46 research outputs found

    Meten van drukrandvoorwaarden bij scheve golfaanval

    No full text
    In het kader van het Onderzoeksprogramma Kennisleemtes Steenbekledingen, in 2003 opgestart door de Dienst Weg- en Waterbouwkunde, heeft voorliggend rapport betrekking op het deelonderzoek Scheve golfaanval, Deelplan 3.2\u92. Dit deelplan is een vervolg op Deelplan 3.1, bureaustudie naar scheve golfaanval. Op veel plaatsen langs de Nederlandse kust zijn de golven onder maatgevende condities minder steil dan de golven waarop voorgaande steenzettingsonderzoeken zich richtten. Met het kleinschalig 3D modelonderzoek beschreven in dit meetrapport zijn drukken gemeten op het talud ten gevolge van scheve golfaanval. De data is verkregen door uitvoering van 38 modelproeven met minimaal 1000 golven (Pierson Moskowitz) op een taludhellingen van 1:3 in Vinjébassin van WL | Delft Hydraulics. De proeven zijn uitgevoerd met 3 golfsteilheden en met zowel kort- als langkammige golven. De beschouwde golfrichtingen zijn 0°,10°,20°,30°,40°,50°,70° en 90° ten opzichte van de normaal van de dijk. Daarnaast zijn in dezelfde faciliteit 4 proeven uitgevoerd op het 1:3 talud met een dubbeltoppig TMA-spectrum. Gedurende deze proeven zijn de drukvariaties gemeten op 47 locaties op het talud, zodanig gekozen dat drukvariaties ten gevolge van zowel de golfterugtrekking als de golfklappen zo goed mogelijk gemeten konden worden.Steenzettinge

    Invloed scheve golfaanval op stabiliteit van steenzettingen

    No full text
    Ingevolge de Wet op de Waterkering dienen steenzettingen op waterkeringen vijfjaarlijks getoetst te worden. In de praktijk kan aan veel steenzettingen geen definitief toetsoordeel toegekend worden wegens een gebrek aan wetenschappelijke kennis. In 2003 is daarom door de Dienst Wegen Waterbouwkunde van Rijkswaterstaat het Onderzoeksprogramma Kennisleemtes Steenbekledingen opgestart. Doel van dit programma is het reduceren van deze kennisleemtes teneinde te komen tot scherpere toetsregels en daarmee sneller en vaker tot definitieve toetsresultaten. In het kader van dit onderzoeksprogramma heeft voorliggend verslag betrekking op het deelonderzoek A2.2, \u93Scheve golfinval\u94. Het eerste deel van het onderzoek betreffende de kwantificering van de invloed van scheef invallende golven op de stabiliteit van steenzettingen is reeds uitgevoerd in 2003 (Kuiper, 2003), hetgeen geresulteerd heeft in bestanden van gemeten drukken op het talud. Het huidige onderzoek richt zich op het gebruik van die bestanden om de invloed van scheve golfaanval op het stijghoogteverschil over de toplaag en de stabiliteit te kwantificeren. Hiervoor heeft GeoDelft het rekenmodel ZSTEEN aangepast. Het onderzoek heeft geresulteerd in een praktisch toepasbare invloedsfactor voor de invloed van scheve golfaanval.Steenzettinge

    Constructief ontwerp ‘V-tower’: Studie naar gedrag van scheve hoogbouw en uitvoerings- en funderingsaspecten van diepe kelders

