1,721,087 research outputs found
Patient safety in hospitals: implementation of the surgical safety checklist
“Naar schatting één op vijf patiënten die een operatie ondergaat, loopt
het risico op een complicatie. Een groot deel van die complicaties valt te
vermijden door het gebruik van onder meer zo’n checklist. Sterker nog:
een checklist redt mensenlevens”, zegt prof. dr. Dominique Vandijck,
verbonden aan de onderzoeksgroep Patiëntveiligheid, &
gezondheidseconomie & zorginnovatie van de UHasselt.
De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) lanceerde in 2007 haar safe surgeryprogramma, waarvan de zogenaamde surgical safety checklist een onderdeel
vormt. De lijst bestaat uit 22 items (onder meer: ‘Is het nodige beeldmateriaal
aanwezig?’, ‘Heeft de patiënt een gekende allergie?’ …) die een operatieteam
tijdens drie verschillende fases (voor de anesthesie, voor de incisie en bij afloop
van de ingreep) zou moeten controleren. Dankzij de WHO-checklist krijgt elke
zorgverlener binnen het operatieteam een duidelijk zicht op wie wat doet en voor
wat verantwoordelijk is. “En dat is ontzettend belangrijk, want een operatie is een
complexe gebeurtenis, met heel wat uiteenlopende handelingen. De identiteit van
de patiënt moet gecontroleerd worden, het aantal kompressen geteld, de juiste
operatiezijde gemarkeerd … Als je er als zorgverlener verkeerdelijk van uitgaat
dat een collega een bepaalde handeling al gesteld heeft, dan kan dat de veiligheid
van de patiënt in het gedrang brengen”, zegt UHasselt-onderzoeker Jochen Bergs.
“De oorzaak van complicaties tijdens of na een operatie is doorgaans niet te wijten
aan gebrekkige kennis of kunde van het operatieteam.”
8 op 100 patiënten
Maar de ‘operatiechecklist’ levert wereldwijd de nodige discussiestof op:
zorgverleners zijn het er nog al te vaak niet over eens of het wel noodzakelijk is
om die checklist te hanteren. UHasselt-onderzoekers focusten in hun studie dan
ook op het effect van het gebruik van deze WHO-checklist op het aantal vermeden
complicaties en overlijdens. Samen met de beroepsverenigingen voor chirurgen,
anesthesisten en operatieverpleegkundigen analyseerden ze de resultaten van
alle beschikbare studies rond dit onderwerp. “Ons onderzoek toont aan dat, vóór
de WHO-checklist, gemiddeld 17 op 100 patiënten complicaties kregen die
verband hielden met de chirurgische ingreep. Het gebruik van de checklist
halveert dit aantal, naar 8 op 100 patiënten”, aldus Jochen Bergs.
Onvolledige checklist
De checklist voor veilige heelkunde van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO)
wordt slechts in een minderheid van de Vlaamse operatiezalen nauwgezet
opgevolgd. Dat blijkt uit een studie van de onderzoeksgroep Patiëntveiligheid,
Gezondheidseconomie en Zorginnovatie van de Universiteit Hasselt. “Hoewel 70
procent van de ziekenhuizen aangeven dat ze de checklist gebruiken, bleek na analyse dat slechts 17 procent van de ziekenhuizen alle WHO items in hun
checklist opnemen”, aldus Jochen Bergs.
Van de 36 deelnemende ziekenhuizen gaf 70 procent aan de volledige checklist
te gebruiken. Maar na analyse van de checklists door een groep van experts,
bleek dat slechts zeventien procent van alle ziekenhuizen alle WHO-items in hun
checklist hadden opgenomen. “De checklist bestaat uit drie groepen van items,
met betrekking tot een fase van de operatie”, verduidelijkt Jochen Bergs.
