3685 research outputs found
Sort by
De cliëntgerichte verschijningsvorm. Een vergelijkend onderzoek naar de betekenis van de relatie met de executive coach en de psychotherapeut op de effecten van het traject.
In dit onderzoek is gezocht naar een antwoord op de vraag op welke manier de betekenis die de cliënt aan de werkrelatie met de coach geeft een rol speelt in de effectiviteit van executive coaching en in hoeverre dit effect vergelijkbaar is met wat hierover bekend is vanuit bestaande onderzoeken op het gebied van psychotherapie.
Waar coaching nog een relatief nieuw discipline is, rust psychotherapie op een jarenlange wetenschappelijke traditie. Onderzoeken naar effectiviteit van coaching zijn nog relatief nieuw en dun gezaaid, terwijl er al veel en overtuigend onderzoek is gedaan naar effectiviteit van psychotherapie. In dit onderzoek is gezocht naar gelijkenissen tussen de betekenis van de relatie met de coach in relatie tot de effectiviteit van het coaching-traject en de betekenis van de relatie met de therapeut in relatie tot de effectiviteit van psychotherapie, met als doel om te komen tot een bredere theoretische onderbouwing van de betekenis van de werkrelatie met de coach in relatie tot de effectiviteit van het coaching-traject.
Het onderzoek bestaat uit een theoretisch kader, waarin de effecten van de relatie tussen coach-cliënt in executive coaching nader zijn gedefinieerd en waarin de effecten van de relatie tussen therapeut-cliënt in psychotherapie nader zijn gedefinieerd. Ook is in het theoretisch kader aandacht besteed aan verschillende definities van betekenisgeving. Daarnaast zijn zes respondenten geïnterviewd middels een semi-gestructureerd interview met hoofdzakelijk open vragen. De analyse van de interviews vond plaats middels een codelijst, welke is afgeleid van het theoretisch kader.
De analyse van de resultaten van het onderzoek hebben geleid tot een aantal bevindingen die overeenkomstig zijn met de bestaande literatuur over de betekenis van de relatie coach-cliënt en psychotherapeut-cliënt en een aantal toevoegingen op de bestaande literatuur. Een overeenkomst tussen de betekenis die de cliënt aan de relatie met de coach en de psychotherapeut geeft en de samenhang met de effectiviteit van het traject kwamen tot uiting in de Rogeriaanse benadering van warmte en aandacht, welke voor een positieve relatie en daarmee samenhangende hogere verbondenheid van de cliënt met het traject zorgde, wat voor de geïnterviewde respondenten tot een positief eindresultaat van het traject leidde. Daarnaast was een belangrijke overeenkomst tussen coaching en psychotherapie dat de vorm van het traject niet leidend is voor het slagen van het traject. Een gevoel van vertrouwen in de coach is dat wel.
Als toevoeging op bestaande literatuur is als resultaat van dit onderzoek naar voren gekomen dat de respondenten welke een executive coaching-traject hebben gevolgd, aangaven dat de tijdelijkheid van de coaching-relatie bijdroeg aan de effectiviteit van het traject. Ook noemen zij de mate van professionele gelijkenissen tussen hen en de coach als een betekenisvol aspect aan hun relatie met de coach, hetgeen eveneens bijdraagt aan de effectiviteit die zij ervoeren van het coaching-traject. Deze conclusies zijn niet terug te vinden in literatuur met betrekking tot psychotherapie en lenen zich voor vervolgonderzoek
Religious delusions in older adults: diagnoses, combinations and delusional characteristics.
Kwetsbare existenties in een versnelde samenleving. Over kwetsbaarheid in compassie en zelfcompassie als mogelijke vormen van resonantie.
