Xios Theses
Not a member yet
1062 research outputs found
Sort by
Het integreren van onderhoudsmanagementsoftware
Titel:
HET INTEGREREN VAN ONDERHOUDSMANAGEMENTSOFTWARE
Door:
Esther Bussels
Promotoren:
Dhr. Henri Weemans Limelco N.V.
Ing. Ilona Stouten XIOS Hogeschool Limburg
Limelco N.V. is een melkverwerkend bedrijf dat verschillende melkproducten produceert, waaronder melkpoeder, yoghurt, pudding etc.
Mijn negen weken durende stage bij Limelco N.V. zorgde ik voor de integratie van het softwarepakket TD Office. Daarnaast werd de link naar het huidige magazijn mee opgenomen in het totaalproject. De integratie omvat één productielijn, nl. de blikkenlijn.
Volgende items zijn te onderscheiden:
Het onderhoudsmanagementsoftwarepakket
Overzicht : Machinehistoriek, defectenhistoriek, revisiehistoriek etc.
Overzicht : Boomstructuur en machinelay-out
Meldingen : Melding van storingen, terugkerende opdrachten etc.
Werkorders : Uit te voeren reparaties, revisies en opdrachten
Werkuren : Evaluatie van de meldingen en werkorders
De link naar het magazijnbeheer
Bestelbon : Controle over in- en afboekingen
Aanwezig : Voorraadbeheer
Checklist : Link tussen machines en onderdelen
Datasheet : Bijkomende info over machines en onderdelen
Leverancier : Contactgegevens
Deze integratie moet leiden tot een optimaler verloop van het onderhoud binnen Limelco N.V
Aerogel, een innovatief isolatiemateriaal
Stilstaan is achteruitgaan, dat is het moto dat ik hanteer. Daarom heb ik bewust gekozen voor het onderwerp Aerogel, een innovatief isolatiemateriaal. Isolatie is tegenwoordig een veelbesproken item door de extreme weersomstandigheden en de dure brandstofprijzen.
Aangezien de traditionele isolatiematerialen steeds minder lijken te voldoen aan de EPB-eisen, wordt het tijd voor een nieuw materiaal namelijk Aerogel. Dit materiaal heb ik in het theoretisch gedeelte van mijn bachelorproef bestudeerd en vergeleken met de traditionele isolatiematerialen.
Het tweede deel van deze studie gaat over de toepassingen van Aerogel in de woningbouw. De verschillende materialen en specifieke eigenschappen komen uitgebreid aan bod. Vervolgens worden enkele van deze materialen toegepast in het project in Opglabbeek. Dit project omvat het bouwen van een gemeenschapscentrum in de stadskern van Opglabbeek door de firma Heijmans Bouw nv. In kader van mijn stage wordt er aangetoond, in samenwerking met werfleider Peter Didden welke impact Aerogel zal hebben op de thermische prestaties, de planning en de kostprijs van het project.
Deze bachelorproef dient een theoretisch document te worden over het nieuwe isolatiemateriaal Aerogel en zijn toepassingen. Er werd onderzocht in hoeverre Aerogel de traditionele isolatiematerialen gaat vervangen en verbeteren, met toepassing op het project in Opglabbeek. Hiermee ontstond er een beter beeld over het gebruik van Aerogel en komen we te weten of het meer is dan toekomstmuziek
Heropbouw staalstructuur op bestaande constructie
Titel: Heropbouw van een staalstructuur op een bestaande constructie
Auteur: Stefan Breugelmans
Interne begeleider: Cedric Exelmans (projectcoach)
Externe begeleider: Dhr. Jef Eelen (werfleider)
Deze bachelorproef gaat over de werf "Van De Pol", een transportbedrijf met opslagplaatsen gelegen in Gierle en Turnhout. Op mijn toegewezen werf in Turnhout wordt de opbouw bestudeerd van een staalconstructie die aansluit op een bestaand gebouw. De werf is gelegen op de Everdongenlaan 21 in Turnhout.
Tijdens de werken worden de fundering, de betonnen vloer, de aansluiting op het oude gebouw en de specifieke bouwknopen bestudeerd door dieper in te gaan op de volgende factoren: grondwater, veiligheid, planning, coördinatie, uitvoering en calculatie.
