University of Humanistic Studies

UVH Repository
Not a member yet
    3685 research outputs found

    Liever kwaliteit van leven dan zelfredzaamheid

    No full text

    Ethnic Minority Health and Employment: Ethnic Differences in the Protective Effect of Close Social Ties.

    No full text
    First- and second-generation Turkish and Moroccan migrants living in the Netherlands have a disproportionate incidence of health problems and relatively low employment rates. Health problems are an obstacle to employment, yet there is no one-to-one correspondence between health problems and capability to work. Social ties can reduce the negative impact of health problems on employment by providing social support and providing the comfort of feeling embedded in a close social circle. In this study, we examine whether the assumed negative impact of health problems on employment is reduced by the number of close social ties, the quantity of contact, and the proportion of co-ethnics among close social ties, and whether this protective effect varies across ethnic groups. Using survey data from the Netherlands Longitudinal Lifecourse Study (N = 3911), we find that close social ties reduce the negative impact of health problems on employment. However, this protective effect depends on both the aspect of social ties which is considered and ethnic background of the individual. Quantity of contact has a protective effect for native Dutch individuals; number of social ties and a higher proportion of co-ethnics had a protective effect for Moroccan individuals, and social ties have no protective effect for Turkish individuals

    Interconnectedness een alternatief voor inclusie. Een conceptueel onderzoek naar andersheid en omgang met verschil vanuit een zorgethisch perspectief

    Get PDF
    De Nederlandse multiculturele samenleving vraagt van nieuwkomers om te integreren volgens Nederlandse waarden en normen. Er wordt gestreefd naar een inclusieve samenleving waar iedereen in opgenomen wordt op basis van gelijkheid. Verschil tussen groepen mensen wordt als verrijkend gezien en als te overbruggen. Ook binnen de zorgethiek wordt inclusie als politiek doel uitgedragen maar een zorgvuldig uitgedachte plek voor verschil en andersheid ontbreekt. De begrippen inclusie en integratie zijn met name problematisch omdat zij een normatief ‘wij’ veronderstellen dat onbevraagd blijft. In deze thesis wordt via het werk van James Baldwin en Gustaaf Bos deze onderliggende ‘wij’- ‘zij’-categorie onderzocht. Ook wordt gekeken welke plek andersheid en verschil moeten krijgen in het denken over inclusie. Hun visies op andersheid worden naast elkaar gelegd en binnen een zorgethisch kader geplaatst. Daarnaast worden mijn eigen ervaringen als zwarte vrouw meegenomen in het vinden van een antwoord op hoe om te gaan met verschi

    "Hoopverleners" in de GGZ. De visie van ervaringsdeskundigen en geestelijk verzorgers in de GGZ op interdisciplinaire samenwerking.

