can: Using DNA traces to study the influence of offending behaviour on the probability of arrest
Bernasco, W. [Promotor]Elffers, H. [Promotor
Cyber-offenders versus traditional offenders: An empirical comparison
Bernasco, W. [Promotor]Ruiter, S. [Promotor]Gelder, J.-.L. van [Copromotor
Waar zal Henk nooit een auto parkeren? Een studie naar de ruimtelijke spreiding van auto-inbraken
Method, actor and context triangulations: knowing what happened during criminal events and the motivations for getting involved
Due to the relatively limited, often one-time and one-sided interaction between the offender and the researcher, the author concludes that interviews with offenders are not a useful method when used alone. When the aim is to know what happened during a criminal event and the motivations for getting involved as offender, interviews should constitute part of various kinds of methodological triangulations in order to generate valid knowledge. This conclusion is illustrated through ethnographic data collected from one juvenile offender in Cape Town, South Africa. The offender, referred to with the pseudonym "Dregan," was first met by the author in 2004 in Pollsmoor prison, where he was incarcerated for a murder he committed when he was 17 years old. When released from prison the first time, Dregan became a part of the author’s PhD research. This involved the author becoming a part of various aspects of Dregan’s life. This included getting to know his friends and family, as well as accompanying him to places he frequented. The interaction also involved interviews, participating in group discussion, completing a questionnaire, and taking pictures with a disposable camera. Through his fieldwork, the author triangulated methods and also actors and contexts. The chapter describes the kinds of triangulation used as well as the kind of perspectives developed of Dregan and the violent situation in which he became involved. The case illustrates the triangulation as a means of validating the data collected, so as to reach the most probable perspectives on the dynamics of Dregan’s violent offending
Supplemental Material, Elevelt_Online_Appendix_A - Where You at? Using GPS Locations in an Electronic Time Use Diary Study to Derive Functional Locations
Supplemental Material, Elevelt_Online_Appendix_A for Where You at? Using GPS Locations in an Electronic Time Use Diary Study to Derive Functional Locations by A. Elevelt, W. Bernasco, P. Lugtig, B. M. S. Ruiter and V. Toepoel in Social Science Computer Review</p
Tekens aan de wand? Wat kunnen we van graffiti leren over de geografie van misdaad? = Signs on the wall? What can we learn from graffiti about the geography of crime?
De geografische criminologie beschrijft en verklaart de ruimtelijke verdeling van misdaad. Om die verdeling te kunnen verklaren, is het belangrijk om inzicht te hebben in de doelen en beperkingen van individuele daders, en zo beter te begrijpen hoe zij hun locatiekeuzes maken. Onderzoek naar deze keuzes heeft waardevolle inzichten opgeleverd, maar richt zich tot nu toe vooral op woninginbraak en overvallen – misdrijven met een duidelijk materieel motief. Onze kennis over de geografie van misdaad kan worden verbreed en verdiept door te kijken naar graffiti. Net als andere vormen van misdaad is het maken van graffiti regelovertredend gedrag, en moet het buiten de schijnwerpers gebeuren. Tegelijkertijd is graffiti bedoeld om gezien te worden en dus bij uitstek geschikt voor observatie door nieuwsgierige onderzoekers. In de criminologie wordt graffiti vaak beschouwd als vandalisme, of als een signaal dat misdaad aantrekt. Maar systematisch empirisch onderzoek naar hoe graffiti-makers hun doelwitten kiezen is er nauwelijks. Het is tijd om daar verandering in te brengen, aldus Bernasco. Met behulp van technologieën als Google Street View en computer vision kan empirisch onderzoek efficiënter en daarom grootschaliger verricht worden. Dat kan ons meer leren over doelwitkeuze bij misdrijven zonder materieel motief en misdrijven waarbij concurrentie een grotere rol speelt dan bij woninginbraken en overvallen
Prof. Th. W. Adorno and the author Hans Erich Nossack.
Prof. Th. W. Adorno and the author Hans Erich Nossack at a reception of Insel Verlag, Buchmesse Frankfurt 1966LB
Tekens aan de wand? Wat kunnen we van graffiti leren over de geografie van misdaad? = Signs on the wall? What can we learn from graffiti about the geography of crime?
De geografische criminologie beschrijft en verklaart de ruimtelijke verdeling van misdaad. Om die verdeling te kunnen verklaren, is het belangrijk om inzicht te hebben in de doelen en beperkingen van individuele daders, en zo beter te begrijpen hoe zij hun locatiekeuzes maken. Onderzoek naar deze keuzes heeft waardevolle inzichten opgeleverd, maar richt zich tot nu toe vooral op woninginbraak en overvallen – misdrijven met een duidelijk materieel motief. Onze kennis over de geografie van misdaad kan worden verbreed en verdiept door te kijken naar graffiti. Net als andere vormen van misdaad is het maken van graffiti regelovertredend gedrag, en moet het buiten de schijnwerpers gebeuren. Tegelijkertijd is graffiti bedoeld om gezien te worden en dus bij uitstek geschikt voor observatie door nieuwsgierige onderzoekers. In de criminologie wordt graffiti vaak beschouwd als vandalisme, of als een signaal dat misdaad aantrekt. Maar systematisch empirisch onderzoek naar hoe graffiti-makers hun doelwitten kiezen is er nauwelijks. Het is tijd om daar verandering in te brengen, aldus Bernasco. Met behulp van technologieën als Google Street View en computer vision kan empirisch onderzoek efficiënter en daarom grootschaliger verricht worden. Dat kan ons meer leren over doelwitkeuze bij misdrijven zonder materieel motief en misdrijven waarbij concurrentie een grotere rol speelt dan bij woninginbraken en overvallen
- …