Omdat het grondwater rond de werf schommelt rond -0,80m onder de nulpas van de nieuwe vloer worden in iedere fase de bekomende maatregelen uitgelegd. Op gebied van veiligheid wordt vooral de veiligheid van de arbeiders bestudeerd die aanwezig zullen zijn op de werf en de brandveiligheid van de nieuwe constructie ten op zichte van de bestaande constructie. Als 3de onderdeel wordt de planning en coördinatie besproken waarin mogelijke verbeteringen worden voorgesteld op het gebied van werfinrichting en uitvoering van de werken.
Bij de uitvoering wordt ieder onderdeel dat aansluit op het bestaande gebouw bestudeerd. Er wordt dieper ingegaan op de funderingen die geplaatst moeten worden in de bestaande vloerplaat. Ook de wandaansluiting en de uitvoering van de brandveilige wand worden besproken. Bij iedere bouwknoop worden details opgemaakt en uitvoerig besproken.
Als laatste onderdeel van de bachelorproef wordt de calculatie van de staalconstructie uitvoerig gecontroleerd.
Deze werkzaamheden hebben plaatsgevonden samen met mijn stage die begon op 26 maart 2012 en eindigt op 8 juni 2012
Geprefabriceerde betonnen gevelelementen
In mijn eindwerk wordt de nieuwbouw van een kantoorgebouw voor IBP nv besproken. Het gebouw bestaat uit een kelderverdieping, een benedenverdieping en drie bovenverdiepingen. Binnen dit werk wordt voornamelijk gekeken naar de drie bovenverdiepingen. De gevels van deze verdiepingen zijn opgebouwd uit geprefabriceerde betonnen panelen in architectonisch wit beton.
Het gebruik van geprefabriceerde betonnen gevelelementen heeft zowel voor- als nadelen. Binnen deze toepassing zijn er meer voordelen dan nadelen. Vandaar de keuze voor deze geprefabriceerde gevelelementen. Door middel van gevelplaatankers worden de geprefabriceerde betonnen gevelelementen tegen het binnenspouwblad bevestigd. Aangezien deze gevelplaatankers zeer duur zijn, wordt er geopteerd voor een variant: de betonnen gevelelementen worden samengevoegd. Hiermee worden de kosten enigszins gedrukt. Het moeilijke aan geprefabriceerde gevelelementen is het plaatsen van de vochtkering omdat hier mogelijk vochtproblemen kunnen optreden aan de binnenkant van het gebouw.
Gezien het zware gewicht van deze gevelelementen zijn er aangepaste veiligheidsvoorzieningen (zoals bijvoorbeeld: aangepaste hijssystemen voor de kraan, een veiligheidsharnas,
) nodig. Doordat deze werken een verhoogd risico hebben wordt er eveneens een specifiek veiligheidsplan en gezondheidsplan opgesteld.
Om een kostenvergelijking op te stellen is er een gedetailleerde calculatie uitgevoerd. Er werden offertes bij verschillende bedrijven opgevraagd. Nadat er een bedrijf is gekozen, wordt er een werkplanning opgesteld. Hierbij wordt extra rekening gehouden met de productietijd in het bedrijf voor de geprefabriceerde elementen om ervoor te zorgen dat de bouw geen vertraging oploopt
Luchtdicht en thermisch verbeterde bouwaansluitingen met het aluminium buitenschrijnwerk
Om deze masterproef beter te begrijpen is een voorkennis van de bouwfysica aangeraden, meer bepaald over het warmtetransport door materialen en bouwaansluitingen. Het opleidingsonderdeel Bouwfysica van het 3de jaar in de opleiding industrieel ingenieur (Xios) is hierbij zeker een goed startpunt. Bijkomende zelfstudie van de desbetreffende normeringen is echter noodzakelijk.
Ter ondersteuning van deze masterproef heb ik de kans gekregen om stage te lopen bij het bedrijf Sapa Building System. Hier heb ik de kans gekregen om nauw samen te werken met 2 ervaren projectcoördinators. Gedurende deze stage lag de focus op traditionele bouwaansluitingen tussen aluminium buitenschrijnwerk en de ruwbouw. Deze traditionele bouwaansluitingen heb ik verder onder de loep genomen en de minpunten hiervan geanalyseerd.
