589 research outputs found

    Applying a Macro Lens to Microplastics: Modeling Microplastic Ingestion Risk to Humpback Whales in the Chesapeake Bay

    No full text
    Plastic waste is an increasing threat to marine environments, with an estimated 1.2-2.4 million metric tones of waste entering marine systems through rivers yearly. Plastic debris can fragment into smaller particles, classified as microplastics (particles \u3c 5mm), due to weathering, oxidation, and other processes. When consumed by an organism, MPs can be retained in the stomach, resulting in false satiation, and may lead to translocation that creates damage at the cellular level. Filter feeding megafauna such as humpback whales are at risk of directly ingesting MPs suspended in the water column and may accumulate particles indirectly by consuming contaminated prey. Based on previous MP ingestion risk assessments, fish-feeding humpback whales in the California Current consume approximately 200,000 pieces of MP per day. While MP ingestion risk has been documented for humpback whales in the California Current, less is known about the risk in the Mid-Atlantic, specifically within the Chesapeake Bay. Determining exposure route and the extent of bioaccumulation are important first steps to assessing risk for individuals and populations. I will model microplastic ingestion risk to humpback whales in the Chesapeake Bay by incorporating CATS (Customized Animal Tracking Solutions) tag data, feeding rates, prey density, and empirical values of MP contamination in collected prey and water column samples. I will use heat assisted chemical digestion and filtration methods to extract the MPs in these samples. I will photograph and record size, color, and type (e.g. fragments, foams, and fibers) of the isolated MPs and perform Fourier-Transform Infrared Spectroscopy (FTIR) analysis to identify their source. Studying MPs across trophic levels is important for highlighting potential entry pathways for marine debris, critical for protecting natural resources, and guiding informed management implementation

    Monitoring en evaluatie Pilot Zandmotor Fase 2: Data rapport vis- en epibenthosbemonstering najaar 2012

    No full text
    Dit rapport beschrijft data verzameld tijdens de visbemonstering en benthosbemostering op en rond de Zandmotor, in de late zomer van 2012. De bemonsteringslocaties zijn op waterdieptes tussen 2,5 en 12,5 m op de raaien geplaatst

    Kwaliteit en kwaliteitscontrole van breuksteen in de waterbouw

    No full text
    In dit rapport zijn van een periode van ruim 5 jaar de resultaten van onderzoek naar eigenschappen, produktiemogelijkheden, bemonsterings en beproevingsmethoden voor breuksteen en verder de ervaringen met kwaliteitszorg in de praktijk verwerkt. De op grond van een en ander in het rapport geformuleerde voorstellen voor eisen, besteksbepalingen en (proef)voorschriften zijn de visie vormen van genoemde werkgroep WKE, maar nog niet officieel zijn goedgekeurd

    Zeetoegang IJmuiden, T0 onderzoek R-110 Analyserapport Civiele bouw Noordersluis R-120 Analyserapport Staalbouw R-130 Analyserapport Werktuigbouw R-140 Analyserapport BBE&V R-150 Analyserapport Waterbouw R-160 Inspectierapport Noordersluis R-170 Integrale RAMS Analyse