    No full text
    Voor de Kop van Zuid in Rotterdam is een plan voor een nieuw gebouw gemaakt door OVG Projectontwikkeling in samenwerking met Butzelaar van Son Architecten, genaamd de V-tower. Het gebouw met een bruto vloeroppervlak van ruim 80000 m2 zal een gemengde functie krijgen: kantoren, winkels en eventueel appartementen of een hotel met restaurant. Het ontwerp bestaat uit twee scheve torens van verschillende hoogte die onderling gekoppeld zijn en tot de 10e verdieping één gebouw vormen. De hoogste toren krijgt een hoogte van 209 m exclusief mast en staat onder een hoek van 5 graden. De lagere toren wordt 88 m hoog en krijgt een tegengestelde helling van 17 graden in het ontwerp. Onder het gebouw zal een zeslaagse parkeerkelder komen te liggen. Voor het plan is nog geen constructief ontwerp beschikbaar, terwijl de grote hoogte, de scheefstand en de diepe kelder samen een grote uitdaging vormen voor de constructeur. Het maken van een voorlopig constructief ontwerp voor zowel de hoofddraagconstructie als de fundering is de doelstelling van dit afstudeerproject. Uit vooronderzoek blijkt dat hoogstwaarschijnlijk de horizontale stijfheid en het dynamisch gedrag van het gebouw bij wind maatgevend zijn voor de constructie. Voor hoogbouw zijn verschillende constructiesystemen mogelijk. Systemen die, alleen gebaseerd op de hoogte, in aanmerking komen voor de V-tower zijn een stijve kern met overdrachtsconstructies, een gevelbuisconstructie en een megaconstructie. De scheefstand van de torens heeft zowel invloed op de functionele indeling van het gebouw als op de constructie. In het originele ontwerp zijn scheve liften toegepast. Er blijkt dat dit (nog) niet mogelijk is voor gebouwen van een dergelijke hoogte. De liften zullen daarom recht geplaatst moeten worden. Er wordt gekozen voor een liftsysteem met verspringende liftkernen met een gedeelde kern tot de 10e verdieping voor beide torens. Met een dergelijk systeem wordt de minste ruimte ingenomen door de liften en ontstaan de best in te delen plattegronden.Design and ConstructionCivil Engineering and Geoscience

    Review: Christian von Scheve (2009). Emotionen und soziale Strukturen – die affektiven Grundlagen sozialer Ordnung

    No full text
    En este trabajo – su tesis de doctorado – Christian VON SCHEVE examina la conexión entre las emociones y las estructuras sociales. Desde un punto de vista sociológico, tomando en cuenta hallazgos de las neurociencias y la psicología cognitiva, busca la respuesta a la pregunta de cómo, por un lado, las emociones son susceptibles a la influencia del ambiente social y cómo, por el otro, generan estructuras sociales por si mismas. Mediante la presentación de muchos hallazgos empíricos, el autor logra ejemplificar mecanismos relevantes. Aunque no se puede esperar encontrar respuestas definitivas a estas preguntas, el trabajo de VON SCHEVE ofrece una rica contribución a los debates sobre la relación micro-macro, así como a cuestiones sobre la acción humana. Actualmente, la investigación sobre emociones por parte de los científicos sociales es un campo emergente, el cual esta reseña busca ilustrar. Otro propósito de esta reseña es mostrar cuáles debates pueden ser enriquecidos al debatir sobre los elementos de este trabajo.In this work—his PhD thesis—Christian VON SCHEVE examines the connections between emotions and social structures. From a sociological viewpoint and taking into account findings from the neurosciences and cognitive psychology, he seeks to answer the question of how, on the one hand, are emotions susceptible to influences from the social environment, and on the other, do they generate social structure themselves. By presenting many empirical findings, the author succeeds in exemplifying relevant mechanisms. Although one cannot expect to find definitive answers to these questions, VON SCHEVE'S work offers a rich contribution to discussions on the micro-macro link, as well as questions of human agency. At present, research on emotions by social scientists is an emerging field, which this review seeks to illustrate. Another aim of this review is to show which discussions can be enriched by debating the elements of this work.Christian VON SCHEVE widmet sich in der vorliegenden Arbeit (der überarbeiteten Fassung seiner Dissertation) den Zusammenhängen von Emotionen und sozialen Strukturen. Aus soziologischer Perspektive bemüht er sich unter Berücksichtigung aktueller neuro- und kognitionswissenschaftlicher Erkenntnisse um Antworten auf die Frage, inwiefern Emotionen einerseits empfänglich für soziale Einflüsse sind und auf welchem Weg sie wiederum gesellschaftliche Strukturen hervorbringen. Mit der ausführlichen Darstellung einer Vielzahl an empirischen Ergebnissen aus den genannten Disziplinen ermöglicht die Lektüre ein anschauliches Bild der Mechanismen, die hierbei wirksam sind. Wenn auch keine endgültige Antwort auf die Fragen erwartet werden kann, liefert die Arbeit einen wertvollen Beitrag zur Diskussion um den "Mikro-Makro-Link" wie auch zur Frage nach den Einschränkungen von Akteursmodellen. Emotionen stoßen derzeit auf ein verstärktes Interesse in den Sozialwissenschaften, was in der vorliegenden Rezension knapp veranschaulicht wird und zeigen soll, welche Diskussionsstränge dieses Forschungsfeld bereichern kann

