837 research outputs found
Waterbeweging en menging in het zuidelijke gedeelte van de Noordzee: Eindverslag MLTP-4
Onderzoek is verricht naar verspreidingsmodellen en de gebruikte technieken achter deze modellen. Bij aanvang van de MLTP-periode bestonden er reeds verspreidingsmodellen. Deze modellen vertoonden echter tekortkomingen. De voornaamste daarvan waren: 1)het summiere gebruik van snelheidsgegevens, 2)de sterk vereenvoundige geometrie. Op geen van beide punten is een belangrijke verbetering mogelijk zonder ook het andere punt aan te pakken. De integratie van deze beide elementen in het geheel van de simulatie, diende dus, wat het einddoel van de thematiek betreft, het uitgangspunt te zijn. Wat de waterbeweging betreft ligt het zwaartepunt bij de reststromen, daar de getijbeweging onderwerp van studie was in de thematiek. Verder zijn de getijstromen en vooral de snelheidsgegevens uit modellen die (mede) het getij berekenen van zodanig groot belang voor de verspreidingsprocessen en de modellering daarvan, dat afzonderlijk aandacht wordt besteed aan waterbewegingsmodellen die mede of in hoofdzaak gericht zijn op getijberekening. Tenslotte is er aandacht besteed aan de verspreidingsverschijnselen en de verspreidingsmodellen, welke laatste het einddoel vormen van de thematiek. Als belangrijkste aanbevelingen komen naar voren: 1. Het bevorderen van een versnelling van de bouw van programmatuur voor een verspreidingsmodel op basis van deeltjessimulatie, met inbegrip van de wederzijdse aanpassing van de toeleverende bewegingsmodellen (getijmodellen, stormvloedmodellen) enerzijds en verspreidingsmodel anderzijds. In verband met de "voeding" van het bovenbedoelde model en eventuele andere transportmodellen moet er rekening gehouden worden met: - Voortzetting van het onderzoek naar het reststroomveld en de mogelijkheden van wiskundige modellering daarvan, i.h.b. van de niet-meteo-komponenten. - Voltooiing van het op initiatief van MLTP-4 (zie Texel 1974) gestarte project Numerieke Diepteschematisatie. 2. Vergelijkend onderzoek, vooral uit het oogpunt van rekentijden, kosten en doelmatigheid, van deeltjessimulatie en eindige differentie- of eindige elementenmethoden voor het oplossen van transportproblemen in kombinatie met interakties (met name chemische reakties).MLTP-
Vastgoedsysteem t.b.v. het toedelingsonderzoek in de voorbereidingsfase van de landinrichtingsprojecten
Het toedelingsonderzoek vormt een onderdeel van de procedure die in het kader van het landinrichtingsproject uitgevoerd wordt. Het landinrichtingsproject is in twee fasen verdeeld: - de voorbereidingsfase - de uitvoeringsfase Het toedelingsonderzoek wordt meerderemalen binnen beide fasen van het landinrichtingsproject vervaardigd. Het hoofddoel is de ruimtelijke capaciteit van het gebied aan te tonen en een betere verdeling van het gebruik van de gronden voor te stellen. De deeldoeleinden en de wijze van het uitvaardigen van het toedelingsonderzoek in de voorbereidingsfase zijn door de uit de Landinrichtingswet en de Regeling werkwijze landinrichtingscommissie afkomstige eisen gedetermineerd. Het toedelingsonderzoek wordt in de eerste fase gedaan ten behoeve van: - schetsontwerp met de doelstelling globale integrale inrichtingsmodellen voor te stellen. Inherent daaraan is de vaststelling van het rendement van de voorgestelde modellen. - voorontwerp met de doelstelling een ontwerp_plan te creëeren. Hierbij moeten onder andere alle voor de onteigening bestemde percelen geïdentificeerd worden. Het schetsontwerp wordt meestal door de Landinrichtingsdienst vervaardigd; uitwerking van het voorontwerp geschiedt door het Kadaster.Civil Engineering and Geoscience
Het detecteren van veranderingen in de prestatie van een wielrenner.
