232451 research outputs found
Sort by
Trade in old regime Europe
In this period, states strove for more control over their international trade routes. However, this was a matter of ideology and planning rather than a reality. Trades were still mainly supervised by chartered companies. States increasingly aimed to restrict exports of their colonial goods to other countries. However, their ‘mercantilist’ approaches did not yield the results that were expected. In attempts to reduce smuggling, private trade became acknowledged more. An aim of consolidating and perfecting colonial trade had more impact in Asia than in the Caribbean. There, geopolitical contexts as well as features of crops precluded strict control. Compared to the previous period, international trade law consisted mostly of treaty law. Some clauses, such as the most-favoured-nation clause, could be opted for in many treaties. Legal borrowing happened, for example, with regard to governance structures in colonial territories, but there was no harmonised law of international trade. Domestic legislation was combined with treaties. Ius gentium doctrine mainly focused on a right of trade. In the later eighteenth century, views of this type were combined with ideas of self-reliance of the economy. Over the course of the seventeenth and eighteenth centuries, financial markets had become a factor that policy-makers had to take into account. Because of the growing intertwining of state finance, colonial trade and speculation at stock markets, the risk of bubbles rose
Preface
The sixth volume in The Cambridge History of International Law covers the developments of inter- and transnational laws in early modern Europe (1492–1660). The preface explains how recent revisionism of traditional state- and Eurocentric views on the history of international law impacts the study of this subject and how this is reflected in the volume
Freedom of expression and generative AI:Granting constitutional protection to automatically generated content?
"A politics of the inextricable tangle": The contemporary zine label Marktcorruptie as a junction between literary innovation and counterculture
In de laatste bijdrage bestuderen Ruben Vanden Berghe en Sven Van den Bossche het maatschappijkritische zinelabel Marktcorruptie (°2018). Ze laten zien dat het label aansluiting zoekt bij de (Angelsaksische) underground zinecultuur én zich tegelijk in het Nederlandstalige experimentele literaire circuit inbedt. Markcorruptie neemt deel aan (praktijken van) beide circuits én distantieert er zich tegelijk van. Het label verstrengelt bijvoorbeeld activisme en literaire vernieuwing en fungeert tegelijk als een platform voor gelegenheidscollectieven én als een opstapje voor beginnende auteurs. Vanden Berghe en Van den Bossche tonen zo aan dat het label underground en establishment, het tegenculturele en het institutionele, de jonge auteur en de gevestigde uitgeverij met elkaar verweeft, en daarbij een lokaal sociaal netwerk clustert met een kosmopolitisch netwerk. Ze concretiseren hun bevindingen aan de hand van de zine-aflevering M.A.L.E.F.I.C.I.A. (2018), die ze, tot slot, ook vanuit een netwerkperspectief aan een close reading onderwerpen. Zo onthullen ze enkele discursieve netwerken. Enerzijds roept de zine een imaginair netwerk op met allusies op internationale (eco)feministische denkers als Anna Lowenhaupt Tsing, Catherine Clément, Donna Haraway, Timothy Morton, Hélène Cixous en Silvia Federici. Anderzijds brengen ze, door de circulatie van beelden van vrouwelijke lichamen te analyseren, een inhoudelijke continuïteit aan het lich
Rekening houden met huiselijk geweld in beslissingen over gezag en omgang:De noodzaak van de implementatie van artikel 31 Verdrag van Istanbul in het Nederlandse familierecht
Implementation of new Dutch pension contract
In dit artikel vergelij k ik de (voorgenomen) implementatie van de nieuwe Solidaire premieregeling bij pensioenfondsen met de wij ze waarop fondsen over die regeling communiceren. De conclusie is dat, met betrekking tot de risico’s die gelopen worden in de uitkeringsfase, de communicatie veelal onvolledig of zelfs onjuist is. Mij n advies is dat fondsen deze verschillen wegnemen. Dit kan hetzij door de communicatie te laten aansluiten bij de invulling van de nieuwe regeling (“zeg wat je doet”), hetzij door de invulling aan te passen aan de communicatie (“doe wat je zegt”). Dit laatste zou betekenen dat niet de solidariteitsreserve maar de toedeling van rendementen ingezet wordt om de gewenste bescherming van ingegane uitkeringen te realiseren
