1,363,634 research outputs found

    [coin] Dubbele schelling, 1753, Luik, Johan-Theodoor van Beieren, Prinsbisdom Luik (eigentijdse vervalsing).

    No full text
    Recto: Een barok schild, met het wapen van de prins-bisschop, wordt omsloten door een cartouche ; deze is geplaatst op een gekruiste kromstaf en zwaard en is getooid met een muts van keurvorst ; onderaan, evenwijdig aan de rand, 1753 ; rondom, [I•THE]OD•B[A]V• – •DUX•CAR[•D:G] (gesplitst door het jaartal) en een parelcirkel.Verso: Een naar links klimmende leeuw houdt een geheven zwaard in de rechter voorpoot en een ovaal schild met het wapen van Luik schuin voor zich met de linker , het schild is gevat in een cartouche en getooid met een muts van keurvorst ; rondom, [EP.ET•PR•LEO]D – •DUX•[B•M•F•C]•L•H. en een parelcirkel.Rand : Effen.Dengis, J-L., Les monnaies de la Principauté de Liège, IV. Monnaies particulières, jetons, médailles, méreaux, trébuchets. Wetteren: Moneta, 2007, nr. F.21-05.Standard Catalog of World Coins 1701-1800, 7th Edition, Iola : Krause Publications, 2016, p. 1177, nr. 161.Bijzondere collectie

    [medal] Aanwezigheidspenning van het kapittel van de Kathedraal van Luik.

    No full text
    Op 6 maart 1705 werd door het kapittel van de kathedraal van Luik beslist vijf penningen uit te delen voor de aanwezigheid op de mis van de eerste vrijdag van het octaaf van Pasen en vijf voor het bijwonen van de processie.Recto: Twee gekruiste beenderen met erboven en eronder een vlam ; rondom boven de beenderen, ECCLESI • en eronder, LEODI • ; rondom een parelcirkel.Verso: Een doodshoofd met eronder twee gekruiste beenderen ; rondom bovenaan, ANNIVERSARIUM ; rondom een verhoogde rand.Op 6 maart 1705 werd door het kapittel van de kathedraal van Luik beslist vijf penningen uit te delen voor de aanwezigheid op de mis van de eerste vrijdag van het octaaf van Pasen en vijf voor het bijwonen van de processie.Dengis, J-L., Les monnaies de la Principauté de Liège, IV. Monnaies particulières, jetons, médailles, méreaux, trébuchets. Wetteren: Moneta, 2007, p. 118-119, nr. Me.01-06.Petit de Rosen, M.J. Catalogue des méreaux, des médailles et des jetons des chapitres, des corporations et des familles de l'ancien pays de Liège. In Revue Belge de Numismatique 1850. Brussel: 1850, p. 126 nr. 22.De Schodt, A. Le chapitre de Saint-Lambert à Liège et ses méreaux ou jetons de présence. In Revue Belge de Numismatique 1875. Brussel: 1875, p. 252 nr. 15.Bijzondere collectie

    [coin] Oord, 1751, Luik, Johan-Theodoor van Beieren, prinsbisdom Luik.

    No full text
    Recto: Een Duits schild met het wapen van de prinsbisschop ; het is geplaatst op een gekruiste kromstaf en zwaard en is getooid met de muts van keurvorst ; rondom, I – THEOD·CAR·D·G·BAU·D en een parelcirkel.Verso: Vijf schilden in kruisvorm geplaatst ; in het centrum een ovaal schild met het wapen van Luik, dat getooid is met de muts van keurvorst ; de vier andere schilden hebben concave zijden, schuin afgesneden bovenhoeken en een punt, gevormd door twee bogen ; ze dragen volgende wapens : bovenaan Loon, onderaan Hoorn, links Bouillon, rechts Franchimont ; in de hoeken, gevormd door deze schilden, 1 – 7 – 5 – 1 ; rondom, EP·ET·PRIN·LEO·DUX·B·M·F·C·L·H en een parelcirkel.De Chestret de Haneffe, J., Numismatique de la principauté de Liége et de ses dépendances (Bouillon, Looz) depuis leurs annexations, Bruxelles, 1890, nr. 692.Magain, P., Les monnaies de Jean-Théodore de Bavière prince-évêque de Liège 1744-1763, Brussel, Cercle d'études numismatiques, Travaux, 1, 1964, type 15.Mignolet, A., Les monnaies de la principauté de Liège 1482-1792. Tome II, Brussel : J. De Mey, 1973, nr. 296.Waerzeggers, R. & Dewit, H. Stedelijke musea Leuven. Inventaris van de numismatische verzameling. Deel 2. De feodale munten van de Nederlanden. Leuven, 1988, nr. N/BQ/156.Vanhoudt, H. Atlas der munten van België : van de Kelten tot heden. Herent : H. Vanhoudt, 1996, nr. G 1353.Dengis, J-L., Les monnaies de la Principauté de Liège, III. De Gérard de Groesbeeck au rattachement à la France (1564-1794). Wetteren: Moneta, 2006, nr. 1180.Bijzondere collectie

    [coin] Oord, 1751, Luik, Johan-Theodoor van Beieren, prinsbisdom Luik.

