676 research outputs found
De Traay van Wouter Vuijk [Thema Kwaliteit]
Bedrijfsreportage over honingbedrijf De Traay in Lelystad, het enige overgebleven grote Nederlandse verwerkings- en handelsbedrijf in honing. Het bedrijf is groot geworden door zich te specialiseren in biologische honing, die vanuit de hele wereld wordt aangevoerd. Omdat biologische eko-honing absoluut vrij moet zijn van residuen is biologisch imkeren in Nederland vrijwel onmogelijk. Afhankelijk van de zuiverheid en kwaliteit van de aangeleverde honing wordt het afgevulde product verkocht als eko-honing aan natuurvoedingswinkels (35 procent), gangbare honing aan supermarkten en bakkershoning aan de industri
Laryngeal contrast and phonetic voicing : a laboratory phonology approach to English, Hungarian, and Dutch
De taalkundige Wouter Jansen heeft in de studie 'Laryngeal contrast and phonetic voicing' onderzoek gedaan naar klanken die gemaakt worden door een luchtstroom op de een of andere manier tegen te houden, de zogenaamde obstruenten. Voorbeelden daarvan zijn de 'd' en de 'b', waarvan ook stemloze varianten bestaan, de 't' en de 'p'. Door deze variatie in het geluid kan de spreker ook een variatie in betekenis realiseren. Jansen begint met een schets van de theoretische beginselen waar hij in zijn onderzoek vanuit gaat. Daarna beschrijft hij de mechanismen die de grondslag vormen van de productie van stemcontrasten bij obstruenten. Vervolgens kijkt hij naar de soort regels en de analyse daarvan, waardoor stemcontrasten tussen stemloze en stemhebbende obstruenten geneutraliseerd lijken te worden. In de volgende drie hoofdstukken beschrijft Jansen een vergelijkend onderzoek door middel van een aantal experimenten. In het een na laatste hoofdstuk gaat hij in op de voorspellingen die hij eerder in het onderzoek heeft gedaan. Hij zegt dat een fonetisch en functionalistisch model betere beschrijvingen en verklaringen biedt voor de onderzochte fonologische en fonetische verschijnselen. Een generatief model dat de onderzochte verschijnselen min of meer afdoende representeert, voorspelt een veel te groot aantal processen en wordt daarmee onbruikbaar. Het laatste hoofdstuk geeft een overzicht van de belangrijkst uitkomsten en Jansen noemt hier ook een aantal zaken die verder onderzocht moeten worden.
Bron: http://taalunieversum.org/cultuur/bibliografische attenderingslijst/19/7/3/
Pastoralists, chiefs and bureaucrats: a grazing scheme in dryland Central Mali
The papers in this volume were presented at a conference on local resource management in Africa, held in Leiden on February 9-10, 1993. Introduction: Local resource management in African national contexts (Hans P.M. van den Breemer and L. Bernhard Venema); Case studies: Working with nature: local fishery management on the Logone floodplain in Chad and Cameroon (Carel A. Drijver, Jeroen C.J. van Wetten and Wouter T. de Groot) - Local management of moving resources: the case of the Dogon village herd (Walter E.A. van Beek) - Farmers managing their most scarce resource: an example of local-level soil fertility management in northern Cameroon (Bart de Steenhuijsen Piters and Louise O. Fresco) - Pastoralists, chiefs and bureaucrats: a grazing scheme in dryland central Mali (Han van Dijk and Mirjam de Bruijn) - Towards local management of natural resources in Senegal (Hans P.M. van den Breemer, Rice R. Bergh and Gerti Hesseling) - Wilfdlife resources and local development: experiences from Zimbabwe's Campfire programme (Wim Olthof) - Local environmental management in north Benin (Leo J. de Haan) - With a little help from our friends: the Gouzda case of local resource management in Cameroon (Carel A. Drijver and Youp J.J. van Zorge) - Insight, self-interest and participation: the keys to improved local environmental management: an example from Senegambia (Menno P. Sypkens Smit). Theoretical contributions by L. Bernhard Venema; Peter Laban; Wouter T. de Groot, Jeroen C.J. van Wetten and Carel A. Drijver; and K. Freerk Wiersum and Berry E.J.C. Lekanne dit Deprez (on the Sahel).ASC – Publicaties niet-programma gebonde
