6161 research outputs found
Sort by
Restanten van een sluis aan de zuiderdokken te Antwerpen. Eindverslag van een toevalsvondst
De hier gerapporteerde toevalsvondst gebeurde bij de aanleg van een nieuwe riool onder de rijweg van de zuidelijke Scheldekaaien te Antwerpen. Voorafgaand aan de graafwerken voor de riool, werd een smalle strook ontgraven om kabels- en leidingen en andere obstakels op te zoeken. Het was bij deze voorafgaande graafwerken dat op de grens van De Gerlachekaai en de Cockerillkaai een natuurstenen structuur aan het licht kwam. Meteen was duidelijk dat de aangetroffen structuur een deel van de sluis betrof die ooit de verbinding vormde tussen de Schelde en de Zuiderdokken
Delen van de Brouwersbuis in het stadspark van Antwerpen. Eindverslag van een toevalsvondst
Na de melding van een toevalsvondst in het stadspark van Antwerpen werd door het agentschap Onroerend Erfgoed de aangetroffen bakstenen constructie gedocumenteerd en opgegraven. Door de nauwkeurige studie van de opbouw van de constructie en het consulteren van en het confronteren van de gegevens met meerdere historische bronnen kon dit vrij gelegde deel toegeschreven worden aan de zgn. Brouwersbuis
Evaluatie Archeologie 2021 Kenniswinst archeologieregelgeving
De Vlaamse Regering vraagt aan het agentschap Onroerend Erfgoed elk jaar een rapport waarin wat
betreft archeologie o.a. volgende elementen aan bod komen:
een overzicht van het aantal vooronderzoeken en opgravingen alsook de duur ervaneen overzicht van de resultaten van deze onderzoekeneen overzicht van de voorgestelde en goedgekeurde maatregelen uit de archeologienotasde financiële implicaties van het archeologisch onderzoek en de werking van het archeologisch
solidariteitsfonds.
Dit rapport biedt een antwoord op de tweede vraag1 en wordt als apart onderzoeksrapport aangeboden op de open archives repository (OAR) van het agentschap Onroerend Erfgoed. De andere
vragen worden beantwoord in het rapport Evaluatie archeologie 2021. Uitvoering archeologieregelgeving.
In wat volgt, worden de resultaten samengevat van de archeologische projecten die onder de
regelgeving van het Onroerenderfgoeddecreet vielen, en waarvoor tussen 1 januari en 31 december
2021 eindverslagen en notas met eindafwerking in het archeologieportaal3 opgeladen zijn. Sinds dit
jaar worden hieraan ook de eindverslagen van het syntheseonderzoek4 toegevoegd
Hoe waarderen Vlamingen onroerend erfgoed? Wat is de sociaal-culturele betekenis ervan?
Er zijn veel waarden verbonden aan erfgoed
en die kunnen voor iedereen anders zijn.
Het officieel beschermen van erfgoed
maakt dat het kan behouden blijven voor
toekomstige generaties. Het uitgangspunt
bij de selectie van te beschermen plaatsen
is dan ook dat ze belangrijk moeten zijn
voor de maatschappij en omdat een
bepaalde gemeenschap ze belangrijk vindt.
Het beleid heeft hierin een cruciale maar
zeer complexe rol omdat het rekening
moet houden met al deze stemmen.
Het agentschap Onroerend erfgoed heeft
deze studie gelanceerd om via kwalitatief
onderzoek meer inzicht te krijgen in
methodes om lokale kennis in te schakelen
in erfgoedprocessen. Dit is wat we trachten
te bereiken met dit onderzoek: ten rade
gaan bij een zo divers mogelijk publiek om
te polsen naar hun waardering van erfgoed,
en dit zowel vanuit individueel als vanuit
een breder maatschappelijk standpunt
Twee 17de-eeuwse straatkelders in de Rode-Haanstraat in Brugge (WestVlaanderen). Eindverslag van een toevalsvondst
Eind mei 2018 stootte de Wegendienst van Brugge bij de heraanleg van de wegenis op een bakstenen
gewelf. Het bleek te gaan om een dubbele straatkelder van maar liefst ca. 15 op 6 m, door zijn ruime
afmetingen uniek te noemen in Brugge. Via de akten voor de bouw van de kelders kan aangetoond worden dat de straatkelder dateert uit de
17de eeuw en dat deze in twee fasen is gebouwd
Van landschapsatlas naar erfgoedlandschap. Doelmatigheidsanalyse van de rechtsgevolgen van de vaststelling van de landschapsatlas en de doorvertaling naar erfgoedlandschappen
De rechtsgevolgen van de vastgestelde landschapsatlas worden in het voorliggende rapport onderzocht en gewogen. Het belangrijkste rechtsgevolg, namelijk een basis voor erfgoedlandschappen wordt in het tweede deel van dit onderzoeksrapport in detail bekeken. Ook de rechtsgevolgen van deze erfgoedlandschappen worden één voor één bekeken
Kenniswinst van één jaar metaaldetectievondstmeldingen met focus op de vroege middeleeuwen 1 April 2019 tot en met 31 maart 2020.