In eerste instantie heb ik gekeken naar de markt om na te gaan welke de meest voorkomende hedendaagse bouwaansluitingen zijn. Dan heb ik met behulp van een dosis gezond verstand en een hoop ervaring in de wereld van detailleringen, normeringen en regelgevingen een aantal verbeterde bouwaansluitingen uitgewerkt. Deze verbeteringen vinden plaats op zowel thermisch vlak als op vlak van luchtdichtheid. Deze verbeteringen zijn gerealiseerd door in te spelen op de gebruikte materialen maar ook op de uitvoering en positionering van de aansluiting.
De bedoeling van deze masterproef is om de meest voorkomende bouwaansluitingen uit te werken en daarna te testen via de methode van EPB-aanvaarde bouwknopen en via numerieke software. Wanneer de bouwaansluitingen voldoen aan de eisen zal er per bouwaansluiting een duidelijke omschrijving worden opgesteld die de uitvoering ervan voor iedereen mogelijk maakt. Deze omschrijving zal in de praktijk getoetst worden door het effectief realiseren van enkele bouwaansluitingen. De omschrijvingen zullen getoetst worden op duidelijkheid en uitvoerbaarheid. Wanneer de omschrijvingen duidelijk blijken te zijn kunnen ze zonder meer worden opgenomen in het lastenboek. De uitgevoerde bouwaansluitingen worden dan in de workshop van Sapa te Lichtervelde getest op hun luchtdichtheid. Op deze manier heeft de buitenschrijnwerker van vandaag de middelen in handen om zich te wapenen tegen de almaar strenger wordende EPB-eisen. Verder kan er door het gebruik van de verbeterde bouwaansluitingen ontsnapt worden aan het langdurig en kostelijk doorrekenen van bouwknopen, in de veronderstelling dat dit al mogelijk is. Bij nieuwbouw kan men door het gebruik van de verbeterde bouwaansluitingen de toeslag op het K-peil vanwege de bouwknopen afkomstig van het buitenschrijnwerk tot 3 punten herleiden en in extreme gevallen zelfs tot 0.
De masterproef is opgedeeld in twee grote delen. In het eerste deel zal er a.d.h.v. de beschikbare normeringen, alsook wetenschappelijke studies een uitdieping gebeuren van het onderwerp. Op deze manier krijgen we inzicht in de verschillende manieren waarop we de invloed van bouwknopen moeten inrekenen. Hiernaast zal er inzicht worden verkregen in het bepalen van de lineaire warmtedoorgangscoëfficiënt m.b.v. een softwarepakket.
In het tweede deel zullen we dan kort de traditionele bouwaansluitingen toelichten gevolgd door de uitgewerkte verbeterde bouwaansluitingen.
Verder zullen in dat deel ook de praktische toetsingen en testen aan bod komen
Waterdichtheid van ingegraven betonconstructies
Op het eerste gezicht lijkt beton een homogeen en vast materiaal. Vaak wordt hierdoor onterecht aangenomen dat het ook om een vloeistof- en gasdicht product gaat. De praktijk wijst uit dat dit zeker niet het geval is. Het komt bijvoorbeeld vaak voor dat er in kelders vochtvlekken of in sommige gevallen zelfs plassen met water ontstaan. Vooral op esthetisch gebied geeft dit een zeer onaantrekkelijk gevoel. Wie wil er nu gebruik maken van een donkere, kille en vochtige kelder? Eender om welke toepassing het gaat, van parkeergarage tot archief, dergelijk type kelder kent nooit aantrekkelijke voordelen. Maar dit is uiteraard niet het enige probleem, grote scheurwijdtes in beton kunnen ook de duurzaamheid van de constructie in gevaar brengen.
Tot op de dag van vandaag werd de schuld voor dit fenomeen doorgeschoven van partij naar partij. Vaak wordt de aannemer die de uitvoering van de kelderwanden voor zijn rekening neemt als de schuldige partij aangewezen. Dit blijkt achteraf gezien zeer kort door de bocht, maar toch wordt deze verantwoordelijkheid nog vaak in de schoenen van de aannemer geschoven in het lastenboek.
Het fenomeen van waterdichtheid van kelderwanden wordt al enkele jaren door verschillende instanties onderzocht. De resultaten van deze onderzoeken worden langzaamaan gepubliceerd. De reden dat dit onderzoek zoveel tijd in beslag neemt, is de omvang en de complexiteit van het fenomeen. Zeer veel factoren spelen een rol bij het optreden van waterdoorvoerende scheuren. Dit gaat zowel om factoren op gebied van ontwerp als op gebied van uitvoering.