Gebouwenscan voor het nieuwe werken in bestaande kantoorgebouwen
Dit onderzoek is gefundeerd op het samenbrengen van twee maatschappelijke problemen. Allereerst is er de komst van hnw. Er is geen concrete informatie over de invloed van hnw op het Nederlandse kantorenvastgoed. Dit probleem wordt beantwoord, door te onderzoeken welke huisvestingskenmerken er een belangrijke en onderscheidende rol spelen voor hnw. Daarmee richt dit onderzoek zich op het kwalitatieve aspect van dit probleem. Dus zal hnw de kwaliteitseisen voor kantoorruimte veranderen, en zo ja hoe? Aan de andere kant is er de Nederlandse kantorenleegstand die steeds grotere vormen aanneemt. Anno 2012 is de kantorenleegstand gestegen tot 15,4 procent van de totale Nederlandse kantoorvoorraad (NOS, 2012). Door het samenstellen van een gebouwenscan voor hnw, probeert dit onderzoek in te spelen op deze twee problemen. Door het toetsen van bestaande kantoorgebouwen aan hun geschiktheid voor hnw, kunnen eventuele knelpunten worden onderzocht en aangepast. Wanneer hnw wordt toegepast in bestaande kantoorgebouwen, kan eventuele nieuwbouw van kantoren worden voorkomen.Corporate Real Estate ManagementReal Estate & HousingArchitectur
Gerard de Lairesse in Portuguese: The Groot Schilderboek in Lisbon and Rio
Through the adoption and endorsement of the ‘antique’, that was “followed by the most polite nations”, Gerard de Lairesse (1641-1711) aspired to reach out beyond the borders of the Northern Netherlands. His success with the grand and important elsewhere would eventually put contemporary Dutch art on the artistic map of Europe – or so he hoped. In that respect, the Groot schilderboek (1707) had an important role to play, and it was to do so marvelously well. It is little known, though, that De Lairesse’s encyclopedic treatise on art was translated into Portuguese in 1801. This job was entrusted to the Brazilian friar and botanist José Mariano da Conceição Veloso, who was at the time the director of the Arco do Cego – the most important printing center to introduce new techniques to the Portuguese printing scene, that could accommodate ever-growing print runs. De Lairesse’s writings, however, not only contributed to the modernisation of printing industry in Portugal. In 1808 the Grande livro dos pintores crossed the ocean and landed in Brazil, where it played a significant role in (re)starting the printing industry. This article will trace the fascinating journey of the Groot schilderboek from Portugal to Brazil and assess its place in the modernisation of printing business in these two countries. In order to demonstrate the significance of De Lairesse’s musings in this process, the author will briefly scrutinise the Portuguese printing scene of the long eighteenth century (1683-1808), discuss the printing enthusiasts who stood behind the translation and various Portuguese editions of the Groot schilderboek, as well as the role of De Lairesse’s treatise in the training programme of aspiring print makers associated with the Arco do Cego. I will ultimately follow its crossing to Brazil, all in hope of shedding additional light on the purely practical side of the Groot schilderboek that has oftentimes gone unnoticed
Traay van Wouter Vuijk Thema Kwaliteit
Bedrijfsreportage over honingbedrijf De Traay in Lelystad, het enige overgebleven grote Nederlandse verwerkings- en handelsbedrijf in honing. Het bedrijf is groot geworden door zich te specialiseren in biologische honing, die vanuit de hele wereld wordt aangevoerd. Omdat biologische eko-honing absoluut vrij moet zijn van residuen is biologisch imkeren in Nederland vrijwel onmogelijk. Afhankelijk van de zuiverheid en kwaliteit van de aangeleverde honing wordt het afgevulde product verkocht als eko-honing aan natuurvoedingswinkels (35 procent), gangbare honing aan supermarkten en bakkershoning aan de industri
