198 research outputs found

    sj-docx-1-ema-10.1177_17411432211034172 - Supplemental material for Gender, networks and academic leadership: A systematic review

    No full text
    Supplemental material, sj-docx-1-ema-10.1177_17411432211034172 for Gender, networks and academic leadership: A systematic review by Daphne L van Helden, Laura den Dulk, Bram Steijn and Meike W Vernooij in Educational Management Administration & Leadership</p

    Het voorspellen van zandconcentraties onder lopende golven en stroming

    No full text
    Dit verslag heeft tot doel enig inzicht te verschaffen in de relatie tussen de diffusiecoefficient voor water Ef en die voor sediment Es. In figuur 1.1 staat een schematisch overzicht van de gevolgde aanpak bij de verslaggeving. Hoofdstuk 2 is algemeen van karakter en werkt de doelstellingen van het onderzoek nader uit. Tevens wordt het belang van (nader) onderzoek aangetoond. In hoofdstuk 3 wordt een overzicht gegeven van datgene dat in de literatuur bekend is over de hier besproken fenomenen. Er worden enige theorien over het verloop van de diffusie coefficient gegeven en er wordt ingegaan op het verloop van snelheidsverdelingen onder lopende golven, stroming en een combinatie daarvan. Hoofdstuk 4 vormt de basis voor het onderzoek. Er wordt een kort overzicht gegeven van de uitvoeringswijze van de proeven en op welke manier de gemeten parameters moeten worden bewerkt opdat ze in het - eveneens in dit hoofdstuk besproken rekenmodel kunnen worden gebruikt. Hoofdstuk 5 bevat een overzicht van alle meetresultaten in de vorm van tabellen en figuren. In hoofdstuk 6 worden de onderzoeksresultaten behandeld. Er wordt een formule afgeleid voor de verhouding tussen de diffusiecoefficient voor sediment Es en die voor water Ef. Tevens wordt er een concentratieprofiel berekend uitgaande van de gevonden B-formule. Er worden voor het geval van golven èn stroming diverse Everdelingen berekend, welke onderling vergeleken worden. Daarbij is gebruik gemaakt van de B-formule. Met behulp van een E-verdeling voor golven en stroom wordt een snelheidsverdeling berekend welke wordt vergeleken met de gemeten snelheidsverdeling. Tevens worden er enige controleberekeningen uitgevoerd op de gemeten snelheids verdelingen. In hoofdstuk 7 worden de conclusies met betrekking tot de onderzoeksresultaten samengevat. Er worden tevens beperkingen en voetnoten geplaatst bij de resultaten. Hoofdstuk 8 bevat een poging om de gevonden trend gevoelsmatig te begrijpen. Bij deze poging tot begripsvorming wordt tevens gebruik gemaakt van informatie uit de literatuur. Hoofdstuk 9 vat alle aanbevelingen voor nader onderzoek samen en bevat tevens het nawoord.KustwaterbouwkundeHydraulic EngineeringCivil Engineering and Geoscience

    Het rendement van het opleiden van managementtalent

    No full text
    De gemeente Rotterdam biedt een aantal trainingsprogramma’s aan om haar managers zich te laten ontwikkelen. Eén daarvan is het Management Doorstroom Programma en deze richt zich specifiek op de leidinggevenden op het operationele niveau: de teammanagers. In de afgelopen tien jaar hebben er zes edities plaatsgevonden met in totaal 85 deelnemers. Door de bezuinigingen en de daardoor teruglopende opleidingbudgetten krimpt het aantal trainingen dat de gemeente Rotterdam haar personeel kan aanbieden. Er moet daardoor meer aangetoond worden wat een trainingsprogramma daadwerkelijk oplevert, om het budget voor het programma te rechtvaardigen en het voortbestaan te legitimeren. Aangezien er in het verleden nog nooit onderzoek is gedaan naar het rendement van het Management Doorstroom Programma, heb ik de opdracht gekregen dit uit te voeren. De hoofdvraag van dit onderzoek luidt: “In hoeverre en op welke wijze worden de vooraf gestelde doelstellingen van het Management Doorstroom Programma van de gemeente Rotterdam behaald en hoe is het programma mogelijk te verbeteren?