Deze masterproef en de bijhorende controletool is daarom van informatieve aard. Het heeft als doel om de lezer kennis te laten maken met dit actuele fenomeen. Als eerste item wordt de theoretische achtergrond van vloeistofdichtheid uitvoerig besproken. De waterdichtheidsklassen, het lekdebiet, de verhinderde krimp en andere oorzaken van scheurvorming zijn enkele voorbeelden van besproken onderwerpen. Uit deze theoretische achtergrond zal duidelijk worden dat scheurvorming een zeer belangrijke rol speelt. Het verdere werk zal daarom handelen over het beheersen van dit fenomeen. Zo wordt besproken welke maatregelen men kan treffen reeds bij het begin van het ontwerp van kelderwanden. Scheurwijdtebeperking en wapeningsgehalte worden hierin uitvoerig besproken.
Het beheersen van de scheurwijdte kan op zeer veel manieren. Om deze reden werd op aanraden van de promotoren parallel met dit werk een dynamische spreadsheet ontworpen. Deze tool maakt het mogelijk voor de gebruiker om een snelle controle te doen van zijn/haar ontwerp. De tool heeft als doel een snelle indicatie te krijgen van het al dan niet optredende waterdichtheidsprobleem. Indien hieruit blijkt dat het aangewezen is om aanpassingen te doen, zal een uitgebreidere studie van het probleem noodzakelijk zijn. Na de hoofdstukken over algemeen ontwerp van kelderwanden volgt daarom een gedetailleerde bespreking van deze tool. Gebruiksaanwijzigingen, berekeningsmethoden en interpretatie van mogelijke uitkomsten zijn enkele onderwerpen die aan bod komen
Invloedsfactoren op luchtbellen bij zelfverdichtend beton
Geert De Schutter definieert zelfverdichtend beton als volgt: Zelfverdichtend beton (ZVB) is beton dat in verse toestand een dusdanige vloeibaarheid vertoont dat het louter onder invloed van het eigengewicht en dus zonder bijkomende verdichtingsenergie in staat is doorheen een dicht wapeningsnet of in aanwezigheid van andere hindernissen de bekistingsvorm volledig te vullen, terwijl het een voldoende stabiliteit vertoont tegen segregatie en dus homogeen blijft gedurende transport, verpompen en verwerken.
Bij de productie van architectonisch zelfverdichtend beton speelt de esthetische rol steeds een belangrijke factor, aangezien een stijgende welvaart resulteert in een verhoogde besteding van het inkomen aan genotsgoederen. Hierbij wordt gestreefd naar een zichtbaar betonoppervlak met zo min mogelijk discontinuïteiten. Eén factor die ten alle tijden in het oog wordt gehouden, is het voorkomen van luchtbellen aan het oppervlak.
Bij een klassieke beton volstaat het om luchtinsluitingen en luchtbellen te reduceren door het installeren van een triltafel of te verdichten met een trilnaald terwijl dit niet toegelaten is bij zelfverdichtend beton. Het is dus wenselijk op zoek te gaan naar methoden om luchtbellen en insluitingen zoveel mogelijk te voorkomen of te reduceren bij een architectonische zelfverdichtende beton.
In dit werk gaat onderzocht worden wat de invloedsfactoren zijn van luchtbellen op zelfverdichtend beton. Er gaan ook enkele proeven uitgevoerd worden om een vergelijking te kunnen maken tussen deze invloedsfactoren. Het doel zal zijn te achterhalen wat de invloed is van iedere factor op het zelfverdichtend beton.
Het eerste deel zal handelen over de literatuur van architectonische zelfverdichtend beton en de invloed van verschillende factoren op de luchtbellen. In een tweede deel zullen de verschillende proeven behandeld worden en tot slot zullen de resultaten besproken worden
Inspecteerbaarheid en reinigbaarheid van infiltratievoorzieningen
In het kader van integraal waterbeheer en in de voorschriften van "Code van goede praktijk voor afvoer van afvalwater en regenwater", neemt buffering en infiltratie een vooraanstaande plaats in. Hierbij dient het regenwater gescheiden van het afvalwater afgevoerd en vervolgens gebufferd te worden waarna het in de grond infiltreert. Daarom is het belangrijk dat deze systemen goed in de tijd blijven functioneren zodat ze hun taak zo lang mogelijk kunnen vervullen. Vandaar dat deze systemen van vervuiling dienen gespaard te blijven of indien nodig gereinigd kunnen worden. Om vervuiling op te kunnen sporen dienen deze systemen inspecteerbaar te zijn.
