University of Humanistic Studies

UVH Repository
Not a member yet
    3685 research outputs found

    Burgerschapsvorming, hoe dan? Een onderzoek naar de bijdrage die het vak Burgerschapsvorming in een Justitiële Jeugd Inrichting levert aan de morele ontwikkeling van jeugddelinquenten.

    Get PDF
    Deze scriptie gaat over het vak Burgerschapsvorming in een Justiele Jeugdinrichting (JJI). Specifiek over: 1) het literatuuronderzoek naar de domeinen jeugddetentie, morele ontwikkeling en het vak Burgerschapsvorming 2) de analyse van de lesmethoden die gebruikt worden voor het vak Burgerschapsvorming in een JJI en de mate waarin deze methoden een bijdrage kunnen leveren aan de morele ontwikkeling van jeugddelinquenten en 3) een raamwerk voor een ‘research informed’ burgerschapsprogramma voor JJI’s. Het onderzoek bevindt zich daar waar de domeinen jeugddetentie, morele ontwikkeling en burgerschapsvorming elkaar raken en geeft een antwoord op de vraag: “Levert het vak Burgerschapsvorming binnen een justitiële jeugdinrichting een constructieve bijdrage aan de morele ontwikkeling van de jeugddelinquenten?”. Naar aanleiding van dit afstudeer onderzoek kan er geconcludeerd worden dat: de huidige inhoud van het vak Burgerschapsvorming, uitgaande van de gebruikte lesmethodes, geen constructieve bijdrage kan leveren aan de morele ontwikkeling van jeugddelinquenten. Hier is een diversiteit aan redenen voor te benoemen; de dagelijkse praktijk binnen een JJI is complex; de onderwijsinstelling is bijvoorbeeld onderhevig aan wisselende samenstellingen van lesgroepen, leeftijden en ook hebben de leerlingen verschillende niveaus van (morele) ontwikkeling, waardoor de gebruikte lesmethodes voor het vak Burgerschapsvorming niet aansluiten bij de doelgroep in een JJI. Als aanbeveling wordt er een eerste aanzet gemaakt voor een burgerschapsprogramma in JJI’s

    A Care Ethical Perspective on the Leadership of Gurus

    Get PDF
    Aanleiding voor dit onderzoek waren het onethisch leiderschap van gurus en het weinig onderzochte veld van zorgethiek en leiderschap. De bestaande literatuur omtrent leiderschap en zorgethiek is hiervoor vergeleken met het werk van Tronto (1993) en Walker (2007) over macht en ongelijkheid en de analyses van Jensen (2019) en Van der Braak (2006) van leiderschapsethiek van gurus. De analyse hield codering en de creatie van vergelijkingstabellen in. De belangrijkste uitkomst is de overlap tussen ‘zorgzaam leiderschap’ (leiderschap op basis van zorgethiek) en leiderschap van gurus dat ethisch wordt genoemd door Jensen (2019) en Van der Braak (2006), hier genoemd: ‘zorgzaam guru leiderschap’. Hoewel hierin macht, ongelijkheid en het delen van macht een positieve rol spelen, worden op basis van Tronto (2013) en Walker (2007) kritische kanttekeningen geplaatst wat betreft de haalbaarheid. Toekomstig onderzoek wordt aangeraden o.a. om het perspectief van de guru, dat in dit onderzoek ondergepresenteerd is, meer te belichten

    Samen beter weten. Een zorgethisch onderzoek naar het proces van kennisoverdracht en -ontwikkeling tussen ouders van personen met een ernstige verstandelijke of meervoudige beperking en de begeleiders van deze personen.

