11,090 research outputs found
Betonnen bekledingen op dijken en langs kanalen
Bundel van artikelen over het gebruik van beton en betonblokken op dijken: Nederland is nooit af; State of the art, ontwikkelingen; Zetwerk van beton-elementen; Belasting en stabiliteit van bekledingen; funderingsgrondslag en filterconstructie bij oever- en dijkbekledingen; Teen- en overgangconstructies; Blokkenmatten; Betonnen plaatbekledingen; colloïdaalbeton in bekledingen; Blokkenbekleding op de Oesterda
Woningbouw versnellen? Vertrouw dan niet op marktinitiatief
Nee, de woningnood is niet op te lossen door meer locaties te bestemmen voor woningbouw, concludeert TU Delft-onderzoeker Willem Korthals Altes. Sterker nog: verruimen van woningbouwmogelijkheden kan averechts werken op woningbouwproductie. Zijn advies: segmenteer het woningprogramma en zet een prijs op bouwopties.Land Developmen
Woningbouw op veehouderijlocaties: een goed idee
Van bruin naar rood: het bouwen van woningen op veehouderijlocaties vormt een uitweg uit de stikstofproblematiek die Nederland in de greep houdt. Uiteraard is deze stap complex en gevoelig, maar op bepaalde locaties is het toch heel goed mogelijk. TU Delft-afstudeerder Samuel Orobio de Castro deed onderzoek naar de kansen en randvoorwaarden, met een vorm van ontwikkelend onderzoek.Urban Development Managemen
Occupational exposure to inhaled pollutants and risk of airflow obstruction: a large UK population-based UK Biobank cohort
Background Although around 10% to 15% of COPD burden can be attributed to workplace exposures, little is known about the role of different airborne occupational pollutants (AOP). The main aim of the study was to assess the effect size of the relationship between various AOP, their level and duration of exposure with airflow obstruction (AFO). Methods A cross-sectional analysis was conducted in 228 614 participants from the UK Biobank study who were assigned occupational exposure using a job exposure matrix blinded to health outcome. Adjusted prevalence ratios (PRs) and 95% CI for the risk of AFO for ever and years of exposure to AOPs were estimated using robust Poisson model. Sensitivity analyses were conducted for never-smokers, non-asthmatic and bi-pollutant model. Results Of 228 614 participants, 77 027 (33.7%) were exposed to at least one AOP form. 35.5% of the AFO cases were exposed to vapours, gases, dusts or fumes (VGDF) and 28.3% to dusts. High exposure to vapours increased the risk of occupational AFO by 26%. Exposure to dusts (adjusted PR=1.05; 95% CI 1.01 to 1.08), biological dusts (1.05; 1.01 to 1.10) and VGDF (1.04; 1.01 to 1.07) showed a significantly increased risk of AFO, however, statistically not significant following multiple testing. There was no significant increase in risk of AFO by duration (years) of exposure in current job. The results were null when restricted to never-smokers and when a bi-pollutant model was used. However, when data was analysed based on the level of exposure (low, medium and high) compared with no exposure, directionally there was increase in risk for those with high exposure to vapours, gases, fumes, mists and VGDF but statistically significant only for vapours. Conclusion High exposure (in current job) to airborne occupational pollutants was suggestive of higher risk of AFO. Future studies should investigate the relationship between lifetime occupational exposures and COPD
Organisatie dichtbij de politiek of op afstand?
Organisaties voor gebiedstransformaties vragen veel van hun medewerkers en stuiten snel op misvattingen. Onderzoekers van de TU Delft behandelen de meest gebruikelijke organisatievormen en bespreken de voors en tegens.Urban Development Managemen
Theorie en praktijk van het zinken op stroom
Op initiatief van de commissie Bodembezinking van de Ned. Ver. Kust- en Oeverwerken werd een studie opgezet waarbij zowel theorie als praktijk en waterloopkundig modelonderzoek een rol hebben gespeeld. Op grond van daze studie en bij de toepassing in de praktijk opgedane ervaring kan thans worden gezegd, dat het zinken op stroom technisch gezien een reële uitvoeringsmogelijkheid biedt voor het aanbrengen van de klassieke bodembescherming
Klimaatimpact op de binnenvaart vraagt om samenwerking en een systemische aanpak
Veel mensen herinneren zich de droge periode uit 2018 en het hoge water op de Maas. Deze events hadden een grote impact op de scheepvaart en uiteindelijk op de levering van goederen in verschillende Europese landen. Dit soort events zullen in de toekomst vaker optreden en grote gevolgen hebben voor de totale samenleving en de economie. Het hebben van goede strategieën en maatregelen om de impact van dit soort events te beperken, vraagt om een gedegen aanpak en onderzoek. Frederik Vinke, promovendus binnen de vakgroep Ports and Waterways (TU Delft), ondersteund door SmartPort, past een nieuwe methodiek toe waarbij de interactie tussen de rivier en de scheepvaart op een systemisch niveau wordt gemodelleerd. Tegelijkertijd worden op micro niveau de schepen met eigen vervoersopdrachten gemodelleerd.Rivers, Ports, Waterways and Dredging Engineerin
Met de kennis van straks: de wetenschap goed voorbereid op pandemieën
Wat heeft de Nederlandse wetenschap nodig om bij een volgende pandemie kennis te leveren die bijdraagt aan het bestrijden van de infectie-uitbraak en het voorkomen van maatschappelijke schade? Een KNAW-adviescommissie bracht in kaart welke lessen de wetenschap uit de afgelopen periode kan trekken.Om goed voorbereid te zijn op toekomstige grootschalige infectieziektenuitbraken moeten Nederlandse wetenschappers beter samenwerken, binnen en buiten hun eigen vakgebied. Ook moeten ze onderzoeksgegevens vaker met elkaar delen. De KNAW stelt in het advies 'Met de kennis van straks. De wetenschap goed voorbereid op pandemieën' dat beleidsmakers en kennisinstellingen een belangrijke taak hebben om dit mogelijk te maken. Door in de huidige, rustiger tijden de juiste voorwaarden te scheppen, kunnen wetenschappers straks direct aan de slag te als de situatie daarom vraagt.Indoor Environmen
Terechte kritiek op MKBA-methodiek
Individuen kennen als burger meer waarde toe aan verkeersveiligheid dan aan reistijd vergeleken met de keuzes die zij maken als consument. Dit betekent dat een MKBA gebaseerd op burgerwaarderingen, anders uitvalt dan gebaseerd op consumentenwaarderingen
Waarom is Rijksregie het antwoord op ruimtelijke opgaven?
De roep om een meer centrale en sturende rol van de Rijksoverheid op het gebied van ruimtelijke ontwikkeling in Nederland neemt al enige tijd toe. Op het eerste gezicht lijkt er een brede consensus te bestaan. Maar wat zijn precies de problemen die vragen om regie vanuit de nationale overheid? En wat houdt die regierol precies in? In dit artikel analyseren we de bijdragen in landelijke kranten over de regierol van de overheid, om inzicht te krijgen in wat voor regierol gewenst wordt en waarom dat een noodzakelijke of effectieve oplossing zou zijn.Housing Managemen
- …