Aangezien er nog geen enkel normatief document of technisch voorschrift bestaat in verband met uitvoeringsvoorwaarden, controles, toepassingen, inspecties,
is er dringend vraag naar de opmaak van een normatief document. Deze thesis vormt een aanzet voor het opstellen van zo een technisch voorschrift.
Vanuit het overleg- en kenniscentrum Vlaamse riolering kwam de vraag voor een onderzoek naar de inspecteerbaarheid en reinigbaarheid van de verschillende infiltratievoorzieningen. Namelijk infiltratiekratten, geperforeerde kunststoffen rioleringen, poreuze betonnen rioleringsbuizen,
.
Het uitgevoerde onderzoek naar infiltratiewerking gebeurt aan de hand van twee praktijk projecten, waarvan het eerste gelegen is op de Vrijdagsmarkt in Antwerpen en het tweede op de Grote Markt in Turnhout. Hierbij werden de infiltratie installaties voorafgaand onderzocht met behulp van een camera, om eventuele vervuilingen en gebreken op te sporen. Daarna werden twee testen uitgevoerd naar infiltratiesnelheid vóór en na reiniging. De infiltratiewerking tussen vóór- en na reiniging werden in het kader van dit onderzoek met elkaar vergeleken en geëvalueerd
Effect op e-peil van energietechnieken
De Projectdienst van Centratec werkt vooral rond HVAC en piping. Hier krijgen zij verschillende projecten van hun klanten binnen waarvoor zij dan hun offertes moeten opmaken.
Het doel van deze stage is een theoretische studie te maken over het effect op het E-peil van verschillende technieken van energie-opwekking. Doordat de eisen van de EPB-wetgeving steeds strenger worden, komen er steeds meer nieuwe producten of technieken op de markt. Voor de vertegenwoordigers is het belangrijk een goed beeld te hebben van de huidige technieken en hun prestaties. Hiervoor wordt een vergelijkende studie gedaan van de verschillende technieken zodat de vertegenwoordigers een studie hebben om hun advies aan de klanten toe te lichten.
Deze studie is gemaakt om - afhankelijk van de woning - te kunnen aangeven welke techniek het voordeligst is om het beoogde E-peil te verkrijgen. Hiervoor worden de technieken in verschillende situaties met elkaar vergeleken in het EPB-software programma. Aan de hand van de resultaten van de studie wordt een richtlijn gemaakt om aan te geven welke techniek het best gebruikt kan worden in de gegeven situatie
Vernieuwen van de elektrische kast van de wikkelaar en het plaatsen van een barcodescanner bij lijn 255
Scana Noliko is een sterk groeiend en internationaal actief bedrijf dat vers geoogste groenten en fruit verwerkt en verpakt. Daarnaast worden er ook kant- en klare maaltijden bereid. Met een jaarlijkse omzet van 184 miljoen euro behoort Scana Noliko bij de top 5 van Europa binnen hun segment.
Het project voor de stage bij Scana Noliko in Bree vindt plaats in de verpakkingsafdeling aan lijn 255. Aan deze lijn staat een wikkelaar met een verouderde elektrische installatie waaraan in de loop van jaren tal van nieuwe componenten zijn toegevoegd of verwijderd. Mijn opdracht bestaat eruit de elektriciteitskast te vernieuwen en een barcodelezer te plaatsen.
Het elektrisch schema wordt getekend met behulp van Eplan. Dit schema moet voldoen aan de moderne veiligheidsnormen. De nieuwe elektrische installatie wordt opgebouwd in een nieuwe elektriciteitskast.
Bij een ander deel van de opdracht de installatie van een barcodescanner- moest het oude PLC-programma herschreven worden. Dit programma wordt gebaseerd op het PLC-programma van de wikkelaar van lijn 252. Deze wikkelaar maakt al gebruik van een barcodescanner.
Door al deze aanpassingen zal automatisch het juiste wikkelprogramma gekozen worden. Hierdoor wordt er bespaard op de wikkelfolie, wat goed is voor het milieu en de winst van het bedrijf