    No full text
    Recto: Een Duits schild met het wapen van de prinsbisschop ; het is geplaatst op een gekruiste kromstaf en zwaard en is getooid met de muts van keurvorst ; rondom, I – THEOD·CAR·D·G·BAU·D en een parelcirkel.Verso: Vijf schilden in kruisvorm geplaatst ; in het centrum een ovaal schild met het wapen van Luik, dat getooid is met de muts van keurvorst ; de vier andere schilden hebben concave zijden, schuin afgesneden bovenhoeken en een punt, gevormd door twee bogen ; ze dragen volgende wapens : bovenaan Loon, onderaan Hoorn, links Bouillon, rechts Franchimont ; in de hoeken, gevormd door deze schilden, 1 – 7 – 5 – 1 ; rondom, EP.ET·PRIN·LEO·DUX·B·M·F·C·L·H en een parelcirkel.De Chestret de Haneffe, J., Numismatique de la principauté de Liége et de ses dépendances (Bouillon, Looz) depuis leurs annexations, Bruxelles, 1890, nr. 692.Magain, P., Les monnaies de Jean-Théodore de Bavière prince-évêque de Liège 1744-1763, Brussel, Cercle d'études numismatiques, Travaux, 1, 1964, type 15.Mignolet, A., Les monnaies de la principauté de Liège 1482-1792. Tome II, Brussel : J. De Mey, 1973, nr. 296.Waerzeggers, R. & Dewit, H. Stedelijke musea Leuven. Inventaris van de numismatische verzameling. Deel 2. De feodale munten van de Nederlanden. Leuven, 1988, nr. N/BQ/157.Vanhoudt, H. Atlas der munten van België : van de Kelten tot heden. Herent : H. Vanhoudt, 1996, nr. G 1353.Dengis, J-L., Les monnaies de la Principauté de Liège, III. De Gérard de Groesbeeck au rattachement à la France (1564-1794). Wetteren: Moneta, 2006, nr. 1180.Bijzondere collectie

    [coin] Oord, 1750, Luik, Johan-Theodoor van Beieren, prinsbisdom Luik.

    No full text
    Recto: Een Duits schild met het wapen van de prinsbisschop ; het is geplaatst op een gekruiste kromstaf en zwaard en is getooid met de muts van keurvorst ; rondom, I· – THEODORVS·CAR·D:G·BAU – D en een parelcirkel.Verso: Vijf schilden in kruisvorm geplaatst ; in het centrum een ovaal schild met het wapen van Luik, dat getooid is met de muts van keurvorst ; de vier andere schilden hebben concave zijden, schuin afgesneden bovenhoeken en een punt, gevormd door twee bogen ; ze dragen volgende wapens : bovenaan Loon, onderaan Hoorn, links Bouillon, rechts Franchimont ; in de hoeken, gevormd door deze schilden, 1 – 7 – 5 – 0 ; rondom, EP·ET·PRIN·LEO·DVX·B·M·F·C·L·H en een parelcirkel.De Chestret de Haneffe, J., Numismatique de la principauté de Liége et de ses dépendances (Bouillon, Looz) depuis leurs annexations, Bruxelles, 1890, nr. 692.Magain, P., Les monnaies de Jean-Théodore de Bavière prince-évêque de Liège 1744-1763, Brussel, Cercle d'études numismatiques, Travaux, 1, 1964, type 14.Mignolet, A., Les monnaies de la principauté de Liège 1482-1792. Tome II, Brussel : J. De Mey, 1973, nr. 296.Waerzeggers, R. & Dewit, H. Stedelijke musea Leuven. Inventaris van de numismatische verzameling. Deel 2. De feodale munten van de Nederlanden. Leuven, 1988, nr. N/BQ/153.Vanhoudt, H. Atlas der munten van België : van de Kelten tot heden. Herent : H. Vanhoudt, 1996, nr. G 1353.Dengis, J-L., Les monnaies de la Principauté de Liège, III. De Gérard de Groesbeeck au rattachement à la France (1564-1794). Wetteren: Moneta, 2006, nr. 1181.Bijzondere collectie

    [coin] Oord, 1750, Luik, Johan-Theodoor van Beieren, prinsbisdom Luik.