    Get PDF
    Bestuurders van instellingen voor zorg aan mensen met een beperking stellen dat binnen de reguliere gehandicaptenzorg plaats gemaakt moet worden voor de unieke eigen kennis van ouders (Veurink, 2017). Vanuit verschillende wetenschappelijke disciplines is onderzoek gedaan naar de kennisoverdracht tussen ouders en professionals in de gehandicaptenzorg (Jansen, 2015; De Geeter, Poppes & Vlaskamp, 2002; Isarin 2001). Deze onderzoeken richten zich op het perspectief van de ouders, in het bijzonder de moeders. In dit onderzoek naar het proces van kennisoverdracht en -ontwikkeling worden de ervaringen van de ouders en begeleiders van personen met een ernstige verstandelijke of meervoudige beperking die recent zijn verhuisd naar een zorginstelling, naast elkaar geplaatst. Het vertrekt vanuit de principes van de zorgethiek (Leget, Van Nistelrooij & Visse, 2017) en de responsieve methodologie (Abma, 2006). Er wordt gepoogd bij te dragen aan de cultuuromslag waarmee er binnen de gehandicaptenzorg plaats wordt gemaakt voor de kennis van ouders en aan de zorgethische literatuur over de epistemologische dimensie van zorg, dat wil zeggen de kennis die ontstaat over de zorgontvanger binnen een zorgrelatie. In het theoretisch deel van dit onderzoek zijn de belangrijkste (zorgethische) inzichten verkend die de epistemologische dimensie van zorg en het proces van kennisoverdracht en -ontwikkeling binnen de relatie tussen ouders en begeleiders van mensen met een ernstige verstandelijke of meervoudige beperking, kunnen verduidelijken. In het empirisch deel van dit onderzoek zijn de verhalen van drie moeders en drie begeleiders van personen met een ernstige verstandelijke of meervoudige geanalyseerd met behulp van technieken uit de narratieve analyse (Visse, 2014). Vervolgens zijn deze inzichten met elkaar in dialoog gebracht. Er kan gesteld worden dat de unieke kennis van familieleden, naasten of andere betrokkenen over de eigenheid van de zorgontvanger een belangrijke rol kan spelen in de epistemologische dimensie van zorg. In een hermeneutisch proces waarbij de perspectieven van ouders en begeleiders elkaar aanvullen, beïnvloeden en veranderen ontstaan nieuwe inzichten. Dit proces wordt mede gekenmerkt door conflict, verschuivende machtsposities, ambiguïteit en tragiek. Door ruimte te maken voor reflectie en dialoog binnen de zorgpraktijk kan gestreefd worden naar “waardig strijden” (Kunneman, 2017) in de relatie tussen de ouders en de begeleiders. Dit kan het proces van kennisoverdracht en -ontwikkeling verbeteren en de zorg voor de cliënt ten goede komen

    Lijden in de laatmoderniteit. Een vergelijking van twee cultuurkritische auteurs met een zorgethische visie .

    Get PDF
    De Utrechtse zorgethiek baseert haar theorie op een dialectische spanning tussen empirie en conceptuele theorie. Het doel is om te zoeken naar het goede in de particuliere context. Veelal wordt er kwalitatief onderzoek gedaan met behulp van diverse methodieken. Zorgethiek noemt zich een interdisciplinaire discipline die zich niet laat inkaderen door selectieve wetenschapsgebieden. In de zorgethiek is echter vrijwel niets geschreven over het lijden in een politieke context. Lijden komt impliciet wel aan de orde in kwalitatief onderzoek, maar wordt vrijwel nooit politiek geplaatst. Daarom worden er in deze scriptie twee cultuurkritische auteurs vergeleken die een visie op lijden beschrijven in onze huidige laatmoderne samenleving. Zij noemen zichzelf geen zorgethici, echter, hun theorie past prima binnen de zorgethiek omdat zij een mensbeeld beschrijven waarin het zorgen een institutioneel begrip is, verweven in het leven en het bestaan. In deze thesis wordt de theorie van Ulrich Bröckling vergeleken met de theorie van Asma Abbas. Deze vergelijking biedt een aanvulling op de zorgethische visie die Van Nistelrooij beschrijft over de ontmoeting met een lijdende ander. Bröckling beschrijft vooral een mensbeeld dat geheel individualistisch is en waarbij altijd wordt verwacht dat de mens handelt. Een beeld waar het maakbaarheidsprincipe voorop staat. Abbas beschrijft vooral de esthetiek rondom lijden en de gelaagdheid van het menselijk lijden. Ze beschrijft dat we in onze huidige samenleving lijden reduceren tot woord en spraak. Lijden wordt volgens haar gedegradeerd tot een product met een kostprijs, wat noodzakelijk is voor een liberale invulling van rechtvaardigheid. Zonder de transformatie van lijden naar slachtoffers en letsel is er geen bestaansrecht voor een liberale rechtvaardigheid. Liberale rechtvaardigheid kan namelijk enkel bestaan met de erkenning van slachtoffers en letsel. De theorie van Abbas en Bröckling vult de zorgethische visie op lijden die de Utrechtse zorgethica Van Nistelrooij beschrijft aan. Van Nistelrooij schrijft in haar dissertatie over de ontmoeting met een lijdende ander. Compassie vormt hierbinnen een fundamenteel begrip voor het verkrijgen van identiteit. Zij plaatst het lijden in zowel particuliere als gemeenschappelijke context. De otherness die dit lijden onder andere teweegbrengt zorgt voor de noodzakelijke verbinding en openstelling tot de ander. Bröckling en Abbas schetsen de context waarbinnen mensen lijden en de gevolgen van deze context. Het lijden vormt juist de ik en de ander en wordt niet vereenvoudigd tot enkel een negatief gevolg van een handeling. Van Nistelrooij beschrijft vooral wat de ontmoeting met een lijdende ander bewerkstelligt. Samengevat kan worden dat Bröckling en Abbas de politieke en esthetische context beschrijven en dat binnen die context de visie van Van Nistelrooij van toepassing is. Compassie en de ander vormen onze identiteit, maar in de huidige maatschappij lijkt dit niet zichtbaar. We beperken ons binnen de limieten van woord en spraak en kunnen de bijkomende gelaagdheid van lijden moeilijk zien. Lijden is namelijk niet te vereenvoudigen tot woord en spraak, tot pijn en slachtoffers. Het lijden gaat dieper, verder, en zorgt voor verbinding. Het liberale systeem beperkt daarmee onze zintuiglijkheid en limiteert daarmee onze ‘taal’ tot het gesproken en geschreven woord. Terwijl taal en daarmee kennis veel meer is dan woorden en spraak

