220 research outputs found
Visie op de waarde van het gebouw van Bouwkunde voor de campus
De TU-campus is in de loop der tijd letterlijk en figuurlijk verschoven van universiteit in de stad, naar een ‘enigszins zelfstandige sector’ (Van de Broek, 1971) en vervolgens naar een letterlijk klassiek campusmodel (gebouwen in het veld) ten zuiden van de Kruithuisweg (fig. 1). Deze ruimtelijke visies volgden het veranderende programma, de ambities van de universiteit en invloeden van buiten. De sporen van deze ontwikkelingen zijn zichtbaar in de oude binnenstad tot aan de stadsrand in Zuid. In dit essay beschouwen we de positie van de faculteit Bouwkunde aan de Julianalaan binnen zijn stedenbouwkundige context.Urban StudiesTeachers of Practice /
Op de grens van het openbare: De invloed van het publieke domein op de leefbaarheid in Spangen
In deze scriptie wordt de leefbaarheid in de Rotterdamse wijk Spangen onderzocht. De ruimtelijke ontwerpingrepen die het resultaat vormen van het onderzoek richten zich op de versterking van de leesbaarheid en verblijfskwaliteit en het stimuleren van sociale interactie. Door de overgang (hybride zone) tussen openbaar en privaat domein vorm te geven wordt vanuit de stedebouwkundige discipline een mogelijke bijdrage gegeven aan de verbetering van de leefbaarheid in de wijk.Urban RegenerationUrbanismArchitecture and The Built Environmen
Een complex-cognitieve benadering van stedebouwkundig ontwerpen
De motivatie voor dit proefschrift is ontstaan in de stedebouwkundige praktijk. Ten eerste vanuit een verbazing over de complexiteit van de opgaven waarvoor stedebouwkundigen wordt gesteld, en de manieren die ze in hun loopbaan ontwikkelen om met deze complexiteit om te gaan. Ten tweede vanuit een verbazing over de hoge mate van ongrijpbaarheid van deze manieren van werken: veelal worden deze niet expliciet benoemd en zijn ze in hoge mate individueel van aard. In een tijd waarin vele vakgebieden de stad ontdekken is het noodzakelijk dat deze impliciete kennis, die is opgeslagen in het vakgebied, expliciet wordt gemaakt. Enerzijds is dit nodig om eerdere fouten te voorkomen, anderzijds om de succesvolle manieren van werken uit te bouwen en deelbaar te maken met anderen. De recente economische crisis heeft bovendien aan het licht gebracht dat voor stedebouwkundigen vanzelfsprekende (en noodzakelijke) onderdelen van het ontwerpproces voor opdrachtgevers niet zo evident zijn. In dit proefschrift is een start gemaakt met een fundament op basis waarvan deze processen meer expliciet kunnen worden benoemd. Een aantal bouwstenen voor dit fundament is gelegd in een tweetal congressen die gedurende het schrijven van het proefschrift samen met Juval Portugali zijn georganiseerd: Complexity Theories of Cities Have Come of Age in 2009, en Complexity, Cognition, Urban Planning and Design in 2013. Op deze congressen zijn de verbindingen die in dit proefschrift worden gelegd besproken met de betrokken wetenschappers. Ik raad iedereen die in zijn/haar proefschrift nieuwe verbanden wil leggen aan iets vergelijkbaars te doen: wetenschap is mensenwerk, en er is niks leuker dan deze mensen samen te brengen en je ideeën te bespreken met de mensen achter de artikelen en boeken. Een aantal van deze mensen is van grote invloed geweest op dit de inhoud van dit proefschrift: Hermann Haken, Michael Batty, Bill Hillier, Jeffrey Johnson, Scott Kelso, Paul Thagard, en Barbara Tversky.UrbanismArchitecture and The Built Environmen
Nieuw leven op Zuid: De invloed van publieke domeinen op de leefbaarheid van Rotterdamse multiculturele stadwijken
In dit afstudeerproject wordt door middel van een ruimtelijk ontwerp de mogelijkheid gecreëerd tot het ontstaan van verschillende publieke domeinen. Dit kan de leefbaarheid in multiculturele stadswijken verbeteren wanneer ingrepen gedaan worden in het leesbaar maken van de openbare ruimte. Met het versterken van territorialiteit, herkenbare elementen en sociale afstanden wordt dit gerealiseerd.Urban Regeneration StudioUrbanismArchitecture and The Built Environmen
Living on Crunchy Street: Redesigning the site of the departing Calve/DSM factory in Delft as a socially sustainable district
