123 research outputs found

    Impact Analysis of Multispecies Marine Resource Management

    No full text
    In an attempt to study the regional income and employment impact of different harvesting regimes and harvesting patterns of marine resources, this article demonstrates an approach of combining multispecies bioeconomic modeling and input-output (1-0) analysis. The applicability and usefulness of this approach is demonstrated by implementing the model with data from North Norway and the Barents Sea fisheries.multispecies harvesting, input-output model, income and employment impact, Barents Sea fisheries, Environmental Economics and Policy, Labor and Human Capital, Research Methods/ Statistical Methods, Resource /Energy Economics and Policy,

    The market demand- (and supply) curve paradox

    No full text
    After many years of teaching utility maximization in Microeconomics a certain paradoxical puzzle has come to our attention. It is very simple and straightforward, but we still find it hard to explain it to students. Our hope is that the distinguished community of theoretical economists may help us solve this mystery. After all, we would find it extremely unlikely that we are the first persons to identify this paradox

    Point Score Systems and Cooperative Incentives: The 3-1-0 Curse

    No full text
    The purpose of this study is to analyze the consequences that point score systems in association football may have on potential collusion between teams. The study applies game theory and empirical analysis to derive and test hypotheses. The main findings of the article include Nash equilibria indicating a higher collusion potential associated with the 3-1-0 point score system than with the 2-1-0 system. Of particular interest is the finding that the competitive balance of the league affects collusion, and that (theoretically) high competitive balance in fact makes collusion more probable. Empirically, we are not able to prove that real-world participants do collude, but we provide circumstantial evidence that is consistent with collusion. The empirical analysis is based on a sample of 25 European top leagues with 823 played matches in the 2017 and 2016/17 seasons. These data are used to estimate uncertainty of outcome and draw ratio. We apply a standard t-test to test our main hypothesis. The main conclusion of the paper may hence be summed up as advice to reinstall the 2-1-0 point score system in association football

    De stadswoning als rustpunt

    No full text
    De maatschappij wordt steeds gestressvoller, je thuis is de beste plek om tot rust te komen. Tijdens dit ontwerp is een onderzoek gedaan; OVER_GANGEN. Hierin wordt de overgang tussen het publieke en private domein (druk en rustig domein) onderzocht. De bevindingen zijn gebruikt bij het ontwerp voor een wooncomplex in het centrum van Berlijn. De woongebouwen grijpen om elkaar heen waardoor er hofjes ontstaan die met elkaar in verbinding staan welke een oase van rust creeeren in de metropool Berlijn. Elke woning is voorzien van verschillende rustplekken die een nauwe relatie hebben met een buitenruimte.dwelling; at home in the cityarchitecture and modernity; DwellingArchitectur

    Toepassing optimalisatietechnieken in het kwantitatieve en kwalitatieve waterbeheer in Nederland