    No full text
    Dit exploratieve kwalitatieve onderzoek tracht bij te dragen aan kennis over de samenwerking tussen geestelijk verzorgers en ervaringsdeskundigen. Deze kennis behelst wat beide beroepsgroepen doen op het gebied van zingeving, hoe ze zich tot elkaar verhouden, en wat een goede samenwerking inhoudt. Met als uiteindelijk doel dat er meer zicht komt op hoe beide beroepsgroepen zich tot elkaar kunnen positioneren op het gebied van zingeving binnen de GGZ. Hiertoe zijn drie deelvragen opgesteld die zich richten op welke visie en ervaringen ervaringsdeskundigen en geestelijk verzorgers met betrekking tot een interdisciplinaire samenwerking hebben op het gebied van zingeving. Specifiek is gekeken naar welke kansen en beperkingen beide beroepsgroepen zien en ervaren. De laatste deelvraag omvat in hoeverre de vijf kenmerken van een goede interdisciplinaire samenwerking van Bronstein (2003) terugkomen in de visie en ervaringen van geestelijk verzorgers en ervaringsdeskundigen. De onderzoeksvraag is: ‘Wat is de visie van geestelijk verzorgers en ervaringsdeskundigen op en hun ervaring met een interdisciplinaire samenwerking met elkaar met betrekking tot kansen en beperkingen op het gebied van zingeving? Om deze onderzoeksvraag te beantwoorden zijn in totaal tien diepte-interviews afgenomen. Er zijn vijf geestelijk verzorgers geïnterviewd en vijf ervaringsdeskundigen. Uit de analyse kwam dat de visie en ervaring van zowel ervaringsdeskundigen als geestelijk verzorgers is dat samenwerking vooral kansrijk is. Door de inbreng van de ervaringsdeskundige kan de inbreng van de geestelijk verzorger beter worden begrepen. Grote thema’s als zingeving kunnen toegankelijk worden gemaakt door de ervaringsdeskundige. Dat de ervaringsdeskundige zowel het perspectief van de cliënt als wel een nieuw perspectief van hoop inbrengt in de werkzaamheden van de geestelijk verzorger, wordt als waardevol ervaren. Deze wisselwerking met de geestelijk verzorger wordt ook als vruchtbaar ervaren door de ervaringsdeskundigen. Ervaringsdeskundigen geven aan dat hun inbreng van hun eigen ervaringen, hoop en het cliëntenperspectief goed werkt in het werk met de geestelijk verzorger. Door beide professies worden ook beperkingen genoemd in de samenwerking met de ander. Deze bestonden uit: 1. Concurrentie 2. Kwetsbaarheid ervaringsdeskundige 3. Persoonlijke eigenschappen. De belemmering van kwetsbaarheid wordt overigens niet door de ervaringsdeskundigen gedeeld. In de visie van de geestelijk verzorgers en ervaringsdeskundigen komen aspecten van de vijf kernmerken van een goedwerkende samenwerking van Bronstein (2003) terug. Echter de kenmerken worden breder opgevat (wederzijdse afhankelijkheid) of smaller (gezamenlijk eigenaarschap van doelen)

    Worsteling van de groenmens in de stad. Een empirisch onderzoek naar ontwikkeling in klimaatbetrokkenheid.

    No full text
    Dit empirische, kwalitatieve onderzoek geeft inzicht in de ontwikkeling die volwassenen doormaken in klimaatbetrokkenheid. In dit onderzoek zijn volwassenen, die deelnemen aan een educatieve activiteit gericht op verhoging van klimaatbetrokkenheid, de respondenten. De Stichting KlimaatGesprekken is gebruikt als vindplaats voor respondenten. In dit onderzoek is participerend geobserveerd tijdens de cursus, het cursusmateriaal geanalyseerd en tien semigestructureerde interviews met deelnemers gehouden. Wat uit de interviews naar voren kwam, was de diversiteit in het ontstaan van klimaatbetrokkenheid bij deelnemers en de mate van betrokkenheid. Deelnemers ervaarden worstelingen met psychologische belemmeringen, zowel negatieve als positieve emoties en worstelden binnen klimaatvriendelijk handelen met complexe vraagstukken. Alle deelnemers, op één na, beschreven in de interviews dat ze een ontwikkeling hadden doorgemaakt in hun klimaatbetrokkenheid na deelname. Focus op welke mogelijkheden klimaatvriendelijk handelen biedt en de interactie met anderen, droegen bij aan de ontwikkeling van de deelnemers. Ontwikkeling vond vooral plaats op cognitief en handelingsgericht terrein. De deelnemers kregen meer kennis over handelingen, die impact hebben op het klimaat en gingen naar aanleiding hiervan bewuster keuzes maken binnen hun persoonlijke leven. Op affectief gebied maakten deelnemers minder ontwikkeling door. Ze kregen tijdens KlimaatGesprekken weinig handvatten voor de omgang met dilemma’s en bijbehorende complexe emoties

    De Waardigheidscirkel

    No full text

    Tijdsdruk in de studententijd. Een kwalitatieve studie naar de gevoelens en ervaringen van studenten rondom tijdsdruk.