    Effectiviteit van vooroeversuppleties langs de waddenkust: Aanzet tot ontwerprichtlijnen voor het ontwerp van vooroeversuppleties

    No full text
    In dit rapport wordt verslag gedaan van een eerste evaluatie van zes vooroeversuppleties, namelijk die van Callantsoog-2001, Molengat -2003, De Koog- 2002,Vlieland-2002, Terschelling-1993 en Ameland-1998. De evaluatie betrof het analyseren van de beschikbare dieptegegevens en het op basis daarvan vaststellen van de belangrijkste effecten van de suppleties. Centraal in de beschouwingen stond de vraag in welke mate de verschillende vooroeversuppleties hebben bijgedragen aan het zandvolume in de zogenaamde BKLrekenschijf. Na de gegevensanalyse is geprobeerd om een fysische verklaring te vinden voor de belangrijkste bevindingen. Daarbij bleek vooral de dynamiek van de voor de kust liggende brekerbanken cruciaal, alsmede de manier waarop deze door de aangebrachte suppletie werd beïnvloed. Op basis van enkele hypothesen zijn vervolgens suggesties gedaan voor het ontwerpen van toekomstige vooroeversuppleties. In een later stadium zullen deze suggesties, tezamen met de suggesties van andere evaluaties, uitmonden in ontwerprichtlijnen

    'Betrokkenheid en Motivatie van de nieuwe generatie'.

    No full text
    Het onderzoek richt zich op de verschillen in betrokkenheid en motivatie van verschillende generaties ambtenaren binnen het Ministerie Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Het onderzoek richt zich vooral op de jongste generatie, generatie Y

    Een onderzoek naar de beleving van werkdruk bij technische professionals

    No full text
    Werkdruk is een actueel thema in veel organisaties in zowel de publieke als de private sector. Werkdruk kan negatieve effecten hebben op de prestaties van medewerkers en op de lange termijn leiden tot verzuim of burn-out. Uiteindelijk kan geconcludeerd worden dat de ervaren werkdruk in het onderzoek over het algemeen hoog is. Dat kan met behulp van het JDR-model verklaard worden doordat de balans van job demands en job resources negatief is. Factoren die daarbij de meeste invloed lijken te hebben zijn de sturing op resultaten, de vrijheid en verantwoordelijkheid die dat met zich mee brengt, de gebrekkige steun van de leidinggevende en het feit dat medewerkers aan meerdere projecten tegelijkertijd moeten werken. De ervaren werkdruk kan nog verminderd worden als mensen gemotiveerd zijn door de inhoud van het werk. Mensen vinden het niet erg om hard te moeten werken als ze hun werk leuk vinden