    No full text
    In hoofdstuk 2 wordt behandeld welke gebruikersgroepen schade ondervinden van watertekort en/of een te hoge zoutconcentratie van het water. Hiermee komen we op het afwegen van belangen tussen gebruikers op een bepaalde plaats en een afweging tussen gebruikers in verschillende gebieden. In hoofdstuk 3 wordt ingegaan op het kwantitatieve waterbeheer. Dit wordt geoptimaliseerd door een netwerk van waterlopen te schematiseren en de waterverdeling in dit netwerk te optimaliseren met behulp van lineair programmeren. Voorts wordt aangegeven op welke wijze het niet-lineaire gedrag ontstaat door aan het kwantitatieve waterbeheer een kwalitatief aspect toe te voegen. In hoofdstuk 4 wordt de waterhuishoudkundige hoofdinfrastructuur van Nederland gemodelleerd. Hierbij wordt aan een aantal waterlopen een maximum debiet opgelegd in verband met de capaciteit van de waterlopen. Onder andere voor de bestrijding van zoutindringing wordt aan bepaalde waterlopen een minimum debiet opgelegd. Voorts worden schadefuncties afgeleid voor de landbouw in een zestal geschematiseerde landbouwgebieden. In hoofdstuk 5 worden methoden voorgesteld om het doorspoeleffect en de peilbeheersing in de landbouwgebieden te modelleren. Tevens wordt de relatie afgeleid waarbij het verband tussen zoutgehalte en doorspoeldebiet bepaald wordt. Door dit verband te lineariseren ontstaan lineaire vergelijkingen welke de niet-lineaire zoutbalansen vervangen. In hoofdstuk 6 worden twee methoden besproken waarmee de niet-lineariteiten over de intervallen heen opgelost kunnen worden. Als derde methode wordt getoond op welke wijze lineair programmeren gebruikt kan worden voor optimalisatie over de intervallen heen. Ter afsluiting volgt voor iedere methode een rekenvoorbeeld voor een periode bestaande uit twee intervallen en een afweging van de voor- en nadelen van de drie methoden. In hoofdstuk 7 volgen een tiental berekeningen over de zes intervallen van een maand in het als droog bekend staande jaar 1976. Een aantal van deze berekeningen dienen om de gevoeligheid van de oplossing op een aantal aannamen te onderzoeken. Tot slot worden enkele wijzigingen in de infrastructuur aangebracht zoals IJsselkanalisatie, verhogen van het bestaande zomerpeil van het IJsselmeer, koppeling van het Ijsselmeer met Midden-West Nederland en een combinatie van deze wijzigingen.Hydraulic EngineeringCivil Engineering and Geoscience

    Verdien av IQ – en kommentar til «Bright newworld» av Ole Martin Moen

    No full text
    Ole M. Moen presenterer i artikkelen «Bright new world» et forslag om å subsidiere kvinner for å velge å få barn med høy IQ. I denne artikkelen presenterer vi tre argumenter mot Moens forslag. Vårt hovedargument er knyttet til evolusjon, men også økonomiske og genetiske aspekter diskuteres. Vi er uenige med Ole M. Moen i at dette er en god idé. Vi mener faktisk at dette er en riktig dårlig idé. Nøkkelord: IQ, normalfordeling, avl, avtagende varianspublishedVersio

    De optimale weg: Publiek private samenwerking bij infrastructuur

    No full text
    In de Leidse agglomeratie en in het gebied ten westen daarvan treedt een aantal uiteenlopende verkeersproblemen op. In algemene zin gaat het vooral om intensief autoverkeer dat op verschillende wegvakken congestie veroorzaakt en de leefbaarheid in de steden en dorpen aantast. De congestie belemmert ook de economische ontwikkeling. Meer in het bijzonder gaat het om de zware belasting van de oost-westverbinding door Leiden heen en het vele verkeer dat via het lokale wegennet een route kiest, bijvoorbeeld Wassenaar, Rijnsburg, Oegstgeest en Valkenburg. De wegcapaciteit is onvoldoende om het verkeersaanbod te kunnen verwerken. Dat geldt op de N44 in Wassenaar en op de N206 Katwijk-Leiden. Maar ook de oostwestroute via de N206 door Leiden heen kent filevorming en vertraging met name op de Dr. Lelylaan en bij het Lammenschansplein. Ook de Europa-weg die de stad aansluit op de A4 is overbelast. Medio 2010 zal deze situatie verergeren door de groei van het autoverkeer en door de intensivering van de verstedelijking in de regio. Ook de economische vitaliteit van de Leidse binnenstad en de economische ontwikkeling van de veiling Flora te Rijnsburg worden volgens de regio belemmerd door de geschetste verkeersproblematiek. Met name in het voorjaar en de zomer als de toeristenstroom naar de kust en de bollenvelden op gang komt wordt de leefbaarheid en bereikbaarheid in de regio nog eens extra belast door het omvangrijke toeristische verkeer. Tenslotte functioneert het openbaar vervoer in dit gebied niet optimaal. De bussen bieden een afnemende reissnelheid in verband met congestie en een onvoldoende doorstroming op het wegennet. De kostendekkingsgraad voor het streekvervoer blijft lager dan de nagestreefde 50 % en de verbeteringsmogelijkheden van het bestaande bussysteem raken langzamerhand uitgeput. Het voorzieningenniveau staat daardoor onder druk. Het openbaar vervoer kan daardoor de concurrentie met de auto op veel relaties niet goed aan. De fiets is voor velen alleen op de kortere afstand een alternatief voor de auto. De huidige verkeers-problemen ten aanzien van de oost-westverbindingen in de Leidse regio dienen opgelost te worden. Bij het oplossen van deze problemen zijn zowel publieke als private partijen betrokken. De vraag is, wat de financiële bijdrage van private partijen zou kunnen zijn om een ruimtelijk alternatief ten behoeve van de verbetering van de bestaande oost-westverbindingen in de Leidse regio tussen de A4 en de A44 te realiseren. Er dient hierbij rekening te worden gehouden met de wensen, de eisen en de visies van de betrokken actoren. Op basis van deze uitwerking zal bovendien getracht worden een model voor PPS bij infra-structuur af te leiden.Transport & PlanningCivil Engineering and Geoscience

