272 research outputs found

    Correction to: A Siamese transformer network for zero-shot ancient coin classification (Journal of Imaging, (2023), 9, 6, (107)

    No full text
    Jochen Büttner was not included as an author in the original publication [1]. The corrected Author Contributions statement appears here. Author Contributions: Conceptualization, J.B. (Siamese structure), Z.G. and O.A. (transformer components); methodology, Z.G., O.A. and Y.L.; software, Z.G. and Y.L.; investigation, Z.G. and D.R.; resources, Z.G. and O.A.; data curation, O.A.; writing—original draft preparation, Z.G., O.A., D.R. and Y.L.; writing—review and editing, Z.G. and O.A.; visualization, Z.G.; supervision, O.A.; project administration, O.A.; after initial publication, J.B. has agreed to be added as a co-author. All authors have read and agreed to the published version of the manuscript. The authors state that the scientific conclusions are unaffected. This correction was approved by the Academic Editor. The original publication has also been updated.</p

    Enkelpuntsbepaling met behulp van Dopplersatellieten: een theoretische beschouwing

    No full text
    Positiebepaling met behulp van dopplersatellieten heeft in de laatste jaren een verdiende plaats verworven in de geodesie. De precisie is toegenomen van 150 m. voor de vroegere navigatieontvangers tot + 1.5 m. voor geodetische ontvangers heden ten dage. Deze getallen betreffen de z.g. enkelpuntsbepaling, het onderwerp van deze scriptie. Eén van de oudste en nog steeds gebruikte technieken bij de enkelpuntsbepaling is het z.g. ’Guier-filter’. Dit houdt in een vereffening van waarnemingsmateriaal van één satellietpassage, waarbij slechts twee koBrdinaten van de ontvanger als onbekenden worden ingevoerd en wel de koördinaten in het Guier-vlak. Dit vlak wordt bepaald door de benaderde positie van de ontvanger, de benaderde positie van de satelliet op 'time of closest approach' en door de snelheidsvektor van de satelliet op dit tijdstip. De koördinaat loodrecht op dit vlak wordt als niet-stochastisch beschouwd.Civil Engineering and Geoscience

    Weerkaatsing van een Lopende Watersprong tegen een Verticale Oever: Deelstudie voor een Pomp Accumulatie Centrale in het IJsselmeer

    No full text
    Gebruik makend van de behoudsvergelijkingen voor massa en momentum wordt de weerkaatsing van een als een discontinuïteit opgevatte lopende watersprong tegen een verticale, rechte, oever berekend. Onderscheid wordt gemaakt tussen twee vormen van weerkaatsing: de reguliere weerkaatsing en de z.g. Machweerkaatsing, die kan optreden als de sprong de oever onder een relatief grote hoek nadert. De berekeningsresultaten geven aan, dat in bepaalde gevallen de weerkaatste golf bij scheve inval hoger is dan bij loodrechte inval.Hydraulic EngineeringCivil Engineering and Geoscience

    Niet permanente grondwaterproblemen met een z.g. vrije grondwaterspiegel

    No full text
    Oplossingen voor een twee-dimensionaal toetsprobleem, met behulp van de "Eindige Elementen Methode".Hydraulic EngineeringCivil Engineering and Geoscience

    Analyse. Deel 3: Differentiaalvergelijkingen

    No full text
    De inhoud beslaat de gebruikelijke inleidende behandeling van de gewone differentiaalvergelijkingen en simultane stelsels daarvan. Ruime aandacht is daarbij geschonken aan de z.g. trillingsvergelijking, speciaal met het oog op de fysische toepassingen. Een hoofdstuk over de Laplace-transformatie is opgenomen in verband met de toepassing daarvan op het oplossen van differentiaalvergelijkingen. De hoofdstukken over numerieke methoden en partiële differentiaalvergelijkingen vallen in feite buiten het bestek van dit boek. Ze zijn meer ter kennismaking opgenomen. Bij het laatstgenoemde hoofdstuk staan enkele praktische oplossingsmethoden van de vergelijking van de trillende snaar en van de warmtegeleidingsvergelijking centraal. Daarbij is van een theoretische fundering van de partiële differentiaalvergelijkingen afgezien.Delft University of Technolog

    Niet-permanente grondwaterproblemen met een z.g. vrije grondwaterspiegel

    No full text
    Onderzoek van enige twee-dimensionale problemen m.b.v. een spleetmodel met nieuwe randvoorwaarde-apparatuur.Hydraulic EngineeringCivil Engineering and Geoscience

    Stormvloedkering Antwerpen

    No full text
    In het hierna volgende afstudeerwerk is een globaal ontwerp gemaakt voor een stormvloedkering in de Zeeschelde nabij Antwerpen. De kering heeft tot hoofddoel het beschermen van het gebied rondom de tijrivier. Het verslag is in drie delen gesplitst, n.l.: deel I): Vooronderzoek waaruit blijkt dat voor een afdoende bescherming van het Zeescheldebekken, een stormvloedkering onontbeerlijk is. Deel II): Hoofdontwerp waarbij nader wordt ingegaan op de constructieve aspecten van de kering zoals sluitmiddel, fundering, pijlers, etc. deel III): Risico-analyse van het bekken waarbij gebruik wordt gemaakt van de z.g. Monte Carlo simulatie opdat een inundatiekans van het gebied kan worden bepaald.Hydraulic EngineeringCivil Engineering and Geoscience