A design was made for the Calve/DSM site in Delft. It is a factory site which is being abandoned by its users, leaving 16 ha to be developed in the coming future. The aim is to develop a socially sustainable creative district through means of self-organisation. The project is restricted to the borders of the design location and takes the open urban system, in which it is set, as context. Dealing with self-organisation in process and design is what distinguishes this project. It is necessary to create a successful knowledge district and to make it socially sustainable. The method chosen for this design study uses a matrix as a testing and selection instrument. This Matrix method is used to streamline the organisation of urban space by its stakeholders. The basic assumption of this approach is that "urban planners can play a pivotal role [in urban processes] by mapping out the existing situation, reconnoitring the various starting-points, assessing the margin for potential solutions, and then translating the outcomes of this process into a clear-cut plan." (Veldhuis, 2003). Research in the thesis plan (Van der Kooij, 2008a) and two papers (Van der Kooij, 2008b; Van der Kooij 2008c) has led to formulate fourteen characteristics for the design of the district. Five of these design criteria are spatial preconditions to enable successful self-organisation of an urban district. The five rules imply creating recognisable territories, as these provide a readable privacy-zoning. This enables every individual -resident, visitor or passer-by- to regulate their own social contacts. This should not lead to a social network, but it does make the resident jointly-responsible for their physical and social surroundings. (Van Dorst, 2005: 257)Architectur
Energie in de wijk: Het verduurzamen van de bestaande woningvooraad als kans voor nieuwe werkgelegenheid en energie opwekken met de inwoners van Kreekhuizen als katalysator voor sociale duurzaamheid
Het verduurzamen van de bestaande woningvooraad als kans voor nieuwe werkgelegenheid en energie opwekken met de inwoners van Kreekhuizen als katalysator voor sociale duurzaamheid.VeldacademieArchitectureArchitecture and The Built Environmen
De leefbare Vinex wijk: Verbetering van de sociale veiligheid door het herinrichten van de openbare ruimte in Vinex- wijken
Dit afstudeerproject richt zich op hoe de inrichting van de openbare ruimte de veiligheidsbeleving van bewoners, bezoekers en passanten kan verbeteren binnen een Vinex wijk. Onveiligheidbeleving en -gevoelens beperken bewoners in het gebruik van hun wijk, terwijl een wijk een plek moet zijn die men de mogelijkheid biedt om intensief met elkaar om te kunnen gaan. Toch is hiervan minder sprake, in tegenstelling tot het verleden, doordat er onder andere een gebrek is aan kwalitatieve openbare ruimtes waardoor de mate van onderlinge sociale contacten zijn verminderd. Leefbaarheid en veiligheid zijn belangrijke onderwerpen binnen de politieke agenda van vele politieke partijen (KEI, 2012) want bewoners mogen zich niet onprettig voelen binnen hun eigen wijk en er moeten faciliteiten beschikbaar zijn wanneer zij hun medebuurtbewoners willen ontmoeten en leren kennen. Het is daarom relevant om te onderzoeken hoe de leefbaarheid binnen een wijk geoptimaliseerd kan worden, door middel van fysieke ingrepen, zodat sociale onveiligheidsgevoelens worden weggenomen en de wijk weer een prettige woonomgeving wordt.Urban Regeneration StudioUrbanismArchitecture and The Built Environmen
Een stad vol verhalen: Een onderzoek naar het programma voor een nieuw gefragmenteerd museum in stadsdeel Feijenoord aan de hand van verhalen van bewoners
Het Museum van Rotterdam moest eind vorig jaar zijn deuren sluiten, omdat het te weinig bezoekers trok en het gebouw niet meer voldeed aan zijn functie. De Raad voor Kunst en Cultuur stelde daarom een alternatief voor; een Nieuwe stadsmuseale functie (NSF) die wellicht niet in één gebouw gefaciliteerd zou moeten worden, maar op meerdere locaties verspreid over verschillende wijken. Deze gefragmenteerde musea vragen om een uitgebreid onderzoek van het programma met een focus op de bewoners. Het achterhalen van de identiteit van de gebruiker en de buurt op basis van verhalen uit de wijk en van bewoners zal inspiratie leveren voor het programma van een gefragmenteerd museum. Met dit onderzoek wordt inspiratie gezocht om zo dichter bij de verhalen van de wijk te komen. Het onderzoek start bij het achterhalen van de NSF en de visie van het Museum Rotterdam. Vervolgens worden de verhalen van de wijk in kaart gebracht en geanalyseerd, doormiddel van het programma Atlas.ti. Daarna zijn de verhalen geanalyseerd op sociale en culturele kenmerken om de identiteit van de bewoner, wijk, stadsgedeelte en de stad te ontdekken. Door de verhalen te analyseren op de naar voren gekomen kernthema’s en te luisteren naar wat de bewonerszelf vertellen over de identiteit, is er grip verkregen op de identiteit van de bewoners, de wijk, het stadsgedeelte en de stad. Tot slot is er onderzoek gedaan naar drie bestaande projecten om zo ook inspiratie op te doen voor het ruimtelijke programma voor het museum. Vanuit het tweede deel vanhet onderzoek is er inspiratie verkregen aan de hand van een referentieonderzoek die variëren in schaal, programma, context en de manier van tentoonstellen. Deze analyse is omgezet in ruimtelijke tools die zijn weergegeven in de schema’s. Het resultaat van het onderzoek is inspiratie voor hetprogramma. Het ontwerp voor het museum zal de verhalen respecteren en kan bestaan uit een wisselende expositie. Een groot deel van de bewoners geven aan dat de toegankelijkheid een groterol speelt in het deelnemen. Het museum zal dus toegankelijk zijn voor iedereen en laagdrempelig. De verschillende kernthema’s die zijn bestudeerd laten de identiteit van het stadsgedeelte zien. Daarbij staat de verbinding van bewoners bovenaan en zal dus kunnen dienen als hoofdthemavoor het nieuwe museum. Dit onderzoek heeft dus inspiratie geleverd voor het programma op het gebied van de identiteit, de formaliteit, de toegankelijkheid en de verbinding.Resilient DeltaArchitecture, Urbanism and Building Science