    Invloed van scheve inval en richtingspreiding op golfoploop en overslag, verslag modelonderzoek

    No full text
    In opdracht van de projectgroep TAW-A1 is modelonderzoek uitgevoerd naar de invloed van richtingspreiding en scheve golfaanval op golfoploop en overslag. Tevens is de invloed van de waterdiepte h (voor h/H > 3. waarin H de significante golfhoogte is) en de invloed van een berm bepaald. Er zijn drie constructies onderzocht: een recht talud 1:4, een talud 1:4 met een berm op de stilwaterlijn en een recht talud 1:2.5. Per proef is de oploop gemeten en voor twee kruinhoogtes het overslagdebiet. In totaal zijn 158 proeven uitgevoerd, alle met onregelmatige golven. Het onderzoek heeft plaatsgevonden in de richtingspreidingsfaciliteit (Vinjé-bak) van het Waterloopkundig Laboratorium in de Voorst. De invloed van de verschillende randvoorwaarden is bestudeerd in de vorm van invloedsfactoren r op de relatieve oploop R /H . Hierin is R de oploophoogte ten opzichte van de stilwaterlijn. Vervolgens is bij de analyse van de overslag gekeken of bovenstaande invloedsfactoren voor oploop kunnen worden verwerkt in de kruinhoogte bij overslag.Golfoploop - TAW/EN

    Review: Christian von Scheve (2009). Emotionen und soziale Strukturen – Die affektiven Grundlagen sozialer Ordnung [Emotions and Social Structure – The Affective Foundation of the Social System]

    No full text
    In this work—his PhD thesis—Christian VON SCHEVE examines the connections between emotions and social structures. From a sociological viewpoint and taking into account findings from the neurosciences and cognitive psychology, he seeks to answer the question of how, on the one hand, are emotions susceptible to influences from the social environment, and on the other, do they generate social structure themselves. By presenting many empirical findings, the author succeeds in exemplifying relevant mechanisms. Although one cannot expect to find definitive answers to these questions, VON SCHEVE'S work offers a rich contribution to discussions on the micro-macro link, as well as questions of human agency. At present, research on emotions by social scientists is an emerging field, which this review seeks to illustrate. Another aim of this review is to show which discussions can be enriched by debating the elements of this work. URN: http://nbn-resolving.de/urn:nbn:de:0114-fqs110128

    Stormverslag Waddenzee: 8 november 2007

    No full text
    Dit stormverslag beschrijft de wind-, golf- en waterstandgegevens die zijn gemeten in de Waddenzee tijdens de storm van 8 november 2007. Dit verslag is mede bedoeld als hulpmiddel om te bepalen of de data van deze stormperiode bruikbaar zijn voor onderzoek. Daartoe worden tijdreeksen van de belangrijkste golfparameters gepresenteerd, golfspectra op een aantal representatieve tijdstippen getoond, en de databeschikbaarheid geïnventariseerd. Dit verslag is opgesteld in het kader van het monitoring programma \u93Sterkte en Belasting Waterkeringen\u94 (SBW) conform het productblad stormverslag Waddenzee. \u93Aan het einde van de middag van 8 november ruimde de wind naar het noordwesten. Met name langs de Noorse kust waren de windsnelheden erg hoog (10 \u96 11 Bft). Over de hele Noordzee stond een stormachtige wind (8 Bft) tot storm (9 Bft) uit het noordwesten. In de loop van de avond van 9 november nam de wind af tot een harde noordwestenwind (7 Bft).\u94 De tijfase bevond zich rond gemiddeld tij. De stormvloedstanden van Den Helder, Harlingen en Delfzijl krijgen respectievelijk een 7e, 8e en 9e plaats in de top 50 van hoogste standen van de afzonderlijke stations. Statistisch gezien trad de grootste scheve opzet op bij Delfzijl (268 cm). Een opzet zoals bij Delfzijl is opgetreden komt gemiddeld ongeveer 1 maal per 10 jaar voor. Deze hoogste scheve opzet is gemeten in de ochtend van 9 november. Voor de analyseperiode is daarom de periode 8 november 20:00 tot en met 9 november 20:00 genomen.SB