    Deklagen met epoxymodificatie voor langere levensduur

    No full text
    In de wegenbouw is duurzaamheid een belangrijk speerpunt. Daarom wordt er gezocht naar nieuwe bindmiddelen en modificaties om duurzame oplossingen te vinden voor de alsmaar groeiende verkeersstromen. Met de introductie van asfalt met epoxygemodificeerde bitumen wordt een grote stap gezet in het realiseren van robuuste wegen met een langere levensduur.Door de jaren heen is asfalt met epoxybitumen wereldwijd toegepast als een hoogwaardig verhardingsmateriaal met een lange levensduur, vooral als wegdek op stalen brugdekken. In Nieuw-Zeeland wordt sinds 2007 asfalt met epoxybitumen als deklaag gebruikt. Om tot een balans te komen tussen kosten en prestaties wordt daar sinds 2012 gekozen voor een mengvorm van epoxybitumen met gewone bitumen. Inmiddels ligt er al een miljoen vierkante meter ZOAB met epoxygemodificeerde bitumen. In 2017 is door de TU Delft, provincie Noord-Holland en Dura Vermeer het initiatief genomen om epoxygemodificeerde bitumen in Nederland te introduceren.Aan de TU Delft zijn vanaf 2018 twee PhD’s gestart om epoxygemodificeerde bitumen voor de Nederlandse situatie te onderzoeken. De laboratoriumonderzoeken bij de TU Delft en Dura Vermeer wijzen uit dat de epoxygemodificeerde mengsels in het algemeen betere eigenschappen hebben dan mengsels met standaard bitumen. Asfalt met epoxygemodificeerde bitumen gaat naar verwachting veel langer mee dan de huidige asfaltmengsels. De langere levensduur leidt tot een lagere milieubelasting. De meerkosten ervan zijn aanzienlijk maar vanwege de langere levensduur zijn de life cycle costs lager. Er is minder hinder voor het verkeer omdat de weg minder vaak hoeft te worden voorzien van een nieuwe asfaltlaag. En tenslotte, als het dan uiteindelijk toch versleten is, kan het goed worden hergebruikt.Het is echter moeilijk om de langere levensduur te kwantificeren, hier is geen algemeen geaccepteerde meetmethode voor. Om de praktijkeigenschappen te monitoren, zijn direct al diverse proefvakken aangelegd. De betere hechting, de betere prestatie na veroudering (zoals vorst-dooi cycli) en de verbeterde weerstand tegen rafeling kunnen duiden op een langere levensduur. Tot nu toe presteren alle proefvakken naar verwachting. De paper beschrijft de proefvakken en enkele proefresultaten.Pavement Engineerin