Naar aanleiding van de constatering dat de rol van kwetsbaarheid in Hartmut Rosa’s theorie van resonantie dieper onderzoek vergt, is in dit onderzoek onderzocht in hoeverre zijn theorie kan worden verrijkt met het begrip ‘kwetsbaarheid’ als kernbestand van compassie en zelfcompassie. Daarvoor is onderzocht welke rol kwetsbaarheid speelt in de ervaring van compassie en zelfcompassie, en in hoeverre compassie en zelfcompassie kunnen worden opgevat als een vorm van resonantie. Daarnaast is onderzocht hoe de erkenning van kwetsbaarheid die kenmerkend is voor compassie en zelfcompassie kan leiden tot een maatschappelijke vergroting van de ervaring van compassie en zelfcompassie. Het onderzoek toont aan dat kwetsbaarheid enerzijds kan worden opgevat als emotionele kwetsbaarheid, hechtingskwetsbaarheid en inherente kwetsbaarheid, welke deel uitmaken van de ervaring van compassie en zelfcompassie. Anderzijds kan kwetsbaarheid worden opgevat als sociale kwetsbaarheid, welke een belemmering vormt voor het kunnen ervaren van compassie en zelfcompassie. Daarnaast kunnen compassie en zelfcompassie worden opgevat als vormen van resonantie, mits er sprake is van een ‘antwoordrelatie’. Tot slot, kan de erkenning van kwetsbaarheid leiden tot een maatschappelijke vergroting van de ervaring van compassie en zelfcompassie wanneer deze gestalte krijgt in wetten, beleid, de visie van publieke figuren en leidinggevenden, compassietraining en in de opvoeding
Het blijft mensenwerk. Een humanistische visie op spirituele dimensies van goed ouder worden. Bewerkte versie van afscheidsrede van 30 juni 2017
Kijken in de ziel van hulpverleners. Een fenomenologisch onderzoek naar de geleefde ervaringen van wijkverpleegkundigen rond existentiële thema’s bij cliënten in de thuiszorg.
Verpleegkundigen houden zich bezig met de gevolgen van ziekte en beperking op het bestaan van de patiënt. Zij komen in de dagelijkse zorg in aanraking met de vaak niet meetbare en onvoorziene betekenis die ziekte heeft. De ontwikkeling van wetenschappelijke kennis met de nadruk op objectief en meetbaar bewijs (evidence based practice) alsook het efficiency denken is echter steeds bepalender geworden voor het handelen van de verpleegkundige.
Aandacht voor betekenis vraagt om een antenne en de intentie om hiernaar op zoek te gaan waarbij het zich openstellen, het gesprek aangaan en het hebben van aandacht voor de identiteit van de ander belangrijke aspecten zijn. Aandacht voor betekenis gaat in de eerste plaats niet om het bespreken van grote thema’s maar meer over aspecten van welbevinden. Hierbij balanceert de verpleegkundige tussen het eigen referentiekader en gevoel en dat van de cliënt, familie en overige hulpverleners.
Aspecten van betekenis lijken te raken aan de identiteit van de cliënt, het afstemmen op de behoefte waar iemand plezier aan beleeft en de afweging om op basis van die afstemming iets te doen of te laten.
Uit de bevindingen komt naar voren dat:
- De zorg met betrekking tot aspecten van betekenis vaak verborgen is en niet
eenduidig
- Betekenis tot uitdrukking komt binnen een voortdurend proces van zoeken en afstemmen tussen verpleegkundige en cliënt.
- De kennis die recht doet aan de menselijke betekenis andere eisen stelt dan de
huidige nadruk op objectieve en meetbare kennis. Juist in het zoeken,
interpreteren en begrijpen ontstaat ruimte voor het ontwikkelen van nieuwe kennis.
- Aandacht voor betekenis in eerste instantie niet gaat over het bespreken van grote
thema’s maar binnen de thuissituatie eerder om dimensies van welbevinden.
- Betekenisvol zorg verlenen aan de cliënt, tegelijkertijd ook van betekenis is voor de
verpleegkundige
Entangled in uncertainty: The experience of living with dementia from the perspective of family caregivers
Carrying in kunst. Een ontmoeting tussen zorgethiek en theaterwetenschap in het analyseren van de kunstwerken van Pepe Espaliú.