    Stormverslag Waddenzee: 31 januari 2008

    No full text
    Dit stormverslag beschrijft de wind-, golf- en waterstandgegevens die zijn gemeten in de Waddenzee tijdens de storm van 31 januari 2008. Dit verslag is mede bedoeld als hulpmiddel om te bepalen of de data van deze stormperiode bruikbaar zijn voor onderzoek. Daartoe worden tijdreeksen van de belangrijkste golfparameters gepresenteerd, golfspectra op een aantal representatieve tijdstippen getoond en de databeschikbaarheid geïnventariseerd. Dit verslag is opgesteld in het kader van het monitoring programma \u93Sterkte en Belasting Waterkeringen\u94 (SBW) conform het productblad stormverslag Waddenzee. \u93Langs de Nederlandse kust stond in de middag van 31 januari een zuidwesterstorm (9 Bft). Na de passage van het koufront ruimde de wind aan het einde van de middag naar het westen en nam sterk in kracht af tot een harde wind (7 Bft). In de loop van de middag van 1 februari nam de wind weer toe tot een harde tot stormachtige westenwind. Rond middernacht (1 op 2 februari) stond er langs de Hollandse kust enige uren een westerstorm (9 Bft). In de loop van de nacht van 2 februari ruimde de wind verder naar het noordwesten en nam af tot krachtig (6 Bft)\u94 De tijfase bevond zich rond doodtij. Hierdoor werden de hoogwaterstanden niet zo hoog. De grootste scheve opzet tijdens de verschillende hoogwaters langs de kust varieerde van 70 cm bij Vlissingen tot 138 cm bij Delfzijl. Statistisch gezien trad de grootste scheve opzet op bij Hoek van Holland (105 cm). Een opzet zoals bij Hoek van Holland is opgetreden komt gemiddeld ongeveer 2 maal per jaar voor.SB

    Weerkaatsing van een Lopende Watersprong tegen een Verticale Oever: Deelstudie voor een Pomp Accumulatie Centrale in het IJsselmeer

    No full text
    Gebruik makend van de behoudsvergelijkingen voor massa en momentum wordt de weerkaatsing van een als een discontinuïteit opgevatte lopende watersprong tegen een verticale, rechte, oever berekend. Onderscheid wordt gemaakt tussen twee vormen van weerkaatsing: de reguliere weerkaatsing en de z.g. Machweerkaatsing, die kan optreden als de sprong de oever onder een relatief grote hoek nadert. De berekeningsresultaten geven aan, dat in bepaalde gevallen de weerkaatste golf bij scheve inval hoger is dan bij loodrechte inval.Hydraulic EngineeringCivil Engineering and Geoscience

    Golfoploop en golfoverslag bij dijken

    No full text
    Dit verslag is een aangepaste versie van het gelijknamige verslag uit 1993. Het verslag geeft een samenvatting van nieuwe resultaten met betrekking tot golfoploop en golfoverslag bij dijken. Het verslag geeft hiervoor ontwerp- of toetsformules. Verschillende invloeden zijn door middel van reductiefactoren in de formules verwerkt. Dit zijn de invloeden van een berm, ruwheidselementen op het talud, scheve golfaanval, zowel langkammige als kortkammige golven en van een (verticale) wand op het talud. De golfoploop kan als functie van de brekerparameter worden beschreven. Golfoverslag wordt in twee formules gegeven, één voor brekende golven met een maximum voor niet-brekende golven. Verder is een verdeling gegeven voor overslagvolumes per golf.Golfoploop en Golfoverslag - TAW/EN
    corecore