    No full text
    Recto: Een Duits schild met het wapen van de prinsbisschop ; het is geplaatst op een gekruiste kromstaf en zwaard en is getooid met de muts van keurvorst ; rondom, I· – THEODORUS·CARD:G·BAU – D en een parelcirkel.Verso: Vijf schilden in kruisvorm geplaatst ; in het centrum een ovaal schild met het wapen van Luik, dat getooid is met de muts van keurvorst ; de vier andere schilden hebben concave zijden, schuin afgesneden bovenhoeken en een punt, gevormd door twee bogen ; ze dragen volgende wapens : bovenaan Loon, onderaan Hoorn, links Bouillon, rechts Franchimont ; in de hoeken, gevormd door deze schilden, 1 – 7 – 5 – 0 ; rondom, EP·ET·PRIN·LEO·DUX·B·M·F·C·L·H en een parelcirkel.De Chestret de Haneffe, J., Numismatique de la principauté de Liége et de ses dépendances (Bouillon, Looz) depuis leurs annexations, Bruxelles, 1890, nr. 692.Magain, P., Les monnaies de Jean-Théodore de Bavière prince-évêque de Liège 1744-1763, Brussel, Cercle d'études numismatiques, Travaux, 1, 1964, type 14.Mignolet, A., Les monnaies de la principauté de Liège 1482-1792. Tome II, Brussel : J. De Mey, 1973, nr. 296.Vanhoudt, H. Atlas der munten van België : van de Kelten tot heden. Herent : H. Vanhoudt, 1996, nr. G 1353.Dengis, J-L., Les monnaies de la Principauté de Liège, III. De Gérard de Groesbeeck au rattachement à la France (1564-1794). Wetteren: Moneta, 2006, nr. 1181.Bijzondere collectie

    [coin] Oord, 1750, Luik, Johan-Theodoor van Beieren, prinsbisdom Luik.

    No full text
    Recto: Een Duits schild met het wapen van de prinsbisschop ; het is geplaatst op een gekruiste kromstaf en zwaard en is getooid met de muts van keurvorst ; rondom, I – THEOD·CAR[·]D·G[·]BA[U – D] en een parelcirkel.Verso: Vijf schilden in kruisvorm geplaatst ; in het centrum een ovaal schild met het wapen van Luik, dat getooid is met de muts van keurvorst ; de vier andere schilden hebben concave zijden, schuin afgesneden bovenhoeken en een punt, gevormd door twee bogen ; ze dragen volgende wapens : bovenaan Loon, onderaan Hoorn, links Bouillon, rechts Franchimont ; in de hoeken, gevormd door deze schilden, 1 – 7 – 5 – 0 ; rondom, EP·ET·PRIN·L[EO·D]UX·B·M·F.C·L·[H] en een parelcirkel.De Chestret de Haneffe, J., Numismatique de la principauté de Liége et de ses dépendances (Bouillon, Looz) depuis leurs annexations, Bruxelles, 1890, nr. 692.Magain, P., Les monnaies de Jean-Théodore de Bavière prince-évêque de Liège 1744-1763, Brussel, Cercle d'études numismatiques, Travaux, 1, 1964, type 15.Mignolet, A., Les monnaies de la principauté de Liège 1482-1792. Tome II, Brussel : J. De Mey, 1973, nr. 296.Waerzeggers, R. & Dewit, H. Stedelijke musea Leuven. Inventaris van de numismatische verzameling. Deel 2. De feodale munten van de Nederlanden. Leuven, 1988, nr. N/BQ/156.Vanhoudt, H. Atlas der munten van België : van de Kelten tot heden. Herent : H. Vanhoudt, 1996, nr. G 1353.Dengis, J-L., Les monnaies de la Principauté de Liège, III. De Gérard de Groesbeeck au rattachement à la France (1564-1794). Wetteren: Moneta, 2006, nr. 1180.Bijzondere collectie

    [coin] Oord, 1752, Luik, Johan-Theodoor van Beieren, prinsbisdom Luik.

    No full text
    Recto: Een Duits schild met het wapen van de prinsbisschop ; het is geplaatst op een gekruiste kromstaf en zwaard en is getooid met de muts van keurvorst ; rondom, I – ·THEOD·CAR·D·G·BAU·D en een parelcirkel.Verso: Vijf schilden in kruisvorm geplaatst ; in het centrum een ovaal schild met het wapen van Luik, dat getooid is met de muts van keurvorst ; de vier andere schilden hebben concave zijden, schuin afgesneden bovenhoeken en een punt, gevormd door twee bogen ; ze dragen volgende wapens : bovenaan Loon, onderaan Hoorn, links Bouillon, rechts Franchimont ; in de hoeken, gevormd door deze schilden, 1 – 7 – 5 – 2 ; rondom, EP·ET·PRIN·LEO·DUX·B·M·F.C·L·H en een parelcirkel.De Chestret de Haneffe, J., Numismatique de la principauté de Liége et de ses dépendances (Bouillon, Looz) depuis leurs annexations, Bruxelles, 1890, nr. 692.Magain, P., Les monnaies de Jean-Théodore de Bavière prince-évêque de Liège 1744-1763, Brussel, Cercle d'études numismatiques, Travaux, 1, 1964, type 15.Mignolet, A., Les monnaies de la principauté de Liège 1482-1792. Tome II, Brussel : J. De Mey, 1973, nr. 296.Waerzeggers, R. & Dewit, H. Stedelijke musea Leuven. Inventaris van de numismatische verzameling. Deel 2. De feodale munten van de Nederlanden. Leuven, 1988, nr. N/BQ/158.Vanhoudt, H. Atlas der munten van België : van de Kelten tot heden. Herent : H. Vanhoudt, 1996, nr. G 1353.Dengis, J-L., Les monnaies de la Principauté de Liège, III. De Gérard de Groesbeeck au rattachement à la France (1564-1794). Wetteren: Moneta, 2006, nr. 1180.Bijzondere collectie
    corecore