    No full text
    Onderzoek naar de huidige toestand van de Noordersluis.Beste TU Delft, Op de repository Hydraulic Engineering van de TU Delft tref ik enkele rapporten aan die in het kader van het project Zeetoegang IJmond zijn opgesteld door DHV en Iv-Infra. Als opdrachtgever (Rijkswaterstaat) van de rapporten zouden we graag zien dat dergelijke informatie niet op internet wordt verspreid. We zouden daarom ook graag willen weten hoe en door wie de rapporten op internet zijn geplaatst. Overigens heeft Iv-Infra duidelijk vermeld in haar rapporten dat verspreiding van deze informatie niet is toegestaann. Het gaat om het T0 onderzoek op de Noordersluis. G. (Gökhan) Dilsiz Projectondersteuner RINK Rijkswaterstaat Dienst Infrastructuur antwoord HJ verhagen op 16-5-2013: Wij hebben al enige jaren een overeenkomst met Rijkswaterstaat dat wij niet-vertrouwelijke onderzoeken die door of in opdracht van Rijkswaterstaat gemaakt zijn op onze Repository mogen plaatsen. De achtergrond hiervan is geweest dat veel materiaal binnen Rijkswaterstaat, met name bij reorganisaties, verloren is gegaan. Dit kan op deze wijze enigszins voorkomen worden. In principe zijn documenten van de overheid of gemaakt voor de overheid openbaar en opvraagbaar middels beroep op de WUB. Omdat WUB procedures voor alle partijen veel tijd kosten, is er besloten om hier een algemene overeenkomst van te maken. Het feit dat IV-infra en DHV in het rapport zetten dat het niet opgenomen mag worden in een bestand heeft overigens geen betekenis. Het werk is uitgevoerd in opdracht van (en betaald door) Rijkswaterstaat als publieke opdrachtgever, dus Rijkswaterstaat mag er mee doen wat ze willen. Wel hebben IV-Infra en DHV het copyright. Dat betekent dat je de informatie uit deze rapporten niet commercieel mag doorverkopen als \u93eigen werk\u94. Het is dus aan Rijkswaterstaat om te besluiten wat er mee mag gebeuren, waarbij Rijkswaterstaat als overheid wel gebonden is aan de Wet Openbaarheid van Bestuur, dus niet zonder reden een bepaald rapport vertrouwelijk mag houden. Het is mij niet meer precies bekend hoe wij aan de pdf\u92s gekomen zijn m.b.t. de Noordersluis. Ik meen mij te herinneren dat we ze van het internet gehaald hebben. Persoonlijk heb ik niet veel zin om voor deze rapporten een volledige WUB-procedure te starten. Dit maakt dat wij een uitgebreid verzoek moeten indienen en dat Rijkswaterstaat dit verzoek binnen vier weken met redenen omkleed formeel moet afhandelen. Dat is voor alle partijen veel werk. Ik kan mij voorstellen dat hangende de besluitvorming over de Noordersluis deze rapporten nog niet openbaar mogen zijn. De simpelste oplossing is om de rapporten te voorzien van een embargo voor de looptijd van het besluitvormingsproces. Als het besluitvormingsproces is afgerond is er ook geen reden meer om de rapporten vertrouwelijk te houden en kan het embargo vervallen. Kunnen jullie ons informeren over welke tijdspanne deze vertrouwelijkheid zou moeten gelden ? Met vriendelijke groet, Henk Jan Verhagen HJ Verhagen mailt op 7-6-13 dat een embargo tot 31-12-2013 op dit rapport moet na overleg met RWS.Sluis IJmuide

    State of the art asfaltdijkbekledingen (update met bijlagen)

    No full text
    Sinds het uitkomen van het Technisch Rapport Asfalt voor Waterkeren, is er de nodige kennis en ervaring opgedaan met het beoordelen van de veiligheid van asfaltdijkbekledingen. Op basis daarvan is de gehanteerde toetsmethode op een aantal punten verbeterd. Dit rapport bevat geactualiseerde kennis m.b.t. het toetsen, inspecteren en ontwerpen van asfaltdijkbekleding. Op basis van deze kennis stellen de onderzoekers voor delen uit het Technisch Rapport Asfalt voor Waterkeren te vervangen. De bijlagen bij het rapport bevatten de informatie die nodig is voor het uitvoeren van de toetsing en het maken van ontwerpen. Het oorspronkelijke rapport uit 2010 heeft een update gekregen, waarbij vier bijlagen zijn toegevoegd: Kwaliteitszorg bij open steenasfalt Werkwijze beschrijving waterbouwasfaltbeton Proefvoorschriften Waterbouwasfaltbeton Berekening Van de omhullingsdikte voor het ontwerp van open steenaasfaltasfaltbekledinge

    Pneumatische bekrachtiging van een twee-standen mechanisme

    No full text
    Bij de pneumatische bekrachtiging van pro/ortesen is een laag energieverbruik belangrijk. In dit rapport wordt aangetoond dat theoretisch een belangrijke energiewinst te verkrijgen is door het gas in de motor te laten expanderen. De ontwikkeling van het pneumatische logika-circuit dat nodig is voor een dergelijke expansie wordt besproken. De energiewinst die door expansie verkregen kan worden werd experimenteel geverifieerd.Biomechanical EngineeringMechanical, Maritime and Materials Engineerin