“Ziekenhuizen bleken slechts een gedeelte van de bijhorende items in hun
checklist op te nemen: van de stappen voordat de patiënt in slaap wordt gedaan
(50%), voor het insnijden (25,7%) en voordat de patiënt de operatiezaal verlaat
(37,1%).” Het opnemen van alle items zou nochtans complicaties met grote
gevolgen kunnen voorkomen. “Eén derde van de ziekenhuizen (37,1%) heeft het
item ‘vragen naar identiteit, toestemming, type van operatie en operatiezijde’ niet
volledig opgenomen en ook de verbale telling van het gebruikte materiaal voor
het sluiten van de operatiewonde blijkt in de helft van de ziekenhuizen niet
opgenomen in de checklist”, zegt Jochen Bergs nog. “Het achterblijven van
materiaal zoals een kompres of een naald in het lichaam is nochtans geen
onbelangrijke complicatie.”
Implementatie is moeilijk
“Het bewijs over het nut van de checklist veilige heelkunde is sterk, maar een
sluitend gebruik ervan blijkt niet vanzelfsprekend”, zegt prof. dr. Dominique
Vandijck. “Maar ondanks de grote inzet van het ziekenhuispersoneel en de
ontwikkelingen op vlak van behandelingen, moeten we blijven streven naar betere
en veiligere zorg.” Het implementeren van dit — op zich eenvoudige — instrument
blijkt in de praktijk echter niet evident. Dit was dan ook de focus van het
onderzoek.
De resultaten van het onderzoek geven inzicht in welke factoren en mechanismen
een rol kunnen spelen bij het implementeren van een innovatie in het ziekenhuis
— in dit geval de checklist. De onderzoekers deelde deze factoren op in twee
groepen: de factoren die de perceptie ten aanzien van de checklist beïnvloeden,
en factoren die bepalen hoe makkelijk de innovatie ingepast kan worden in
bestaande routines en manieren van werken. “Het belang van deze factoren en
de mechanismes die hen verbinden zijn context specifiek waardoor het moeilijk is
om één manier van implementeren naar voor te schuiven.” Besluit Jochen Bergs.
Uit het onderzoek blijkt dat professionals moeten leren omgaan met deze nieuwe
manier van werken, en dat is niet altijd makkelijk omdat het gebruik ervan
bestaande routines verstoort en de verwachting om de checklist te gebruiken niet
door iedereen gedeeld wordt. Hierdoor ontstaan er conflicten die liever vermeden
worden. Dit toont aan dat er behoefte is aan een ondersteunende context — met
een belangrijke rol voor de leidinggevende, zowel in de operatiekamer en
ziekehuismanagement. Er is nood aan een ziekenhuis specifiek implementatie plan met aandacht voor de juiste vertaling en aangepaste training in het gebruik
ervan.
Operaties kunnen nog steeds beter en veiliger
Mede onder impuls van deze inzichten, heeft de Vlaamse overheid het gebruik
van de checklist in de operatiekamer opgenomen in haar nieuw ‘toezichtsmodel
voor de ziekenhuizen. “Daarmee verplicht de overheid het gebruik van de
checklist – een goede zaak voor de kwaliteitsdynamiek die zich reeds fors heeft
ingezet in de zorgsector”, besluit prof. dr. Dominique Vandijck.
De resultaten van dit onderzoek, bestaande uit zeven afzonderlijke studies,
werden gepubliceerd in diverse toonaangevende tijdschriften zoals The British
Journal of Surgery en BMJ Quality and Safety.
Dit doctoraatsonderzoek werd uitgevoerd met financiële steun van Limburg Sterk
Merk (LSM)
Patient safety in hospitals: implementation of the surgical safety checklist
“Naar schatting één op vijf patiënten die een operatie ondergaat, loopt
het risico op een complicatie. Een groot deel van die complicaties valt te
vermijden door het gebruik van onder meer zo’n checklist. Sterker nog:
een checklist redt mensenlevens”, zegt prof. dr. Dominique Vandijck,
verbonden aan de onderzoeksgroep Patiëntveiligheid, &
gezondheidseconomie & zorginnovatie van de UHasselt.