    Moederen met MS. Een zorgethisch onderzoek naar de mogelijkheden van beperkingen

    Get PDF
    Er is veel onderzoek gedaan naar de risico’s van zwangerschap en moederschap voor MS-patiënten. Hieruit is gebleken dat een zwangerschap zowel voor moeder als voor kind niet problematisch is. Toch blijken veel vrouwen met MS ervoor te kiezen om geen moeder te worden. Het merendeel van deze vrouwen heeft hier MS gerelateerde redenen voor. Na verdieping in dit onderzoek bleken onzekerheden over de kwaliteit van het moederschap een rol te spelen en ook angst dat MS goed moederschap in de weg zou staan. Op basis hiervan is een probleemstelling ontwikkeld waarin de vraag wordt gesteld wat moederschap kwalitatief goed moederschap maakt. Wat is de norm voor ‘goed moederschap’ en wie bepaald die norm? Om te bepalen wat goede zorg is, wordt in de zorgethiek naar de praktijk gekeken. ‘Het goede’ kan volgens de zorgethiek niet vooraf worden bepaald, maar ontvouwt zich in zorgpraktijken tussen zorgverleners, zorgontvangers en andere betrokkenen in de sociale omgeving. Zorg is daarmee een relationeel fenomeen en behoort daarom ook tot de sociale en politieke dimensies. In het theoretisch kader is daarom aandacht besteed aan deze sociale en politieke dimensies van moederen, door te kijken naar zorgethische literatuur over normativiteit met betrekking tot moederschap. Vervolgens is een fenomenologische onderzoeksbenadering toegepast, omdat we de praktijk enkel kunnen begrijpen wanneer we inzicht krijgen in geleefde ervaringen van individuen uit deze praktijk. Op deze manier biedt dit onderzoek inzichten die andere onderzoeken nog niet aan het licht hebben gebracht. Namelijk een rijker begrip van moederen met MS en te betekenis die daaraan wordt gegeven. Bij het bestuderen van deze ervaringen zijn een aantal thema’s naar voren gekomen: ‘het ervaren van beperkingen’, ‘het gevoel er niet (bij) te kunnen zijn’, ‘het gevoel er wel te kunnen zijn’ ‘zingeving in moederen en zingeving naast moederen’ en ‘het ervaren van (on)begrip en steun’. Hieruit werd duidelijk dat ‘goed moederen’ tot stand komt in de praktijk en bepaald wordt de betrokkenen in die praktijk. Maar ook idealen blijken door te schemeren. Op basis hiervan is een lemniscaat vormgegeven waarin de wisselwerking tussen idealen en reflectie de op eigen handelen in context is weergegeven. De zorgethiek biedt een kader waarbinnen deze reflectie geduid kan worden. Zorgethische concepten als kwetsbaarheid, contextualiteit en relationaliteit kunnen dit proces inzichtelijk maken

    Verantwoord stemmen tijdens de verkiezingen: waar leer je dat?

    No full text

    662

    full texts

    3,685

    metadata records
    Updated in last 30 days.
    UVH Repository
    Access Repository Dashboard
    Do you manage Open Research Online? Become a CORE Member to access insider analytics, issue reports and manage access to outputs from your repository in the CORE Repository Dashboard! 👇