6,936 research outputs found

    Anemia and erythropoietin in heart failure

    No full text
    Na een hartinfact krijgen veel patiënten te maken met hartfalen; een verminderde pompfunctie van het hart. Peter van der Meer ontdekte dat EPO de hartfunctie van patiënten kan verbeteren. Verder blijkt de prognose duidelijk slechter te zijn wanneer patiënten naast hartfalen ook bloedarmoede hebben. Voor sporters is EPO (erythropoëtine) aantrekkelijk, omdat het de hoeveelheid rode bloedcellen en daarmee de zuurstofopname verhoogt. EPO is vooral vanuit het wielrennen bekend. Van der Meer laat zien dat EPO bij hartproblemen kan zorgen voor een kleiner infarct en een verbeterde hartfunctie: bij ratten verbetert de knijpkracht van het hart en ontstaan er meer bloedvaatjes in de hartspier, waardoor er waarschijnlijk een betere zuurstofuitwisseling plaatsvindt. De promovendus verwacht een snelle toepassing bij patiënten omdat EPO veilig is; het wordt al decennia lang aan patiënten met bloedarmoede gegeven. Om bloedarmoede bij hartfalenpatiënten te kunnen voorkomen, zocht Van der Meer naar de oorzaak. Hij laat zien dat de beenmergcellen minder goed delen en dat dit te maken heeft met het eiwit Ac-SDKP. Wanneer dit eiwit bij patiënten verhoogd is, kan dit leiden tot bloedarmoede. Opvallend is dat een medicamenteuze behandeling met ACE-remmers juist bloedarmoede kan opwekken. De promovendus verwacht dat dit gevolgen kan hebben voor de huidige behandeling van hartpatiënten

    Review of Peter Hopkins and Richard Gale (eds), Muslims in Britain - Race, Place & Identities. Edinburgh University Press, 2009

    No full text
    This item reviews the book 'Muslims in Birtain - Race, Place and Identities' edited by Peter Hopkins and Richard Gale, Edinburgh University Press, 2009, 236 pp., £19.99 (pb)

    Das Meer. Maritime Welten in der Frühen Neuzeit

    No full text
    In der Frühen Neuzeit war das Meer zugleich Ressource und Gefahr. Es war Transportweg, Kontaktzone und Konfliktarena: Fernhandel, Seekriege und Migration prägten selbst küstenferne Regionen, auf lokaler wie auf globaler Ebene. Der Weg über das Meer eröffnete auch innerhalb Europas neue Horizonte. Der Band fragt nach Wahrnehmungen, Vorstellungen und Erfahrungen von Menschen, die am Meer, auf dem Meer und vom Meer lebten. Er fragt nach Deutungsmustern, mit denen sie ihr Verhältnis zum Meer bestimmten und nach Praktiken und Strategien, die sie im Umgang mit ihm entwickelten. Er fragt nach Reichweite und Einfluss maritimer Welten und nach ökonomischen, ökologischen, politischen, sozialen und kulturellen Vernetzungen. Er fragt nach Transfers und Wechselwirkungen maritimer Aktivitäten. Alle diese Fragen rücken gerade das in den Mittelpunkt, was zwischen den landbasierten Machtzentren lag. Der Band bestimmt damit die Frühe Neuzeit als maritime Epoche

    Stabiliteit breuksteen bij ondiepe voorlanden

    No full text
    Bij WL is onderzoek uitgevoerd naar stabiliteit van breukstenen taluds bij (zeer) ondiepe voorlanden. De paper voor Coastal Structures 2003 "Stability of rock slopes with shallow foreshores" door van Gent, Smale en Kuiper is een samenvatting van het werk. Hierin wordt voorgesteld een andere periodemaat te nemen dan in de van der Meer formule en daarbij de coëfficiënten opnieuw te kalibreren. Uiteindelijk wordt een nieuwe formule voorgesteld waarin de periode invloed volledig is verdwenen