De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) lanceerde in 2007 haar safe surgeryprogramma, waarvan de zogenaamde surgical safety checklist een onderdeel
vormt. De lijst bestaat uit 22 items (onder meer: ‘Is het nodige beeldmateriaal
aanwezig?’, ‘Heeft de patiënt een gekende allergie?’ …) die een operatieteam
tijdens drie verschillende fases (voor de anesthesie, voor de incisie en bij afloop
van de ingreep) zou moeten controleren. Dankzij de WHO-checklist krijgt elke
zorgverlener binnen het operatieteam een duidelijk zicht op wie wat doet en voor
wat verantwoordelijk is. “En dat is ontzettend belangrijk, want een operatie is een
complexe gebeurtenis, met heel wat uiteenlopende handelingen. De identiteit van
de patiënt moet gecontroleerd worden, het aantal kompressen geteld, de juiste
operatiezijde gemarkeerd … Als je er als zorgverlener verkeerdelijk van uitgaat
dat een collega een bepaalde handeling al gesteld heeft, dan kan dat de veiligheid
van de patiënt in het gedrang brengen”, zegt UHasselt-onderzoeker Jochen Bergs.
“De oorzaak van complicaties tijdens of na een operatie is doorgaans niet te wijten
aan gebrekkige kennis of kunde van het operatieteam.”
8 op 100 patiënten
Maar de ‘operatiechecklist’ levert wereldwijd de nodige discussiestof op:
zorgverleners zijn het er nog al te vaak niet over eens of het wel noodzakelijk is
om die checklist te hanteren. UHasselt-onderzoekers focusten in hun studie dan
ook op het effect van het gebruik van deze WHO-checklist op het aantal vermeden
complicaties en overlijdens. Samen met de beroepsverenigingen voor chirurgen,
anesthesisten en operatieverpleegkundigen analyseerden ze de resultaten van
alle beschikbare studies rond dit onderwerp. “Ons onderzoek toont aan dat, vóór
de WHO-checklist, gemiddeld 17 op 100 patiënten complicaties kregen die
verband hielden met de chirurgische ingreep. Het gebruik van de checklist
halveert dit aantal, naar 8 op 100 patiënten”, aldus Jochen Bergs.
Onvolledige checklist
De checklist voor veilige heelkunde van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO)
wordt slechts in een minderheid van de Vlaamse operatiezalen nauwgezet
opgevolgd. Dat blijkt uit een studie van de onderzoeksgroep Patiëntveiligheid,
Gezondheidseconomie en Zorginnovatie van de Universiteit Hasselt. “Hoewel 70
procent van de ziekenhuizen aangeven dat ze de checklist gebruiken, bleek na analyse dat slechts 17 procent van de ziekenhuizen alle WHO items in hun
checklist opnemen”, aldus Jochen Bergs.
Van de 36 deelnemende ziekenhuizen gaf 70 procent aan de volledige checklist
te gebruiken. Maar na analyse van de checklists door een groep van experts,
bleek dat slechts zeventien procent van alle ziekenhuizen alle WHO-items in hun
checklist hadden opgenomen. “De checklist bestaat uit drie groepen van items,
met betrekking tot een fase van de operatie”, verduidelijkt Jochen Bergs.
“Ziekenhuizen bleken slechts een gedeelte van de bijhorende items in hun
checklist op te nemen: van de stappen voordat de patiënt in slaap wordt gedaan
(50%), voor het insnijden (25,7%) en voordat de patiënt de operatiezaal verlaat
(37,1%).” Het opnemen van alle items zou nochtans complicaties met grote
gevolgen kunnen voorkomen. “Eén derde van de ziekenhuizen (37,1%) heeft het
item ‘vragen naar identiteit, toestemming, type van operatie en operatiezijde’ niet
volledig opgenomen en ook de verbale telling van het gebruikte materiaal voor
het sluiten van de operatiewonde blijkt in de helft van de ziekenhuizen niet
opgenomen in de checklist”, zegt Jochen Bergs nog. “Het achterblijven van
materiaal zoals een kompres of een naald in het lichaam is nochtans geen
onbelangrijke complicatie.”