    Het gedrag van zakkingsfilters onder invloed van golfbelasting

    No full text
    Filterconstructies hebben als doel erosie te voorkomen in bepaalde delen van waterbouwkundige kunstwerken. Ze zijn opgebouwd uit een basislaag en een of meer filterlagen. Er zijn verschillende soorten filterconstructies. Ze worden over het algemeen zo gemaakt dat er geen erosie zal optreden van basismateriaal. Het is echter efficienter om een filter te ontwerpen op de erosie, die tijdens de levensduur ervan toelaatbaar wordt geacht; deze is uiteraard altijd groter dan nul. Een filter dat een begrensde hoeveelheid erosie toelaat, heet een zakkingsfilter. Ondanks dat er veel winst te behalen vah met de toepassing van zakkingsfilters, worden ze nog maar zelden toegepast. Dit komt omdat er nog maar weinig bekend is over het complexe gedrag ervan. Vooral over de situatie bij goltbelasting bestaat veel tekort aan kennis. Dit onderzoek heeft als doel de kennis over zakkingsfilters onder invloed van golfbelasting te vergroten. Om vast te stellen bij welke golfbelasting er voor het eerst erosie ontstaat, is experimenteel onderzoek verricht in een stroomgoot. In de goot is een zakkingsfilter aangelegd. Hierover zijn gedurende een bepaalde tijd golven gestuurd om vervolgens de mate van erosie van het basismateriaal te bepalen. Elke golfhoogte veroorzaakt een bepaald erosievolume. Iteratief is gezocht naar de golfhoogte met een erosievolume van nul. De kritieke golfhoogte kan uiteindelijk worden bepaald door extrapolatie van een aantal erosievolumes naar nul. De kritieke golfbelasting Iijkt voonamelijk afbankelijk te zjjn van de mate waarin de orbitaalsnelheden gedempt worden door de filterlaag. De golfbelasting bij het begin van bewegen is hoger bij een kleinere nominale diameter van het filtermateriaal. Een dikke filterlaag betekent een hogere kritieke golfbelasting dan een dunne filterlaag. Verder is er een duidelijke periode-afhankelijkheid waar te nemen: hoe groter de golfperiode, hoe kleiner de kritieke golfuoogte. Uit vergelijkbare experimenten zander filter blijkt dat het basismateriaal zander filter minder snel gaat bewegen dan onder een uit te grote stenen opgebouwd filter. In het laatste geval is het nadeel van de extra opgewekte turbulenties rond de stenen grater dan het voordeel van de snelheidsdemping. Als er transport van basismateriaal plaatsvindt bij golven hoger dan de kritieke golven, is het altijd gunstig om een zakkingsfilter te gebruiken. Tijdens het transport zijn er botsingen van het basismateriaal met de filterstenen. Dit veroorzaakt energieverlies waardoor het transport wordt afgeremd. Hoe dikker de filterlaag is, hoe groter het remmende effect zal zijn. Fijne filterstenen zorgen voar een betere remming dan grove filterstenen. Uit theoretische berekeningen van de snelheden in filterlagen komt naar voren, dat er geen duidelijk verband is tussen deze snelheden en het begin van beweging. Dit roll kunnen duiden op een belangrijke rol van turbulente snelheidsfluctuaties. In mortgelijke proeven bij een stationaire stroming werd de rol van deze turbulente snelheidsfluctuaties aangetoond. In andere proeven zonder een vrij wateroppervlak werd een hogere kritieke golfhoogte gevonden. Ook dit zou verklaard kunnen worden door het verschil in turbulentie. Nauwkeurige snelheidsmetingen in de porien van filterlagen kunnen in een volgend onderzoek enige duidelijkheid scheppen over de lnvloed van turbulentie.Hydraulic EngineeringCivil Engineering and Geoscience

    Poging tot realisatie van een feed-forward versterker in het VHF gebied

    No full text
    M.b.v. een gekozen model zijn ontwerpcriteria opgesteld waarin o.a. eigenschappen als ruisgedrag en versterkingsrendement een rol spelen. Verbetering van het intermodulatiegedrag ontstaat door compensatie, zodat eisen gesteld worden aan de nauwkeurigheid. Door het realiseren van deze schakeling is getracht de constructieve problemen on te sporen. In de laboratoriumopstelling wordt de intermodulatieafstand van een bestaande versterker met 20 tot 40 dB verbeterd.Applied SciencesElectrotechniekTransmissie van Informati