    Meer woningbouw? Wijs niet meer locaties aan, maar ontwikkel de bestaande sneller

    No full text
    Het is een vaak terugkerende claim: de woningnood kan verholpen door meer bouwlocaties aan te wijzen. Hoogleraar Willem Korthals Altes rekent voor dat daar helemaal geen gebrek aan is. Waar het stokt, is de ontwikkeling van die gebieden. “Richt de schaarse ambtelijke capaciteit van gemeenten op de locaties die nu al in beeld zijn. Als je alle kanten op rent, kom je niet vooruit.

    Stability of rock on slopes under wave attack: Comparison and analysis of datasets Van der Meer [1988] and Van Gent [2003]

    No full text
    In VAN GENT [2004] graphs were presented in which the datasets of VAN DER MEER [1988] and VAN GENT ET AL. [2003] were compared, but in this comparison a number of parameters were not correctly transformed into a comparable format. In this M.Sc. thesis after an extensive analysis to the datasets all parameters of the datasets of Van der Meer were transformed into the same format as the parameters used by Van Gent. In the same way the dataset of THOMPSON & SHUTTLER [1975], which formed the basis of the work of Van der Meer, was treated. The inclusion of correction factors for the effects of stone roundness from LATHAM ET AL. [1988] gave remarkable effects on a certain part of the dataset of Van der Meer which showed more damage than average. After this still differences could be seen between the datasets of Van der Meer and Van Gent. Using the statistical T-test these differences are approved. Explanations for the differences found between the datasets of Van der Meer and Van Gent can be found in the fact that most of the tests of Van Gent. were done with shallow foreshores where Van der Meer did most tests with deep water conditions. Tests by a number of M.Sc. students at Delft University of Technology showed that tests with identical spectra, but with different foreshore slope angles show different damage patterns. In the dataset of Van Gent also the 1:30 foreshore slopes on average show more damage than the 1:100 slopes. In further research the influence of the foreshore should be incorporated in the stability formulae by a foreshore Iribarren parameter. Also a detailed investigation to the effects of wave breaking on shallow foreshores is needed. For this the complete dataset of Van Gent needs to be available and accessible.Hydraulic EngineeringCivil Engineering and Geoscience

    Aanpak kwetsbare wijken gebaat bij meer inbreng bewoners

    No full text
    In het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid is weer aandacht voor de arme wijken. Dat valt te prijzen, maar volgens TU Delft-onderzoeker Reinout Kleinhans zijn kwetsbare wijken gebaat bij een aanpak met meer inbreng van bewoners en minder verkokering. "Het is bijzonder teleurstellend dat het ministerie het risico niet wil nemen om de aanpak radicaal anders aan te vliegen."Urban Studie

    Doorbraakvrije dijken: Opzet doorbraakvrije zeedijken en voorlopige conclusies sterkte binnentaluds bij golfoverslag