Implementatie is moeilijk
“Het bewijs over het nut van de checklist veilige heelkunde is sterk, maar een
sluitend gebruik ervan blijkt niet vanzelfsprekend”, zegt prof. dr. Dominique
Vandijck. “Maar ondanks de grote inzet van het ziekenhuispersoneel en de
ontwikkelingen op vlak van behandelingen, moeten we blijven streven naar betere
en veiligere zorg.” Het implementeren van dit — op zich eenvoudige — instrument
blijkt in de praktijk echter niet evident. Dit was dan ook de focus van het
onderzoek.
De resultaten van het onderzoek geven inzicht in welke factoren en mechanismen
een rol kunnen spelen bij het implementeren van een innovatie in het ziekenhuis
— in dit geval de checklist. De onderzoekers deelde deze factoren op in twee
groepen: de factoren die de perceptie ten aanzien van de checklist beïnvloeden,
en factoren die bepalen hoe makkelijk de innovatie ingepast kan worden in
bestaande routines en manieren van werken. “Het belang van deze factoren en
de mechanismes die hen verbinden zijn context specifiek waardoor het moeilijk is
om één manier van implementeren naar voor te schuiven.” Besluit Jochen Bergs.
Uit het onderzoek blijkt dat professionals moeten leren omgaan met deze nieuwe
manier van werken, en dat is niet altijd makkelijk omdat het gebruik ervan
bestaande routines verstoort en de verwachting om de checklist te gebruiken niet
door iedereen gedeeld wordt. Hierdoor ontstaan er conflicten die liever vermeden
worden. Dit toont aan dat er behoefte is aan een ondersteunende context — met
een belangrijke rol voor de leidinggevende, zowel in de operatiekamer en
ziekehuismanagement. Er is nood aan een ziekenhuis specifiek implementatie plan met aandacht voor de juiste vertaling en aangepaste training in het gebruik
ervan.
Operaties kunnen nog steeds beter en veiliger
Mede onder impuls van deze inzichten, heeft de Vlaamse overheid het gebruik
van de checklist in de operatiekamer opgenomen in haar nieuw ‘toezichtsmodel
voor de ziekenhuizen. “Daarmee verplicht de overheid het gebruik van de
checklist – een goede zaak voor de kwaliteitsdynamiek die zich reeds fors heeft
ingezet in de zorgsector”, besluit prof. dr. Dominique Vandijck.
De resultaten van dit onderzoek, bestaande uit zeven afzonderlijke studies,
werden gepubliceerd in diverse toonaangevende tijdschriften zoals The British
Journal of Surgery en BMJ Quality and Safety.