    Het doordringen van golven in een filterlaag

    No full text
    Filterconstructies hebben als doel constructies te beschermen tegen uitspoeling van grond en beschadiging door wateroverdrukken. Een granulaire filterconstructie bestaat uit een ofmeer lagen van granulairfiltermateriaal, die het onderliggende, loskorrelige basismateriaal tegenhoudt, maar het water doorlaat. Meestal wordt het criterium gehanteerd, dat er geen erosie zal optreden van het basismateriaal. In de praktijk is het nauwkeurig aanbrengen van filterconstructies, bestaande uit meerdere lagen, een lastige en kostbare aangelegenheid. Het lijkt daarom gunstig het aantal afzonderlijke lagen waaruit het filter is opgebouwd te minimaliseren. Dit is mogelijk door een criterium te hanteren, waarbij er beperkt transport van het basis- en/of filtermateriaal toelaatbaar is, waardoor het filter kan zakken. Indien de zakking een bepaalde toelaatbare grens niet overschrijdt, zal het filter zijn functie blijven vervullen. We spreken dan van een zogenaamdzakkingsfilter. Er is nog maar weinig ervaring met het gedrag van zakkingsfilters, met name onder invloed van een golfbelasting. In dit kader heeft Halter (1999) een aantal kritieke golfbelastingen bepaald, waarbij voor het eerst erosie van basismateriaal in een zakkingsfilter optreedt (begin van beweging). De grootte van de waterbeweging in de filterlaag was tot op heden onbekend. Daarom zijn tijdens dit onderzoek snelheden gemeten in de porien van de filterlaag, hierporiesnelheden genoemd, zoals deze ontstaan onder invloed van de door Halter (1999) bepaalde kritieke golfbelastingen. Hierbij is gebruik gemaakt van een zogenaamde meetporie, welke wordt gevormd door aan elkaar gekitte stenen. Het verloop van zowel de horizontale als de verticale poriesnelheid, optredend bij de kritieke belastingsgevallen, is nagenoeg constant over de dikte van de filterlaag, indien de orientatie van de meetporie op de verschillende hoogten gelijk is. Dit stemt overeen met de resultaten van Van Os (1998), die vergelijkbare experimenten heeft uitgevoerd, waarbij de filterlaag werd belast door een stationaire stroming. In deze situatie zijn de bij deze experimenten gemeten poriesnelheden alle ongeveer van dezelfde grootte. De gemiddelde waarde voor de poriesnelheid lijkt sterk afhankelijk van de orientatie en daarmee van de toegankelijkheid van de meetporie; de snelheidsfluctuaties lijken hier niet afhankelijk van te zijn. De gemeten poriesnelheden, veroorzaakt door de kritieke golfbe1astingen volgens Halter (1999), zijn groot genoeg om het basismateriaal in beweging te brengen. Bij een kritieke golfbelasting zou een over verschillende porien gemiddelde poriesnelheid, varierend in grootte en orientatie, kunnen bestaan, die gecombineerd met de fluctuaties van de poriesnelheid voor een bepaalde filterlaag significant is. Na het overschrijden van de kritieke belasting vindt er erosie onder de filterlaag en sedimenttransport door de filterlaag plaats. Er zou onderzoek verricht kunnen worden naar de hoeveelheid sediment die per tijdseenheid door de filterlaag getransporteerd kan worden, en van welke parameters de grootte van dit transport afhankelijk is. Het bovenstaande is ook mogelijk voor een situatie, waarbij de filterconstructie wordt belast door stationaire stroming of een combinatie van golven en stationaire stroming.Hydraulic EngineeringCivil Engineering and Geoscience

    'Werken voor het algemeen belang van Aruba'

    No full text
    Vanuit de literatuur worden verschillende inzichten gegeven, te weten de concepten ‘psychologisch contract’, ‘procedural justice’ en ‘distributive justice’, voor de verklaring van de houding en het gedrag van werknemers. Tevens staat het begrip ‘leiderschap’ centraal, in de LMX- theorie, hetgeen op zijn beurt ook de houding en het gedrag van werknemers kan beïnvloeden. Door middel van interviews met ambtenaren en/of arbeidscontractanten heb ik binnen het Kabinet van Aruba deze concepten onderzocht. Geconcludeerd kan worden dat de medewerkers bij het Kabinet van Aruba een psychologisch contract hebben waarbij niet aan bepaalde verwachtingen over aspecten van het werk wordt voldaan. Dit leidt tot negatieve effecten op houding /gedrag van werknemers, waardoor er sprake is van een psychologisch contractbreuk. Verder kan worden geconcludeerd dat het Kabinet een vrij goed ‘Leader-Member Exchange’ (LMX) heeft en dat er sprake is van een soort ‘Public Service Motivation’ (PSM), waardoor de effecten op de houding en het gedrag van werknemers minder negatief zijn en daardoor contractschendingen minder vaak voorkomen. De rode draad is dat leidinggevenden met de medewerkers de dialoog moeten voeren over de verwachtingen over aspecten van het werk. Vervolgens moeten dezelfde leidinggevenden de volgende boodschap accentueren: “We werken voor het algemeen belang van Aruba, we moeten het samen doen. We hebben elkaar nodig!
    corecore