    No full text
    In het kader van WV21 wordt door Deltares en een werkgroep gekeken naar doorbraakvrije dijken. Er wordt gekeken naar de definitie van doorbraakvrij en daarnaast naar hoe doorbraakvrije dijken er zouden moeten uitzien ten opzichte van de huidige dijken. In dit kader is aan Van der Meer Consulting gevraagd specifiek uitwerking te geven aan doorbraakvrije zee- en meerdijken en is gevraagd voorlopige conclusies op te stellen naar aanleiding van de proeven met de golfoverslagsimulator omtrent de sterkte van binnentaluds van dijken tegen golfoverslag. Deze uitwerking en het maken van voorlopige conclusies is gedaan door meerdere personen/bedrijven hierbij te betrekken, namelijk de projectgroep voor de proeven bij de Boonweg in Friesland en de proeven in Zeeland (Deltares zelf, Infram, Royal Haskoning en Alterra) en Infram ten aanzien van doorbraakvrije zeedijken. Vanuit observaties van de golfoverslagproeven (zie appendix 1 voor een fotorapportage met beschrijving) is één hoofdconclusie met betrekking tot doorbraakvrije dijken naar voren gekomen. Gesteld wordt dat het aannemelijk lijkt dat een binnentalud van klei met gras bij een overslag van 30 l/s per m of minder nooit door erosie zal bezwijken. Dit betekent dat in veel extremere omstandigheden dan de huidige maatgevende belasting, een huidige zee- of meerdijk niet door overslag zal bezwijken. Om het faalmechanisme infiltratie door golfoverslag en afschuiven van het binnentalud uit te sluiten, dient een doorbraakvrije zee- of meerdijk een binnentalud van 1:3 te hebben. Als kostenalternatief kan ook gekeken worden naar een binnentalud van 1:5. Omdat de huidige zee- en meerdijken al voor hoge stormvloeden en hoge golven zijn of worden ontworpen, lijkt het relatief gezien geen grote ingreep om deze dijken bestand te maken voor een veel zwaardere storm met een veel kleinere kans van voorkomen. En deze dijk zodoende doorbraakvrij te maken. Als meer golfoverslag wordt toegestaan in zeer extreme omstandigheden (tot ver boven de huidige maatgevende omstandigheden), en wanneer een zee- of meerdijk moet worden verbeterd, dan is het niet een grote stap om deze dijk, ook voor de komende 50 jaar, doorbraakvrij te maken. Bekledingen moeten dan iets dikker worden dan wat nu volgt uit het huidige ontwerpproces en ze moeten iets hoger op het talud worden aangebracht en de dijk moet mogelijk iets hoger

    van_der_meer_online_supp – Supplemental material for What makes workers happy: Empowerment, unions or both?

    No full text
    Supplemental material, van_der_meer_online_supp for What makes workers happy: Empowerment, unions or both? by Peter H van der Meer in European Journal of Industrial Relations</p

    Design of the US Wave Overtopping Simulator

    No full text
    The US Wave Overtopping Simulator has to simulate overtopping discharges up to 2 cfs/s/ft for wave conditions of respectively 8 ft with a peak period of 14 s and 3 ft with a period of 6 s. This requires a Simulator which is in size about three times larger than the existing Dutch one. This report describes the theory of waves overtopping the crest of a levee, the design of the Simulator, how to operate it and possible ways to measure hydraulics during testing. We know a lot about wave overtopping over levees, but still there are discrepancies between various formulae. First the existing theory is given about wave overtopping discharge and individual wave overtopping volumes. This leads to the distributions of wave overtopping volumes that have to be simulated by the Simulator. Then flow velocities, flow depths and flow times or durations of overtopping wave volumes at the crest of a levee have been discussed, including re-analysis of existing work and some recent research. The conclusion is that using the equations in an integration, to calculate the wave overtopping volume, the volumes are much too large, indicating that at least flow depth andflow time predictions are too large. For this reason the Simulator will mainly be based on flow velocity and the given peak periods of the waves. Good experience is available with Simulators up to a size of about 6 m3/m width. The majority of all overtopping wave volumes will be limited to this size. It is for this reason that the US Simulator has been designed with an inner Simulator, comparable to the existing sizes, and an outer Simulator, giving the maximum capacity of 16 m3/m. The outer Simulator will only be used for the very large overtopping wave volumes. The mechanical design has been described and this design has been discussed during a visit to CSU, in order to start fabrication of the Simulator. The Dutch test set-ups at various locations have been described with their improvements every consecutive year. The operation of the Simulator by a steering file and PLC has been given, first by description of the Dutch Simulator and then by possible modifications and improvements for the US Simulator. Finally, experiences to measure flow depth and front velocity of overtopping waves have been described and possible ways of improvements, which will be performed in the Netherlands and tested in February/March 2010. If successful, these kind of measurements can also be developed at CSU
    corecore