244 research outputs found

    Begroting van personenschade: welke lessen zijn er nog te leren?

    Full text link
    Deze bijdrage gaat over vergoeding van personenschade met een voortdurend karakter. Daarbij kan worden gedacht aan permanente arbeidsvermogensschade en aan doorlopende kosten voor hulp en zorg in geval van blijvend letsel. Ook de immateriële schade kan in een dergelijk geval worden beschouwd als een schadepost die zich over een tijdspanne uitstrekt. Het probleem dat bij dit soort doorlopende schadeposten speelt, is dat de schade zich niet eenvoudig laat herleiden tot een enkel schadevergoedingsbedrag. De drie onderwerpen waaraan in deze bijdrage aandacht wordt besteed, hebben daarmee te maken. Eerst komt schadevergoeding door middel van betaling van periodiek uit te keren bedragen aan bod: een mogelijkheid die naar de mening van de auteur meer moet worden benut. Vervolgens wordt ingegaan op aspecten van kapitalisatie van toekomstschade, te weten de rekenrente en de mogelijkheid van kapitalisatie met een peildatum in het verleden. Tot slot wordt aandacht besteed aan de vraag welk moment voor de begroting van immateriële schade bepalend moet zijn, en naar de (daarmee verweven) vraag vanaf welk moment de wettelijke rente over het smartengeld zou moeten lopen

    Doen wat kan:Hoe normering kan bijdragen aan betere behandeling van schadevergoedingsvorderingen in het strafproces

    Full text link
    In opdracht van de Raad voor de rechtspraak hebben M.R. Hebly en S.D. Lindenbergh, verbonden aan Erasmus School of Law, onderzocht hoe normering kan bijdragen aan betere behandeling van schadevergoedingsvorderingen in het strafproces. Het onderzoek heeft geleid tot het Research Memorandum 'Doen wat kan'. Het onderzoek is gefinancierd door het Ministerie van Justitie en Veiligheid.Aanleiding voor dit onderzoek zijn de adviezen van de Commissie onderzoek stelsel schadevergoeding voor slachtoffers van strafbare feiten (Commissie-Donner). Deze commissie oordeelt dat de behandeling van de schadevergoedingsvordering binnen het strafproces beter moet. Naar aanleiding daarvan is door de voormalig Minister voor Rechtsbescherming (tegenwoordig de Staatssecretaris Rechtsbescherming) ingezet op 'normering en standaardisering' als oplossingsrichting. Van normering en standaardisering wordt een direct positief effect verwacht waar het gaat om rechtszekerheid en rechtseenheid, en er bestaat bij de betrokken ketenorganisaties veel steun voor.Tegen deze achtergrond dient zich de vraag aan wat normering kan betekenen voor een betere vaststelling van schadevergoedingsvorderingen in het strafproces. Uitgangspunt is dat de strafrechter in het strafproces oordeelt naar de maatstaven van het materiële civielrechtelijke schadevergoedingsrecht binnen het daarvoor bestaande civielrechtelijke besliskader. Daarom inventariseren de onderzoekers welke knelpunten de behandeling van schadevergoedingsvorderingen naar civiel recht in het strafproces met zich brengt en hoe die met normering zouden kunnen worden verzacht.Het rapport mondt uit in elf aanbevelingen die betrekking hebben op 1) verheldering van materieelrechtelijke kaders, 2) verbetering van de behandeling van schadevergoedingsvorderingen in het strafproces en 3) ordening en explicitering van wat in het strafproces niet kan worden behandeld. Nadere normering langs deze drie hoofdlijnen kan wezenlijk bijdragen aan betere behandeling van schadevergoedingsvorderingen in het strafproces. Bovendien kan structurele verduidelijking van wat wel en niet kan in het strafproces bijdragen aan een evenwichtiger en bestendiger slachtofferbeleid

    Doen wat kan:Hoe normering kan bijdragen aan betere behandeling van schadevergoedingsvorderingen in het strafproces