Een theologisch portret van Leo XIV in vier uitspraken
Giving an outline of the theological thought of Robert Prevost/pope Leo XI
Derecho, relato y realidad
Este libro intenta reflexionar sobre aquello que es propio a los relatos en rela ción con el Derecho. Presenciamos desde hace algunos años diversos alega tos en favor de una aproximación narrativa» al Derecho y la ciencia jurídica. Ciertamente no puede decirse que esta propuesta haya sido recibida con gran entusiasmo en todas partes. En mi experiencia, ya el solo nombre suele irritar a los juristas. ¿No es la «narrativa» el enésimo adjetivo para calificar un mo mento pasajero en el desfile de las perspectivas «tópica», «retórica», «semió tica» y «hermenéutica»? A ello se suma la palabra misma «narrativa», que el diccionario asocia con expresiones tales como «fábula», «epopeya», «mito», «parábola», «anécdota» y «chiste». Pues se nos objetará que hace falta tomar en serio al Derecho, a los derechos y a la ciencia jurídica
Mohammed Abduh over het christendom:Een reactie op Farah Anton
Dit proefschrift probeert het denken van Mohammed Abduh aangaande het omgaan met andersgelovigen te onderzoeken en aan de klassieke islamitische fundamenten met betrekking tot de niet-islamitische ander te koppelen; dit heeft nauwelijks aandacht van wetenschappers gekregen. De onderzoeksvraag luidt: Welke ontwikkeling heeft ‘het omgaan met andersgelovigen’ in het islamitische denken doorgemaakt, in het licht van de geschriften van Mohammed Abduh over het christendom/ de christenen? De wetenschappelijke bijdrage van deze studie zit in het onderzoeken van de mate van de ontwikkeling van het islamitische denken betreffende het omgaan met andersgelovigen. Dit wordt onderzocht aan de hand van een historisch literatuuronderzoek. De klassieke islamitische fundamenten die vormgeven aan de omgang met andersgelovigen, zijn: 1) het erkennen van andersgelovigen, 2) het betalen van financiële bijdragen en 3) het zich houden aan aanvullende beperkingen. Het betalen van al-ğizyah garandeert de volgende grondrechten: 1) bescherming, 2) godsdienstvrijheid, 3) ontheffing van militaire dienst, 4) handelsvrijheid, 5) eigen rechtssysteem en 6) vrijheid van beroep. Tot de aanvullende beperkingen behoren: 1) het dragen van afwijkende kledij, 2) het verbieden van paardrijden en het dragen van wapens, enz. Binnen de islamitische rechtsscholen is er geen consensus over de aanvullende beperkingen. Verder twijfelen moslimgeleerden aan de authenticiteit van hadiths waarop de aanvullende verplichtingen gebaseerd zijn; Ze zijn voor een groot deel historisch, cultureel en contextueel gebonden. Na het onderzoek naar de vertaling van de islamitische fundamenten inzake de omgang met andersgelovigen naar de Egyptische context is gebleken dat moslims in de negentiende eeuw afstand van financiële verplichtingen en aanvullende beperkingen hebben genomen. Dit laat een duidelijke ontwikkeling zien in het islamitische denken inzake de omgang met de niet-islamitische ander. De Egyptische samenleving heeft de islamitische erkenning van de kopten en de grondrechten gehandhaafd. Van structurele onderdrukking en bewust beleid om andersgelovigen te bekeren of uit te roeien is geen sprake. Hoe heeft de islamitische geleerdheid (bijv. Abduh) op deze ontwikkelingen gereageerd? De politieke (het streven naar politieke eenheid) en culturele context (het streven naar het zuiveren van het islamitische denken van culturele invloeden) hebben het denken van Abduh betreffende andersgelovigen beïnvloed. Er zijn ook andere aspecten die het denken van Abduh hebben beïnvloed, zoals 1) het multireligieuze karakter van de Egyptische samenleving, 2) de diverse etnische aard van de Egyptische maatschappij, 3) de begeleiding van al-Afghani, 4) zijn contacten, reizen, omgang met andersgelovigen, enz. Abduh handelde vanuit een