    Options and Tradeoffs in Krabi's Coastal Land Use

    No full text
    This paper explores the tradeoff options for optimal coastal land use in Krabi’s coastal land development zone (CLDZ). Maximizing the net private benefit and maximizing the net environmental benefits, subject to the constraints set by land availability, effluent discharge from shrimp farms, and rice consumption are optimized via multiobjective programming. It is found that although the benefit from present land use pattern is close to the efficient level (Pareto frontier), reallocation of land use and revision of CLDZ are required in order to achieve an efficient outcome of planning. Designating aquaculture zones on the basis of carrying capacity is found to be an important scheme to control the impacts of shrimp farm discharges. The combined measures of carrying capacity and green taxation would lead to economically and environmentally responsible aquaculture. Compliance with aquaculture effluent standard alone could potentially lead to the detrimental optimum, and would be superfluous if aquaculture zones based on carrying capacity were designated.Coastal management, Pareto frontier, multiobjective programming, Krabi

    Literatuuronderzoek naar de Keramische Spier: Literature thesis

    No full text
    Omdat piëzo-elektrische keramische bulkmaterialen over het algemeen wel goede piëzo-elektrische eigenschappen hebben, maar geen goede sterkte-eigenschappen, worden piëzo-elektrische composieten gemaakt. Deze composieten bestaan vaak uit een piezoelektrisch keramisch materiaal in een matrix van één of meerdere kunststoffen. Het keramische materiaal kan op verschillende manieren door de matrix heen verdeeld zijn. De manier waarop wordt beschreven door de connectiviteit. De connectiviteit wordt gegeven in twee of meer getallen; het eerste getal beschrijft de dimensie van het keramiek, het tweede getal de dimensie van het matrix materiaal, eventuele derde of vierde getallen beschrijven de dimensie van aanwezige extra fasen. In deze scriptie is bekeken welke composieten geschikte eigenschappen hebben voor toepassing in een keramische spier. Deze spier moet kunnen inkrimpen of uitrekken onder invloed van een aangelegd elektrisch veld (potentiaal) over het materiaal. Als dit veld (statisch of dynamisch) wordt verwijderd, moet het materiaal weer teruggaan naar zijn uitgangspositie. Belangrijk bij een spier is bovendien dat de rek relatief groot moet zijn (ongeveer 10 procent), dit soort grote rekken komen echter niet (veel) voor bij piëzoelektrische keramische bulkmaterialen. Vandaar dat heil wordt gezocht bij de composieten. Uit de resultaten zijn enkele geschikte materialen gekomen. Wat duidelijk opvalt, is dat niet alleen materialen en hun connectiviteit van belang zijn, maar dat ook de vormgeving een belangrijke rol speelt. Ook wordt de invloed van het poolproces, dit is het proces waarbij de piëzo-elektrische elementjes gelijk worden gericht, op de piëzo-elektrische eigenschappen beschreven, waaruit blijkt dat ook de poolcondities zorgvuldig moeten worden gekozen en dat de mogelijkheid bestaat tot spontane terugpoling van reeds gepoolde materialen. Een andere factor die de piëzo-elektrische eigenschappen beïnvloed is de korrelgrootte van het keramische materiaal. Bij een kritische korrelgrootte gaan sommige materialen over van hexagonale naar kubische kristalstructuur, waardoor de materialen hun piëzo-elektrische eigenschappen verliezen. Verder is er gekeken naar de fabricagemethoden en huidige toepassingen van de behandelde composieten. Er bestaan verschillende algemene fabricagemethoden, die per connectiviteit verschillen. De fabricagemethoden worden wel vaak per materiaal aangepast om zo optimale condities voor ieder materiaal te creëren. Er zijn ook vele toepassingen van de behandelde materialen gevonden. Deze lagen vooral in de wat luxere goederen (bijvoorbeeld auto’s) en in de wetenschappelijke en medische sector.Applied SciencesToegepaste Anorganische Chemi
    corecore