167 research outputs found
Perceptual Control Theory & Method of Levels
De website methodoflevels.nl is een samenwerking van psychotherapeut Ger Schurink en universitair docent psychologie Eva de Hullu. De website heeft tot doel Nederlandstalige kennis over de Perceptual Control Theory en Method of Levels therapie te verzamelen en te verspreiden.De website is eind 2019 gebouwd op de basis van een eerdere versie van methodoflevels.nl, waarin cursusmaterialen van Ger Schurink werden gedeeld. Sindsdien biedt de site een uitgebreid podium voor eerder verschenen artikelen uit de nieuwsbrieven van Ger Schurink en verschijnen er maandelijks nieuwe artikelen over PCT en MOL
Prefectionism
Wat Eva de Hullu zocht in de psychologie was begrip van hoe mensen werken. Maar dat doel raakte steeds verder weg in de wirwar van saai onderzoek, slordige artikelen, gemakzuchtig onderwijs en inconsistente ideeën. Ze dacht dat het aan haar lag, dat ze het niet goed genoeg begreep. ‘Ik wilde alles geven voor mijn werk maar mijn werk klopte niet met wat ik voelde en hoe ik wilde zijn.’<br/
Exploring the perceptual control hierarchy
Perceptual control is achieved and maintained within a hierarchical network of interconnected control systems. In his work on Perceptual Control Theory (PCT), Powers described eleven levels of control: intensities, sensations, configurations, transitions, events, relationships, categories, sequences, programs, principles and system concepts. Despite Powers’ warning to not take these levels too seriously - they are hypotheses that need to be studied further - this chapter describes how our human perception is different at each level, and paints a picture of how PCT allows us to understand the complexity of our experience. This chapter explains the mechanism of hierarchical control, outlines the experience of control and loss of control at each level through the use of many examples, and explores its connection to the experience of self, emotions and time. The chapter concludes with ideas to test the presented hypotheses. <br/
Exploring the Perceptual Control Systems Hierarchy
Perceptual Control Theory (1) is a cybernetic theory that explains behaviour as control of perception: organisms strive to bring their current perception towards their reference perception through action or change within the system. This theory helps us to understand a large range of human experiences, such as imagination, consciousness, emotion and motivation. One important aspect of this theory is the hierarchical structure of perceptual control systems in our neural architecture. Within this hierarchy, we could make sense of both psychedelic and normal experiences. Each level in the hierarchy can be considered a different way of perceiving a set of perceptions at the level below. For example, Level 8 perceptions take the form of sequences, ordered in time or space, while level 9 combines multiple sequences in programs, where choices can be made about which sequence to follow. Perceptual experiences such as loss of the ability to make decisions, disorientation, no longer knowing what things are or how they are related, can be understood as loss of control within these levels of perceptual control. Awareness and (self-)consciousness (2) can be understood as reorganisation and change in input and output functions within this hierarchy. In this poster, I present an overview of the perceptual hierarchy within the Perceptual Control Theory in order to understand the structure of the hierarchy of perceptual control systems, make sense of experiences related to gain and loss of control at each level, and explore the role of awareness, attention and consciousness.Powers, WT. Behavior: the control of perception. Benchmark Publications; 1973, 2005.Carey TA. Consciousness as Control and Controlled Perception–A Perspective. Ann Behav Sci. 2018;4(2):3.BiographyDr. Eva de Hullu is an assistant professor in clinical psychology at the Open University, the Netherlands. She studies working mechanisms in psychotherapy using the Perceptual Control Theory (PCT) and Method of Levels (MOL) therapy. <br/
Patterns and frequency of recurrences of squamous cell carcinoma of the vulva
Jorien M. Woolderink, Geertruida H. de Bock, Joanne A. de Hullu, Margaret J. Davy, Ate G.J. van der Zee, Marian J.E. Mourit
What is the future for Cognitive Bias Modification?