zeer ingewikkelde historische context. Hij onderscheidde zes fundamenten voor het christendom en acht voor de islam. Hij liet zich zeer kritisch uit over het christendom en zijn omgang met andersgelovigen. Volgens Abduh zijn er twee fundamenten die het reguleren van de relatie met niet moslims vormgeven. Het fundament ‘andersgelovigen liefhebben’ reguleert de omgang met vreedzame andersgelovigen en het principe ‘defensieve oorlog’ reguleert het omgaan met niet-vreedzame andersgelovigen. Het geweld is slechts toegestaan om de agressie van de agressors te beantwoorden en niet om andersgelovigen te bekeren of uit te roeien. Het klassieke verhaal is niet terug te vinden in het denken van Abduh, behalve positieve elementen zoals de erkenning van de niet-islamitische ander en de grondrechten. Het islamitische denken met betrekking tot het omgaan met andersgelovigen heeft een zekere ontwikkeling doorgemaakt.__This dissertation attempts to examine Muhammad Abduh's thinking regarding dealing with other believers and link it to classical Islamic foundations regarding the non-Islamic other; this has received scant attention from scholars. The research question is: In light of Muhammad Abduh's writings on Christianity/Christians, what has been the development of "dealing with Christians/ dissenters" in Islamic thought? The scholarly contribution of this study lies in examining the extent of the development of Islamic thought concerning dealing with Christians/ dissenters. This is examined through a historical literature review. The classical Islamic foundations that shape dealing with dissenters are: 1) recognizing Christians/ dissenters, 2) paying financial contributions, and 3) adhering to additional restrictions. Paying al-ğizyah guarantees the following fundamental rights: 1) protection, 2) freedom of religion, 3) exemption from military service, 4) freedom of trade, 5) own legal system and 6) freedom of occupation. Additional restrictions include: 1) wearing deviant clothing, 2) prohibition of horseback riding and carrying weapons, etc. Within Islamic law schools, there is no consensus on the additional restrictions. Furthermore, Muslim scholars doubt the authenticity of hadiths on which the additional obligations are based; They are largely historically, culturally and contextually bound. After examining the translation of Islamic foundations on dealing with other believers to the Egyptian context, it was found that Muslims in the nineteenth century renounced financial obligations and additional restrictions. This shows a clear development in Islamic thinking on dealing with the non Islamic other. Egyptian society maintained Islamic recognition of Copts and fundamental rights. There is no evidence of structural oppression and deliberate policies to convert or exterminate Christians/ dissenters. How has Islamic scholarship (e.g., Abduh) responded to these developments? The political (seeking political unity) and cultural context (seeking to purify Islamic thought from cultural influences) have influenced Abduh's thinking regarding Christians/ dissenters. There are also other aspects that influenced Abduh's thinking, such as 1) the multi-religious nature of Egyptian society, 2) the diverse ethnic nature of Egyptian society, 3) the guidance of al Afghani, 4) his contacts, travels, dealings with other believers, etc. Abduh acted from a very complicated historical context. He distinguished six foundations for Christianity and eight for Islam. He was very critical of Christianity and its dealings with other believers. According to Abduh, there are two foundations that shape the regulation of relations with non-Muslims. The foundation "loving other believers" regulates dealing with peaceful other believers and the principle "defensive war" regulates dealing with non-peaceful other believers. Violence is permitted only to answer the aggressors' aggression and not to convert or exterminate Christians/ dissenters. The classical narrative is not found in Abduh's thinking except for positive elements such as the recognition of the non-Islamic other and fundamental rights. Islamic thinking regarding dealing with Christians /dissenters has undergone some development.<br/