Het betrekken van de fysiologie bij de wiskundige modellering van prestatiedata van een wielrenner kan een zeer waardevolle stap zijn om veranderingen te detecteren in de prestatie van de wielrenner. De fysiologie beschrijft modellen omtrent verschillende energiesystemen in het menselijk lichaam, die in verschillende stadia van inspanning gebruikt worden. De anaërobe arbeidscapaciteit, een bepaalde energievoorraad die opgeslagen zit in het lichaam, wordt verbruikt op het moment dat er inspanning wordt geleverd boven de zogeheten critical power. Wanneer er inspanning wordt geleverd met een vermogen beneden deze critical power, vult deze voorraad energie in het lichaam zich weer aan. Het verloop van deze energievoorraad kan weergegeven worden door de W' balans. Door deze W' balans terug te modelleren over de gefietste vermogensdata voor een bepaalde dag, kan een maat van prestatie bepaald worden: de gefietste critical power, GCP. Deze gefietste critical power kan voor iedere dag waarvan data beschikbaar is, bepaald worden en op de tijdreeks van deze data kunnen methoden toegepast worden om veranderingen in deze maat van prestatie te detecteren. Methoden die deze veranderingen kunnen detecteren zijn de changepoint analyse en taut string methode. De veranderingen die door de methoden gedetecteerd zijn, kunnen vervolgens naast het logboek van de renner gelegd worden om te kijken of deze veranderingen verklaard kunnen worden. De methode die de veranderingen het nauwkeurigst meet, blijkt de changepoint analyse te zijn.Electrical Engineering, Mathematics and Computer ScienceDelft Institute of Applied Mathematic
Naar een methode voor Scenario Planning bij Nederlandse Woningcorporaties
In dit onderzoek wordt een methode gepresenteerd voor Scenario Planning bij Nederlandse woningcorporaties. Daarbij wordt met name gekeken hoe ook een doorrekening van de effecten gemaakt kan worden.HousingReal Estate & HousingArchitecture and The Built Environmen
Research report 2: Vlakte van de Raan Monitoringsverplichting voor typische soorten en zeezoogdieren voor de beleidsdoelstellingen van Natura 2000
De begeleider en/of auteur heeft geen toestemming gegeven tot het openbaar maken van de scriptie.
The supervisor and/or the author did not authorize public publication of the thesis.
Toetsing van de penetratie van gietasfalt in breuksteen
Een van de renovatiemethodes die in Nederland gebruikt wordt om steenzettingen te versterken is het overlagen met vol en zat gepenetreerde breuksteen. Daarbij wordt gebruik gemaakt van een relatief kleine sortering breuksteen. De stabiliteit van de breuksteen wordt ontleend door de holle ruimten te vullen met gietasfalt. Doordat de stenen omsloten worden door het gietasfalt ontstaat een massief geheel. In de praktijk blijkt dat niet altijd alle open ruimten in het breuksteen volledig gevuld zijn. Er is daarom behoefte aan een praktisch criterium om vast te stellen of de vol en zat gepenetreerd breuksteen goed is aangelegd. Een indicatie voor een gebrekkige uitvoering kan mogelijk worden verkregen met passieve radiometrie (Miramap), maar een goed criterium hiervoor is nog niet beschikbaar. In hoofdstuk 2 is een beschrijving gegeven van de uitgevoerde literatuurstudie. De eisen die aan de bekleding worden gesteld en de toetsing die kan worden uitgevoerd om de eisen te controleren zijn omschreven in hoofdstuk 3. In hoofdstuk 4 is de meetmethode op basis van de passieve radiometer beschreven. In hoofdstuk 5 is het resultaat van het overleg met deskundigen beschreven. Hoofdstuk 6 geeft conclusies en aanbevelingen van dit onderzoek.Steenzettinge
Powertrainontwerp voor een fuel cell raceauto