De afgelopen jaren hebben we een stormachtige ontwikkeling in de Cognitieve Bias Modificatie (CBM) literatuur gezien. Waar de eerste verwachtingen hooggespannen waren, komen er ook steeds meer kritische geluiden. Zo werden er de laatste jaren een aantal meta-analyses gepresenteerd waaruit bleek dat de effecten op gedragsverandering en klinische symptomen slechts zeer klein waren (bijvoorbeeld Cristea, Kok & Cuijpers, 2015). Hoewel de resultaten tegenvallen op het eerste gezicht, is het belangrijk te beseffen dat CBM in relatie tot klinische toepassingen nog in de kinderschoenen staat (Salemink, van Bockstaele, de Jong & Wiers, 2015). Er zijn slechts een aantal grote klinische studies gedaan en er is aan alle kanten nog ruimte voor aanpassing en verbetering.Op basis van relevante, recente ontwikkelingen op het gebied van CBM (zie Koster & Bernstein, 2015), zal ik de verschillende studies die gepresenteerd zijn in dit symposium in een bredere context plaatsten. Wat zeggen deze studies over wat we kunnen verbeteren aan de technologie en methodologie van CBM? Wat zijn de theoretische implicaties, wat leren we over de modererende en mediërende factoren? Welke plaats kunnen computertrainingen, zoals de gebruikte trainingen uit de studies in dit symposium, innemen in een cognitief-gedragstherapeutische behandeling, en wat zijn hiervoor de voorwaarden? Juist voor specifieke doelgroepen, zoals licht verstandelijk gehandicapten, lijken de trainingen aan te sluiten bij hun mogelijkheden. Hierin is ook de vraag aan de clinici in het publiek: welke mogelijkheden zien zij voor deze doelgroep, en welke vragen liggen er voor onderzoek? Waarmee kunnen clinici nu gelijk aan de slag, en wat is daarvoor nodig?Literatuur:Cristea, I. A., Kok, R. N., & Cuijpers, P. (2015). Efficacy of cognitive bias modification interventions in anxiety and depression: meta-analysis. The British Journal of Psychiatry, 206(1), 7-16.Koster, E.H.W., Bernstein, A., Cognitive bias modification: Taking a step back to move forward?, Journal of Behavior Therapy and Experimental Psychiatry (2015), doi: 10.1016/j.jbtep.2015.05.006.Salemink, E., van Bockstaele , B. D., de Jong, P. J., & Wiers, R. W. (2015). Cognitieve Bias Modificatie: Pas op dat we het kind niet met het badwater weggooien. Invited commentary on Cristea (2015). Digital Scientific Newsletter / Dutch Association of Behaviour and Cognitive Therapy, 1
What is the future for Cognitive Bias Modification?
De afgelopen jaren hebben we een stormachtige ontwikkeling in de Cognitieve Bias Modificatie (CBM) literatuur gezien. Waar de eerste verwachtingen hooggespannen waren, komen er ook steeds meer kritische geluiden. Zo werden er de laatste jaren een aantal meta-analyses gepresenteerd waaruit bleek dat de effecten op gedragsverandering en klinische symptomen slechts zeer klein waren (bijvoorbeeld Cristea, Kok & Cuijpers, 2015). Hoewel de resultaten tegenvallen op het eerste gezicht, is het belangrijk te beseffen dat CBM in relatie tot klinische toepassingen nog in de kinderschoenen staat (Salemink, van Bockstaele, de Jong & Wiers, 2015). Er zijn slechts een aantal grote klinische studies gedaan en er is aan alle kanten nog ruimte voor aanpassing en verbetering.Op basis van relevante, recente ontwikkelingen op het gebied van CBM (zie Koster & Bernstein, 2015), zal ik de verschillende studies die gepresenteerd zijn in dit symposium in een bredere context plaatsten. Wat zeggen deze studies over wat we kunnen verbeteren aan de technologie en methodologie van CBM? Wat zijn de theoretische implicaties, wat leren we over de modererende en mediërende factoren? Welke plaats kunnen computertrainingen, zoals de gebruikte trainingen uit de studies in dit symposium, innemen in een cognitief-gedragstherapeutische behandeling, en wat zijn hiervoor de voorwaarden? Juist voor specifieke doelgroepen, zoals licht verstandelijk gehandicapten, lijken de trainingen aan te sluiten bij hun mogelijkheden. Hierin is ook de vraag aan de clinici in het publiek: welke mogelijkheden zien zij voor deze doelgroep, en welke vragen liggen er voor onderzoek? Waarmee kunnen clinici nu gelijk aan de slag, en wat is daarvoor nodig?Literatuur:Cristea, I. A., Kok, R. N., & Cuijpers, P. (2015). Efficacy of cognitive bias modification interventions in anxiety and depression: meta-analysis. The British Journal of Psychiatry, 206(1), 7-16.Koster, E.H.W., Bernstein, A., Cognitive bias modification: Taking a step back to move forward?, Journal of Behavior Therapy and Experimental Psychiatry (2015), doi: 10.1016/j.jbtep.2015.05.006.Salemink, E., van Bockstaele , B. D., de Jong, P. J., & Wiers, R. W. (2015). Cognitieve Bias Modificatie: Pas op dat we het kind niet met het badwater weggooien. Invited commentary on Cristea (2015). Digital Scientific Newsletter / Dutch Association of Behaviour and Cognitive Therapy, 1
- …