Home and Mortgage Ownership of the Dutch Elderly: Explaining Cohort, Time and Age Effects
The relationship between home ownership of Dutch elderly households and age is strongly negative. Other studies suggest that this age gradient should be attributed to a cohort effect. In this paper we investigate where those cohort effects come from. We also observe that mortgage ownership among elderly home-owners increased considerably during the nineties. Using panel data we estimate models explaining home and mortgage ownership by age, cohort, and time effects, as well as other factors. Cohort and time effects are modelled explicitly using macro economic and housing market related variables. We find that the level of GDP per capita when the household head was young is the main factor explaining generation effects in home ownership among the elderly. After accounting for cohort effects it also appears that home ownership decreases slightly with age. Mortgage ownership among elderly home owners rose considerably during the nineties due to house price increases and due to financial innovation in the mortgage market. Cohort effects are also important. A supplementary analysis suggests that those cohort effects are due to the fact that the accidental bequest motive is becoming less important.home ownership, mortgages, cohort effects
De handen van Zuid: Een onderzoek naar kansrijke combinaties om het lokaal ambachtschap in Rotterdam – Zuid (Tarwewijk) te stimuleren en bewoners, met beperkte startkwalificatie, meer perspectief te bieden om te participeren en emanciperen, zodat de veerkracht van de wijk wordt versterkt en achterstanden worden ingelopen.
Dit onderzoek beantwoordt de vraag of het terugbrengen van ambachtschap in Rotterdam-Zuid, specifiek de Tarwewijk, een positieve impuls kan geven en kan bijdragen aan (meer) werkgelegenheid en versterking van de lokale economie en de veerkracht in de wijk. De werkloosheid in Rotterdam-Zuid is groot. Het probleem is zo groot, dat al in 2011 een nationaal programma (Nationaal Programma Rotterdam Zuid, NPRZ) werd opgestart, om aandachtswijken sterker en veerkrachtiger te maken. De Tarwewijk in Rotterdam-Zuid is zo’n aandachtswijk; werkzaamheid, opleidings- en inkomensniveau zijn laag. Om de achterstand in te kunnen lopen moeten opleidingsniveau, arbeidsparticipatie, woonkwaliteit en de wijkeconomie omhoog. Voor het onderzoek zijn drie kwalitatieve methoden toegepast: literatuuronderzoek, semi-gestructureerde interviews en open-observaties. Onderstaande uitgangspunten zijn het resultaat van het onderzoek en vormen gezamenlijk kansrijke combinaties voor een fysieke te ontwerpen plek: De plek moet zich centraal in de (woon)wijk bevinden, zichtbaar, laagdrempelig en toegankelijk, zodat er verbinding en inspiratie ontstaat. Op de plek moet het maken teruggebracht worden in een vorm die aansluit bij de doelgroep, bewoners van de Tarwewijk zonder startkwalificatie (jongeren en (langlangdurig) werklozen). De nieuwe maakindustrie moet toekomstgericht zijn (circulair, ‘customer made’ en kleinschalig). Er is behoefte aan kleinere, flexibel inzetbare ruimtes en gedeelde voorzieningen. Gemeenschappelijk gebruik van machines en werkplaats maakt de ruimte betaalbaarder en stimuleert de samenwerking. De schaalgrootte/omvang en de logistiek moeten passen binnen het netwerk/weefsel van de Tarwewijk. De programmering moet aansluiten bij de doelgroep; een samenspel van werk en leren met begeleiding. Lokaal ambachtschap, waarbij talenten, praktische kennis en vaardigheden gestimuleerd worden zijn belangrijker dan opleidingsniveau. Er moeten mogelijkheden zijn voor het geven van cursussen en workshops. Het programma moet inspirerend en vernieuwend zijn (circulaire economie, vermindering van emissie, gebruik van nieuwe technologie). Horecagelegenheid moet zorgen voor verblijven. Ondersteunende of aanvullende financieringsinstrumenten, als een wijkcoöperatie en/of social impact bonds, kunnen mogelijkheden bieden voor het opstarten en in stand houden van de sociale makersplaats. Veel leesplezier!Architecture, Urbanism and Building Science
- …
