3685 research outputs found
Sort by
Pathways to strenghten multicultural education: a review Citizenship Education and Global Migration
Wie ben ik en wie wil ik zijn? Existentiële processen van transgender personen.
Dit exploratieve, kwalitatieve onderzoek poogt een eerste inzicht te geven in de existentiële processen die transgender personen doormaken tijdens het genderbevestigende behandeltraject. Hiertoe zijn drie deelvragen opgesteld, die zich respectievelijk richten op de existentiële problemen die transgender personen tijdens de genderbevestigende behandeling ondervinden, de manieren waarop zij met deze problematiek omgaan en de behoeften aan professionele ondersteuning die zij hierbij hebben. Om antwoord te kunnen geven op de onderzoeksvragen zijn dertien diepteinterviews afgenomen met transgender personen die op het moment van interviewen een genderbevestigende behandeling ondergaan. Wat er uit de interviews allereerst naar voren komt, is de grote impact die het traject heeft op het leven van de respondenten. Met het ondergaan van een medische gendertransitie dienen de respondenten zich volledig opnieuw te verhouden tot zichzelf en hun leven. De vragen ‘wie ben ik’, ‘wie wil ik zijn’ en ‘hoe vul ik mijn leven in’ staan daarbij centraal. Een antwoord vinden op deze vragen blijkt niet altijd gemakkelijk; de respondenten hebben veelvuldig te maken met vertwijfeling, onzekerheid, desoriëntatie en eenzaamheid. De existentiële problemen van de respondenten vormen een ingewikkelde kluwen van existentiële problematiek rondom vragen over wie zij zijn en hoe zij zich positioneren in de wereld. In een poging om met deze existentiële problematiek om te gaan, zoeken de respondenten naar nieuwe betekenissen: wat betekent hetgeen ik meemaak voor wie ik ben en hoe ik mijn leven leid? Het zoeken naar nieuwe betekenissen doen de respondenten door middel van reflectie: ze denken over de problematiek na en spreken erover met naasten, lotgenoten en professionele zorgverleners. De belangrijkste vormen van nieuwe betekenissen die de respondenten helpen om zich op een bevredigende manier te verhouden tot hetgeen hen overkomt, zijn een nieuwe kijk op de eigen identiteit en een bredere kijk op de situatie. Alle dertien respondenten geven aan bij deze zoektocht naar de omgang met de door hen ondervonden existentiële problemen ondersteund te willen worden; de helft zou dit gelieerd aan het behandeltraject willen. Aandacht voor reflectieve processen, kennis van genderdysforie, onafhankelijkheid en behoud van de eigen regie zijn voor de respondenten de belangrijkste kenmerken van de gewenste ondersteuning
Goed verpleegkundig onderwijs: het zorgethisch perspectief. Een zorgethisch onderzoek naar de relationele afstemmingspraktijk in het hoger verpleegkundig onderwijs.
‘Goed verpleegkundig onderwijs: het zorgethisch perspectief’: Een zorgethisch onderzoek naar de relationele afstemmingspraktijk in het hoger verpleegkundig onderwijs
Aanleiding: er zijn aanwijzingen dat er niet goed ‘gezorgd’ wordt in de praktijk van het hoger onderwijs. Dit gaat ten koste van het socialiseringsproces, het plezier in leren en de leeruitkomsten van studenten. Er is weinig zorgethisch onderzoek gedaan naar de afstemmingspraktijk van docenten en studenten in het hoger verpleegkundig onderwijs.
Doel: inzicht geven in de ervaringen van docenten en studenten betreffende de relationele afstemmingspraktijk en beschrijven hoe dit bijdraagt aan goed onderwijs vanuit een zorgethisch perspectief. De gepresenteerde inzichten kunnen zowel het wetenschappelijke discours als de onderwijspraktijk verrijken.
Theoretisch kader: dit onderzoek is uitgevoerd in het kennisgebied van de zorgethiek. Het concept ‘relationele afstemmingspraktijk’ vormt het conceptuele kader van dit onderzoek.
Onderzoeksmethode: dit onderzoek is een zorgethisch onderzoek dat gebruik maakt van de hermeneutisch-fenomenologische methode. In dit onderzoek zijn geleefde ervaringen van docenten en vierdejaars studenten op de Hogeschool Utrecht betrokken. Voor de dataverzameling is gebruik gemaakt van focusgroep interviews en een observatie.
Onderzoekscontext: dit onderzoek is geschreven in het kader van de afronding van de master Zorgethiek en beleid.
Ethische overwegingen: dit onderzoek is uitgevoerd met toestemming van het management en de directie van het Instituut verpleegkundige studies van de Hogeschool Utrecht. Anonimiteit van de deelnemers is gegarandeerd.
Bevindingen: verschillende ervaringen van docenten en studenten kenmerken de afstemmingspraktijk. Deze ervaringen zijn ambivalent, meervoudig en verschillen per persoon en moment. De afstemming vindt bewust en onbewust plaats. Er zijn vier thema’s gevonden die de ervaren afstemmingspraktijk kenmerken:
1) (geen) aandacht voor de unieke student,
2) een gerichtheid op doelen,
3) (on)gelijkwaardige relatie met de docent,
4) jezelf (niet) laten zien. De ervaren thema’s kunnen zowel bevorderlijk als belemmerend zijn voor de afstemming.
Discussie en conclusie: Verschillende zorgethische inzichten en reflectie op de ervaringen van docenten en studenten kunnen de onderwijspraktijk verrijken. Zorgethiek heeft een ander perspectief op goed onderwijs dan de ambivalente ervaringen die zichtbaar worden uit de bevindingen. Door een onderwijspraktijk te zien als relationele afstemmingspraktijk krijgen studenten en docenten de mogelijkheid om te reflecteren op empathie, (on)gelijkheid, macht, doelen, verantwoordelijkheden en de docent-studentrelatie. Dit zorgt voor meer betrokkenheid, een hoger leerrendement en toekomend verpleegkundigen die nog beter voorbereid zijn om een (zorg)relatie aan te gaan in de beroepspraktijk