    Vloeistofmechanica: Handleiding college b71

    No full text
    In dit derdejaarsvak "Vloeistofmechanica" wordt voortgebouwd op het gelijknamige tweedejaarsvak (b70), waarvan de stof bekend wordt verondersteld. In hoofdstuk 2 wordt verder ingegaan op de kinematica en de dynamica van stromingen, vooral die van een ideale vloeistof. De behandeling is gericht op de berekening van het gehele snelheidsveld en drukveld, in plaats van alleen maar integraal-eigenschappen voor een hele doorgang van een stroombuis, zoals in b70. Weerstand wordt hierbij geheel verwaarloosd. De z.g. potentiaaltheorie speelt in deze benadering een belangrijke rol. Hoofdstuk 3 gaat in op stationaire, zwak niet-uniforme stromen in open waterlopen. Bodemweerstand speelt hierin een dominante rol, maar het effect van geleidelijke vertraging of versnelling wordt niet verwaarloosd. De behandeling is gericht op de berekening van het in langsrichting geleidelijk variërende waterniveau bij verschillende randvoorwaarden (de z.g. verhanglijnen). Hoofdstuk 4 behandelt transportprocessen in open waterlopen. Dit is van belang voor de waterbeweging zelf en ook voor de beweging van opgeloste of zwevende stoffen. Meevoering met de gemiddelde snelheid en turbulente diffusie.zijn hier de belangrijkste fysische processen. Hoofdstuk 5 tenslotte geeft een inleiding op sedimenttransport en bodemmorfologie in open waterlopen. Het begin van beweging van bodemsediment komt aan de orde, gevolgd door de ontwikkeling van bodemvormen en bodemweerstand, en door het transport van bodemmateriaal

    Enkele aspekten van het instibiliteitsverschijnsel bij permanent eenparige stromin en de daarmee verband houdende vorming van rolgolven

    No full text
    Het doel van dit onderzoek is de bestudering van enkele eigenschappen van een stromingswijze, welke gewoonlijk wordt aangeduid met de naam "rolgolven". De rolgolven behoren tot de grote familie van de z.g. zwaartekrachtgolven; alhoewel binnen deze groep de rolgolven geen plaats van overwegende betekenis innemen, zijn zij toch indirect belangrijk, omdat zij betrekking hebben op een verschijnsel in het randgebied van de normale stroming in open leidingen; en zodoende als controle zouden kunnen dienen voor de geldigheid van de benaderingsmethoden waarmede deze stromingen worden berekend. Rolgolven ontwikkelen zich op natuurlijke wijze uit een (turbulente) eenparige stroming in een (rechte) open leiding met constante steile helling, als deze leiding voldoende lengte bezit en voldoet aan zekere eisen t.a.v. bodem- en wandruwheid. In de beginfase van hun ontwikkeling verschijnen de rolgolven als golven met kleine amplitudo (van b.v. sinusoidale gedaante) waarna ze zich, als de leidinglengte voldoende groot is, gaan ontwikkelen tot z.g. "schokgolven" met grote amplitudo; onder "schok" word t in principe verstaan elke discontinuiteit in het wateroppervlak: zo noemt men een bewegende discontinuïteit "bore" en een stationaire discontinuïteit "watersprong". De stroming wordt gekenmerkt door een reeks watersprongen welke zich uitstrekken over de breedte van de leiding (loodrecht op de voortbewegingsrichting dus) en zich stroomafwaarts voortplanten. Over deze "bores" of "schokken" verandert de waterdiepte abrupt, terwijl tussen de opeenvolgende bores de waterdiepte geleidelijk verandert, en de waterspiegel"glad" is. Men kan aan deze golven dus twee delen onderscheiden: a: de z.g. kop, golftop of bore (ruw vooroverstortend water, dat ingesloten lucht kan bevatten), en b: de staart of golfdal ( het glad stromende gedeelte). Sommige grotere schokgolven nemen andere, kleinere, in zich op, met als gevolg dat de gecombineerde golf hoger is. Beginnen rolgolven zich eenmaal te ontwikkelen, dan neemt de maximale golfhoogte (gemeten t.o.v. de bodem) toe met de afgelegde afstand; begint de ene schokgolf de andere in zicn op te nemen, dan neemt de golfperiode toe met de afgelegde afstand. Het uiteindelijk resultaat zal een periodiek permanent rolgolfpatroon zijn, dat (qua stromingswijze) gekenmerkt wordt door het feit dat typisch horizontale afmetingen ( i.e. golflengten) groot zijn t.o.v. typisch :verticale afmetingen (i.e. waterdiepten)Hydraulic EngineeringCivil Engineering and Geoscience
    corecore