Gerard de Lairesse in Portuguese: The Groot Schilderboek in Lisbon and Rio
Through the adoption and endorsement of the ‘antique’, that was “followed by the most polite nations”, Gerard de Lairesse (1641-1711) aspired to reach out beyond the borders of the Northern Netherlands. His success with the grand and important elsewhere would eventually put contemporary Dutch art on the artistic map of Europe – or so he hoped. In that respect, the Groot schilderboek (1707) had an important role to play, and it was to do so marvelously well. It is little known, though, that De Lairesse’s encyclopedic treatise on art was translated into Portuguese in 1801. This job was entrusted to the Brazilian friar and botanist José Mariano da Conceição Veloso, who was at the time the director of the Arco do Cego – the most important printing center to introduce new techniques to the Portuguese printing scene, that could accommodate ever-growing print runs. De Lairesse’s writings, however, not only contributed to the modernisation of printing industry in Portugal. In 1808 the Grande livro dos pintores crossed the ocean and landed in Brazil, where it played a significant role in (re)starting the printing industry. This article will trace the fascinating journey of the Groot schilderboek from Portugal to Brazil and assess its place in the modernisation of printing business in these two countries. In order to demonstrate the significance of De Lairesse’s musings in this process, the author will briefly scrutinise the Portuguese printing scene of the long eighteenth century (1683-1808), discuss the printing enthusiasts who stood behind the translation and various Portuguese editions of the Groot schilderboek, as well as the role of De Lairesse’s treatise in the training programme of aspiring print makers associated with the Arco do Cego. I will ultimately follow its crossing to Brazil, all in hope of shedding additional light on the purely practical side of the Groot schilderboek that has oftentimes gone unnoticed
Beïnvloeding Afvoerverdeling Rijn door Langsdammen
Het doel van dit rapport is als volgt: “Het realiseerbare regelbereik van langsdammen in de Waal bepalen, waarbij een zo groot mogelijke bijdrage aan de gewenste verandering in de afvoerverdeling bij de Pannerdensche Kop in de scenario’s Piekafvoer en Hoge afvoer & storm wordt behaald, zonder dat dit resulteert in negatieve gevolgen bij de laagwaterscenario’s.” Een langsdam is een in de stroomrichting van de rivier geplaatste dam die de hoofdvaargeul scheidt van een oevergeul. Deze langsdammen worden, net als bij kribben, geplaatst om de vaarweg op zijn plaats te houden en om de vaarweg te versmallen bij laagwater, zodat de beperkingen op de maximale vaardiepte worden beperkt. Verder heeft een langsdam, in tegenstelling tot kribben, als gevolg dat de weerstand wordt verlaagd en het stroomvoerend oppervlak (het gedeelte van de rivier dat water afvoert) wordt vergroot en daardoor wordt de waterstand verlaagd. Aan de hand van het model SOBEK is bepaald wat het maximale regelbereik van deze langsdammen is bij een toepassingslengte van 0 tot 45 km. Het regelbereik varieert, afhankelijk van de diepte van de oevergeul tussen 0 en 2 m, tussen de 100 - 233 en de 144 - 328 m3/s voor de scenario's Hoge afvoer & storm en Piekafvoer. In het scenario Hoge afvoer & storm wordt het gewenste regelbereik van 1.128 m3/s niet gehaald, terwijl in het scenario Piekafvoer wel wordt voldaan aan het gewenste regelbereik van 282 m3/s. Dit gaat gepaard met een waterstandsdaling bij de Pannerdensche Kop van 19 cm in het scenario Hoge afvoer & storm en van 24 cm in het scenario Piekafvoer. Gevolg van deze maatregel is wel dat een waterstandsverhoging na 45 km bij Tiel optreedt van 14 cm respectievelijk 16 cm optreedt in het scenario Hoge afvoer & storm en Piekafvoer. Verder is er geconstateerd dat de maatregel Langsdammen geen negatieve gevolgen heeft voor de laagwaterscenario’s.Hydraulic EngineeringCivil Engineering and Geoscience
- …