Dit doctoraatsonderzoek werd uitgevoerd met financiële steun van Limburg Sterk
Merk (LSM)
Patient flow data registration: A key barrier to the data-driven and proactive management of an emergency department
Editorial Patient flow data registration: A key barrier to the data-driven and proactive management of an emergency department Emergency department (ED) crowding is a global issue, and one of the most researched operational challenges in healthcare [1-4]. Several adverse outcomes are linked to crowding, including reduced patient satisfaction, increasing patient mortality rates, and rising stress levels among ED staff [2,5]. Besides input-related aspects (e.g., the influx of low-acuity patients), crowding often originates from issues including inadequate staffing or inpatient boarding. Such issues impede smooth patient flows and, hence, contribute to crowding [1,2]. A wide range of studies have been conducted to investigate measures to improve ED operations (e.g., crowding scales, team triage, fast track, escalation protocols, …) [1,2]. It has been suggested that these approaches are predominantly reactive, influenced by a paradigm focused on predicting and controlling crowding-related issues [6]. In the same paper, a paradigm of analysing and managing is proposed. In the view of the authors, this latter paradigm has several advantages as it allows for a proactive approach to management, instead of an approach focused on solving crowding-related issues. Data-driven decision-making A wide range of studies has been conducted to investigate measures to improve ED operations and decision-making [1,2]. While it has been argued that clinical data can be leveraged in this respect [7,8], the same holds for patient flow data which is recorded in the ED's information system. Patient flow data relates to data recordings which enable the reconstruction of the patient's trajectory throughout the ED, ranging from his/her registration, triage and examination, to discharge from the ED or admission into the hospital. As this information is recorded for each patient, it enables an ED to take a bird's eye view of a set of patients flow data instead of focusing on an individual patient. While patient flow data is increasingly being recorded by electronic information systems, paper-based systems are still frequently used in EDs around the world. The potential of electronically recorded patient flow data has been demonstrated in digital tools such as dashboarding and process mining. A dashboard uses patient flow data to provide real-time insights into the current situation of the ED by visualising some key metrics such as the door-to-doctor time or the length-of-stay [9,10]. In this way, a dashboard constitutes a key instrument to proactively manage an ED as it can, for instance, inform ED staff about problems that are likely to occur in the near future. While dashboarding is typically centred around key performance metrics, process mining provides a set of algorithms to discover the end-to-end process of patients from patient flow data. In other words, patient flow data is used to retrieve a process model which visualises the real patient flow at the ED. Process mining algorithms serving a wide range of other goals have been developed, including to automatically check the compliance between the actual patient flow and a normative model (e.g., originating from clinical guidelines) [11,12]. By providing insights into end-to-end processes based on data, process mining results can support evidence-based process improvement and decision-making in EDs. Difficulties in gathering adequate data Despite the enormous potential of data-driven tools and techniques to proactively manage an ED and assist with evidence-based process improvement, many EDs worldwide are unable to make use of this due to issues with patient flow data registration. An ED can, for instance, be confronted with a low information system maturity, in which essential parts of a (or the whole) patient's trajectory are still recorded in paper files. While this makes real-time patient flow analysis almost impossible , it also makes systematic post-hoc analysis (e.g., using a process mining algorithm) complicated due to the efforts required to create a sufficiently large patient flow dataset. This would require the digitisa-tion of the relevant data points from the paper files of a sufficiently large number of patients, which might not be feasible in practice given the high work pressure of an ED. Moreover, paper files tend to focus on clinical data and not on providing information about a patient's tra-jectory with associated timestamps. For instance: files might contain the clinical parameters observed during a clinical examination, but not the exact times at which the examination started and ended. Some steps in the process might not even be recorded at all. While paper-based systems still exist in many EDs, an increasing number of EDs possess state-of-the-art integrated electronic information systems to support all of their operations. However, the fact that data is recorded in an integrated electronic system does not guarantee that patient flow data will be of good quality. This can be attributed to the fact that data registration still depends on a manual act by ED staff. For example: to analyse patient flow processes, it is key that activities are recorded at the moment at which they are executed. In practice, it is often seen that ED staff perform a series of activities on several patients only to record them at a later point in time, potentially even in a random order [13]. Such recording behaviour can be, at least partly, explained by the fact that ED patients often require immediate clinical action and, hence, timely data recording is of secondary importance. Moreover, when the average level of data and process literacy tends to be low in an ED, the potential of the patient flow data might not be recognised. Attention to these topics in medical and nursing education tends to be limited, entailing the risk that ED staff do not appreciate the added value of accurate and timely patient flow data registration.Martin, N (corresponding author), Hasselt Univ, Fac Business Econ, Martelarenlaan 42, B-3500 Hasselt, Belgium.