Formula Zero Delft is een raceteam dat sinds 2007 racevoertuigen met een fuel cell bouwt. In dat jaar nam de stichting deel aan de eerste competitie voor waterstof karts. In de twee jaar hierna heeft het team nog twee karts gebouwd waarna de overstap naar Formula Student auto's is gemaakt. Na twee jaar in de Formula Studentcompetitie gaat het team verder opschalen naar raceauto's voor grote circuits. De toekomstplannen van het Formula Zero team zijn de directe aanleiding voor onderzoek naar po- wertrains voor fuel cell raceauto's. De kern van dit onderzoek vormt dan ook het ontwerpen van een powertrain van een fuel cell aangedreven raceauto. Daarnaast geeft het onderzoek inzicht geven in de stand van de technologie op gebied van verschillende onderdelen van powertrains. Het onderzoek is opgesplitst in een aantal onderdelen. In hoofdstuk 4 is aan de hand van component specicaties een groot aantal componenten voor fuel cell powertrains in kaart gebracht. Daarop gebaseerd is een keus gemaakt en onderbouwd om een fuel cell te combineren met ultra-capacitors. Vervolgens is onderzocht welke topologie\u7fen, zijnde de manier waarop verschillende componenten aan elkaar geschakeld worden, geschikt zijn om een fuel cell powertrain op te baseren. Op basis van maximaal vermogen, eci\u7fentie en realiseerbaarheid, is gekozen om drie verschillende scenario's meer gedetailleerd te simuleren. De DC-link topologie, een powertrain met twee omvormers en een hoogspanning DC-link en twee vormen van de fuel cell-link topologie, een powertrain met e en omvormer en een link waarvan de spanning bepaald wordt door de fuel cell. Deze worden allen beschreven in hoofdstuk 5. Met de specicaties verkregen bij het onderzoek naar componenten en aan de hand van een voor- onderzoek is een eerste schatting gemaakt van het nominale en maximale benodigd vermogen van de auto. Deze resultaten dienden als uitgangspunt van een meer gedetailleerde simulatie om verschillende topologie\u7fen te vergelijken in SIMULINK. Dit gedetailleerde model benadert de fysieke gedragingen van de powertrain door verschillende componenten apart te modelleren en te verbinden volgens de schema's van de verschillende topologie\u7fen. Uit de resultaten van de simulaties blijkt dat een fuel cell-link topologie met lage bufferspanning ongeschikt is door de zeer hoge stromen die bij piekvermogen door de omvormer moeten lopen. Dit heeft als effect dat de buer niet in staat is om maximaal opgeladen te worden als deze leeg is, dan zijn immers de stromen het hoogst. De DC-link topologie en fuel cell-link topologie met hoge bufferspanning presteren in vergelijking tot elkaar vergelijkbaar, maar door de extra massa van de DC-link topologie presteert een fuel cell link vermoedelijk beter. Uit het onderzoek volgt dat een powertrain met een 85kW fuel cell, een ultra-capacitor buffer en een fuel cell link topologie geschikt is om op verschillende circuits competitief te racen tegen raceauto's met conventionele brandstoffen. Wel is het bij een fuel cell van een vermogen van 85kW vereist om gebruik te maken van regeneratief remmen.BachelorElectrical EngineeringElectrical Engineering, Mathematics and Computer Scienc
Zitten: Wat weet je stoel daar nu van? Een veldstudie naar zithoudingen en zittijd tijdens kantoorwerk
Dit artikel is geschreven op basis van onderzoek gericht op het meten van zitgedrag van kantoorwerkers en het evalueren van twee typen interventies om zithoudingen te verbeteren (Netten, 2011). Daarna is praktijkdata van het zitgedrag vergeleken met de richtlijnen voor zittijden uit Ryan et al. (2011).Industrial DesignIndustrial Design Engineerin
Het monitoren van bandenconditie
Dit rapport beschrijft een onderzoek naar het monitoren van bandenconditie. Dit wordt gedaan door het meten van tenminste de grootheden bandendruk en bandentemperatuur. Daarnaast is kennis over de resterende levensduur van de band gewenst. Hiervoor is de rubberdikte als maatstaf genomen. De rubberdikte vormt de basis van een model dat op basis van een aantal parameters een voorspelling doet over de resterende levensduur. Het onderzoek bestaat inhoudelijk uit vier delen. De eerste drie delen beschrijven respectievelijk de systemen voor het meten van de drie grootheden rubberdikte, temperatuur en luchtdruk. Het vierde deel beschrijft het model dat met de gegevens van de systemen een voorspelling kan doen. Alle delen hanteren dezelfde werkwijze. Allereerst wordt literatuuronderzoek gedaan, waarna als tweede voor druk en temperatuur een combinatie van bestaande meetmethoden de sensor kunnen vormen. Voor rubberdikte wordt gekeken naar een nieuwe meetmethode. Het model omvat een programma dat de meetwaarden weergeeft.Microelectronics & Computer EngineeringElectrical Engineering, Mathematics and Computer Scienc
- …