De kunstenaar Pepe Espaliú (1955-1993) maakte kunstwerken over zijn leven als homoseksueel in een maatschappij waar homoseksuelen als groep gemarginaliseerd werden en over het hebben van aids. In het kader van zorgethisch onderzoek, worden de kunstwerken van Pepe Espaliú geanalyseerd aan de hand van een, voor zorgethiek, nieuwe onderzoeksmethode: performance analyse. Het is een arts-based onderzoeksmethode die binnen theaterwetenschap wordt gebruikt om alles wat binnen performancekunst valt, te analyseren. De hoofdvraag van het onderzoek is: Wat gebeurt er als de werken van Pepe Espaliú volgens een theaterwetenschappelijke methode, de performance analyse geanalyseerd worden in het kader van een zorgethisch onderzoek en wat betekent dit voor zorgethische analyse? De bevindingen worden gepresenteerd, als ware het een rondleiding in een museum, waar de kunstwerken speciaal voor deze gelegenheid (het zorgethisch onderzoek) zijn geëxposeerd. Op deze manier ontstaat er ruimte voor reflectie op de kunstwerken, de theoretische achtergrond en de verbindingen die worden gemaakt met de wereld van de toeschouwers. De theoretische achtergrond is gebaseerd op theorieën uit de theaterwetenschap, maar hangt altijd samen met de inhoud van de kunstwerken. Door eerst naar de kunstwerken te kijken, daar vervolgens passende theorieën bij te zoeken en vervolgens, met de toeschouwers te reflecteren op deze theorieën in verband met de kunstwerken, ontstaat er een voortvloeiende beweging van praktijk, naar theorie, terug naar praktijk, etc. Uit de bevindingen blijkt dat de kunstwerken van Pepe Espaliú volgens de performance analyse met alle ‘critical insights’ van zorgethiek te verbinden zijn. Hiermee toont de performance analyse aan dat theaterwetenschap en zorgethiek elkaar ontmoeten op verscheidene vlakken. Daarnaast blijkt dat een combinatie van beide onderzoeksvelden niet alleen maakt dat de ‘critical insight’s mee-, tegen- en omgedacht kunnen worden, maar dat er ook nieuwe concepten ontstaan die betekenis geven aan ervaringen van mensen in zorgpraktijken. De conclusies sporen aan tot het voortzetten van de methodologische discussie en het verder verdiepen van de bevindingen over de, voor zorgethiek al doordachte, ‘critical insights’, zoals lichamelijkheid en contextualiteit, en de voor zorgethiek ‘nieuwe’ concepten, zoals tijd en ruimte
Grijs worden is niet zwart-wit. Een fenomenologisch onderzoek naar de ervaring van ouderdom onder Minderbroeders Franciscanen in Nederland.
Introductie: Ten gevolge van een te eenzijdige (negatieve) belichting van ouderdom in onze samenleving wordt mogelijke ouderdomsproblematiek verergerd. Om tegenwicht te bieden aan deze beelden is er een behoefte aan genuanceerde, betekenisvolle verhalen over ouderdom. Hiervoor is een diepgaander en genuanceerder inzicht in de ervaring van ouderdom nodig. Dit inzicht is in dit onderzoek gezocht bij Minderbroeders Franciscanen omdat zij in het kader van ander zorgethisch onderzoek blijk gaven van een bijzondere omgang met ouderdom.
Hoofdvraag: Wat is de essentie van de geleefde ervaring van ouderdom van vitale Minderbroeders Franciscanen en welk licht werpt die ervaring op centrale zorgethische inzichten?
Methode: Dit onderzoek is uitgevoerd door middel van een fenomenologische Reflective Lifeworld Approach (RLA). Er zijn diepte-interviews gehouden met zes broeders.
Bevindingen: De rode draad van de geleefde ervaring van de broeders is ‘een steeds veranderende verstrengeling tussen verlies en ontwikkeling’. Deze rode draad wordt verder uitgediept in de vijf thema’s: 1) bittere smaak van verlies; 2) verrijking als zoete bijsmaak van verlies; 3) aan de zijlijn komen te staan; 4) waardevolle ontplooiingen aan de zijlijn; en 5) verbroederd zijn.
Conclusie: De rode draad van dit onderzoek weerspiegelt het dynamische aspect van betekenis dat laat zien dat betekenis niet alleen verloren wordt in de ouderdom, maar ook uitgediept kan worden of hernieuwd kan worden gevonden. Om diepgaandere inzichten te verkrijgen in ouderdom zou de zorgethiek dit dynamische aspect meer op de voorgrond moeten stellen van het zorgethische inzicht betekenis. Dit inzicht is nodig om alternatieve beelden van ouderdom op het spoor te komen die tegenwicht bieden aan de huidige negatieve beeldvorming. De bevindingen van dit onderzoek laten namelijk ook zien dat deze negatieve beelden door de relationele verbondenheid van mensen een negatieve invloed hebben op de ervaring van ouderdom. Deze relationele verbondenheid van mensen moet tevens breed opgevat worden als een verbinding van mensen met hun hele omgeving om een zo volledig mogelijk beeld te krijgen van de ervaring van betekenis bij ouderen en niet enkel het intermenselijke