[email protected]; [email protected]
Effectiveness of the modified Valsalva manoeuvre in adults with supraventricular tachycardia: a systematic review and meta-analysis
Background and importance: Cardiac arrhythmia, specifically paroxysmal supraventricular tachycardia (SVT), accounts for a substantial proportion of emergency medical services resources utilisation. Reconversion requires increasing the atrioventricular node's refractoriness, which can be achieved by vagal manoeuvres, pharmacological agents or electrical cardioversion. There are multiple variants of vagal manoeuvres, including the Valsalva manoeuvre (VM). While the effectiveness of the standard VM has already been systematically reviewed, there has been no such analysis for the modified VM.
Objectives: Compare the effectiveness of the modified VM versus the standard VM in restoring the normal sinus rhythm in adult patients with supraventricular tachycardia.
Design: Systematic review with meta-analysis of published randomised controlled trials.
Outcome measures: The primary outcome was the reconversion to a sinus rhythm. Secondary outcomes included: medication use, adverse events, length of stay in the emergency department and hospital admission.
Main results: Five randomised controlled trials were included, with a combined total of 1181 participants. The meta-analysis demonstrated a significantly higher success rate for reconversion to sinus rhythm when using the modified VM compared to the standard VM in patients with an SVT (odds ratio = 4.36; 95% confidence interval, 3.30-5.76; P < 0.001). More adverse events were reported in the modified VM group, although this difference is NS (risk ratio = 1.48; 95% confidence interval, 0.91-2.42; P = 0.11). The available evidence suggests that medication use was lower in the modified VM group than the standard VM group. However, medication use could not be generalised across the different studies. None of the included studies showed a significant difference in length of stay in the emergency department. Only one study reported on hospital admission, with no significant difference between the two groups.
Conclusions: The available evidence is highly suggestive to support the use of the modified VM compared to the standard VM in the treatment of adult patients with SVT. Meta-analysis showed a higher success rate, required less medication use, and resulted in an equal number of adverse events. However, these results cannot be regarded as definitive in the absence of higher-quality studies
Defining a set of potentially preventable complications relevant to nursing: A Delphi Study among head nurses
Aim To establish a list of potentially preventable complications as a tool for nursing management. Background Different outcome parameters have been used in patient safety research. However, they have mainly been used for medical and administrative goals. The role of nurses in achieving patient safety outcomes has been given little attention. Method A three-round Web-based modified Delphi study was conducted in four hospitals, using the list of potentially preventable complications (PPCs) as a starting point. Consensus on a shortlist of nursing relevant complications was the endpoint. Results This study revealed a shortlist 12 PPCs relevant to the nursing profession, based on the expert opinion of more than sixty head nurses from different wards and hospitals. An overall consensus of 77.58% was reached. In surgical, medical and geriatric wards, a consensus of 95.7% was achieved. Conclusion This is the first study that points out which PPCs are related to nursing. The shortlist contains some of the most studied complications and can serve a wide variety of hospital wards. Implications for Nursing Management Prevention of complications reduces harm to patients and avoids the nursing work and costs to treat them. This list provides nursing managers with a powerful tool to raise awareness for risk assessment and preventive measures among nurses. It offers an instrument to facilitate the documentation and handover of patient safety outcomes in nursing. This shortlist can also serve as an assessment tool for patient safety interventions.An unrestricted university grant was provid
ACKNOWLEDGEMENTS
This article could only be realized thanks to the willing cooperation
of the participating hospitals and head nurses.ed for the first authorGrosemans, J (corresponding author), Hasselt Univ, Fac Med & Life Sci, Martelarenlaan 42, B-3500 Hasselt, Belgium.
[email protected]
Clinical Handover and Handoff in Healthcare: A Systematic Review of Systematic Reviews
Purpose
The purpose of this systematic review is to appraise and summarize existing literature on clinical handover.
Data sources
We searched EMBASE, MEDLINE, Database of Abstracts of Reviews of Effects and Cochrane Database of Systematic Reviews.