    State of the art asfaltbekledingen

    No full text
    Dit rapport bevat geactualiseerde kennis, waarin voorgesteld wordt delen uit het TR Asfalt voor Waterkeren [1] te vervangen en waarin nieuwe kennis m.b.t. toetsen, inspecteren en ontwerpen van asfalt dijkbekleding is opgenomen. De bijlagen bij dit rapport bevatten detailinformatie, die nodig is voor het uitvoeren van de toetsing en het maken van ontwerpen. In hoofdstuk 2 worden nieuwe ontwikkelingen behandeld ten aanzien van ontwerp, aanleg en reconstructie, nieuwe bekledingstypen, schadebeelden en nieuwe inspectietechnieken. Tevens wordt ingegaan op ontwikkelingen ten aanzien van te stellen eisen en kwaliteitszorg. Hoofdstuk 2 bevat ook nieuwe ontwerpgrafieken en een uitleg hoe dit zich verhoudt tot de toetsing. In hoofdstuk 3 wordt ingegaan op het verzamelen van gegevens en de benodigde analyses ten behoeve van de toetsing op veiligheid. De bijlagen bij dit rapport bevatten detailinformatie, die nodig is voor het uitvoeren van de toetsing en het maken van ontwerpen. Het hoofdstuk m.b.t. toetsing op veiligheid moet nog afgestemd worden op het WTI2011 en is nog niet opgenomen.Asfaltbekledinge

    Baleen–Plastic Interactions Reveal High Risk to All Filter-Feeding Whales from Clogging, Ingestion, and Entanglement

    No full text
    Baleen whales are ecosystem sentinels of microplastic pollution. Research indicates that they likely ingest millions of anthropogenic microparticles per day when feeding. Their immense prey consumption and filter-feeding behavior put them at risk. However, the role of baleen, the oral filtering structure of mysticete whales, in this process has not been adequately addressed. Using actual baleen tissue from four whale species (fin, humpback, minke, and North Atlantic right) in flow tank experiments, we tested the capture rate of plastics of varying size, shape, and polymer type, as well as chemical residues leached by degraded plastics, all of which accumulated in the baleen filter. Expanded polystyrene foam was the most readily captured type of plastic, followed by fragments, fibers, nurdles, and spherical microbeads. Nurdle and microbead pellets were captured most readily by right whale baleen, and fragments were captured by humpback baleen. Although not all differences between polymer types were statistically significant, buoyant polymers were most often trapped by baleen. Plastics were captured by baleen sections from all regions of a full baleen rack, but were more readily captured by baleen from dorsal and posterior regions. Baleen–plastic interactions underlie various risks to whales, including filter clogging and damage, which may impede feeding. We posit that plastics pose a higher risk to some whale species due to a combination of factors, including filter porosity, diet, habitat and geographic distribution, and foraging ecology and behavior. Certain whale species in specific marine regions are of the greatest concern due to plastic abundance. It is not feasible to remove all plastic from the sea; most of what is there will continue to break into ever-smaller pieces. We suggest that higher priorities be accorded to lessening humans’ dependence on plastics, restricting entry points of plastics into the ocean, and developing biodegradable alternatives

    Beleidsanalyse dijkversterking Sliedrecht

    No full text
    Voor de totale dijkversterking Sliedrecht (ca. 7 km) zijn in het kader van de Deltawet op beleidsanalytische wijze dijkversterkingsaltematieven ontwikkeld. Hierbij is zoveel mogelijk rekening gehouden met belangen van ruimtelijke ordening, bewoners, bedrijven, rivierbeheer, dijkbeheer en onderhoud, tijdschema en financiën. De alternatieven zijn getoetst aan genoemde belangen. Hiertoe is het gehele gebied in 3 trajecten verdeeld nameliik Sliedrecht-West, -Centrum en -Oost. Ieder traject is afhankelijk van de ruimtelijke situatie vervolgens in 4 à 7 kenmerkende dijkvakken onderverdeeld. Totaal betreft dit 17 dijkvakken, waarbii dijkvak 17 het meest westelijke bij Papendrecht is en dijkvak 1 het meest oosteliike bij Hardinxveld-Giessendam. Er is naar gestreefd gemiddeld 3 wezenlijk verschillende altematieven per dijkvak zodanig te ontwerpen dat elk alternatief op zich aan zoveel mogelijk belangen tegemoet komt. Voor elk van de drie trajecten Sliedrecht-West, -Centrum en -Oost ziin afzonderlijke deelrapporten opgesteld. In deze deelrapporten wordt ingegaan op de bestaande situatie en selectie, beschrijving en vergelijking van de drie meest belovende alternatieven. De resultaten hiervan zijn in dit rapport samengevat in hoofdstuk 4. 5 en 6
    corecore