    No full text
    In deze kwalitatieve studie is onderzocht wat tijdsdruk betekent voor studenten gedurende hun studententijd en wat voor gevoelens ze bij tijdsdruk ervaren. De ervaring van tijdsdruk wordt ingebed in de gedeeltelijke prestatiemaatschappij waarin het belang van succes en presteren en de overmaat aan mogelijkheden benadrukt worden. Door middel van tien interviews met studenten is de betekenis van tijdsdruk inzichtelijk geworden. Hierbij is met name aandacht besteed aan de ervaringen en gevoelens die de studenten hebben bij tijdsdruk. Duidelijk is geworden dat alle tien de studenten ervaringen van tijdsdruk hebben. Tijdsdruk ontstaat met name doordat de studenten te veel moeten doen binnen te weinig tijd, of als een deadline in zicht is. Deze ervaring wordt door de studenten als negatief beoordeeld. Bij deze ervaring van tijdsdruk komen gevoelens van stress, frustratie, onzekerheid en angst naar voren. Op het moment dat tijdsdruk voorbij is worden gevoelens van blijdschap, trots en opluchting ervaren

    Spiritual home & pelgrimage. Twee katholieke doeloriëntaties onderzocht op hun waarde voor humanistisch levensbeschouwelijk onderwijs.

    Get PDF
    In deze scriptie heb ik onderzocht welke bijdrage de noties spiritual home en pelgrimage van de theoloog Roebben kunnen leveren aan een verdere theoretische doordenking van doeloriëntaties van humanistisch levensbeschouwelijke vorming in het voortgezet onderwijs. Na bestudering van godsdienst- en theoretisch- pedagogische literatuur over deze noties, en een vergelijking van deze noties met centrale doeloriëntaties van HVO, die afgeleid zijn en geïnterpreteerd kunnen worden vanuit de integratieve visie op onderwijs van Aloni, concludeer ik dat de noties spiritual home en pelgrimage een aanvulling kunnen bieden op doeloriëntaties van humanistisch levensbeschouwelijke vorming in het voortgezet onderwijs. Deze aanvulling ligt met name in de versterking van aandacht voor een diepere bewustwording bij de leerlingen van het vertrekpunt van hun persoonlijke ontwikkeling. Deze diepere bewustwording van het vertrekpunt van hun persoonlijke ontwikkeling stelt leerlingen vervolgens in staat om zich verder levensbeschouwelijk te ontwikkelen. Indirect, dragen de noties tevens bij aan voorwaarden voor het voeren van een levensbeschouwelijke dialoog, en het ontwikkelen van een doorleefde levensbeschouwelijke visie. Een letterlijke overname van de doeloriëntaties spiritual home en pelgrimage is niet wenselijk, aangezien de doeloriëntaties in de huidige vorm ervan uitgaan dat leerlingen opgroeien binnen een helder afgebakende traditie. Om deze noties compatibel te maken met de humanistische visie op mens en onderwijs heb ik, voortbouwend op de theorie van Aloni en de daaruit afgeleide uitgangspunten van het HVO, een alternatieve visie op spiritual home en pelgrimage geformuleerd. De doeloriëntatie spiritual home kan, wanneer humanistisch ingevuld, beschouwd worden als een zoektocht naar de van oorsprong meegekregen normen en waarden. Pelgrimage kan, voortbouwend op het spiritual home ingevuld worden als de vorming van een persoonlijke levens- en wereldbeschouwing in relatie tot anderen. Hierbij leren de leerlingen nieuw opgedane ervaringen religieus, of levensbeschouwelijk, te interpreteren vanuit hun basis van normen en waarden. Mijn scriptie levert niet alleen een bijdrage aan de doordenking van centrale doeloriëntaties van het humanistisch levensbeschouwelijke onderwijs, maar ook aan de bredere maatschappelijke en academische discussie over wenselijke doelen van het vak levensbeschouwelijke vorming in Nederland

    662

    full texts

    3,685

    metadata records
    Updated in last 30 days.
    UVH Repository
    Access Repository Dashboard
    Do you manage Open Research Online? Become a CORE Member to access insider analytics, issue reports and manage access to outputs from your repository in the CORE Repository Dashboard! 👇