Study selection
Included articles were reviewed independently by the review team.
Data extraction
The review team extracted data under the following headers: author(s), year of publication, journal, scope, search strategy, number of studies included, type of studies included, study quality assessment, used definition of handover, healthcare setting, outcomes measured, findings and finally some comments or remarks.
Results of data synthesis
First, research indicates that poor handover is associated with multiple potential hazards such as lack of availability of required equipment for patients, information omissions, diagnosis errors, treatment errors, disposition errors and treatment delays. Second, our systematic review indicates that no single tool arises as best for any particular specialty or use to evaluate the handover process. Third, there is little evidence delineating what constitutes best handoff practices. Most efforts facilitated the coordination of care and communication between healthcare professionals using electronic tools or a standardized form. Fourth, our review indicates that the principal teaching methods are role-playing and simulation, which may result in better knowledge transfer to the work environment, better health and patients’ well-being.
Conclusions
This review emphasizes the importance of staff education (including simulation-based and team training), non-technical skills and the implementation process of clinical handover in healthcare settings.This work was supported by the SafePAT-project and was being executed within the context of Interreg V-A Euregion Meuse-Rhine, with funding from the European Regional Development Fund, Province of Limburg and Hasselt Universit
Knowing what to expect, forecasting monthly emergency department visits: A time-series analysis
OBJECTIVE: To evaluate an automatic forecasting algorithm in order to predict the number of monthly emergency department (ED) visits one year ahead. METHODS: We collected retrospective data of the number of monthly visiting patients for a 6-year period (2005-2011) from 4 Belgian Hospitals. We used an automated exponential smoothing approach to predict monthly visits during the year 2011 based on the first 5 years of the dataset. Several in- and post-sample forecasting accuracy measures were calculated. RESULTS: The automatic forecasting algorithm was able to predict monthly visits with a mean absolute percentage error ranging from 2.64% to 4.8%, indicating an accurate prediction. The mean absolute scaled error ranged from 0.53 to 0.68 indicating that, on average, the forecast was better compared with in-sample one-step forecast from the naïve method. CONCLUSION: The applied automated exponential smoothing approach provided useful predictions of the number of monthly visits a year in advance.status: Publishe
CLINICAL PLACEMENT EXPERIENCE OF NURSING STUDENTS DURING THE COVID-19 PANDEMIC: A CROSS-SECTIONAL STUDY
Background The impact of the COVID-19 pandemic on our society is profound, not least for the healthcare sector. On the one hand, this exceptional situation created unprecedented learning opportunities for nursing students. Yet, on the other hand, this situation can jeopardise nursing students learning trajectory. Objectives To study nursing students‘ experiences during clinical placement during the COVID-19 pandemic. Design Cross-sectional survey design Settings Clinical placements during COVID-19 pandemic Participants Nursing students from nine Belgian nursing schools Methods All students enrolled in nursing education are eligible to participate. The survey consists of five dimensions: demographics, risk perception, self-efficacy, support and communication, and resilience. Results The gaps that were identified by students focused on the need for more psychosocial support, establishing (regular) contact with their clinical placement supervisor, recognition of the difficult work situation, and the need for more space to unwind. Conclusions Nursing students expressed a strong need to be heard, prepared, and supported. Most students felt supported by their nursing schools. Because of COVID-19, the role of the preceptor became more important; however, due to several reasons did not always meet the student‘s expectations. Preparing students for specific skills is needed. Finally, it is of the utmost importance that nursing schools coordinate with clinical sites on matters such as the responsibility for testing nursing students, the provisions of uniforms and personal protective equipment, and structurally sharing guidelines with students to provide safe patient careFunding:
This research did not receive any specific grant from funding agencies in the public, commercial, or not-for-profit sectors
Acknowledgments:
The authors would like to thank the all participating students, educators, and nurses involved
- …