Dit beknopte rapport werpt een blik op het potentieel aan kenniswinst en de meerwaarde voor de archeologische inventarisatie. Het kennispotentieel is duidelijk zichtbaar bij de beperkte analyses van de vondsten uit de Romeinse periode in het eerste onderzoeksjaar en de vroegmiddeleeuwse vondsten voor de periode april 2019-
mei 2020.
Voor een goed begrip van de waarde van amateurmetaaldetectie voor de archeologische kennis in
Vlaanderen is een volwaardige analyse van het bestand aan gemelde vondsten een must. Het agentschap Onroerend
Erfgoed hoopt dit bestand, indien mogelijk in samenwerking met partners, dan ook de volgende jaren verder te verwerken, te analyseren en om te zetten in kenniswinst en relevante informatie voor het archeologisch onderzoek, beheer en belei
Brugge, Gouden-Handstraat 6. De fundering van het huis van Jan Van Eyck aangesneden? Eindverslag van een toevalsvondst
Tijdens de archeologische begeleiding door de IOED Raakvlak van het uitgraven van een werkput op
het perceel van de Gouden-Handstraat 6 kwamen oude bakstenen muren aan het licht. De werkput werd uitgegraven voor de
aanleg van een liftkoker binnen de context van zeer ingrijpende renovatiewerken van het pand.
Het perceel was van 1431 tot 1441 de eigendom van de meester-schilder Jan Van Eyck
Veldhandleiding voor het beschrijven van bodems bij archeologisch onderzoek in Vlaanderen
Er is in Vlaanderen al enige tijd vraag naar een handleiding bodemkunde die toegespitst is op de context van archeologisch onderzoek. De Code van Goede Praktijk voor de uitvoering van en rapportering over archeologisch vooronderzoek en archeologische opgravingen en het gebruik van metaaldetectoren (versie 4.0) (hierna CGP) legt heel precies vast wat de aardkundige of de assistent-aardkundige minimaal moet beschrijven bij aardkundig onderzoek (zowel voor boringen als bij profielen) in de context van archeologisch onderzoek in Vlaanderen, maar zegt niet precies hoe dit te doen.
Deze Veldhandleiding voor het beschrijven van bodems bij archeologisch onderzoek in Vlaanderen komt tegemoet aan de vraag naar ondersteuning bij het kwaliteitsvol uitvoeren van handelingen die de CGP vereist
Zoeken naar steentijdartefactensites of niet. Criteria voor de advisering van een steentijdvervolgtraject in de preventieve archeologie in Vlaanderen
Deze synthesestudie stelt zich daarom tot doel om aan de hand van een steekproef van
archeologienotas en notas, opgesteld binnen de context van het huidige decreet en ingediend in de
periode tussen januari 2018 en maart 2019, inzicht te verwerven in de selectiecriteria die (erkende)
archeologen hanteren om gerichte prospecties naar steentijdartefactensites te adviseren (of niet te
adviseren) en deze criteria te onderwerpen aan een kritische evaluatie. Op basis van deze analyse
wordt vervolgens getracht een set met heldere, eenduidige en wetenschappelijk onderbouwde
selectiecriteria te formuleren die elke archeoloog duidelijke handvaten aanreikt bij het maken van
consequente keuzes voor het al dan niet integreren van een steentijdtraject in hun vooronderzoek