    Full text link
    In opdracht van de Raad voor de rechtspraak hebben M.R. Hebly en S.D. Lindenbergh, verbonden aan Erasmus School of Law, onderzocht hoe normering kan bijdragen aan betere behandeling van schadevergoedingsvorderingen in het strafproces. Het onderzoek heeft geleid tot het Research Memorandum 'Doen wat kan'. Het onderzoek is gefinancierd door het Ministerie van Justitie en Veiligheid.Aanleiding voor dit onderzoek zijn de adviezen van de Commissie onderzoek stelsel schadevergoeding voor slachtoffers van strafbare feiten (Commissie-Donner). Deze commissie oordeelt dat de behandeling van de schadevergoedingsvordering binnen het strafproces beter moet. Naar aanleiding daarvan is door de voormalig Minister voor Rechtsbescherming (tegenwoordig de Staatssecretaris Rechtsbescherming) ingezet op 'normering en standaardisering' als oplossingsrichting. Van normering en standaardisering wordt een direct positief effect verwacht waar het gaat om rechtszekerheid en rechtseenheid, en er bestaat bij de betrokken ketenorganisaties veel steun voor.Tegen deze achtergrond dient zich de vraag aan wat normering kan betekenen voor een betere vaststelling van schadevergoedingsvorderingen in het strafproces. Uitgangspunt is dat de strafrechter in het strafproces oordeelt naar de maatstaven van het materiële civielrechtelijke schadevergoedingsrecht binnen het daarvoor bestaande civielrechtelijke besliskader. Daarom inventariseren de onderzoekers welke knelpunten de behandeling van schadevergoedingsvorderingen naar civiel recht in het strafproces met zich brengt en hoe die met normering zouden kunnen worden verzacht.Het rapport mondt uit in elf aanbevelingen die betrekking hebben op 1) verheldering van materieelrechtelijke kaders, 2) verbetering van de behandeling van schadevergoedingsvorderingen in het strafproces en 3) ordening en explicitering van wat in het strafproces niet kan worden behandeld. Nadere normering langs deze drie hoofdlijnen kan wezenlijk bijdragen aan betere behandeling van schadevergoedingsvorderingen in het strafproces. Bovendien kan structurele verduidelijking van wat wel en niet kan in het strafproces bijdragen aan een evenwichtiger en bestendiger slachtofferbeleid

    Doen wat kan:Hoe normering kan bijdragen aan betere behandeling van schadevergoedingsvorderingen in het strafproces

    Full text link
    In opdracht van de Raad voor de rechtspraak hebben M.R. Hebly en S.D. Lindenbergh, verbonden aan Erasmus School of Law, onderzocht hoe normering kan bijdragen aan betere behandeling van schadevergoedingsvorderingen in het strafproces. Het onderzoek heeft geleid tot het Research Memorandum 'Doen wat kan'. Het onderzoek is gefinancierd door het Ministerie van Justitie en Veiligheid.Aanleiding voor dit onderzoek zijn de adviezen van de Commissie onderzoek stelsel schadevergoeding voor slachtoffers van strafbare feiten (Commissie-Donner). Deze commissie oordeelt dat de behandeling van de schadevergoedingsvordering binnen het strafproces beter moet. Naar aanleiding daarvan is door de voormalig Minister voor Rechtsbescherming (tegenwoordig de Staatssecretaris Rechtsbescherming) ingezet op 'normering en standaardisering' als oplossingsrichting. Van normering en standaardisering wordt een direct positief effect verwacht waar het gaat om rechtszekerheid en rechtseenheid, en er bestaat bij de betrokken ketenorganisaties veel steun voor.Tegen deze achtergrond dient zich de vraag aan wat normering kan betekenen voor een betere vaststelling van schadevergoedingsvorderingen in het strafproces. Uitgangspunt is dat de strafrechter in het strafproces oordeelt naar de maatstaven van het materiële civielrechtelijke schadevergoedingsrecht binnen het daarvoor bestaande civielrechtelijke besliskader. Daarom inventariseren de onderzoekers welke knelpunten de behandeling van schadevergoedingsvorderingen naar civiel recht in het strafproces met zich brengt en hoe die met normering zouden kunnen worden verzacht.Het rapport mondt uit in elf aanbevelingen die betrekking hebben op 1) verheldering van materieelrechtelijke kaders, 2) verbetering van de behandeling van schadevergoedingsvorderingen in het strafproces en 3) ordening en explicitering van wat in het strafproces niet kan worden behandeld. Nadere normering langs deze drie hoofdlijnen kan wezenlijk bijdragen aan betere behandeling van schadevergoedingsvorderingen in het strafproces. Bovendien kan structurele verduidelijking van wat wel en niet kan in het strafproces bijdragen aan een evenwichtiger en bestendiger slachtofferbeleid
    corecore